David Bakker schreef:enno nuy schreef: Wat vinden, politiek al dan niet onafhankelijke vrijdenkers, van deze ontwikkeling?
Wat ik daar van vind? Voor dat ik mijn oordeel geef over dit incident zou ik eerst graag een objectieve, inzichtelijke analyse van het ontstaan van de staat Israel willen zien, bijv. in De Vrijdenker. In dat blad lees ik nu vooral tirades tegen Israel waardoor DVG bij Joden in Nederland in een kwade reuk kan komen te staan.
Op deze site:
http://www.israel-palestina.info/israel_60_jaar.html staat veel info. Ik las daar bijv. dat toen de Joden zich in de jaren 40 vestigden in Palestina, de Palestijnen aanslagen pleegden op de Joden. Is dat juist?
Hoi David,
Rond het vraagstuk Israël heb ik het één en ander geschreven. Mocht je kritiek hebben, graag. Ben benieuwd naar het stuk wat je gaat schrijven voor de Vrije Gedachte.
Groeten,
Piet.
Bronnen:
- T. Herzl - complete diaries
- Dagboeken Jozef Weitz
- Merip-report - onafhankelijke Amerikaanse organisatie
- Koos van Dam - De vrede die nooit kwam
- Lucas Catherine - De laatste kolonie
- Piet Leupen - Het meetlint over Jeruzalem
- Anja Meulenbelt - Het beroofde land
- Israel Shahak - Voorzitter (voormalig) van de liga van mensenrechten
- Andrea Gardini - La Palestine, Histoire d'un Terre.
Een beetje geschiedenis
In het midden van de negentiende eeuw was de overgrote meerderheid van de bevolking van Palestina (98%) Arabisch en in hoofdzaak Moslim. De Christenen vormden de belangrijkste minderheid. Slechts 2% van de bevolking was Joods. Slechts 15% daarvan oefenden een beroep uit. De rest leefde op kosten van Kolelim. Dit waren Europese liefdadigheidsverenigingen. In 1878 werd de eerste Joodse kolonie, Petah Tikvah, opgericht. Voor de Palestijnen was deze kolonisatie geen teken van zorg. Ze waren wel wat gewend. Het stikte altijd van de sekten.
Vanuit Jaffa, Haifa en Akka exporteerden de Palestijnen hun sinaasappelen, olijfolie, zeep etc.
Aan het eind van de negentiende eeuw braken er felle uitingen van anti-semitisme uit in Europa. Als reactie hierop ontstond het Zionisme. De Oostenrijkse journalist Theodor Herzl fulmineerde hier tegen in diverse boeken. Hij kwam aanzetten (Der Judenstaat 1896) met het idee van de vlucht. Want anti-semitisme was niet te bestrijden. De enige oplossing voor dit probleem was een Joodse staat voor alle in Diaspora levende Joden.
De ogen werden al snel gericht op Palestina. Tijdens een congres in 1903 werd het idee bekrachtigd en men zocht steun voor de plannen. Ondertussen werd er van de Palestijnen grond gekocht. Een van de belangrijkste zionistenleiders was Haim Weizmann. Hij was een Brits onderdaan. Na de eerste wereldoorlog werden de kaarten van het Midden-Oosten opnieuw geschud. De gevolgen waren duidelijk; de grootmachten zochten de denkbeeldige steun van de minderheden die hier aanwezig waren. De Britten kozen voor de Joden, een op dat moment onbelangrijke minderheid.
Maar dat veranderde snel. Door toedoen van Balfour werd in 1917, de bekende verklaring opgesteld. Groot-Brittannië bood hulp voor het stichten van een Joods Nationaal tehuis. De bedoeling was strategisch. Het Suez-kanaal, de pijpleiding die uit Irak naar Haifa ging bleek een bijkomend thema. Door de minderheid op te waarderen hoopten de Britten meer zeggenschap te krijgen over deze zaken.
Wat willen de zionisten. Ze willen een Joodse staat stichten door kolonisatie. In het werk van Herzl staat tevens dat het land zich zal uitstrekken van Nijl tot de Eufraat. Verder schrijft Herzl geef de plaatselijke bevolking geen werk, tenzij: "Het droogleggen van moerassen en het uitroeien van slangen".
Vanaf 1920 namen de Britten het bestuur over van Palestina en gingen met een mandaat van de Volkerenbond de lokale bevolking langzaam maar zeker gereed maken voor onafhankelijkheid. Hiernaast steunden ze massaal de Zionistische immigratie. De grondaankopen gingen door ondanks protesten van o.a. de Palestijnse Volkspartij.
In 1920 erkennen de Britten een Joodse regering: Het Joods Agentschap.
De spanningen liepen op. In 1929 marcheerde een zionistische militie met eigen vlag naar Haram al Sharif op de berg Moriah. Op de klaagmuur probeerden zij een permanente constructie op te bouwen, alleen toegangelijk voor Joden. Dit stond haaks op de eeuwenlange traditie; dat de klaagmuur vrij toegankelijk was voor iedereen. Rellen ontstonden, met als resultaat 207 doden. (87 Arabieren en 120 Joden). De Britten grepen met harde hand in. 28 mensen krijgen de doodstraf. (26 Arabieren en 2 Joden).
Schermutselingen vonden regelmatig plaats. Tot de tweede wereldoorlog aanbrak. Na de tweede wereldoorlog besloten de Britten hun mandaat over te geven aan de U.N.O. Het vertrek van de Britten werd bespoedigd doordat de Joden de laatste jaren een scala aan terroristische aanvallen lanceerden tegen de Engelsen. De Irgun, Bende van Stern en Hagganah pleegden diverse aanslagen. In 1946 bliezen ze het hoofdkwartier(King David Hotel) op. De V.N. stelden een verdeelplan op. De Joden bezatten op dat moment 7% van de grond. En vormden eenderde van de bevolking.
608.000 op een totaal van 1.835.000. Volgens het verdeelplan kregen ze 56% van het grondgebied toegewezen. Hiernaast was er het Corpus Separatum Jeruzalem. Het verdeelplan kreeg de steun van de Palestijnen. De Joden hadden kanttekeningen: "Ze wilden alles". De VS bracht toen het voorstel in om heel Palestina onder UNO bestuur te plaatsen. De bemiddelaar graaf Bernadotte werd echter door een Joodse cel onder leiding van Natan Yalin Mor en Yitshak Rabin omgebracht.
Er braken schermutselingen uit. Nadat de Britten vertrokken gaven de Joden uitvoer aan plan DALET. Militaire verovering van Palestina en verdrijven van autochtone bevolking.
Transfercomitees werden ingesteld. (Ben Goerion). Josef Weitz formuleerde de richtlijnen.
1. Zoveel mogelijk Arabische dorpen tijdens militaire operaties verwoesten;
2. verhinderen dat ze tijdens wapenstilstanden de oogst kunnen inhalen;
3.zo snel mogelijk in hun plaats Joden settelen, zodat er geen vacuum ontstaat.
Tijdens de onafhankelijksoorlog werden er 418 Palestijnse dorpen verwoest.
Nederzettingen
De kolonies en hun jurisdictie zijn zo gepland dat zij elke mogelijke territoriale continuiteit tussen de Palestijnse dorpen en steden verhinderen en de mogelijkheden vooral op landbouwgebied tot een minimum beperken (Prof. Anat Biletzki - Haáretz, 14 mei 2002)
De kolonies hebben jurisdictie over 42% van de Westelijke Jordaanoever. Sinds 1967 zijn er militaire proclamaties over de bezette gebieden. Deze orders inmiddels 1300. Hebben op vele aspecten van het dagelijkse leven invloed.
In facto leven de Joodse kolonisten onder de Joodse wet en de Palestijnen onder de wet van de bezetter.
Er zijn 227 autonome gebiedjes, hiervan zijn er 199 kleiner dan 2 vierkante kilometer. 4% van de Palestijnen (voor de laatste intifada en oprichten muur) heeft een pasje dat toegang geeft tot Jeruzalem. Hier bevindt zich het grootste Palestijnse ziekenhuis. 98% van het beschikbare water gaat naar de Joodse nederzettingen.
Tussen de gebieden geldt sinds 1967 een pasjesregeling.
Nog even terug naar Israel. 20% van de Israëliërs is van Palestijnse komaf. Zij bezitten wel het staatsburgerschap maar niet de nationaliteit. Er bestaat alleen een Joodse nationaliteit.
Binnen Palestijnse (of Arabische) Israëliërs bestaat driemaal zoveel analfabetisme. 7,6% van de Palestijnen leeft met drie personen op 1 kamer. Bij de Joden is dit slechts 0,6%.
De kindersterfte is vier keer zo hoog. Israel besteed slechts 2% van zijn gezondheidsbudget aan de Palestijnse Israëliërs (Let op: binnen Israel dus niet in Gaza of West. Jord.). 20% van de bevolking!!
Een Joodse stad heeft 5X zoveel gemeentepersoneel dan een Arabische (in Israel).
Alle rijbewijzen aan Arabische Israëliërs worden uitgereikt op de 15de van de maand. Veiligheidsredenen zegt Israel. Bij Arabieren is de naam in het paspoort onderlijnt (veiligheidsredenen). Alle Israëlische Palestijnen hebben een identiteitskaart waarvan het nummer met 20 begint (veiligheidsredenen).
Tussen 1948 en 1974 onteigende de staat Israel 320.000 van de 400.000 ha die de Arabieren in Galilea bezaten. Joden mogen geen grond verkopen aan niet-Joden (statuten Joods Nationaal Fonds en Landbouwautoriteit).
Door het tekort aan landbouwgrond is er onder Arabische Israeliers sprake van pure armoede. Arabische dorpen en steden hebben een significante betalingsachterstand. Het onderwijs in deze dorpen bevindt zich in zeer slechte staat. Doorstroming naar het hoger onderwijs is maar ten dele mogelijk.
Eigenlijk wil ik dit eerste stuk besluiten met enkele kanttekeningen:
1. Is Israel een staat voor al zijn inwoners, of is Israel een staat voor alle Joden.
2. Waarom is er rechtsongelijkheid tussen Arabische Israeliers en Joodse Israeliers.
3. Vergroot anexatie van grond de veiligheid van een land.
4. Is Israel een staat voor mensen die er gewoond hebben of een staat voor mensen die er wonen.
5. Moeten resoluties afgedwongen worden. Resolutie 242 en 194.
6. Mag een land de Conventie van Geneve negeren. Vernietigen infrastructuur, collectieve straffen, onteigenen en koloniseren van bezet gebied.
David of Goliath in 1948
Amerikaanse en Arabische bronnen.
Zionistische milities in 1948 - plan Dalet.
Palmach (18-25) - 8150 leden
Khish - (veldleger) (18-25) - 19.250
Khim - (>25) - 32.000
Jewish settlement police - 15.410
Gidna (jeugdbrigade 14-17) - 9.000
Mishar Haam - 32.000
Irgun en Lehi -4.300
Totaal ongeveer 120.000
Dit zijn schattingen van de Amerikaanse regering.
Wat stond hier tegenover:
Plattelandstroepen 1.100
Stadsgarnizoenen 1.563
ALA 3.860
Arabische legers ingezet na 1948
Syrie 1.876
Irak 4.000
Jordanie 4.500
Egypte 2.800
Libanon 700
Totaal ongeveer 20.000. Amerikaanse bronnen spreken van 27.000
Tanks Israel 700 - Arabisch 123
Vliegtuigen 205 -Rekesh aangekocht tussen 1945 en 1948 - Arabisch 0
Waarom was er zo weinig verzet in 1948 tegen Tochnit Dalet.
Syrie (onafh 1946) bijna geen leger, troepeninzet tegen Druzen en Alawieten, veel onrust op dat moment. Irak werd geregeerd door een door de Britten gesteunde monarchie en moest op zijn koerden letten. Transjordanie werd door de Britten bestuurd, het Transjordaanse Arab Legion had zelfs een Britse opperbevelhebber Glubb Pacha. Het stuurde de grootste troepenmacht 4500 man sterk, maar die vochten alleen rond Jeruzalem. Libanon had net een leger na ontruiming van de Fransen. Rond het Suez-kanaal lagen Britse soldaten, die Egyptische steun konden minimaliseren.
Het geplande Tochnit Dalet bestond uit een aantal operaties:
Operatie Nachson, doel door midden snijden Arabische staat (mislukt) 1 april;
Harel, idem, specifiek Latrun en omgeving (mislukt) 15 april
Misparayim, verovering en verdrijving Arabische inwoners uit Haifa (gelukt) 21
april.
Chametz, verovering van Jaffa en vernietiging Arabische dorpen eromheen
(gelukt) 27 april
Yiftai, Oost-Galilea "zuiveren"van Arabieren (gelukt).
Etc.
De Israëlische geschiedschrijving laat het omgekeerde zien. Zij moesten zich verweren tegen een Arabische grootmacht. Er zijn mensen die de grenzen van 1948 willen herstellen. Omdat ze vinden dat de Zionisten toen al een verkeerde weg zijn ingeslagen.
Darfur: Israel in de beklaagdenbank
In Darfur (Zuid-Afrika) werd Israël aangeklaagd wegens discriminatie. De conferentie werd een fiasco door een boycot van Amerika. Op welke gronden werd in het land, waar apartheid langdurig de norm was, besloten om Israël te betichten van discriminatie.
Een paar punten:
1. Democratie: De Israelische regering hanteert de term Joden en niet-Joden. In de wetgeving worden deze bevolkingsgroepen ongelijk behandeld. Het is één van de aspecten van een democratie dat de staat haar burgers beschermt tegen elke vorm van discriminatie.
2. Toekennen van privileges aan Joden op ethnische gronden. Bijvoorbeeld de terugkeerwet maakt het mogelijk voor alle Joden ter wereld om naar Israel te emigreren.
Andere bevolkingsgroepen hebben heel veel moeite om dit te realiseren.
3. De Wet voor Politieke Partijen maakt politiek participatie van Niet-Joden beperkt. Een politieke partij moet het bestaansrecht van Israel als de staat van de Joden erkennen. Hiermee probeert men te voorkomen dat Palestijnen de zionistische identiteit in gevaar brengen.
4. De militaire dienst is een voorbeeld van indirecte discriminatie. Alleen voor Joden bestaat dienstplicht. De militaire dienstplicht brengt een groot aantal maatschappelijke voordelen met zich mee, zoals huisvesting. Op het gebied van huisvesting worden door de overheid verder ontwikkelingsgebieden aangewezen, die in aanmerking komen voor subsidie. Arabische dorpen worden niet in deze gebieden opgenomen.
5. Institutionele discriminatie. Een voorbeeld hiervan zijn de niet-erkende dorpen in Israel. Vele daarvan liggen in Galilea. Deze dorpen bestonden reeds lang voordat Israel werd gesticht in 1948. De regering zet deze dorpen niet op de kaart waardoor ze geen bestaansrecht hebben. Tot op de dag van vandaag worden Arabische woningen op basis hiervan met de grond gelijk gemaakt. Dit in een poging om het demografische overwicht in Israel te versterken.
6. Discriminatie in het maatschappelijk leven. Dit is moeilijker te benoemen. Niet Joden worden anders (lees: onvriendelijker en afstandelijker) behandeld dan Joden in winkelcentra, op het vliegveld en op universiteiten. Het is met name deze vorm van discriminatie die frustratie en haat oproept bij de Niet-Joodse bevoking in Israel.
7. Een recente toevoeging zou dus de eed zijn die alle nieuwkomers verplicht om trouw te zweren aan Israel als "Joodse en democratisch staat". De Palestijnse Israëliërs (20% van de bevolking) die geen Jood zijn, verwerpen deze eed onder het motto: "Dit is racisme".
Op grond van de eerste 6 punten werd Israel door verschillende landen en organisaties aangeklaagd in Darfur. De V.S en Israel verwierpen al deze punten.