the blasphemy challenge
Moderator: Moderators
the blasphemy challenge
Dit vind ik wel een goed initatief:
http://www.blasphemychallenge.com/
Het roept mensen op om de onvergefelijke zonde tegen de heilige geest te plegen. . Nu ben ik te lui om een filmpje te maken dus ik doe het even schriftelijk:
God is de meest kwaadaardige entiteit die genoemd word in de geschiedenis van de mens. De reden hiervoor is dat hij mensen tot in der eeuwigheid martelt in de hel. Een mens is niet in staat tot een misdaad die eindeloze vergelding eist maar god dus wel. Ik betreur het dat Maria geen geen abortus heeft gepleegd op de vrucht van haar schoot. Ik betreur het dat de heilige geest zichzelf uitstortte op pinksteren en zo de meest bloedige sekte ooit als kanker over de wereld verspreidde. En god de Vader? Dat is de enige entiteit waarvoor de hel nog niet erg genoeg is. Dus hierbij ontken en verwerp ik, Marinus , de vader, de zoon en de heilige geest omdat ze walgelijke en kwaadaardige verzinsels zijn die het nog niet waard zijn de voeten van de eveneens fictieve lucifer te kussen.
http://www.blasphemychallenge.com/
Het roept mensen op om de onvergefelijke zonde tegen de heilige geest te plegen. . Nu ben ik te lui om een filmpje te maken dus ik doe het even schriftelijk:
God is de meest kwaadaardige entiteit die genoemd word in de geschiedenis van de mens. De reden hiervoor is dat hij mensen tot in der eeuwigheid martelt in de hel. Een mens is niet in staat tot een misdaad die eindeloze vergelding eist maar god dus wel. Ik betreur het dat Maria geen geen abortus heeft gepleegd op de vrucht van haar schoot. Ik betreur het dat de heilige geest zichzelf uitstortte op pinksteren en zo de meest bloedige sekte ooit als kanker over de wereld verspreidde. En god de Vader? Dat is de enige entiteit waarvoor de hel nog niet erg genoeg is. Dus hierbij ontken en verwerp ik, Marinus , de vader, de zoon en de heilige geest omdat ze walgelijke en kwaadaardige verzinsels zijn die het nog niet waard zijn de voeten van de eveneens fictieve lucifer te kussen.
Laatst gewijzigd door Marinus op 22 sep 2007 22:28, 2 keer totaal gewijzigd.
Jonathan Rauch: (apatheism is) "a disinclination to care all that much about one's own religion and even a stronger disinclination to care about other people's"
-
Theoloog
Het is een beetje een dom initiatief. De makers begrijpen de bijbelpassage niet waar ze zich op beroepen. Waar het daar om gaat is dat de orthodox-religieuze tegenstander van Jezus de wonderen zien (type wonderen dat ze zelf ook proberen te doen, nl. exorcismen), en niet willen erkennen dat wat Jezus doet van God komt.
In plaats daarvan zeggen ze dat het duivelswerk is. Jezus zegt dan: dat je mij aanvalt, daar heb ik niet zo'n moeite mee; maar dat je het werk van God tot duivelswerk verklaart dat is onvergeeflijk.
Het is dus niet zo dat het ontkennen van het bestaan van de Heilige Geest zwaarder zou wegen dan het ontkennen van het bestaan van God, of het ontkennen dat Jezus is verrezen, of de draak steken met de christelijke religie.
In plaats daarvan zeggen ze dat het duivelswerk is. Jezus zegt dan: dat je mij aanvalt, daar heb ik niet zo'n moeite mee; maar dat je het werk van God tot duivelswerk verklaart dat is onvergeeflijk.
Het is dus niet zo dat het ontkennen van het bestaan van de Heilige Geest zwaarder zou wegen dan het ontkennen van het bestaan van God, of het ontkennen dat Jezus is verrezen, of de draak steken met de christelijke religie.
- Rereformed
- Moderator
- Berichten: 15619
- Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
- Locatie: Finland
- Contacteer:
Ik he de tekst wat aangepast.
Ik vind het een zeer goed initiatief voor de VS omdat atheisme daar redelijk onderdrukt wordt. Het is goed dat zoveel atheisten laten zien dat ze bestaan. Ik en er van overtuigd dat het einde van religie een goede zaak ik en dit is een stapje in de goed richting.
Ik vind het een zeer goed initiatief voor de VS omdat atheisme daar redelijk onderdrukt wordt. Het is goed dat zoveel atheisten laten zien dat ze bestaan. Ik en er van overtuigd dat het einde van religie een goede zaak ik en dit is een stapje in de goed richting.
Jonathan Rauch: (apatheism is) "a disinclination to care all that much about one's own religion and even a stronger disinclination to care about other people's"
- collegavanerik
- Superposter
- Berichten: 6347
- Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
- Locatie: Zuid Holland
Zoals de sterfhuizen van Moeder Teresa in Calcutta? Het schijnt dat ze haar nonnen verboden heeft om het leed van de de stervenden te verzachten.Rereformed schreef:Theoloog heeft gelijk.
De onvergeeflijke zonde is iets wat overduidelijk goed is en gedaan wordt uit pure goedheid en liefde, uitmaken voor iets duivels.
Hebr 6: 5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.
-
Theoloog
Nou, Marinus, je zult hier echt veel christenen enthousiast mee maken voor het christendom.
Atheïstme is niet hetzelfde als antitheïsme. In die zin is jouw bijdrage misleidend voor theïsten. Sterker nog, een gelovige zal hierdoor al snel atheïsme met duivelverering verwarren. Dat is gedeeltelijk ook mijn probleem met het initiatief van de Rational Response Squad, dat trouwens alweer dik een half jaar oud is.
Atheïstme is niet hetzelfde als antitheïsme. In die zin is jouw bijdrage misleidend voor theïsten. Sterker nog, een gelovige zal hierdoor al snel atheïsme met duivelverering verwarren. Dat is gedeeltelijk ook mijn probleem met het initiatief van de Rational Response Squad, dat trouwens alweer dik een half jaar oud is.
beste Theoloog.Theoloog schreef:Nou, Marinus, je zult hier echt veel christenen enthousiast mee maken voor het christendom.
Atheïstme is niet hetzelfde als antitheïsme. In die zin is jouw bijdrage misleidend voor theïsten. Sterker nog, een gelovige zal hierdoor al snel atheïsme met duivelverering verwarren. Dat is gedeeltelijk ook mijn probleem met het initiatief van de Rational Response Squad, dat trouwens alweer dik een half jaar oud is.
Een van de basisprincipes van het christendom is de eeuwige straf in de hel. Dit idee is zo moreel verwerpelijk dat het smeekt om tegengas. Iedereen die denkt dat iemand, wie dan ook, de hel verdient heeft een kronkel in zijn kop. Dat mag best gezegt worden dacht ik.
Overigens vind god dat ik een gruwel ben die op wat voor manier dan ook gedood dient te worden (en vervolgens eeuwig geroosterd vermoed ik). Dat het initiatief al dik een half jaar oud is maakt het nog steeds een heel wat moderner initiatief dan die club van de timmerman lijkt me maar dat is mijn visie.
Overigens noem ik lucifer fictief maar als je op de bijbel mag afgaan is het een stuk beeter gezelschap dan de monstrositeit die men God noemt. ik en atheist ja maar je mag me tegenwoordig gerust antitheist noemen hoor.
En denk met weemoed terug aan deze topic van me
http://www.freethinker.nl/forum/viewtopic.php?t=3491
Jonathan Rauch: (apatheism is) "a disinclination to care all that much about one's own religion and even a stronger disinclination to care about other people's"
- Rereformed
- Moderator
- Berichten: 15619
- Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
- Locatie: Finland
- Contacteer:
Wanneer ik probeer om het te zeggen tegen christenen die in de hel geloven doe ik het vaak in de tal die christenen kunnen begrijpen: "Jouw leer van de hel is godslasterlijk, je maakt God tot een duivel."Marinus schreef:beste Theoloog.Theoloog schreef:Nou, Marinus, je zult hier echt veel christenen enthousiast mee maken voor het christendom.
Atheïstme is niet hetzelfde als antitheïsme. In die zin is jouw bijdrage misleidend voor theïsten. Sterker nog, een gelovige zal hierdoor al snel atheïsme met duivelverering verwarren. Dat is gedeeltelijk ook mijn probleem met het initiatief van de Rational Response Squad, dat trouwens alweer dik een half jaar oud is.
Een van de basisprincipes van het christendom is de eeuwige straf in de hel. Dit idee is zo moreel verwerpelijk dat het smeekt om tegengas. Iedereen die denkt dat iemand, wie dan ook, de hel verdient heeft een kronkel in zijn kop. Dat mag best gezegt worden dacht ik.
Helemaal niet, dat was juist het geloof van de Farizeeën die Jezus aanklaagden. Maar Jezus antwoordde hierop dat iemands daden voor zichzelf spreken, en je godslasterend bezig bent wanneer je iemand die goed doet in de naam van 'het ware geloof' beschuldigt en aanvalt. De 'zonde tegen de heilige geest' is juist iets waar 'ware gelovigen' (Farizeeën) zich aan kunnen bezondigen.Overigens vind god dat ik een gruwel ben die op wat voor manier dan ook gedood dient te worden (en vervolgens eeuwig geroosterd vermoed ik).
In dat geval moet je toch overdenken dat 'theïsme' op zich niets zegt over de karaktereigenschappen van die God. Om alles onder de noemer van 'monstrositeit' te zetten is niet erg zinnig. Iedere theïst maakt zijn eigen god. Scheer ze nooit allemaal over dezelfde kam. Pluis altijd eerst uit met wie je praat en wat voor soort theïst de persoon is.Overigens noem ik lucifer fictief maar als je op de bijbel mag afgaan is het een stuk beter gezelschap dan de monstrositeit die men God noemt. ik en atheist ja maar je mag me tegenwoordig gerust antitheist noemen hoor.
Merk je op dat ik nu anders tegen je praat dan toen? Uiteraard doe ik dat bewust. De wereld heeft geen baat bij het driest de kop inslaan van iemand anders. Probeer je gedachten te ontwikkelen zodat ze uitblinken boven wat gelovigen zeggen, zodat het voor hen duidelijk wordt dat er een weg is die duidelijk superieur is aan de oude religieuze. Gooi al je rancune in de prullenmand. Dán heb je wat waardevols in je handen.En denk met weemoed terug aan deze topic van me
http://www.freethinker.nl/forum/viewtopic.php?t=3491
Born OK the first time
- Rereformed
- Moderator
- Berichten: 15619
- Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
- Locatie: Finland
- Contacteer:
Marinus, lees deze tekst eens van Nietzsche. Ik hoop dat je Nietzsches Aldus sprak Zarathoestra daarna uit de bibliotheek haalt
"Men mag vermoeden dat voor een geest waarin het type van de 'vrije geest' eenmaal zijn volmaakte rijping en zoetheid zal bereiken, de beslissende gebeurtenis in een grote vrijmaking heeft bestaan, en dat hij daarvóór des te meer een geketende geest was en voorgoed aan de hoek of zuil gekluisterd scheen. Wat bindt het sterkst? Welke touwen zijn welhaast onbreekbaar? Bij mensen van een hoge, uitgelezen soort zullen het de plichten zijn: die eerbied die de jeugd past, die schroom en kiesheid tegenover al het vanouds vereerde en waardige, die dankbaarheid voor de grond waaruit zij groeiden, voor de hand die hen leidde, voor het heiligdom waarin zij leerden te aanbidden, -het zijn hun hoogste ogenblikken zelf die hen het sterkst zullen binden, het duurzaamst verplichten. De grote vrijmaking komt voor aldus geketenden plotseling, als een aardschok: de jonge ziel wordt eensklaps geschokt, losgescheurd, weggescheurd, zij begrijpt zelf niet wat er gebeurt. Een aandrift en aandrang gebiedt en overmeestert haar als een bevel; een wil en wens wordt wakker om weg te vliegen, waarheen ook, tot elke prijs; een heftige, gevaarlijke nieuwsgierigheid naar een nog niet ontdekte wereld vlamt en flakkert in al haar zinnen. 'Liever sterven dan hier te leven', - zo klinkt de dwingende stem en verleiding: en dit 'hier', dit 'thuis' is alles wat zij tot dan had liefgehad! Een plotselinge schrik en argwaan tegenover de dingen waarvan zij hield, een bliksemschicht van minachting voor wat haar 'plicht' heette, een oproerig, eigenmachtig, vulkanisch schokkend verlangen naar een nomadisch bestaan, vreemde landen, vervreemding, koude ontnuchtering, bevriezing, een haat tegen liefde, misschien een tempelschendende greep en blik achterwaarts, daarheen waar zij tot nu toe aanbad en minde, misschien een gloed van schaamte om wat zij zojuist deed en tegelijk een jubel omdat zij het deed, een dronken, innerlijk, jubelend huiveren waarin zich een triomf verraadt -een triomf? waarover? over wie? een raadselachtige, problematische, twijfelachtige triomf, maar hoe dan ook de eerste triomf: dit soort nare, pijnlijke zaken behoren tot de geschiedenis van de grote vrijmaking. Zij is tegelijkertijd een ziekte, die de mens kan verwoesten, deze eerste uitbarsting van kracht en wil tot zelfbeschikking, tot een zelfstandig vaststellen van waarden, deze wil tot de vrije wil: en hoeveel ziekte komt niet tot uiting in de woeste pogingen en grillen waarmee de bevrijde, de vrijgemaakte zichzelf nu zijn macht over de dingen tracht te bewijzen! Hij doolt wreedaardig rond, met een onbevredigde wellust; voor wat hij buitmaakt moet de gevaarlijke spanning van zijn trots boeten; hij verscheurt wat hem ergert. Met een boosaardige lach draait hij alles om wat zich gesluierd, door de een of andere schroom gespaard, aan hem voordoet: hij beproeft hoe deze dingen eruit zien wanneer men ze omkeert. Er zit iets van willekeur en van genot in wanneer hij hij zijn genegenheid misschien nu dát schenkt, wat dus dusverre in een kwade reuk stond, -wanneer hij nieuwsgierig en uitdagend rondom het verbodene sluipt. Op de achtergrond van zijn doen en dolen -want hij is onrustig en doelloos onderweg als in een woestijn -staat het vraagteken van een steeds gevaarlijker nieuwsgierigheid. 'Kan men niet alle waarden omkeren? En is goed misschien kwaad? en God alleen maar een sluwe uitvinding van de duivel? Is alles in laatste instantie misschien vals? En als we bedrogenen zijn, zijn we dan niet daarom juist ook bedriegers? moeten we niet ook bedriegers zijn?'- zulke gedachten leiden en verleiden hem steeds verder voort, steeds verder weg. De eenzaamheid omgeeft en omsingelt hem steeds dreigender, wurgender, zijn hart steeds meer verscheurend, deze vreselijke godin en geduchte moeder van alle begeerten - maar wie weet tegenwoordig nog wat eenzaamheid is?..
Van deze ziekelijke vereenzaming, de woestijn van deze experimentele jaren, is het nog een lange weg naar die geweldige overvloeiende zekerheid en gezondheid die het zonder de ziekte, als middel en vishaak van de kennis, niet kan stellen, naar de rijpe vrijheid van de geest, die evenzeer zelfbeheersing en tucht van het hart is, en die de toegang tot vele tegenovergestelde denkwijzen mogelijk maakt-, naar die innerlijke overdaad en verwenning van de grote rijkdom, die het gevaar uitsluit dat de geest bijvoorbeeld zelf in zijn eigen wegen vastloopt en verliefd op ze wordt en bedwelmd in een hoekje blijft zitten, naar dat overschot aan plastische, genezende, nabootsende en herstellende krachten, dat nu juist het bewijs is van grote gezondheid, een overschot dat de vrije geest het gevaarlijke voorrecht verleent op proefondervindelijke grondslag te leven en zich aan het avontuur over te geven: het meesterschapsvoorrecht van de vrije geest! Er kunnen lange jaren van genezing tussen liggen, jaren vol bonte, pijnlijk-toverachtige veranderingen, beheest en in toom gehouden door een taaie wil tot gezondheid, die zich vaak al als gezondheid durft te kleden en verkleden. Er zit een tussenstadium in, waaraan een mens met deze lotsbestemming later niet zonder ontroering terugdenkt: een bleek, fijn geluk van licht en zon behoort ertoe, een gevoel van vogel-vrijheid, vogel-uitzicht, vogel-overmoed, een mengeling van nieuwsgierigheid en discrete verachting. Een 'vrije geest' -dit koele woord is in die toestand weldadig, het is bijna verwarmend. Men leeft, niet meer gekluisterd aan liefde en haat, maar zonder ja, zonder nee, uit vrije wil nabij, uit vrije wil veraf, ontglippend waar het wil, uitwijkend wanneer het wil, wegfladderend, weer weg, weer omhoogvliegend; men is verwend, als ieder die ooit eens een immense verscheidenheid onder zich heeft gezien, - en men werd de tegenpool van hen die zich bezorgd maken over dingen waarmee zij niets te maken hebben. Inderdaad, de vrije geest heeft voortaan alleen nog maar te maken met dingen, vele dingen, die hem geen zorg meer baren...
Een stap verder in de genezing: en de vrije geest nadert het leven weer, zij het langzaam, bijna weerspannig, bijna wantrouwig. Het wordt weer warmer om hem heen; gevoel en medegevoel krijgen diepte, allerlei dooiwinden strijken over hem heen. Het is hem bijna te moede alsof hem nu pas de ogen voor het nabije opengaan. Hij is verwonderd en zit stil te denken: waar was hij toch? Deze nabije dingen, zo vlak bij hem: hoezeer veranderd komen ze hem nu voor! Wat een dons, wat een bekoring hebben ze intussen gekregen! Hij kijkt dankbaar terug, - dankbaar voor zijn trektochten, zijn hardheid en zelfvervreemding, zijn vergezichten en vogelvluchten in koude hoogten. Hoe goed is het dat hij niet als een teerhartige duffe baliekluiver altijd veilig 'thuis', altijd 'bij zichzelf' gebleven is! Hij was buiten zichzelf: dat lijdt geen twijfel. Nu ziet hij zichzelf pas-, en voor wat een verrassingen komt hij daarbij niet te staan! Wat een onbeproefde huiveringen! Wat een geluk ook, zelfs in de vermoeidheid, de oude ziekte, het terugvallen van de genezende! Wat bevalt het hem goed, stil te zitten, lijden, geduld te spinnen, in de zon te liggen! Wie is er zo goed vertrouwd met het geluk in de winter, met de zonnevlekken op de muur, als hij! Het zijn de dankbaarste dieren van de wereld, en ook de bescheidenste, deze het leven half toegewende genezenden en hagedissen: -er zijn er onder hen die geen dag laten voorbijgaan zonder een klein loflied aan zijn achternaslepende zoom te hangen. En in ernst gesproken: het is een grondige kuur tegen elk pessimisme (de kanker van de oude idealisten en leugenaars, zoals bekend-) om op de manier van deze vrije geesten ziek te worden, een behoorlijke tijd ziek te blijven en daarna nog langer, nog langer, gezond, dwz 'gezonder', te worden. Er ligt wijsheid in, levenswijsheid, om zichzelf de gezondheid lange tijd slechts in kleine doses voor te schrijven.
Omstreeks die tijd kan het ten slotte gebeuren, onder het plotselinge licht van een nog onstuimige, nog veranderlijke gezondheid, dat zich voor de vrije, steeds vrijere geest het raadsel van die grote vrijmaking begint te ontsluieren, het raadsel dat tot dusverre vaag, dubieus, bijna onaanraakbaar in zijn geheugen had liggen wachten. Lange tijd durfde hij zich bijna niet af te vragen: 'waarom zo afzijdig? zo alleen? zo alles afzwerend wat ik bewonderde? de bewondering zelf afzwerend? waarom deze hardheid?, deze argwaan, deze haat tegen de eigen deugden?' - maar nu waagt en vraagt hij het hardop en hoort al iets van een antwoord. 'Je zou heer en meester over jezelf moeten worden, óók over je eigen deugden. Vroeger waren zíj je gebieders; maar zij mogen slechts jouw werktuig zijn, naast andere werktuigen. Je zou macht over je voor en tegen moeten krijgen en de kunst leren verstaan ze uit en in te schakelen, al naar gelang je hogere doeleinden. Je zou het perspectivische in elke waardeschatting moeten leren begrijpen - de verschuiving, vertekening en schijnbare teleologie van de horizonten en wat allemaal nog meer bij het perspectivische hoort; en ook de domheid met betrekking tot tegenovergestelde waarden en alle intellectuele verliezen waarmee elk voor, elk tegen betaald wordt. Je zou de noodzakelijke onrechtvaardigheid in elk voor en tegen moeten leren begrijpen, de onrechtvaardigheid als iets wat onlosmakelijk bij het leven hoort, het leven zelf als iets wat van het perspectivische en de onrechtvaardigheid afhangt. Je zou vooral onder ogen moeten zien waar de onrechtvaardigheid altijd het grootst is: namelijk daar waar het leven het kleinst, engst, gebrekkigst, rudimentairs ontwikkeld is en toch niet kan nalaten zichzelf als doel en maat van de dingen te zien en ter wille van zijn behoud heimelijk en kleingeestig en voortdurend van het hogere, grotere, rijkere kruimels af te breken en het in twijfel te trekken, -je zou het probleem van de rangorde onder ogen moeten zien, en hoe macht en recht en breedheid van perspectief samen hoog opschieten. Je zou...-genoeg, de vrije geest weet inmiddels welk 'je moet' hij gehoorzaamd heeft, en ook wat hij nu kan, wat hij pas nu -mag...
Zo geeft de vrije geest zichzelf uitsluitsel over dat vrijmakingsmysterie en door zijn geval te veralgemenen eindigt hij er ten slotte mee het volgende oordeel over zijn ervaring te vellen. 'Zoals het mij verging', zegt hij bij zichzelf, 'moet het iedereen vergaan in wie een taak belichaamd wil worden en 'ter wereld' wil komen.' De geheime kracht en noodzakelijkheid van deze taak zullen zich onder en in zijn afzonderlijke lotgevallen doen gelden als een onbewuste zwangerschap, -lang voordat hij zelf de taak in ogenschouw heeft genomen en haar naam kent. Onze bestemming beschikt over ons, ook wanneer wij die nog niet kennen; het is de toekomst die ons heden de wet voorschrijft."
"Men mag vermoeden dat voor een geest waarin het type van de 'vrije geest' eenmaal zijn volmaakte rijping en zoetheid zal bereiken, de beslissende gebeurtenis in een grote vrijmaking heeft bestaan, en dat hij daarvóór des te meer een geketende geest was en voorgoed aan de hoek of zuil gekluisterd scheen. Wat bindt het sterkst? Welke touwen zijn welhaast onbreekbaar? Bij mensen van een hoge, uitgelezen soort zullen het de plichten zijn: die eerbied die de jeugd past, die schroom en kiesheid tegenover al het vanouds vereerde en waardige, die dankbaarheid voor de grond waaruit zij groeiden, voor de hand die hen leidde, voor het heiligdom waarin zij leerden te aanbidden, -het zijn hun hoogste ogenblikken zelf die hen het sterkst zullen binden, het duurzaamst verplichten. De grote vrijmaking komt voor aldus geketenden plotseling, als een aardschok: de jonge ziel wordt eensklaps geschokt, losgescheurd, weggescheurd, zij begrijpt zelf niet wat er gebeurt. Een aandrift en aandrang gebiedt en overmeestert haar als een bevel; een wil en wens wordt wakker om weg te vliegen, waarheen ook, tot elke prijs; een heftige, gevaarlijke nieuwsgierigheid naar een nog niet ontdekte wereld vlamt en flakkert in al haar zinnen. 'Liever sterven dan hier te leven', - zo klinkt de dwingende stem en verleiding: en dit 'hier', dit 'thuis' is alles wat zij tot dan had liefgehad! Een plotselinge schrik en argwaan tegenover de dingen waarvan zij hield, een bliksemschicht van minachting voor wat haar 'plicht' heette, een oproerig, eigenmachtig, vulkanisch schokkend verlangen naar een nomadisch bestaan, vreemde landen, vervreemding, koude ontnuchtering, bevriezing, een haat tegen liefde, misschien een tempelschendende greep en blik achterwaarts, daarheen waar zij tot nu toe aanbad en minde, misschien een gloed van schaamte om wat zij zojuist deed en tegelijk een jubel omdat zij het deed, een dronken, innerlijk, jubelend huiveren waarin zich een triomf verraadt -een triomf? waarover? over wie? een raadselachtige, problematische, twijfelachtige triomf, maar hoe dan ook de eerste triomf: dit soort nare, pijnlijke zaken behoren tot de geschiedenis van de grote vrijmaking. Zij is tegelijkertijd een ziekte, die de mens kan verwoesten, deze eerste uitbarsting van kracht en wil tot zelfbeschikking, tot een zelfstandig vaststellen van waarden, deze wil tot de vrije wil: en hoeveel ziekte komt niet tot uiting in de woeste pogingen en grillen waarmee de bevrijde, de vrijgemaakte zichzelf nu zijn macht over de dingen tracht te bewijzen! Hij doolt wreedaardig rond, met een onbevredigde wellust; voor wat hij buitmaakt moet de gevaarlijke spanning van zijn trots boeten; hij verscheurt wat hem ergert. Met een boosaardige lach draait hij alles om wat zich gesluierd, door de een of andere schroom gespaard, aan hem voordoet: hij beproeft hoe deze dingen eruit zien wanneer men ze omkeert. Er zit iets van willekeur en van genot in wanneer hij hij zijn genegenheid misschien nu dát schenkt, wat dus dusverre in een kwade reuk stond, -wanneer hij nieuwsgierig en uitdagend rondom het verbodene sluipt. Op de achtergrond van zijn doen en dolen -want hij is onrustig en doelloos onderweg als in een woestijn -staat het vraagteken van een steeds gevaarlijker nieuwsgierigheid. 'Kan men niet alle waarden omkeren? En is goed misschien kwaad? en God alleen maar een sluwe uitvinding van de duivel? Is alles in laatste instantie misschien vals? En als we bedrogenen zijn, zijn we dan niet daarom juist ook bedriegers? moeten we niet ook bedriegers zijn?'- zulke gedachten leiden en verleiden hem steeds verder voort, steeds verder weg. De eenzaamheid omgeeft en omsingelt hem steeds dreigender, wurgender, zijn hart steeds meer verscheurend, deze vreselijke godin en geduchte moeder van alle begeerten - maar wie weet tegenwoordig nog wat eenzaamheid is?..
Van deze ziekelijke vereenzaming, de woestijn van deze experimentele jaren, is het nog een lange weg naar die geweldige overvloeiende zekerheid en gezondheid die het zonder de ziekte, als middel en vishaak van de kennis, niet kan stellen, naar de rijpe vrijheid van de geest, die evenzeer zelfbeheersing en tucht van het hart is, en die de toegang tot vele tegenovergestelde denkwijzen mogelijk maakt-, naar die innerlijke overdaad en verwenning van de grote rijkdom, die het gevaar uitsluit dat de geest bijvoorbeeld zelf in zijn eigen wegen vastloopt en verliefd op ze wordt en bedwelmd in een hoekje blijft zitten, naar dat overschot aan plastische, genezende, nabootsende en herstellende krachten, dat nu juist het bewijs is van grote gezondheid, een overschot dat de vrije geest het gevaarlijke voorrecht verleent op proefondervindelijke grondslag te leven en zich aan het avontuur over te geven: het meesterschapsvoorrecht van de vrije geest! Er kunnen lange jaren van genezing tussen liggen, jaren vol bonte, pijnlijk-toverachtige veranderingen, beheest en in toom gehouden door een taaie wil tot gezondheid, die zich vaak al als gezondheid durft te kleden en verkleden. Er zit een tussenstadium in, waaraan een mens met deze lotsbestemming later niet zonder ontroering terugdenkt: een bleek, fijn geluk van licht en zon behoort ertoe, een gevoel van vogel-vrijheid, vogel-uitzicht, vogel-overmoed, een mengeling van nieuwsgierigheid en discrete verachting. Een 'vrije geest' -dit koele woord is in die toestand weldadig, het is bijna verwarmend. Men leeft, niet meer gekluisterd aan liefde en haat, maar zonder ja, zonder nee, uit vrije wil nabij, uit vrije wil veraf, ontglippend waar het wil, uitwijkend wanneer het wil, wegfladderend, weer weg, weer omhoogvliegend; men is verwend, als ieder die ooit eens een immense verscheidenheid onder zich heeft gezien, - en men werd de tegenpool van hen die zich bezorgd maken over dingen waarmee zij niets te maken hebben. Inderdaad, de vrije geest heeft voortaan alleen nog maar te maken met dingen, vele dingen, die hem geen zorg meer baren...
Een stap verder in de genezing: en de vrije geest nadert het leven weer, zij het langzaam, bijna weerspannig, bijna wantrouwig. Het wordt weer warmer om hem heen; gevoel en medegevoel krijgen diepte, allerlei dooiwinden strijken over hem heen. Het is hem bijna te moede alsof hem nu pas de ogen voor het nabije opengaan. Hij is verwonderd en zit stil te denken: waar was hij toch? Deze nabije dingen, zo vlak bij hem: hoezeer veranderd komen ze hem nu voor! Wat een dons, wat een bekoring hebben ze intussen gekregen! Hij kijkt dankbaar terug, - dankbaar voor zijn trektochten, zijn hardheid en zelfvervreemding, zijn vergezichten en vogelvluchten in koude hoogten. Hoe goed is het dat hij niet als een teerhartige duffe baliekluiver altijd veilig 'thuis', altijd 'bij zichzelf' gebleven is! Hij was buiten zichzelf: dat lijdt geen twijfel. Nu ziet hij zichzelf pas-, en voor wat een verrassingen komt hij daarbij niet te staan! Wat een onbeproefde huiveringen! Wat een geluk ook, zelfs in de vermoeidheid, de oude ziekte, het terugvallen van de genezende! Wat bevalt het hem goed, stil te zitten, lijden, geduld te spinnen, in de zon te liggen! Wie is er zo goed vertrouwd met het geluk in de winter, met de zonnevlekken op de muur, als hij! Het zijn de dankbaarste dieren van de wereld, en ook de bescheidenste, deze het leven half toegewende genezenden en hagedissen: -er zijn er onder hen die geen dag laten voorbijgaan zonder een klein loflied aan zijn achternaslepende zoom te hangen. En in ernst gesproken: het is een grondige kuur tegen elk pessimisme (de kanker van de oude idealisten en leugenaars, zoals bekend-) om op de manier van deze vrije geesten ziek te worden, een behoorlijke tijd ziek te blijven en daarna nog langer, nog langer, gezond, dwz 'gezonder', te worden. Er ligt wijsheid in, levenswijsheid, om zichzelf de gezondheid lange tijd slechts in kleine doses voor te schrijven.
Omstreeks die tijd kan het ten slotte gebeuren, onder het plotselinge licht van een nog onstuimige, nog veranderlijke gezondheid, dat zich voor de vrije, steeds vrijere geest het raadsel van die grote vrijmaking begint te ontsluieren, het raadsel dat tot dusverre vaag, dubieus, bijna onaanraakbaar in zijn geheugen had liggen wachten. Lange tijd durfde hij zich bijna niet af te vragen: 'waarom zo afzijdig? zo alleen? zo alles afzwerend wat ik bewonderde? de bewondering zelf afzwerend? waarom deze hardheid?, deze argwaan, deze haat tegen de eigen deugden?' - maar nu waagt en vraagt hij het hardop en hoort al iets van een antwoord. 'Je zou heer en meester over jezelf moeten worden, óók over je eigen deugden. Vroeger waren zíj je gebieders; maar zij mogen slechts jouw werktuig zijn, naast andere werktuigen. Je zou macht over je voor en tegen moeten krijgen en de kunst leren verstaan ze uit en in te schakelen, al naar gelang je hogere doeleinden. Je zou het perspectivische in elke waardeschatting moeten leren begrijpen - de verschuiving, vertekening en schijnbare teleologie van de horizonten en wat allemaal nog meer bij het perspectivische hoort; en ook de domheid met betrekking tot tegenovergestelde waarden en alle intellectuele verliezen waarmee elk voor, elk tegen betaald wordt. Je zou de noodzakelijke onrechtvaardigheid in elk voor en tegen moeten leren begrijpen, de onrechtvaardigheid als iets wat onlosmakelijk bij het leven hoort, het leven zelf als iets wat van het perspectivische en de onrechtvaardigheid afhangt. Je zou vooral onder ogen moeten zien waar de onrechtvaardigheid altijd het grootst is: namelijk daar waar het leven het kleinst, engst, gebrekkigst, rudimentairs ontwikkeld is en toch niet kan nalaten zichzelf als doel en maat van de dingen te zien en ter wille van zijn behoud heimelijk en kleingeestig en voortdurend van het hogere, grotere, rijkere kruimels af te breken en het in twijfel te trekken, -je zou het probleem van de rangorde onder ogen moeten zien, en hoe macht en recht en breedheid van perspectief samen hoog opschieten. Je zou...-genoeg, de vrije geest weet inmiddels welk 'je moet' hij gehoorzaamd heeft, en ook wat hij nu kan, wat hij pas nu -mag...
Zo geeft de vrije geest zichzelf uitsluitsel over dat vrijmakingsmysterie en door zijn geval te veralgemenen eindigt hij er ten slotte mee het volgende oordeel over zijn ervaring te vellen. 'Zoals het mij verging', zegt hij bij zichzelf, 'moet het iedereen vergaan in wie een taak belichaamd wil worden en 'ter wereld' wil komen.' De geheime kracht en noodzakelijkheid van deze taak zullen zich onder en in zijn afzonderlijke lotgevallen doen gelden als een onbewuste zwangerschap, -lang voordat hij zelf de taak in ogenschouw heeft genomen en haar naam kent. Onze bestemming beschikt over ons, ook wanneer wij die nog niet kennen; het is de toekomst die ons heden de wet voorschrijft."
Born OK the first time
@ Rereformed
Je hebt wel gelijk. De wereld zit niet echt te wachten op rabiate, beeldenstormende atheisten. Ik zal mijn voorgaande posts niet veranderen omdat de discussie daar warrig van zou worden, maar ik kan zeker mijn eerste post wel nuanceren.
Die is het product van "bekeerlingenenenthousiasme" en is wat te fel. Het is ook pijnlijk duidelijk dat dit wat meer op persoonlijke titel is dan een algemeen goed doordacht stukje. Het is een beetje nodeloos trappen tegen het geloof van mijn voorouders denk ik. Ik vermoedt dat het tzt wel zal afzwakken en plaats zal maken voor een meer genuanceerd beeld.
Het veralgemeniseerd het christendom ook te veel al is het alleen maar omdat een aanzienlijk deel van de christenen en andere theisten niet in de hel geloofd. Alverzoening en dergelijke. Ik ben wel mild antitheistisch maar in de zin dat ik geloof nutteloos en mogelijk schadelijk vind. Ik ben het meer eens met de volgende quote van een Dalai Lama dan bovenstaande enigzins kwaad ingetikte posts
Marinus
PS je stuk van nietsche lees ik later.
Je hebt wel gelijk. De wereld zit niet echt te wachten op rabiate, beeldenstormende atheisten. Ik zal mijn voorgaande posts niet veranderen omdat de discussie daar warrig van zou worden, maar ik kan zeker mijn eerste post wel nuanceren.
Die is het product van "bekeerlingenenenthousiasme" en is wat te fel. Het is ook pijnlijk duidelijk dat dit wat meer op persoonlijke titel is dan een algemeen goed doordacht stukje. Het is een beetje nodeloos trappen tegen het geloof van mijn voorouders denk ik. Ik vermoedt dat het tzt wel zal afzwakken en plaats zal maken voor een meer genuanceerd beeld.
Het veralgemeniseerd het christendom ook te veel al is het alleen maar omdat een aanzienlijk deel van de christenen en andere theisten niet in de hel geloofd. Alverzoening en dergelijke. Ik ben wel mild antitheistisch maar in de zin dat ik geloof nutteloos en mogelijk schadelijk vind. Ik ben het meer eens met de volgende quote van een Dalai Lama dan bovenstaande enigzins kwaad ingetikte posts
Hum dat wilde ik even kwijtI am convinced that everyone can develop a good heart and a sense of universal responsibility with or without religion.
Marinus
PS je stuk van nietsche lees ik later.
Jonathan Rauch: (apatheism is) "a disinclination to care all that much about one's own religion and even a stronger disinclination to care about other people's"
- Rereformed
- Moderator
- Berichten: 15619
- Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
- Locatie: Finland
- Contacteer:
Het is iig geen geschikte lectuur voor een brakke zondagmorgen las ik alRereformed schreef:Voor Nietzsche moet je altijd lang en breed gaan zitten, en hem tenminste twee keer lezen. De zinnen zijn 19e eeuws lang, maar boordevol betekenis en gedachten om te overdenken.Marinus schreef:
PS je stuk van nietsche lees ik later.
Jonathan Rauch: (apatheism is) "a disinclination to care all that much about one's own religion and even a stronger disinclination to care about other people's"
- The Prophet
- Bevlogen
- Berichten: 2870
- Lid geworden op: 09 mei 2007 14:24
- Contacteer: