Ik heb de laatste tijd nogal wat gestudeerd op het onderwerp en vind het zó interessant, dat het me leuk lijkt de ontdekkingen met anderen te delen.
"Duizenden gelovige zielen in de 'heidense' wereld erkenden in zichzelf het vuur van goddelijke liefde eeuwen vóór Jezus leefde".(Alvin Boyd Kuhn)
Vóór we beginnen: er is iets dat je moet weten. Nou ja…. 'moet' weten? Wat je beter wél dan niet kunt weten. Tenzij je er zo eentje bent, die alles al weet of niets wilt horen wat je al niet weet. Dezulken zijn er namelijk ook.
De stelling luidt: 'Het woord 'heiden' wordt tegenwoordig bijna volledig misverstaan'. De sterk afkeurende betekenis van het woord – volledig het resultaat van eeuwen christelijk vooroordeel en afkeuring – wordt meteen al duidelijk als we in van Dale de betekenis van het woord opzoeken: 'Heiden = iemand, die niet de juiste of in het geheel geen religie aanhangt; paganist'.
Oorspronkelijk komt het woord – daaraan kan ik niets doen - van het Latijnse 'pagus' dat 'landelijke streek' betekent en een 'paganus' is een boer, een landman. De term werd al gauw (vanaf ± 150 n.C.) geadopteerd door de kerkelijke autoriteiten om al diegenen aan te duiden die geen orthodoxe christenen waren.
Zoals we kunnen weten maar doorgaans niet weten: de 'heidenen' die werden vervolgd, in het nauw gedreven, gedood en uiteindelijk volledig onderworpen door de kerk, hadden ideeën over een 'goddelijk licht in hun binnenste', een 'gezalfde in hun innerlijk'. En... dat klinkt niet direct 'heidens'.
De kerk heeft dat idee overgenomen, waar natuurlijk niets op tegen is. Daarna zijn de aanbrengers van dat idee 'verdonkeremaand' door boekverbrandingen, banvloeken en moord en was het een 'origineel christelijk' idee geworden.
En de overwinnaar schrijft het verloop van de geschiedenis. Vandaar dat een en ander onbekend is geraakt en dus door velen niet voor waar wordt gehouden.
Ironisch genoeg heeft die kerk eeuwen later - om het eigen hachje te redden - zich aangesloten bij 'heidenen' als o.a. Aristoteles en diens leermeester Plato. Het monumentale werk van Sint Thomas van Aquino – die het fundament vormt voor de Rooms Katholieke theologie en die gebaseerd is op de geschriften van Aristoteles, inclusief de theorie over de natuurwetten – getuigt daarvan.
Gesteld dat je voor waar aanneemt wat ik hier over 'heiden' schrijf ('moet' dus niet maar het zou kunnen), dan moet je eens opletten hoe lang het duurt voor het woord voor jou zijn 'spontane gevoelswaarde' is verloren. Zolang je b.v. nog zegt: "Het wás me toch een heidense herrie"! heeft het woord waarschijnlijk nog zijn oude waarde behouden.
Groeten.
Fons.