Ik ben opgegroeid een dorp in de bible belt. In een Christelijk gezin. Eigenlijk mijn hele leven zat er al iets in mijn achterhoofd, als een soort spijker in mijn hersens, iets voelde niet helemaal lekker.
Onbewust hield ik altijd al een beetje zaken rondom religie op afstand. Op de middelbare school wist niemand dat ik wekelijks naar de kerk ging/moest, en catechisatie was iets waar ik gewoon niet aan deed. Daar was mijn vader het niet mee eens, maar ik had veel hobby’s en was altijd druk, zolang ik wekelijks de kerk bezocht was er niet veel aan de hand.
Ik leerde mijn vriendin kennen toen ik 22 was, zij kwam uit een mild-christelijk milieu. Tot zover alles onder controle, vanuit reli-oogpunt. Ik studeerde af en had een enorme hang mijn wereld te vergroten. Samen met mijn vriendin vertrok ik voor een half jaar naar Australië om daar in een busje het land rond te toeren. In die tijd was ik nog wel gelovig denk ik achteraf, of ik voelde me moreel verplicht dat te zijn. Dat zat hem dan in van die kleine dingen als bidden voor het eten, in een verloren ogenblik zijn we zelfs aangesloten bij een lokale kerkdienst, leuke mensen, goeie ervaring.
Terug in Nederland had ik toch wel moeite om te aarden, in die tijd ben ik bij het studentenhuis in Utrecht waar mijn vriendin woonde ingetrokken. Daarbij was vanuit mijn vader toch wel de kritische opmerkingen dat dit toch wel veel op samenwonen begon te lijken. En een losse opmerking van hem dat het de vraag was of dit wel helemaal in overeenstemming was met Bijbelse principes. Of een opmerking dat we volgens de Bijbelse uitleg al getrouwd waren omdat we “in elkaar waren geweest”. Wtf pa…
Daar tegenover stond dat we ook in Utrecht een soort van kerkje hadden opgezocht waar we toch enigszins aansluiting zochten. Achteraf vind ik dit een onbegrijpelijke actie, die zeker vanuit mij kwam, niet vanuit mijn vriendin. Ik denk dat ik toch zo vol ben gegoten met de plichten vanuit religie dat ik voelde dat ik dit moreel verplicht was. Ook ben ik misschien iets te gevoelig voor de stille drang die mijn vader uitoefent.
Niet veel later namen we de stap de wereld nog eens flink te verkennen. Na een jaar in Nieuw-Zeeland te hebben gewoond (hier hebben we nooit een kerk van binnen gezien), kwamen we na vele omzwervingen in het door armoede geteisterde Cambodja. Daar deden we (niet-religieus geörienteerd) vrijwilligerswerk. Daar was mijn “moment of revelation”, ik zat in de bus en keek uit het raam, op eens wist ik zó zeker: De Ark van Noach is een waanzinnig kinderachtig en volstrekt onrealistisch verhaal. En God, die bestaat natuurlijk helemaal niet, dat is een al net zo kinderachtige gedachte. Die spijker uit mijn achterhoofd was meteen weg, waarom moet ik in vredesnaam zo’n omzwerving maken om dit te kunnen inzien?!
Tijdens de rest van mijn reis verdiepte ik me al snel in de standaard literatuur voor “nieuwe afvalligen” , dus Jerry Coyne’s “Why evolution is true” en richard dawkins’ “The God Delusion” en “The greatest show on earth”. Veel van wat ik las van Dawkins wist ik voor mijn gevoel al, dat had ik heel mijn leven al geweten, ik kon er alleen nog niet bij. Die filter van religie was nu geknapt. Wat fijn om gewoon elke gedachte toe te kunnen laten in je leven en daar gewoon over na te denken en je te baseren op feiten. Dit ben ik!
Na nog een half jaar Azië keerden we weer huiswaarts. Daar kwam de confrontatie die de afgelopen 3 jaar de relatie met mijn familie en met name de relatie met mijn vader heeft beheerst.
Ik voelde natuurlijk wel aan dat de vlag niet uit zou gaan toen bleek dat ik niet meer naar de kerk ging. Maar ik had een goed verhaal vond ik zelf (dat vind ik nog steeds) en als verse afvallige vertelde ik graag hoe ik erover dacht. Toen mijn vader vroeg waarom ik niet meer mee naar de kerk ging vertelde ik hem hoe ik was gaan aankijken tegen de bijbel, het type verhalen en de context waarin dit geschreven is. De rol van wetenschap en het belang van bewijs. Min of meer zei ik hem dat hij voor zichzelf ook eens zou moeten onderzoeken wat van zijn overtuiging gestoeld was op wat hij zelf had uitgevonden of wat hem was verteld door anderen.
Geen goed idee. Het zelfbeeld is vanuit de Christelijke religie vakkundig neergesabeld, vertrouwen op jezelf en dingen die je zelf uitvindt/onderzoekt is dan ook (letterlijk) “uit den boze”.
Wat er vervolgens gebeurde heeft mijn leven echt behoorlijk op zijn kop gezet. Ik had (in mijn naïviteit) verwacht dat het standpunt dat ik had bereikt zou worden gerespecteerd. Niet was minder waar, er volgde verschillende sessies waarbij mijn vader in wisselende samenstelling en op verschillende plekken eigenlijk een “intervention” pleegde. Waarbij er echt op mij en mijn geweten werd in gepraat over de foute beslissing die ik aan het nemen was, dat ik daarmee de familie uit elkaar dreef, dat ik mijn moeder en andere gezinsleden heel veel verdriet deed. Dit was echt heel intens, ik was vaak dagen soms weken van streek daardoor. Het voelde als een totale afwijzing, ik was geen nieuwe weg in geslagen, dit was gewoon de uitkomst van wie ik ben en alles wat ik tot dan toe had meegemaakt en gezien in mijn leven. Ik ervaar en ervoer het als heel respectloos als iemand zich zonder zich er in te verdiepen dit verwerpt.
Tijdens mijn reis stierf mijn Oma, op dat moment zat ik in India in een (wederom niet-religieus georiënteerd) vrijwilligersproject. Ik heb toen met mijn vader (die op dat moment in Oeganda zat) afgestemd dat ik niet terug zou komen maar in India zou blijven. Hij ging zelf wel terug. Later zijn we samen (mijn vader en ik) naar het graf gegaan, om een laatste eer te bewijzen, mijn vader heeft het moment (al dan niet op voorbedachte rade) aangegrepen om een extra uitgebreide poging te doen mij weer te bewegen weer te laten geloven. In een jachtig relaas dat oma nu bij God is en dat hij wist daar voor hem een plaatsje in de hemel was weggelegd. Weet jij dat ook?
Nou eh nee, ik heb eigenlijk niet het idee dat het zo in elkaar zit. Daar is eigenlijk geen bewijs voor, ik heb besloten zolang ik geen overtuigend bewijs daar van te zien, om te leven in de veronderstelling dat dit niet zo is. Als er wel bewijs is dan wil ik best mijn mening herzien, maar daar zie ik nu geen aanleiding toe. Dit triggerde bij hem ook een klassiek argument, jij bent het bewijs, kijk eens hoe mooi alles om ons heen gemaakt is. Het is zinloos om uitleggen dat dit op zich geen bewijs is en als dat het al was dat dit net zoveel bewijs voor Vishnu, Allah is als voor Jezus Christus en de opstanding van doden etc. Maar dat landt gewoon niet. Op de terugweg in de auto was het stil.
Wat bovenal duidelijk werd voor mij is dat wat je ziet afhankelijk is van waar vandaan je kijkt. Ik zie mezelf als iemand die zelfstandig is, goed nadenkt, niet wil laten beheersen door angst of dingen die niet in de verste verte bewezen zijn. Mijn vader definieert mijn keuzes in een religieus jargon. Een jargon dat haast buitenaards overkomt voor iemand die hier niet mee groot is gebracht. Zo ziet hij mij als iemand die Jezus niet wil kennen in zijn leven, iemand die Jezus niet wil toe laten in zijn hart. Die een dwaalleer volgt, iemand die een zondig bestaan leidt in het duister waar het licht van God en Jezus niet schijnt. Iemand die Jezus Christus niet als Verlosser heeft aangenomen in zijn leven. Daardoor ben ik verdoemd en gelooft hij dat ik zal branden in de hel.
Ik vind het zo zielig voor hem dat hij dat echt gelooft. Ik bedoel, moet je voorstellen, je zoon… Ik heb hem dat ook wel eens verteld dat het mij echt veel pijn en verdriet doet dat ik zie dat dit hem op deze manier raakt. De reactie is ook weer pijnlijk. “Nee, jij hoeft geen medelijden met mij te hebben, ik heb Jezus in mijn leven. Ik heb medelijden met jou, jij wandelt niet meer in het licht. Wandelen met Jezus, dat gun ik jou ook, dat is zoiets moois”. Terwijl ik zie dat de laatste 3 jaar van zijn leven (bij gebrek aan echte problemen) zijn verwoest door het feit dat ik niet meer geloof. Als iemand gebukt gaat onder de stress en angst die religie kan introduceren in het leven van iemand, is hij daar het wandelend bewijs voor. Maar ik zeg daar niet niets over, ik glimlach en zeg: “ik ben blij dat jij er zoveel vreugde uithaalt”.
Er is ook een periode geweest waarin mijn vader geregeld dingen liet vallen als: God die pakt jou nog wel eens en zet je weer op het rechte spoor. En andere uitspraken van die strekking. Daarbij wist hij een keer een voorbeeld aan te halen van een man die bij hem in de kerk zit. Die was in de jaren ’60 nogal van God los
Het respect wat ik heb voor zijn opvatting, is respect niet vanwege de opvatting zelf, maar omdat het zijn opvatting is. Ik heb inmiddels geaccepteerd dat ik dit respect nooit terug zal krijgen, dat is in mijn ogen niet terecht, anderen in je leven die zo weinig respect voor je opvattingen hebben die faseer je normaal gesproken op den duur uit. Dat is waar het gaat om familie wat mij betreft geen optie. Maar een deel van je relatie ben je wel kwijt, met deze tweedeling is iets van mij en de relatie met mijn vader gestorven. In dat opzicht heeft hij gelijk gekregen met zijn uitspraak dat het kiezen van een andere weg een tweedeling in het gezin zou betekenen. Aan wie dat ligt is vanuit welk standpunt je kijkt, uiteindelijk is dat niet belangrijk, het verandert niets..
Verder zijn er seizoenen waarin het overal terugkomt, kerst is een mooi seizoen. Toch nog weer even zeggen hoe bijzonder het is dat God zijn Zoon naar de aarde heeft gestuurd. Even een stichtelijke tekst in de kerstkaart. Een speciaal gebed voor het kerstdiner waarin gevraagd of God ons de juiste weg wil laten zien. Een zinspeling op de ongehoorzaamheid en het verdriet daarvan in een sinterklaas gedicht en zo gáát het maar door. Het is te triest voor woorden eigenlijk.
Verder weet ik dat mijn vader heel veel bidt voor mij, dat zegt hij te pas (voor zover je zoiets “te pas” kunt zeggen) en te onpas. Ik weet dat hij boven in hun huis bij de computer zich vaak uren opsluit om te bidden voor ons zielenheil. Hij schrijft daar zijn gedachten op. Ik denk dat dit belangrijk is voor hem, daarom goed dat hij het doet. Ik word haast niet goed bij het idee dat hij daar almaar zit te bidden en kniezen over ons. Dat voelt zo ongemakkelijk, maar ja wat doe je eraan.
Inmiddels wordt me ook duidelijk dat het verschil in benadering van zaken overvloeit naar alle gebieden van mijn leven. Als er een financiële kans zich voordoet dan weeg ik de pro’s en con’s af en hak ik een knoop door. Als ik er met mijn vader over praat merk ik dat hij zich heel erg stoort aan het wetenschappelijke onderzoeken en afwegen, maar is het in zijn ogen ook meer iets dat je voorlegt aan de Heer (!). Eigenlijk is dat een vorm van mediteren, iets wat in nieuwe vormen voldoet aan klaarblijkelijk fundamentele behoefte van de mens. Ik vind het prima, ik blijf liever met beide benen op de grond en hou me bij de feiten.
Via via begreep ik dat mijn moeder en mijn zus naar een sessie zijn geweest van de kerk die handvatten biedt hoe om te gaan met het (verdriet van het ) vertrek uit de kerk van iemand die je lief is. Uiteraard georganiseerd door, jawel, de kerk. Ongetwijfeld uit goede bedoelingen, maar ik voelde wel pijn toen ik het hoorde. Dat ik dat allemaal veroorzaak…
Mijn zussen, beiden nog keurig in het religieuze gareel, voeden hun kinderen Christelijk op. Ik heb een hele goede band met de kinderen van mijn zussen, regelmatig komen ze logeren. Dan probeer ik altijd maar gewoon de gebruiken die ze thuis kennen aan te houden, mijn grootste angst is dat ze thuis gaan zeggen daar hoeven we nooit te bidden voor het eten of iets dergelijks en dat ik hen daardoor niet meer kan of mag zien. Of dat ze aan mij vragen waarom ik nooit naar de kerk ga. Ik zou het ze graag vertellen, maar ik ben bang dat het me niet in dank wordt afgenomen. Het is niet de bedoeling dat je iets tegen een kind zegt waardoor hij na gaat denken of iets waar is of niet, of iets klopt. Gek eigenlijk als iets echt waar is dan kan het een tegengeluid toch wel weerstaan, maar ik wil me er niet aan branden.
Inmiddels zijn mijn vriendin en ik in een fase beland dat we de volgende stap willen nemen, maar met name ik zie al weer op tegen alle pijnlijke momenten en afwijzingen die we voor de kiezen krijgen op het moment dat we niet in de kerk trouwen, ons kind niet laten dopen etc.
Dit is mijn verhaal over gevolgen van een beslissing waar ik 100 % achter sta. Vrolijk kerstfeest!