Frank C schreef:Rereformed schreef:
Wat Barth betreft is het m.i. vrij duidelijk: hij is een atheïst die de bijbel en het begrip God vanwege zijn opvoeding en verbondenheid met het christelijk geloof gebruikt als beeldtaal waardoor hij zich aangesproken voelt.
De kern van dit geloof is juist dat je geen godsbeeld maakt, God volkomen buiten zicht van de taal en menselijke denkbeelden plaatst, zodat je het begrip God hoog en droog kan blijven onderhouden en immuun kan maken voor alle kritiek, voor alles wat wie dan ook over God opmerkt.
Hier legt Barth dat goed uit:
Bartholomeus schreef:En nu serieus:Dat zeg ik bewust niet, al heb ik daar zelf geen enkel probleem mee. Ik zeg dat alle spreken over god mensenmaaksel is.
Bartholomeus bedoelde denk ik precies van wat ik in mijn laatste posting schreef aan Axx...
Want alle godsbeelden zijn metaforen. Als ik spreek van God is voor mij een persoon, spreek ik in metaforen. Niet dat God echt een persoon is, want dan ga je het rationaliseren en soms zelfs verabsoluteren. Wanneer wordt beweerd dat God een persoonlijke God
is, zit men al op het verkeerde spoor, dan rationaliseer je een metafoor en verliest het juist zijn betekenis.
Maar ik vraag opnieuw: waarom zit je nu
niet op het verkeerde spoor wanneer je als axioma al stelt dat God bestaat, zoals jullie allebei doen? Als
alles wat je zegt over God op het verkeerde spoor brengt en ondeugdelijke mensentaal is, waarom is niet het gebruik van het
woord God op zich al het verkeerde spoor opgaan? Iedere keer wanneer een mens het woord God uitspreekt doet hij tekort aan God, zoals je zelf nu illustreert:
Indien je tóch over God blijft praten en al het spreken over God tot
metafoor uitroept, zoals je hierboven doet, is dat niet juist de allergrootste godslastering, staat dat niet gelijk aan alles wat de bijbel zegt over God aan je laars lappen en tot zotheid uitroepen? Is het niet juist het toppunt van ironie?
Je liep in dezelfde val als Bartholomeus, hij maakte God tot een
irrelevant gegeven, jij maakt de bijbel tot een verzameling van stotteraars en klunsachtige uitspraken.
Is niet wat Wittgenstein uitsprak veel wijzer? Waarover je niet spreken kan moet je zwijgen. Ik heb mijn atheïsme vaak omschreven als juist dat: indien
alle spreken over God mank gaat dan is atheïsme de wijste opstelling: hij doet niet mee aan welke godslastering dan ook. En daarbij heb ik dan altijd in het hoofd het onderschrift van gewaardeerd, maar veel te weinig van zich laten horend forumgebruiker FonsV: "Een theoloog die als atheïst eindigt is geen naïeveling, maar iemand die god nauwkeurig 'kent', voor wie alle godsvoorstellingen hun betekenis hebben verloren."
Kunnen jullie begrijpen dat iemand atheïst kan zijn uit vroomheid?
Frank C schreef:Reformed schreef:Dit is de kern van zijn denken. Of beter gezegd de kern van de truc die hij voor zichzelf uitgevonden heeft toen de God van de bijbel door de moderne rationele mand viel: alle spreken over God is absolute kolder en nonsens (dat is iets wat de bijbel talloze malen laat zien),
Nee. Hier zit je niet alleen absoluut naast. Het is volstrekte onzin wat jij hier nu beweert.
Jij rationaliseert namelijk hier de godsbeelden en doet vervolgens het 'spreken over God' af als kolder.
Jij rationaliseert metaforen. Dat doet Bartholomeus juist niet.
Welnee, Frank C: jullie zouden nooit de behoefte gevoeld hebben het spreken over God als metaforen te beschouwen
indien jullie de verhalen van de bijbel niet op talloze bladzijden als kolder ervoeren.
Uiteraard drijf ik het (ten behoeve van het debat) op de spits. Niet alles hoef je met de benaming 'kolder' of 'onzin' te betitelen, maar men hoeft maar een beetje de bijbel door te bladeren om een mooie verzameling ervan te vinden: een zon die stilstaat, een zon die terugloopt, een koning die zijn hand uitstrekt en als goddelijke straf verstijft, een bijl die weer boven komt drijven wanneer de man Gods er even bijkomt, een zee die splijt en op het juiste moment weer terugvalt om de vijand een kopje kleiner te maken, vuur uit de hemel dat legertjes verteert of brandoffers ontsteekt, brandoffers, zoenoffers, manna dat 40 jaar uit de hemel komt regenen, sandalen die 40 jaar niet slijten, een God die opdracht geeft tot het uitroeien van zes volken, een God waarvoor een huis gebouwd moet worden, een lijk dat met de ark in aanraking komt en weer tot leven komt, allerlei zaken die je niet mag eten, levende mensen die per ongeluk in de ark kijken en er aan doodgaan, een vurige wagen getrokken door vurige paarden die een man Gods naar de hemel transporteren, water dat uit een rots ontspringt wanneer een man Gods er kwaad op slaat, stokken die in slangen veranderen en weer in stokken veranderen, een staf die gaat bloeien, een rivier die in bloed verandert, een ezel die een filosofisch gesprek heeft met een nepprofeet, mannen die in een zevenmaal hoger opgestookt vuur ongedeerd rondlopen, een aartsvader die met een hemels persoon een nachtje worstelt, een andere aartsvader die met God onderhandelt over de vernietiging van een paar steden, een vurige kolom die altijd maar meegaat in de woestijn, een man die een storm gebiedt op te houden en op water loopt en na drie dagen uit de dood opstaat en even later naar de hemel zweeft. Hoelang moet ik met de opsomming van kolder doorgaan? Wacht even: hier nog een lijstje kolder die ik eens opstelde na lezing van het OT:
Niet-geschubde zeedieren mag je niet eten!
Draag geen kleren van tweeërlei stof!
Hak geen vruchtbomen om bij het belegeren van een vijandelijke stad!
Roei het zaad van Amalek uit!
Stenig de persoon die hout sprokkelt op de sabbat!
Er moeten in de ontmoetingstent altijd lampen branden! Dit voorschrift blijft voor de Israëlieten voor altijd van kracht, voor alle komende generaties!
Maak een borsttas voor de orakelstenen!
Weef een tuniek en een tulband van fijn linnen garen, en maak een vakkundig geborduurde gordel voor de priester!
Strijk wat bloed van de geslachte ram aan de rechteroorlel van de priester en op de grote teen van de rechtervoet!
Als je onder de Israëlieten een telling houdt, moeten allen die geregistreerd worden Jahweh een halve sjekel losgeld betalen voor hun leven, om te voorkomen dat de telling hun noodlottig wordt!
Als twee mannen aan het vechten zijn en de vrouw van één van hen mengt zich erin om haar man te helpen en grijpt de ander bij zijn schaamdelen, dan moet zonder pardon haar hand worden afgehakt!
Een vrouw mag geen kleren en attributen van een man dragen en een man mag geen vrouwenkleren dragen!
Als u ten strijde trekt tegen de vijand en u stuit op een overmacht, wees dan niet bang, want Jahweh, uw God, staat u bij! Hij schenkt u de overwinning!
Aan de vier hoeken van het kleed dat u draagt moet u kwastjes maken!
Wanneer een profeet of dromenuitlegger iets voorspelt dat vervolgens uitkomt, en hij verbindt daaraan een oproep om andere, u onbekende goden te volgen en te dienen - luister dan niet naar hem. Want Jahweh, uw God, wil u daarmee op de proef stellen, om te zien of u hem wel met hart en ziel liefheeft!
Kortom: omdat het zo'n enorm arsenaal aan kolder is móet een inteligent modern mens het wel omzetten in metaforen om er wat mee te doen in onze moderne tijd.
De opmerking van Bartholomeus dat
al deze mythen ook oorspronkelijk als mythen geschreven en bedoeld werden is het hoogtepunt van naïviteit van deze zienswijze, want het omgekeerde is overduidelijk het geval: de mensheid van voor de jaartelling heeft al deze dingen als volstrekt letterlijk mogelijk, letterlijk gebeurd en voor letterlijk waar en letterlijk zinnig gehouden. Indien het toen al kolder was om erin te geloven zouden wel zinniger metaforen gebruikt zijn, zoals ook een modern 'religieus leerboek' zoals Nietzsches Zarathoestra geen kolder fantaseert om dingen duidelijk te maken.
Aangezien jij het begrip God nu tot metafoor omzet, beschouw ik jou net als Bartholomeus eenvoudig als een atheïst die in religieuze taal spreekt.