Het politieke links-rechts begrip en het Links-Conservatisme
Geplaatst: 25 sep 2007 05:25
Het Links-Rechts begrip in de politiek is, voor zover ik nu weet, ontstaan in de aanloop naar de Franse Revolutie van 1789, dus in de periode dat de zogeheten 'Verlichting' opgang maakte.
De ploblemen die er waren in Frankrijk probeerde men op te lossen door een vergadering van de zogeheten 'Staten-Generaal' bijeen te roepen.
Dit was een instelling die uit een vroegere periode dateerde en ouder was dan het absolute koningschap in Frankrijk.
Rechts van de koning of zijn vertegenwoordiger, op de plaatsen met de meeste status, zaten traditioneel zijn vrienden en beste steunpilaren: de adel en de godsdienstige leiders.
De vertegenwoordigers van de burgerij zaten op de plaatsen met de mindere status.
Al sinds lange tijd is er een zekere mystificatie aan de gang van de termen links en rechts in de politiek, omdat lang niet alle oplossingen voor problemen op onomstreden wijze in dit links-rechts schema kunnen worden geplaatst.
Ook waren er enkele leden van de adel en de geestelijkheid die sterk door Verlichtings- ideeën beïnvloed waren en burgers die dat helemaal niet waren zodat er verwarring optrad.
De vertegenwoordigers van het traditionele gezag, de vrienden van de Franse koning tijdens het zogeheten Ancien Regime, vonden dat de mensen hun plaats gewezen hadden gekregen door de godheid. De koning was nu eenmaal koning omdat god dat had gewild, hetzelfde gold in die visie voor de meer nederige lagen van de bevolking.
Pogingen om de persoonlijke kwaliteiten van invloed te laten zijn op de maatschappelijke positie en deze niet zozeer van afkomst te laten afhangen, behoren vanouds tot het linkse streven. Dit sluit goed aan op het Verlichtingsdenken.
Lieden die zich op hun afkomst beriepen en hun gezag rechtvaardigen door een geloof in of ingrijpen van bovennatuurlijke machten, worden vanouds met goede redenen tot 'Rechts' gerekend.
[Een vriend van mij publiceerde dit op FilosofieForum@groups.msn.com
en gaf mij toestemming tot deze herhaalde publicatie.]
Mijn idee is nu dat de vrijdenkers vanouds tot deze linksen behoorden.
Typerend voor de hoogste verworvenheden van de cultuur, gezien vanuit deze denkwereld, zijn denkbeelden van mensen als Charles Darwin en Karl Popper.
In de hedendaagse populaire cultuur liggen de theorieën en denkwijzen van Darwin en Popper onder vuur zodat inspanning nodig is om ze onder de aandacht te houden.
Dat is dus een streven naar behoud, dus conservering, van belangrijk cultuurgoed.
Veel mensen weten niet eens meer dat Darwin en Popper vrijdenkers waren, en zelfs de meest belangrijke en succesvolle die er ooit geweest zijn.
Wanneer je de (al dan niet vermeende) kennis van de traditionele (westerse en nietwesterse) culturen, voor zover strijdig met Darwin en Popper, niet gelijkwaardig maar minder juist acht, dan ben je een westerse conservatief. Maar niet eentje van vóór de Franse revolutie uiteraard, Darwins theorie is van 1859, Popper's nog bijna een eeuw jonger.
In Nederland heeft het blad Opinio vaak artikelen in deze trant, al schrijven daar ook wel Christenen in.
Bekende Links-Conservatieven zijn Jaffe Vink die deze term bedacht, Afshin Ellian en Theodore Dalrymple.
De ploblemen die er waren in Frankrijk probeerde men op te lossen door een vergadering van de zogeheten 'Staten-Generaal' bijeen te roepen.
Dit was een instelling die uit een vroegere periode dateerde en ouder was dan het absolute koningschap in Frankrijk.
Rechts van de koning of zijn vertegenwoordiger, op de plaatsen met de meeste status, zaten traditioneel zijn vrienden en beste steunpilaren: de adel en de godsdienstige leiders.
De vertegenwoordigers van de burgerij zaten op de plaatsen met de mindere status.
Al sinds lange tijd is er een zekere mystificatie aan de gang van de termen links en rechts in de politiek, omdat lang niet alle oplossingen voor problemen op onomstreden wijze in dit links-rechts schema kunnen worden geplaatst.
Ook waren er enkele leden van de adel en de geestelijkheid die sterk door Verlichtings- ideeën beïnvloed waren en burgers die dat helemaal niet waren zodat er verwarring optrad.
De vertegenwoordigers van het traditionele gezag, de vrienden van de Franse koning tijdens het zogeheten Ancien Regime, vonden dat de mensen hun plaats gewezen hadden gekregen door de godheid. De koning was nu eenmaal koning omdat god dat had gewild, hetzelfde gold in die visie voor de meer nederige lagen van de bevolking.
Pogingen om de persoonlijke kwaliteiten van invloed te laten zijn op de maatschappelijke positie en deze niet zozeer van afkomst te laten afhangen, behoren vanouds tot het linkse streven. Dit sluit goed aan op het Verlichtingsdenken.
Lieden die zich op hun afkomst beriepen en hun gezag rechtvaardigen door een geloof in of ingrijpen van bovennatuurlijke machten, worden vanouds met goede redenen tot 'Rechts' gerekend.
[Een vriend van mij publiceerde dit op FilosofieForum@groups.msn.com
en gaf mij toestemming tot deze herhaalde publicatie.]
Mijn idee is nu dat de vrijdenkers vanouds tot deze linksen behoorden.
Typerend voor de hoogste verworvenheden van de cultuur, gezien vanuit deze denkwereld, zijn denkbeelden van mensen als Charles Darwin en Karl Popper.
In de hedendaagse populaire cultuur liggen de theorieën en denkwijzen van Darwin en Popper onder vuur zodat inspanning nodig is om ze onder de aandacht te houden.
Dat is dus een streven naar behoud, dus conservering, van belangrijk cultuurgoed.
Veel mensen weten niet eens meer dat Darwin en Popper vrijdenkers waren, en zelfs de meest belangrijke en succesvolle die er ooit geweest zijn.
Wanneer je de (al dan niet vermeende) kennis van de traditionele (westerse en nietwesterse) culturen, voor zover strijdig met Darwin en Popper, niet gelijkwaardig maar minder juist acht, dan ben je een westerse conservatief. Maar niet eentje van vóór de Franse revolutie uiteraard, Darwins theorie is van 1859, Popper's nog bijna een eeuw jonger.
In Nederland heeft het blad Opinio vaak artikelen in deze trant, al schrijven daar ook wel Christenen in.
Bekende Links-Conservatieven zijn Jaffe Vink die deze term bedacht, Afshin Ellian en Theodore Dalrymple.

