Dag Rereformed,
Denkend dat mijn reactie hier beter op zijn plaats is…
Gewoontegetrouw had ik gekeken op
http://www.amazon.ca. Mijn hele familie woont namelijk in Canada en die heeft me ooit aan dat adres geholpen. Wellicht verklaart dat waarom ik Doherty niet aantrof.
Bedankt dus voor de juiste URL .
Je schreef:Vergeet niet op die pagina ook de talloze boekrecensies te lezen, interessant commentaar.
Er staan liefst 11 pagina’s met recensies of commentaar plus weer de reacties op die reacties/commentaar. Ik heb ze niet allemaal doorgekeken en ben na pagina 3 maar gestopt. Ik verwachtte dat er niet veel andere gezichtspunten zouden opduiken.
De meeste recensies waren positief tot zeer positief in de zin dat men Doherty min of meer volledig bijviel. En de vraag: Had je iets aan deze recensie? werd in een hoog percentage met ‘ja’ beantwoord.
Er waren ook afwijzende recensies maar dat hoort zo. Een reclameboodschap op onze TV eindigt steevast met: ‘Zoveel mensen, zoveel wensen’. En ik geloof nu eenmaal dat ‘geloof’ niet alleen op gortdroog rationeel redeneren is gestoeld.
Evengoed blijven er, ook bij de positieve reacties, nog vragen over. Een heel fundamentele is: Als we de historie bestuderen is ons studiemateriaal dan niet beperkt tot
verhalen over de historie? De historische feiten krijgen we immers nooit onder ogen.
Met een beetje goed (of kwade) wil is overal wel een commentaar bij te schrijven. B.v.: (onderstrepingen van mij)
Doherty believes that the Jesus of the Gospels was made up, a myth. If so, then what about Paul en Peter? Were they real or not? And if they were real -- according to Doherty at least Paul and Peter are -- than why not Jesus?
ALS Paulus, Petrus werkelijk toen hebben bestaan - en volgens Doherty deden Paulus en Petrus dat – dan Jezus óók? Is dat vlekkeloos geredeneerd?
Wat als zij toen
niet hebben bestaan? Kán Jezus toen dan
wel hebben bestaan? M.a.w.: kun je met het ene 'feit' het andere 'feit' ontkennen of bevestigen?
Dat is nu eenmaal de ellende bij historische wetenschap: feiten uit het verleden zijn niet direct waarneembaar, ze beginnen als hypothese en laten zich soms/vaak moeilijk tot helemaal niet
wetenschappelijk bewijzen.
This book explores this hypothesis and builds some pretty solid ground under it. There is much speculation, but I think it is quite creditable.
Mooie conclusie, lijkt mij.
I'd have rated this book higher had a LOT of the argument not been based around the so called "Q" documents and it's supposed "layers.
De theorie rond het ‘Q’-document is ook al niet vrij van controversiële standpunten, op z’n minst op onderdelen. Derhalve… hoe ver kun je er wetenschappelijk mee komen?
A simple enumeration of the contradictions, inconsistencies and errors in the New Testament is not enough to prove that Jesus was as mythical as Dionysus.
Lijkt me een even nuchtere als ware opmerking.
By the way, and just for the sake of balance, I should point out that there is no historical evidence for the existence of Jesus. Whether he existed or not, I do not care, for Christianity is a backward religion regardless of whether it's alleged founder actually existed.
Dat mag wel eens grondig worden benadrukt: er is een onderscheid tussen de persoon Jezus en de religie die op hem zegt gegrondvest te zijn. Of zoals Bhagwan het op zijn manier ontkende: ‘Those christians! They made christianity to crossianity’.
Maar…het onderwerp heeft velen beziggehouden en houdt nog steeds velen bezig.
Van Ellegård
‘Jezus 100 jaar vóór Christus’ is een aardige theorie (vind ik dan) over het bestaan van een historische figuur die Jeshua heette. Tijdens lezing kreeg ik nergens de aanvechting om het met de man oneens te zijn.
In 'Jezus - Honderd jaar voor Christus' onderneemt prof. Alvar Ellegård een zoektocht naar de ware geschiedenis van Jezus. Zijn bevindingen zijn schokkend. Uit vroegchristelijke geschriften, de brieven van Paulus, de bijbel en andere bronnen leidt hij af dat geen van de schrijvers Jezus ooit in levenden lijve had gezien. Hij was voor hen iemand die lang geleden geleefd had, een spirituele, hemelse persoon en niet degene van wie nu algemeen wordt aangenomen dat hij Jezus is. Prof Ellegård constateert dat de evangeliën en het volledige beeld van Jezus zijn ontstaan door interne conflicten binnen de sterk groeiende christelijke Kerk rond het jaar 100 n.C. Ignatius, de machtige bisschop van Antiochië, was ervan overtuigd dat het beeld van een volledig menselijke Jezus die op aarde geweest is, het voor mensen makkelijker zou maken Jezus' wederopstanding als een model voor hun eigen 'leven na de dood' te accepteren.
Degenen die het niet met Ellegård eens waren hadden als voornaamste ‘argument’ (!) dat de ‘professor’ bijbelexegese als
hobby beoefende naast zijn vakgebied (ik weet niet meer wat dat is; mogelijk taalkunde). Wel is waar 30 jaar zijn hobby beoefend, maar toch! Hij zou dus
geen recht van speken hebben.
Ene Frans Vermeiren schreef:
‘De man die in 70 het kruis overleefde’. Die man was dus Jezus van Nazareth zoals je zult begrijpen.

Als je dit boek leest is de neiging groot om in alles met de auteur mee te gaan. Erg scherp betoog. Het lijvige en doorwrochte voorwoord van Prof. dr C.J.den Heyer (een Nieuw-Testamenticus, hij wél!) eindigt met:
Zoals we al hebben gezien is de gedachte dat Jezus een revolutionair is geweest niet nieuw, wel dat hij een actief deel zou hebben gehad in de hevige strijd in de jaren 66-70. Wat ruim twee eeuwen geleden al werd gezegd, treffen we ook in het boek van Vermeiren aan. De volgelingen hebben zijn revolutionaire boodschap ingrijpend veranderd. Die theologische metamorfose zou aan Petrus toegeschreven dienen te worden.
Tot slot, ik hoop de lezer(es) niet al te zeer teleurgesteld te stellen wanneer ik concludeer dat ik mij eindoordeel nog opschort. Dat neemt niet weg dat ik geïnteresseerden adviseer kennis te nemen van dit opmerkelijke boek. Ik had al lezende bij tijd en wijle het gevoel verdiept te zijn en een goede thriller.
Carotta schreef
Was Jezus Caesar? Dat heeft eventjes voor een storm gezorgd met hier en daar verwoed agressieve reacties. Als je het boek leest sta je intussen wel versteld over de vele parallellen tussen het
Marcusevangelie en de
Julius Caesar biografie van Asinius Pollio. Het zal dan niet allemáál waar zijn, wat Carotta beweert, maar er zit mogelijk ‘iets’ in.
Van Thijs Voskuilen, student geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen, is de doctoraalscriptie alsook het filmscript
Paulus de perfecte spion. In Romeinse dienst wel te verstaan. ‘Het genie van de leugen’ had Friedrich Nietzsche de apostel Paulus al genoemd.

Een en ander heeft weer de nodige heisa opgeleverd. Thijs zelf is volledig overtuigd van de waarheid van zijn scriptie. Hooggeleerde tegenstanders beweren met kracht van argumenten dat hij van de verkeerde premissen uitgaat.
Blijkbaar voor heel velen boeiende materie. Wie weet komen de nu strijdende opinies
ooit nog eens tot een gezamenlijk standpunt. Ik vrees alleen dat dat gezamenlijk standpunt een gezamenlijk geloof zal moeten zijn. En dan zie ik de toekomst weer wat somberder in.
Waar ik beducht voor ben?
Zeg eens tegen een orthodox/fundamentalist dat je het met een van zijn denkbeelden niet eens bent.
Wat erger: maak er een kritische opmerking over.
Nog wat erger: stel iets van zijn ‘geloof’ aan de kaak.
Allerergst: maak er een grapje over.
Dan is de kans groot dat die orthodox/fundamentalist gekwetst is in zijn heiligste gevoelens (wat dat ook moge zijn). Dan willen de rapen wel eens botergaar worden. En als die orthodox/fundamentalist een boek heeft waarin staat dat ‘ongelovigen’ (anders-dan-hij-gelovigen) een kopje kleiner dienen gemaakt te worden…ja, dan had je beter je mond kunnen houden. Achteraf naar de rechter gaan is te laat.
Kortom: al die godjes, goden en godinnen tot nu toe zijn het niet. Die kunnen dus maar het beste opgeruimd worden. Alleen… wat dán?
Kuiter schreef eens: ‘Wij leven in een wereld van (onze) woorden’. Meestal zijn het nog niet eens ónze woorden maar de woorden van ons voorgeslacht die we van kind af hebben overgenomen. Ook nog eens klakkeloos overgenomen want we werden als een tabula rasa, een onbeschreven lei geboren.
Vragen die mij boeien zijn onder andere:
* Wie is verantwoordelijk voor de intellectuele en emotionele inhoud van die woorden?
* Wat winnen we als we 'n bekend en vertrouwd woord alleen maar afschaffen door als inhoud ‘niets’ in te vullen? Houden we een lege huls over. In ieder geval gaat een deel van onze wereld verloren.
* Is er een mogelijkheid dat we een andere, aansprekende, motiverende inhoud/betekenis voor dat woord kunnen vinden? Zo in de trant van ‘Zoekt en gij zult vinden’? Dat wordt nog een hele klus. Ik heb op dit moment nog niet eens een suggestie.
Groeten.
Fons.
Een theoloog die naar exactheid streeft, heeft de eerste stap gezet naar het atheïsme. Een atheïst is geen naïeveling, maar iemand die god nauwkeurig 'kent', voor wie dus veel zo niet alle godsvoorstellingen hun betekenis hebben verloren.