Rereformed schreef:
Maar uiteraard hebben veel christenen in de moderne tijd ook moeten zwichten voor de rationele argumenten. Dat ze mythen in de bijbel kunnen erkennen zonder dat de bijbel daarmee zijn geïnspireerdheid zou verliezen is m.i. in deze moderne tijd een onhoudbaar standpunt.
Ten eerste merkt men dan vaak de allergrootste inconsequenties op: jij haalt Lewis aan als iemand die ruiterlijk toegeeft dat er mythen in de bijbel staan, maar deze man is niet zo slim geweest om in te zien dat de christusmythe zijn parallel heeft in vele mysteriegodsdiensten, en dus duidelijk ook tot dit genre behoort. Zulke mensen zetten zichzelf in een spagaat en voor de buitenwereld in een zeer ongeloofwaardig daglicht.
Als er mythologische elementen in een verhaal zitten, dan betekent dit niet dat het ook tot het genre 'mythe' hoort. Is het uberhaupt een genre? Het mythologische in Jezus is dat deze claimt de 'Zoon van God' te zijn en uit de dood opstaat. Voor Lewis was uit de evangelien echter duidelijk dat dit verhaal juist wel echt gebeurd lijkt te zijn. Op
deze pagina staat een video waarin het een beetje naar voren komt (na 3 minuten). Daar spreekt Peter Kreeft: "I think Lewis made the conventional objection to Christianity that it's so much like other religions, dying and rising gods, and redemption from sin, and the triumph of life over death. These seem to be common patterns so they could be explained psychologically instead of historically. And then one of his friends who was an atheist, who looked at the life of Christ and said, "Rum thing. Seems to have really happened once." And that shocked Lewis. " (
hier meer video's over Lewis (en Freud))
En ten tweede: een christengelovige die de bijbel gaat beschouwen als een verzameling mythen, waarachter zich diepe goddelijke wijsheden schuilhouden, doet niet anders dan het oude heidendom -de oude religieuze kijk op de zaken in de oudheid, de cultuur waarin het christelijk geloof ontstond-, uit de prullenmand te halen. In de mysteriereligies werkte men altijd met mythen, en niemand van de ontwikkelden nam die letterlijk. Wat zo'n moderne christen dus doet is -wellicht zonder dat hij/zij het beseft- juist datgene onder het christelijk geloof weghalen wat de eeuwen door als de trots en uniekheid van het christelijk geloof werd aangedragen (, namelijk dat het gebaseerd is op goddelijk bestuurde historische feiten). Tegelijkertijd zetten deze mensen het christelijk geloof op dezelfde voet als talloze andere religies, hetgeen juist altijd zo -letterlijk te vuur en te zwaard- door het christelijk geloof bestreden is.
Je gaat er hier vanuit dat mythe per definitie iets onwaars is, wat in verhaalvorm is gegoten. Maar Lewis' visie is juist dat in het verhaal van Jezus de mythologische elementen aanwezig zijn, maar dat het waargebeurd is. In diezelfde video wordt het zo verwoord: "He was a literary critic. And as such, he said, "I know myth when I see it, I know legend when I see it and I know an eye-witness account when I see it. I recognize metaphor when it's there. All of this is in the Bible. All of it is inspired. But far from all of it is literal history."
Hier zie je dus weer dat er elementen in zitten die ons aan mythe doen denken, maar het staat in een verhaal waar juist heel duidelijk is dat Jezus echt geleefd heeft.
Wanneer een geloof met mythen in stand gehouden kan worden is het veel verstandiger geheel nieuwe mythen te scheppen, mythen die een modern mens kunnen inspireren, dan mythen uit de grijze oudheid mee te slepen. De laatsten komen voor de moderne mens veel te lachwekkend over om serieus te kunnen worden genomen.
Meen je dat echt? Ik denk dat het tegenovergestelde waar is. Mythen uit de grijze oudheid kunnen ons juist heel veel leren. Daarom wordt het volgens mij ook nog steeds allemaal onderzocht. Wij verschillen mijns inziens niet zo veel van de mensen uit de oudheid. We hebben iets meer techniek en kennis van de natuur, maar dat is het dan ook wel.
Rereformed schreef:
Dat is waar wat je zegt. Voor mensen die in het verleden leefden moet je daarom altijd genadevol zijn. Ze kunnen het veelal niet helpen dat ze dingen zus of zo zagen. C.S. Lewis overleed in 1963, en de hele wereld van weten is sinds die tijd totaal veranderd, juist ook wat betreft inzichten in het verre verleden of kijk op de bijbel. Zo geeft Lewis in Mere Christianity zijn argument dat men moet kiezen tussen Christus is een liar, lunatic of Lord, maar dat de optie 'Hij was een groot leraar, maar niet goddelijk' nu net niet open staat.
Deze redenering is door miljoenen fundamentalisten overgenomen en kun je nog steeds veelvuldig teh oren krijgen. Maar het argument is het toppunt van simplisme, want het gaat er klakkeloos van uit dat we in de evangeliën met geschiedschrijving te maken hebben, een verslag van feiten. Daarvoor valt tegenwoordig weinig meer te zeggen.
Ten tijde van Lewis werden de evangelien nou juist net niet als geschiedschrijving gezien. Het was de tijd van Hoch- und Kleinliteratur, waar de evangelien in de laatste categorie werden geplaatst.
Twintigste-eeuwse Duitse geleerden als Rudolf Bultmann en Martin Dibelius lazen Markus en de overige evangeliën als ‘Kleinliteratur’; deze literatuur zou dicht tegen mondelinge overleveringen aan liggen en ongeïnteresseerd zijn in historische en biografische aspecten van Jezus.
van hier
Pas in de jaren '70 gingen er stemmen op om de evangelien als antieke biografien te bekijken. Die manier van kijken is in de 20 jaren daarna de academische concensus geworden tot op de dag van vandaag. Met een antieke biografie heb je niet een werk in handen met alleen maar feiten, maar dat zag Lewis dus ook al. Hij zag mythe, hij zag legendes, maar vooral ook geschiedenis.
Misschien kan de Leek een eigentijds voorbeeld geven van iemand die 'dol is op mythen' en tevens christen zegt te zijn, als object voor analyse hoe het geloof van zo iemand eruit ziet. Is Nico ter Linden zo iemand? En is er een link waar hij zijn opvattingen uiteenzet?
Misschien is
Greg Boyd zo iemand. Ik heb het boek waar dit van is afgeleid, niet gelezen, maar kan me voorstellen dat het er wel over gaat.