Drie jaar geleden bracht Lucida mij met Nietzsche in aanraking. Sindsdien heb ik hem dagelijks gelezen. Vanaf de eerste regels die ik las was ik gekluisterd aan alles wat hij te zeggen had. Zijn stijl vond ik onovertrefbaar. Zo scherp, zo kunstig, zo geheel anders dan alle andere filosofen. Ik vind hem nog steeds boeiender dan welke andere schrijver dan ook die ik ken.Gerard schreef:Volgens mij is Aldus sprak Zarathoestra zeker niet het meest onsamenhangend boek. Er zit een duidelijke opbouw in. Het is echter wel een boek dat moeilijk toegankelijk is zonder kennis van zijn ideeën. Ik heb zelf met dit boek, toch zijn belangrijkste, het meeste moeite omdat het niets dan metaforen bevat die je toch eerst moet vatten.
Een gids door dit boek is eigenlijk nodig. Dit zou de opmerkingen als zou Nietzsche moeilijk leesbaar zijn bevestigen maar , mijn ervaring is dat dat voor andere boeken niet geldt (mogelijk slechts gedeelten daarvan)
Ik denk dat de grootste reden hiervoor is dat mijn denken voorheen volledig ondergedompeld was in het christelijk geloof. Nietzsche behandelt juist al die zaken waar iemand die tegen zijn geloof kritisch gaat kijken voortdurend mee bezig is. Nietzsche is het prototype van de diep gelovige religieuze mens (tevens diep gevoelige kunstenaar; deze kenmerken gaan vaak samen) die de ontgoocheling van de christelijke godsdienst doormaakt, en daarmee automatisch ook de ontgoocheling wat betreft de cultuur die erop gebouwd is. Deze mens voelt zich opeens losgeslagen, hij doet verwoed pogingen om zich te ontdoen van alle illusies, ingebeelde (godsdienstige) waan, om totale intellectuele eerlijkheid op te doen. Maar met het wegvallen van al die godsdienstige zekerheden vallen ook alle tot nu toe geëerde waarden en deugden weg, zodat hij tevens op zoek moet naar een totaal nieuwe levenswijze, nieuwe opvattingen. Hoewel Nietzsche zijn teksten al 120 jaar geleden schreef, voelden ze voor mij aan alsof ze vandaag de dag geschreven waren, en ik heel sterk flarden van mijn eigen mijn eigen gedachten, worstelingen, en leven las.
Nietzsche kun je niet vatten zonder je in het christendom te verdiepen. Alles wat hij zegt is een poging om aan het christelijk geloof te ontgroeien. Als vuistregel zou je kunnen stellen dat al Nietzsches overtuigingen het tegendeel bedoelen te zijn van wat de christelijke godsdienst altijd geleerd heeft. In die zin zou je inderdaad kunnen zeggen dat hij nooit het christelijk geloof ontgroeid is en ook dat hij daardoor op een bepaalde manier eenzijdig werd.
Zijn boek Aldus sprak Zarathoestra zag hij zelf als het hoogtepunt van zijn leven en denken. Het boek is allesbehalve onsamenhangend. Het is een meesterlijk uitgedacht en in meesterlijke taal geschreven werk dat letterlijk voor Nietzsche zelf de nieuwe bijbel voor zijn leven en voor de wereld van de toekomst wilde zijn. Ik ben al meer dan een jaar bezig op dit vergeten boek een commentaar te schrijven. Helaas ben ik nog maar halverwege; vanwege drukke bezigheden zal ik er nog wel een jaar mee bezig zijn voordat ik het af heb. Voor wie het interesseert: https://volwassengeloof.nl/een-commenta ... athoestra/
Antiscience schreef:tot aan zijn zgn. psychose zou hij een zeer fijngevoelig / meelijdend menszijn geweest, het tegengestelde van zijn geschreven aanvallen op de barmachtigheid. Zelfindificatie met Tegenstander wezenlijk voor Nietzsche geweest.
Nietzsches vijandigheid t.o.v. Christendom alleen te begrijpen door crisis van
zijn tijd volgens Jaspers. Nietzsche ook zelfindentificatie met Christus.
Bron : Genie, Irrsinn und Ruhm band 7
Zeer juist. 'De crisis van zijn tijd' kan men nog steeds ervaren wanneer men zoals ik vervreemdt uit een vrome omgeving.
De identificatie met de Antichrist en ook met een unieke taak die vergeleken kan worden met die van Christus maakt Nietzsche inderdaad tot persoon over wie men altijd kan blijven doorspeculeren: een gek of juist het onovertrefbare unicum dat de sleutelfiguur tot de moderne wereld is.
Nietzsche heeft wel degelijk een hoop op Jezus tegen, maar in zijn denken maakt hij onderscheid tussen vijanden (=iemand die je hoog waardeert maar met wie je van mening verschilt) en het verachtelijke (=waar je geen goed woord voor over hebt en geen vinger naar uitsteekt). Jezus behoort tot de eerste groep.Nietzsche heeft niets op Jezus tegen maar wel op het christendom. Hij noemde Jezus de enige christen ooit.
Als ik moet afgaan op wat er in de bijbel staat weet ik niet of ik wat het eerste betreft wel met Nietzsche mee kan gaan.
Nietzsche was iemand die helemaal geen moeite had om af en toe een goed woordje over de vijand te zeggen. In zijn filosofie is 'vijand' altijd noodzakelijk om de mens aan te zetten tot het bereiken van het steeds hogere. Hij is bijvoorbeeld ook van mening dat een mens die zich hoog ontwikkelt telkens met zichzelf in gevecht gaat, en wil doden wat hij eens tevoren juist aanhing. Dus 'vijand' en 'vriend' liggen heel dicht bij elkaar.
Hoe Nietzsche dacht over Jezus kun je lezen in Aldus sprak Zarathoestra in het hoofdstuk De bedelaar uit vrije wil.
Het idee van de Bovenmens is gemakkelijk te begrijpen wanneer je een alternatief moet zien te vinden op 'God' of 'Christus'. Het is bedoeld als stimulant of idee dat een mens kan nastreven in zijn leven. Het moderne (of Nietzsche)equivalent van imitatio Christi, maar dan in Nietzsches kleuren, die hij uitgebreid geeft in Aldus sprak Zarathoestra.Devious schreef:En hoe zit het met dat 'übermensch' idee? Wie kan daar zo kort mogelijk wat uitleg over geven?
Zeer goed gezien!Jessy schreef:Zo sprak Zarathustra laat mij sterk denken aan Faust.
Men zou de problematiek waar Nietzsche in zijn Zarathoestra-cyclus mee te maken heeft strikt kunnen bezien vanuit een
religieuze gezichtshoek: Nietzsche heeft de dood van God geconstateerd. Dit is het vertrekpunt voor het gehele boek, oftewel van al Nietzsches gedachten. Hij heeft zich vervolgens afgevraagd wat de dood van God voor de mens te betekenen heeft en komt tot een eenduidig antwoord: de mens moet nu de God van vroeger zelf belichamen. Bij het ontleden van dit begrip 'God' destilleert Nietzsche er twee hoofdaspekten uit:
1) God is voor de mens het symbool, de representatie of de belichaming van de allerhoogste idealen die de mens zelf nastreeft, of waartoe hij zichzelf altijd aanspoort om na te streven (het aspect van de aktieve 'Prometheus Bovenmens' of 'Faust Bovenmens').
2) God is het symbool, de representatie van een overal bovenstaande en allesomvattende niet te definiëren grootheid waarin een mens slechts 'opgaat', waarin hij 'rust', een grootheid die de mens slechts 'ervaart', en die van buitenaf op hem inwerkt of opgelegd wordt (de passieve 'Spinoza Bovenmens').
