Precies, zo haalt dr. Paul in zijn boek joodse pseudepigrafen erbij om theïstische evolutionisten (vrijzinnige gelovigen) te laten zien dat ze net als de nieuwtestamentische schrijvers Genesis 1-11 heel letterlijk opvatten (zie mijn boekbespreking):Bonjour schreef: ↑11 mei 2018 18:09 De gelovige weet dat hij in een catch 22 situatie terechtkomt als ie de hele Bijbel letterlijk gaat nemen, genesis in het bijzonder. Dus, om gelovig te blijven neemt hij de delen met een korreltje zout, zoekt hij alternatieve betekenissen. Maar dat is een actie van de gelovige nu. Zoals Rereformed ook al opmerkte gaat het erom wat de schrijver bedoelde. Genesis 1 lijkt nu onmogelijk letterlijk te zijn bedoeld, maar Richard Carrier legt uit dat wanneer je de andere teksten die in die tijd de ronde deden meeneemt in het verhaal, het best letterlijk bedoeld kan zijn.
Paul verwijst naar joodse geschriften als Jubileeën, waar melding wordt gemaakt van de schepping van engelen op de eerste dag, en verteld wordt dat God Adam met de dieren liet kennis maken gedurende zes dagen van de tweede week, en de schepping van Eva aan het eind van die week plaatsvond, waar verteld wordt dat Kaïn zijn zuster Awan tot vrouw nam en Seth zijn zuster Azure; naar 4 Ezra, waar men dezelfde theologie tegenkomt als in Paulus: ”O, Adam, wat heb je gedaan? Want hoewel jij het was die zondigde, was de val niet alleen van jou, maar ook van ons die jouw nakomelingen zijn. Want wat voor goed is het ons dat ons een eeuwig leven beloofd is, maar dat we daden gedaan hebben die de dood brengen.” , naar 2 Baruch, waar we alweer deze theologie kunnen lezen: ”O Adam, wat deed je aan allen die na jou geboren zijn?”, en naar een geschrift genaamd het Leven van Adam en Eva, waar een kinderachtig verhaal staat over Seth die door een dier werd aangevallen waarna Eva een behoorlijk filosofisch gesprek heeft met dat dier waarin ze door het wilde dier beschuldigd waordt van het eten van de vrucht, waardoor de natuur van dieren veranderde…Mart-Jan Paul schreef:De pseudepigrafen hebben allerlei toevoegingen ten opzichte van de tekst van Genesis, maar zij gaan wel uit van de correcte beschrijving van de historiciteit van de daar genoemde gebeurtenissen. Dit betreft de schepping van de mens en ook de zondeval met allerlei gevolgen voor mens en dier. Die kern van de uitspraken bevestigt de eerdere conclusie vanuit het Nieuwe Testament.