Derek Lambert is een prachtvent. Ik heb zijn verhaal in diverse video's urenlang aangehoord en vind het zeer boeiend al die fases die hij heeft doorlopen aan te horen, al die ervaringen die hij heeft opgedaan, en hoe hij zich eruit gevochten heeft. En de positieve ontwikkeling te volgen die hij heeft doorgemaakt is buitengewoon verrassend en te bewonderen. Van zijn enorme leergierigheid heeft hij een permanente levenshouding gemaakt en het enthousiasme waarmee hij dit onderhoudt is aanstekelijk. Van deze persoon is het onmogelijk om niet te houden! Zijn YouTube-kanaal is een schatkamer geworden van informatie, waar bijbelgeleerden van allerlei pluimage hun zegje doen. Alleen al hierom is het een goede beslissing van hem geweest om niet dogmatisch het jezusmythicisme te blijven aanhangen. In de discussie bespreken ze ook hoe een ex-fundamentalistische gelovige eenmaal atheïst geworden gemakkelijk kan vervallen in weer een nieuwe vorm van fundamentalisme. Dat is inderdaad een gevaar dat goed is om te beseffen en bewust uit de weg te gaan. O'Neill denkt dat dit veelvuldig opgemerkt kan worden bij hen die zich mythicist noemen. Hij vergeet dat dat gevaar net zo goed ook op de loer ligt voor historicisten met een ex-evangelisch/fundamentalistisch verleden, waarvan Bart Ehrman een goed voorbeeld is. Ook komt O'Neill zelf over als bijzonder ongenuanceerd, zoals Carrier
hier aangeeft.
Ik heb zelf gekozen voor een agnosticisme omtrent de vraagstelling. Voor mij is de discussie van alle zaken die aan de vraagstelling verbonden zijn juist wat zo boeiend is. Waar men uiteindelijk op aankomt is voor mij om het even. Waar het om gaat is te beseffen dat de zaak eenvoudig niet beslist is. Het belangrijkste punt wat men, al die discussies overziend, kan maken is juist dat niemand het met zekerheid kan weten, en zich voor of tegen uit te spreken daarom zinloos is. Tim O'Neill noemt deze opstelling van agnosticisme "wishy-washy", maar op een ander moment in de discussie spreekt hij ook uit dat men het niet zeker kan weten.
Mijn ervaring is overigens dat het fundamentalisme zonder moeite veelal aan de kant van de historicisten aangetroffen kan worden ("Jezus heeft met zekerheid bestaan. Geen redelijk persoon ontkent dit"). En dát heeft mij juist ertoe bewogen (in commentaar op Lendering en Van Peer) om ertegenin te gaan. Ik vind het ergerlijke arrogantie. Fundamentalistische jezusmythicisten kom ik persoonlijk nooit tegen (hoewel die ongetwijfeld zullen bestaan). Carrier is zelfs zo redelijk dat hij een historische figuur Jezus 1 op 3 kans geeft bestaan te hebben. Historicisten die Jezus 1 op 3 kans geven
niet bestaan te hebben kom ik daarentegen nooit tegen.
In deze door Nic aangereikte video komen de punten waarop historicisten hun zienswijze baseren goed naar voren. Het komt altijd neer op de opsomming van een paar punten: "de broer van de Heer", "gemaakt uit het zaad van David"= afstamming van David, Paulus' relaas van hoe Jezus overgeleverd werd, het "opgeschoonde" Testimonium Flavianum. Tim O'Neill probeert het nog door Paulus leringen van Jezus te laten aanhangen die hij zou hebben gekregen via christelijke overlevering. Het "mijn evangelie" legt hij uit als enkel de hemelse openbaring gegeven aan Paulus dat voor christen-zijn geen onderhouding van de Torah benodigd is. Dit is echter een nogal willekeurige versmalling van de betekenis van het woordje evangelie, dat eenvoudig Paulus' gehele christelijke verkondiging betekent.
Ikzelf zie het als bijzonder problematisch dat historicisme zich moet baseren op enkel die paar schaarse discussiepuntjes, waarvan voor mij na studie alle opgesomde punten op die van "de broer van de Heer" na nog wegvallen. Voor historicisten schijnen die paar puntjes een doorslaggevende zaak te zijn, voor mij bevestigt het feit dat het enkel om een paar puntjes draait, (na nadere beschouwing eigenlijk om één frase, "de broer van de Heer"), hoe wankel die historiciteit van Jezus staat.
Tussen Tim O'Neill en Richard Carrier botert het niet.
De discussies (via de links naar example, example, example, example) over en weer te volgen is niet iets waar je vrolijk van wordt. Carrier komt nogal gemakkelijk met de beschuldiging dat iemand liegt. Ik kan me voorstellen dat zoiets in het verkeerde keelgat schiet van de tegenpartij. Aan de andere kant trekt Carrier altijd aan het langste eind en laat hij vrijwel altijd doorslaggevend zien dat de argumentering van de opponent niet deugt. En wanneer hij na rechtzetting van zaken
weer een tegenwoord krijgt lijkt het er soms inderdaad op dat deze tegenpartij eenvoudig niet eerlijk is, en trekt Carrier
weer aan het langste eind. Men ziet dan wat men regelmatig op ieder forum tegenkomt, dat het moeilijkste in een discussie altijd is je ongelijk te erkennen. O'Neill geeft in de video toe dat Carrier buitengewoon intelligent is. En zo intelligent dat hij altijd een antwoord weet te fabriceren. Carrier zou dus net zo goed lijden aan onmogelijk zijn ongelijk te kunnen erkennen. O’Neill interpreteert Carrier als een narcist die zichzelf ervan overtuigd heeft een geniaal persoon te zijn die een unieke missie vervult. Ik kan me voorstellen dat zo'n uitspraak ook niet bevordelijk is voor een vruchtbare discussie.
Ik voor mij vind het prachtig zo'n persoon als Carrier tegen te komen die in zijn eentje tegen de hele consensus van bijbelgeleerden opbokst en ze uitdaagt om zijn ongelijk aan te tonen. Dat is iets om van te smullen. Of hij teveel met zichzelf in zijn schik is is mij om het even. Via de discussie komen talloze zaken aan het licht waar ik in mijn theologiestudie nooit van gehoord had, zelfs het bestaan ervan nooit besefte. Dat is voor mij het waardevolle van de vraagstelling.
Overigens is
dit fragment van een discussie met Dan Barker heel interessant. Ik zit zelf op de lijn van Barker. Derek vindt het niet leuk om te moeten zeggen, maar moet hier aan Barker uitleggen dat Bart Ehrman jammergenoeg zo polemisch optreedt dat hij zich laat kennen alsof hij over bijna 100% zekerheid beschikt. Derek neemt daar zelf - al kiest hij voor een historische Jezus - afstand van. Heel wijs!
Hier legt Derek goed uit waar hij staat. Op het eind laat hij nog weten dat Dr. Price gezegd heeft: "Indien er al een historische Jezus bestaan heeft, dan is die er nu niet meer". Hij zegt erachteraan: "Ik denk dat hij waarschijnlijk wel bestaan heeft", maar begrijpt gezien het vorige wat hij zei blijkbaar toch wel de strekking van de uitspraak van Price: niemand schiet er iets mee op door te zeggen dat hij waarschijnlijk heeft bestaan, want alles wat men dan meent te kunnen zeggen over deze figuur is puur giswerk, hetgeen meteen duidelijk wordt wanneer men de uiteenlopende kenschetsingen van diverse historicisten naast elkaar zet.