Ik dacht dat het genoegzaam bekend is, dat de meeste mensen hun geloof van hun ouders of andere opvoeders hebben meegekregen.
Dus in feite al automatische geloven wat zij hen voorleven.
Daarover denken kan ook een kind al op een bepaalde leeftijd.
Ook vragen stellen.
Keuzes maken is dat nog niet in die fase.
Keuzemogelijkheden zijn er pas als je een alternatief hebt om te kunnen kiezen.
Maar door de eerdere aannames zullen de meeste ervan verworpen worden.
Pas als je je 100% geloof verliest, begint het proces van het mogelijk achten, dat de ander wel eens meer gelijk kan hebben dan jij.
Maar dan nog is het geen bewuste keuze.
Slechts voorlopig een twijfel aan je eigen waarheid.
Bij mensen, die op latere leeftijd van niets tot geloof gekomen is het een nader verhaal.
Maar ook dan is er pas sprake van een keuze, als die mogelijkheid, die je kiest feitelijk al vaststaat.
Voor de meeste gelovigen zal het dan ook zijn: Geloven overkomt mij.