Geen enkel beeld - SH Troelstra

Geef hier je mening over boeken die je hebt gelezen.

Moderator: Moderators

Plaats reactie
Gebruikersavatar
collegavanerik
Superposter
Berichten: 6345
Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
Locatie: Zuid Holland

Geen enkel beeld - SH Troelstra

Bericht door collegavanerik » 21 apr 2007 00:37

Dit boek analyseert de Mystieke weg van Johannes van het Kruis om tot een zuiver transcendente god te komen.

TROELSTRA S.H., Geen enkel beeld - mystieke weg, deprojectie en individuatie bij San Juan de la Cruz, Assen/Amsterdam, Van Gorcum, 1977, [vii +] 199pp., ISBN 90 232 1460 9

Achterflaptekst
De belangstelling die tegenwoordig aan de dag wordt gelegd voor het verschijnsel mystiek heeft de auteur van dit boek ertoe gebracht dieper in te gaan op de mystieke weg zoals die vanuit het christendom wordt gegaan. De zestiende-eeuwse Spaanse kerkleraar en mysticus San Juan de la Cruz heeft in zijn traktaten "Bestijging van de Berg Karmel" en "Donkere Nacht" op uitvoerige wijze beschreven hoe de mens deze weg zou kunnen gaan. Tegen de achtergrond van inzichten van Sierksma en Jung heeft mevrouw Troelstra deze traktaten als uitgangspunt genomen voor dit boek.
In beide werken beschrijft San Juan de weg van de mens naar de vereniging met God. In het eerste geschrift geeft hij weer, wat de mens die de vereniging zoekt in de "nacht van de zintuiglijkheid" te doen staat: door eigen inspanning zich actief onthechten aan de zintuiglijkheid. Dit laatste houdt in: het niet langer steunen op informatie van natuurlijke waarneming, kennis en intelligentie. Want met deze gehechtheden tracht de mens -om een term van Jung te gebruiken -een indrukwekkende Persona op te bouwen; die nauwelijks plaats laat voor genegenheid tot God. Deze actieve onthechting betekent voor San Juan het begin van het zoeken naar andere waarden.
Op de actieve nacht van de zintuigelijkheid volgt de "actieve nacht van de geest", waarin -met de woorden van San Juan -"het verstand volmaakt moet worden in de duisternis van het geloof, het geheugen in de leegte van de hoop, en de wil in de liefde". Psychologisch is dit te vergelijken met de confrontatie met de Schaduw, de Anima en de Wijze Man, welke nodig is om tot innerlijke vrijheid te kunnen komen en aan het ingeschapen oerbeeld van mens-zijn te kunnen beantwoorden, d.w.z. het bereiken van het Zelf. Het proces van actieve onthechting verloopt tegengesteld aan de door Sierksma geschetste ontwikkeling van de objectieve menselijke waarneming, en kan worden beschouwd a's een bewust nagestreefde rijping in de richting van het ongescheidenheidsbeleven.
De totale onthechting volgt echter pas in de passieve nacht van de zintuiglijkheid en de passieve nacht van de geest en zal, aldus San Juan, door God zelf bewerkt moeten worden.
Door de mystieke weg, zoals San Juan de la Cruz deze beschrijft, te vergelijken met de deprojectie (in de zin van Sierksma) en de individuatie (in de zin van Jung), heeft de auteur van "Geen enkel beeld" een wezenlijk onderdeel van de religieuze ervaring willen verduidelijken. Daarbij richt zij zich niet alleen tot geestelijken en psychologen, maar in het algemeen ook tot lezers met belangstelling voor zowel psychologie als mystiek.
Afbeelding Hebr 6:
5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.

Gebruikersavatar
collegavanerik
Superposter
Berichten: 6345
Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
Locatie: Zuid Holland

Bericht door collegavanerik » 21 apr 2007 01:13

SAMENVATTING

In deze tijd met zijn belangstelling voor mystiek en al dan niet echte mystieke ervaringen, lijkt het gerechtvaardigd zich opnieuw bezig te houden met de mystieke weg, zoals die uit het christendom ons bereikt. Deze via mystica is uitvoerig beschreven, o.a. door San Juan de la Cruz in 'Bestijging van de berg Karmel' en 'Donkere Nacht'. Beide traktaten zijn het uitgangspunt van deze studie, welke tracht een grote lijn hieruit te belichten, vooral gezien tegen de achtergrond van inzichten van Sierksma en Jung.

Het is een grondtrek van ons menselijk bestaan, dat de mens in relatie treedt m~t de dingen om hem heen. Een voorwaarde hiervoor is de waarneming van het wat of wie, waarmee de relatie aangegaan wordt. De waarneming blijkt een selectief proces te zijn, afhankelijk van de aard, de capaciteit en het aantal der waarnemende zintuigen. De grens, hierdoor aan de waarneming gesteld, is voor iedere diersoort anders, maar in grote trekken voor individuen van een soort gelijk. Individuele verschillen vloeien voor een deel voort uit verschil in oefening van bepaalde zintuigen, en verder uit de affectieve toestand, dat is het gevoelen en de stemming van het waarnemende subject op, het moment van de waarneming. Tenslotte heeft de mens de mogelijkheid tot reflectie: hij kan zich een waarneming bewust maken. Opgaand in die waarneming ziet hij zichzelf tegelijkertijd als waarnemer staan, in relatie tot buiten- en binnenwereld. Het is deze excentriciteit van het Ik, die de mens dwingt niet alleen een in het hier en nu opgaand subject te zijn, maar tevens zichzelf te zien als een object onder vele andere objecten in zijn fysische en culturele buitenwereld, en in zijn gebondenheid aan bepaalde psychologische wetmatigheden. De excentrische positie doet de mens inzien, dat geen enkele waarneming geheel objectief kan zijn, dat hij nooit zal weten hoe een voorwerp ‘in werkelijkheid’ is. De mens beseft zijn onmacht. ..en door subjectieve aanvullingen en afrondingen probeert hij het aan de objectieve waarneming ontbrekende toe te voegen, zodat hij de werkelijkheid weer onder controle krijgt. Voor deze subjectieve component in onze waarnemingsactiviteit reserveert Sierksma het begrip projectie. Gedurende een mensenleven verandert de projectie van karakter: gaande van de ene pool van het volmaakte ongescheidenheidsbeleven naar de andere (onbereikbare) pool van de absolute objectivering in de excentrische
positie, kan gezegd worden, dat de mens als zuigeling uitsluitend subjectiverend waarneemt en als volwassene in hoge mate objectief waarneemt, maar ook dan is deze objectieve waarneming nog altijd gemengd met enige subjectiviteit, al is deze subjectiviteit een andere dan die van de pasgeborene. De subjectivering, de projectie in de waarneming van een volwassene vertoont veel variatiemogelijkheden. Individuele verschillen zijn gegeven in de individueel doorgemaakte jeugdgeschiedenis en persoonlijk ondergane stoornissen in het altijd labiele excentrische evenwicht; collectieve verschillen ontstaan als de mens in zijn cultuur antwoord zoekt op een door de hele groep ervaren dreiging uit de buitenwereld of onzekerheid in de binnenwereld. Immers de betekenis van de projectie ligt in het scheppen van een evenwicht tussen mens en natuur, onafhankelijk of hij die in de buiten-, dan we! in de binnenwereld ontmoet. Projectie is een verdedigingsmechanisme tegen het onbekende.
Door de projectie terug te voeren tot de subjectiverende component in iedere waarneming is het Sierksma gelukt de in de literatuur onderscheiden waarnemingsprojectie (met slechts oppervlakkige identificatie en behouden subject-objectsplitsing) en libidoprojectie (met diepe identificatie en het weer optreden van het ongescheidenheidsbeleven) tot een verschijnsel terug te brengen, mits men bedenkt, dat de subjectiviteit van de mens, gaande van de ongescheidenheidsbeleving naar een zo maximaal mogelijk gerealiseerde excentrische positie, en eventueel naar vroegere stadia van psychische organisatie regrediërend, telkens een andere is.
De objectieve waarneming en de veel subjectievere voorstelling gaan terug op een eerdere, ongedifferentieerde eenheid: het (optische) Anschauungsbild. Bij jonge kinderen is het vermogen om deze eidetische beelden te vormen nog aanwezig. Op grond van deze eigenschap, die bij sommige volwassenen behouden is gebleven, werkt Jaensch een typologie uit. Het blijkt, dat volwassen 'eidetici', bij wie de eidetische beelden nauw verwant zijn aan hun voorstellingsleven, harmonischer persoonlijkheden met een innige wederzijdse subject-objectbeinvloeding zijn dan zij, bij wie dit niet het geval is. Men zou kunnen zeggen: zij zijn minder losgeraakt van de vroegere ongescheidenheidsbeleving.
Al de genoemde facetten van de waarneming spelen een rol bij het tot stand komen en beleven van de subject-objectrelatie, ook als dit object ...God is. De moeilijkheid bij de relatie van de mens tot God is, dat over God, wetenschappelijk gesproken, niets bekend is. De mens staat tegenover een 'ineffabile' , een mysterium numinosum, een Onbekende, en niets is zo geschikt als juist deze situatie, waarin de mens met het onbekende geconfronteerd wordt en waarmee hij geen raad weet, om hem tot projecteren te brengen: de religieuze projectie. Er wordt een godsbeeld geschapen, met geen ander doe! dan het veroveren van stabiliteit. Met name enkelen in een maatschappij, die zelf de religieuze ervaring kennen, blijven beseffen dat het slechts een subjectieve weergave, een projectie is. Deze vaststelling is al een vorm van deprojectie, evenals het ene godsbeeld vervangen door een ander, of de verklaring, dat ook God sterven kan. Of het inzicht, dat geen enkele waardering van God positief genoeg is, wat er toe leidt Hem alleen nog maar te omschrijven met wat Hij niet is. De vraag, die hier onmiddellijk uit voortvloeit, luidt: 'is het mogelijk als mens de relatie met God te ervaren, als men door reflectie en zelfkritiek op een punt gekomen is, waar de willekeur van elke godsvoorstelling doorzien wordt als een projectieve bijdrage van de mens zelf? Is er nog wel sprake van een relatie, wanneer het object in die relatie geen gestalte meer heeft' ?
De relatie van de mens tot God krijgt gestalte in de religie: volgens de ene auteur een innerlijke behoefte, volgens de andere een apart werkelijkheidsgebied, en volgens weer een andere een krampachtige poging de menselijke ontoereikendheid op te heffen. Het in relatie treden met de of het Andere wordt niet altijd genoemd. Juist dit relatiekarakter speelt in de joodse traditie, in christendom en islam zo'n belangrijke rol. Religie is een veel wijder begrip dan geloof. Het wordt zelfs wel daar gebruikt, waar slechts een vaag besef leeft 'dat er iets is'. Ook de mystiek, voor zover het de mystieke weg betreft, moet tot de religie gerekend worden.
Religie en geloof zijn voorbeelden van zwaartepuntsbegrippen, met een duidelijke betekeniskern, waaromheen een veel vagere sfeer van meer verwijderde betekenissen hangt. In deze studie is uitgegaan van het begrip religie met als betekeniskern de 'relatie met het of de Absolute'. Een van de expressies van religie is het geloof, waarin als kernen onderscheiden zijn de geloofsinhoud en de geloofshouding, die tezamen of ieder apart iemands geloof bepalen. De geloofshouding maakt een ontwikkeling door gedurende het leven. Deze groei in de geloofshouding wordt in de traktaten 'Bestijging van de berg Karmel' en 'Donkere Nacht' van San Juan de la Cruz beschreven.

Primair in iedere godsdienst is de religieuze ervaring, die via de religieuze overtuiging aanleiding geeft tot een zekere voorstellingsvorming. Omgekeerd zullen deze voorstellingen (en ook projecties) doorzien moeten worden als men tot de kern van de religieuze ervaring wil doordringen.
Als grondmotief in een religie vond Van Baal het streven naar gemeenschap met een andere werkelijkheid. Als object staat de mens in een onverbrekelijke relatie tot de wereld en tot de totaliteit van de menselijke samenleving, als subject wil hij vrij over deze kunnen beschikken. Dit laatste kan er toe leiden, dat de eenheid tussen mens en wereld doorbroken wordt, hetgeen op zijn beurt leidt tot vervreemding en een vragen naar de zin van het bestaan. De zin van het leven ligt in deze verbondenheid van mens en wereld, in de wijze waarop de mens als subject zijn object-zijn tracht te realiseren. Dit verlangen naar deel zijn drijft de mens tot gemeenschap met die andere werkelijkheid, waarin de dagelijkse realiteit besloten ligt en waarin het mogelijk is in deze in zinvolle verbondenheid te bestaan.
Het bestaan van de mens wordt bepaald door de belevenissen, die het gevolg zijn van de dubbele rol zowel subject als object te zijn. De inhoud van deze belevingen is afhankelijk van de persoonlijkheidsstructuur van de mens en het lot in de ruimste tin van het woord. Elke beleving heeft een waarde voor de belevende mens; is de subjectieve waardebeleving betrokken op het totaalbeleven van de mens, dan is dit een ervaring met een religieus karakter. In de religie is God het 'objectieve' principe, het voorwerp van de hoogste! persoonlijke waarde-ervaring .
Wanneer nu de zin van het leven gezien wordt in de wijze, waarop de mens als vrij handelend subject zijn object-zijn in deze wereld tracht te realiseren, en als de zin van ieder gebeuren ligt in de waarde, die dit voor de deelwordende mens heeft, dan is het duidelijk, dat de kern van de religiositeit gelegen is in het zoeken naar de hoogste waarde, naar God. Het is 'the state of being ultimately concerned'. Mensen, voor wie de religieuze ervaring de meest centrale is in het leven, zijn de mystici. Ze zijn te typeren als immanente (met een positieve verhouding tussen de als hoogste beleefde waarde en de totaliteit van het leven) en transcendente (met een negatieve verhouding tussen de hoogste waarde en de totaliteit van het leven) mystici, terwijl de dualistisch religieuze naturen een mengvorm zijn (het superlatieve type mystiek) .Ook wordt wel identiteitsmystiek tegenover gemeenschapsmystiek gesteld, of worden natuurmystici, gevoelsmystici en contemplatieve mystici naast elkaar genoemd.
In de christelijke mystiek staat de scheppingsgedachte centraal: er is een niet te overbruggen kloof tussen Schepper en schepsel, welke echte identiteitsmystiek uitsluit. Binnen de christelijke mystiek zijn er weer nuances. Zijnsmystiek (oneindigheids- of ontologische mystiek) is gericht op vereniging met het geheel, het ongeschapen zijn (met als ontsporingen deïficatie en pantheïsme). Christusmystiek zoekt gemeenschap met Christus, wil deel hebben aan zijn lijden en sterven. Geest mystiek bidt de Heilige Geest om verlossing van de eigen veelvuldigheid om zo tot een geïntegreerde persoonlijkheid te worden. De term unio personalis (alleen geldig voor Christus, die God is) wordt wel gebruikt naast.het woord unio mystica om elke schijn van deïficatie te vermijden (Van Ruler).
Zaehner, zich afvragend of een religieuze ervaring gelijk te stellen is aan een. mystieke ervaring, en of het begrip mystieke ervaring eenduidig is, komt er toe natuurmystiek te onderscheiden van spirituele mystiek. De natuurmystieke ervaring (pan-en-henic experience) heeft met God weinig te maken; deze kan aanleiding zijn tot integratie van de persoonlijkheid, met de positieve en negatieve inflatie van Jung als mogelijke ontsporingen. Integratie is een noodzakelijke voorwaarde voor religieuze of spirituele mystiek. Het Zelf, dit eeuwige substraat in de mens, moet losgemaakt worden uit alle psychofysische bindingen: isolatie van de eeuwige ziel in het buddhisme. Of: de individuele ziel is gelijk aan de absolute Brahman -de enige realiteit in het hinduisme. Dit laatste is monisme in zijn zuiverste vorm; hoewel het quietisme deze ledigheid als grootste deugd beschouwd, is het voor het theisme in het algemeen toch slechts het einde van de via purgativa. Immers, theisme houdt in liefde tot God, met uitsluiting van al het andere, en. ..dit laatste kan de theistische mysticus zonder Gods hulp nooit bereiken. Er is een relatie. De kloof tussen monisme en theisme ligt uiteindelijk in het antwoord, dat van de persoonlijke ervaring uit gegeven wordt op de vraag of God al dan niet bestaat. Een ervaring, die nooit in z'n geheel weergegeven kan worden, waar altijd dingen ongezegd blijven en die daarom alleen in symbolen uitgedrukt kan worden. Deze brengen een concept over, maar ze zijn nooit de enig mogelijke of uitsluitende vormgeving. Als concept werken ze ordenend en verhelderend, maar het zijn beperkte weergaven van de oorspronkelijke ervaring. Wanneer een symbool gebruik maakt van de taal, wordt al te licht vergeten, dat volledigheid onmogelijk is: de inhoud wordt letterlijk geanalyseerd, als betrof het een vorm van discursief denken en. ..de discrepantie tussen symbolische weergave en harde feitelijkheid wordt gezien. Hier ligt de wortel van het conflict tussen religie en wetenschap, de oorzaak van geloof en twijfel.
De in de tweede helft van de 16e eeuw in Spanje levende San Juan de la Cruz beschrijft op ± 40-jarige leeftijd aan de hand van het gedicht 'Donkere Nacht' in twee traktaten de via mystica, de weg van de mens naar de vereniging met God.
A. In het eerste, de' Bestijging van de berg Karmel', wordt de actieve nacht van de zintuiglijkheid en van de geest behandeld, die de mens noodzakelijkerwijs door moet op weg naar deze vereniging. Het is een eerste stap, die de mens zetten kan door zich persoonlijk actief in te spannen. De mens moet zich onthechten aan zijn zintuiglijkheid: zonder hulp van natuurlijke waarneming, kennis en intelligentie blijft hem geen enkele zekerheid, weet hij niet langer hoe en waaraan zich te oriënteren, en moet hij toegeven, dat ook het doel waarop hij zich richt -God -onbekend is. Bij God vergeleken zijn alle dingen van de aarde en van de hemel niets. Het zijn gehechtheden, waarmee een mens een indrukwekkende Persona probeert op te bouwen. In werkelijkheid laten ze in de ziel geen plaats voor de genegenheid tot God en vermoeien en verduisteren ze haar. Deze zintuiglijke verlangens zijn kwijt te raken door de inspanning te richten op alles, .wat aan deze verlangens tegengesteld is en hieraan de wil te onderwerpen. In de mantel van de Persona gehuld treedt iemand de wereld tegemoet: de voorwaarde om zich met succes in maatschappij en wereld te kunnen handhaven. Deze aanpassing lukt het best met de psychische hoofdfunctie, maar zelfs ook in dat geval geldt dat de niet gebruikte functies geweld aangedaan wordt en dat er spanningen optreden, omdat de eigen individualiteit verkommert. De Persona doorzien betekent voor Juan de la Cruz óók een zich losmaken van de waarden, die door de buitenwereld aan de mens opgedrongen worden. Het is een keuze: of toch weer terug naar het zintuiglijk belangrijke, of zoeken naar een andere, geheel nieuwe waarde. Dat laatste vraagt in het tweede deel van de nacht binnen te gaan: de actieve nacht van de geest, nog donkerder dan de actieve nacht voor de zintuigen, toen het verstand en de rede nog niet verblind waren. Nu wordt ook dit niveau van zijn licht beroofd (juister: door het goddelijke licht verblind) .Het is 'het binnentreden van wat geen wijze heeft, namelijk God', waarvan de mens alleen de naam kent, maar niet de vorm of voorstelling ervan. Op deze weg zijn drie dingen nodig:
1. Het verstand moet volmaakt worden in de duisternis van het geloof -immers het geloof bewerkt met betrekking tot het begrijpen leegte en duisternis in het verstand. Niet langer steunen op wat begrepen, gesmaakt, gevoeld en verbeeld wordt, of het nu wel of niet via de lichamelijke zintuigen verkregen kennis is en of deze nu langs natuurlijke dan wel bovennatuurlijke weg het verstand bereikte. De ziel moet zich blindelings van dit alles ontdoen. Door slechte waarnemingen, beelden, visioenen, openbaringen, inspraken en geestelijke gewaarwordingen af te wijzen, wordt ze verlost van de listigheden van de duivel; en door de goede af te wijzen is ze bevrijd van een hinderpaal voor het geloof. De geest plukt er toch wel de vruchten van. Na de ontmoeting met de Persona gaan de ogen open voor het ongedifferentieerde en niet-ontwikkelde in de persoonlijkheid: de Schaduw. Afstand doen van verstand en denken mag niet worden tot een doorslaan naar voelen en emotie: Juan wil blijven op de middenweg van het geloof. Het betekent ook de rol van de duivel, de invloed van het kwade beter doorzien. Het is tevens een al zichtbaar worden van de Anima: het archetype voor het complementair geslachtelijke deel van de psyche. Is niet alles, wat het verstand langs bovennatuurlijke weg bereikt -verschijningen, verbeeldingen, visioenen en openbaringen -, iets om trots op te zijn, een gunst van God? Ook hier zoekt Juan naar een evenwicht, naar een midden tussen de bewuste, introverte houding van geleerde en denker enerzijds, en een onbewust verlangen naar waardering en. hoogachting van de buitenwereld vanwege deze bijzondere gunsten anderzijds. Ze moeten ontvlucht worden. Slechts door te verkeren in een toestand van eenzaamheid en liefdevolle aandacht voor God, zonder enige bijzondere overweging, in innerlijke vrede, komt de ziel tot dat geestelijk inzicht, dat confuus, duister en algemeen is. San Juan de la Cruz wil zeggen: het is niet de waarneming, niet het begrijpen, niet het visioen en niet de openbaring, het is veel meer dan deze. Door alle vermogens, ontdaan van hun normale bezigheden en inhouden, uitsluitend te richten op God kan hij komen tot zó'n alomvattend inzicht. ..dat het niet weer te geven is en duister lijkt. Wie zich laat confronteren met het collectieve onbewuste ervaart niet verstrikt te raken in een afgekapselde, individuele beslotenheid, maar op te gaan in een wereldopen object-zijn.
2. Het geheugen moet volmaakt worden in de leegte van de hoop, door elke inhoud aan herinneringen aan natuurlijke, bovennatuurlijke en geestelijke mededelingen op te geven. Door zich los te maken van alle vormen, die niet God rijn, kan de ziel komen 'tot de meest verheven houding van hoop op de onomvattelijke God' en wordt ze bevrijd van verwarring en belemmering. Voor Juan is dit het verder bezig zijn met de Animafiguur: de realiteit verbiedt hem te vluchten in een fantasiewereld vol zoete herinneringen, maar dringt hem tot open en passieve ontvankelijkheid, zonder iets te denken of te voelen, om er zeker van te zijn God te kunnen ontvangen.
3. De wit moet volmaakt worden in die liefde, die in de wil een leegte en ontbloting veroorzaakt met betrekking tot elk affect voor en alle genieten van wat niet God is. De wil moet gezuiverd worden van alle ongeregelde verlangens, die de elkaar beïnvloedende vier passies vreugde, hoop, droefheid en vrees in haar teweeg brengen. Alleen vreugde in wat dient tot glorie en eer van God -dus niet in tijdelijke, natuurlijke, zinnelijke, morele, bovennatuurlijke en geestelijke goederen. Dit stompt de geest af ten aanzien van God en tenslotte vergeet men Hem. Men wordt ijdel en hoogmoedig, en maakt geen voortgang op de weg naar de vereniging, als men blijft hangen aan het geschapene. In het individuatieproces zijn de Persona en de Schaduw doorzien, is het heterogeslachtelijke in de eigen psyche bewust geworden in de ontmoeting met de Anima en wordt innerlijke vrijheid bereikt. Onafhankelijk van eigen drijfveren en motieven, onbevreesd voor de medemens en voor het onbekende in de buitenwereld, staat Juan open voor het archetype van de Wijze Man. Nadat de Schaduw en de Anima in het psychische leven verwerkt en opgenomen zijn, is de scheiding tussen bewust en onbewust vager geworden en is er een bewustzijnsverruiming opgetreden. Nu moet het typisch mannelijke in eigen wezen in de persoonlijkheid geïntegreerd worden. Om te beantwoorden aan dit ingeschapen oerbeeld van man-zijn, van mens-zijn, van eigen individualiteit in 'weltoffene Objektivitat' richt Juan de la Cruz zijn wil uitsluitend op God en maakt zich zo geschikt voor de vereniging met God. AIleen zó zijn de gevaren van positieve en negatieve inflatie te ontlopen. Het is het bereiken van het Zelf. Verder kan Juan door eigen, actieve krachtsinspanning niet komen.
B. In het tweede traktaat, de 'Donkere Nacht', wordt de passieve nacht van de zintuiglijkheid en van de geest behandeld. Hoewel de ziel bij het bestijgen van de berg Karmel meent op actieve wijze alle bindingen afgelegd te hebben, blijkt het resultaat nog lang geen totale onthechting te zijn. De wet van de enantiodromie heeft zich doen gelden : met het opgeven van vroegere waarden gaat de mens de nieuwe, daaraan tegengestelde waarden even sterk overwaarderen. Genoegen in geestelijke zaken en boetedoeningen leiden tot verborgen hoogmoed, geestelijke gierigheid, geestelijke onkuisheid, toorn, geestelijke onmatigheid, geestelijke afgunst en geestelijke traagheid. Het is een andere vorm van zintuiglijk genieten, er komen nieuwe zekerheden. .. en de middenweg is verlaten. Alleen God kan de ziel weghalen uit het leven van de zintuiglijkheid en haar overbrengen naar het leven van de geest. Aanvankelijk ondergaat de ziel dit als leegte en dorheid: haar enige vrees is God niet te dienen. Als de ziel zo aandachtig geworden is, deelt God zich aan haar mee in een daad van enkelvoudig beschouwen, waartoe noch de uiterlijke noch de innerlijke zintuiglijkheid kan reiken: de vreedzame instorting van God, die de ziel in lief de tot God doet ontvlammen. Het is tevens ware zelfkennis en de ziel beseft haar eigen eilende.
Toch is dit nog maar het begin van de passieve nacht, meer om de zintuiglijkheid aan te passen aan de geest, dan om de geest met God te verenigen. Er zijn nog resten zintuiglijk genieten over. Pas in de passieve nacht van .de geest 'worden zintuiglijkheid en geest volledig ontdaan van al die waarnemingen en genoegens'. Zonder dat de ziel het begrijpt, onderwijst God haar in de volmaaktheid van de liefde.
Voor de ziel echter lijkt het donker, want de goddelijke wijsheid gaat haar aanleg verre te boven en de ziel wordt zich steeds meer van eigen ellende en onreinheid bewust. Temidden van deze donkere benauwdheid voelt de ziel zich diep gewond door een sterke goddelijke liefde. God houdt alle krachten, vermogens en verlangens van de ziel, geestelijke zowel als zintuiglijke, tezamen en ze worden harmonisch op God gericht. Het is deze liefde, die de ziel, ondanks haar onwaardigheid, vervult met moed en durf voor de vereniging met God. ..Deze toestand van verduistering van het natuurlijke licht van de ziel belemmert de duivel de toegang en onbegrepen maakt de ziel vorderingen. Ze neemt toe in innerlijke wijsheid, die z6 enkelvoudig, onbepaald en geestelijk is, dat ze het verstand niet kan binnenkomen 'gehuld of gekleed in een bepaalde vorm of beeld dat schatplichtig is aan de zintuiglijkheid'. Er kan niet meer over gesproken worden. De ziel kan alleen zeggen, dat ze in rust en tevreden is, dat ze God gewaarwordt en dat het haar goed gaat.

In deze beide traktaten wordt een grote lijn zichtbaar, die parallel loopt aan de individuatie van Jung. Maar waar het einddoel van het individuatieproces de ontdekking van het Zelf is, de beleving van 'het Koninkrijk Gods in ons', zoals Jung het noemt, is het slechts een deel van de weg naar de vereniging met God, namelijk dat deel, dat door actieve inspanning van de persoonlijkheid gegaan kan worden. Het is de menselijke poging '. ..om volmaakt te worden, om te verdienen dat God haar (de ziel) die goddelijke kuur doet ondergaan, welke de ziel geneest van alles waarvan zij zich zelf niet volledig kan genezen' .Pas dan zal de ziel verenigd worden met God, zonder tussenkomst van beelden en symbolen, een alles omvattende ervaring, maar. ..niet weer te geven. Ook Jung kent het passief verder geleid worden: ' ...denn es gibt Hoheres, dem man sich unterwerfen muss, als der Ich-Wille'. Het komt tot de mens in archetypische gestalten en voorstellingen, maar die zeggen niets over datgene, wat tot deze verschijningen aanleiding gaf.
De aangegeven lijn van actieve onthechting loopt tegengesteld aan de door Sierksma geschetste ontwikkeling van de menselijke waarneming (zie schemata op blz. 142, 143 en 161) en kan omschreven worden als een bewust nagestreefde rijping in de richting van het ongescheidenheidsbeleven. Het beeld, de projecties van God, verdwijnen meer en meer, en de ziel beseft haar onmacht God te bevatten. Het is 'het ervaren van zichzelf als zonder God, als gestraft en verworpen en Hem onwaardig'. De allerlaatste scheiding tussen God en mens zal God zelf teniet moeten doen (en wie dit zo zegt, projecteert!!). De relatie met God gaat -heel subtiel- over naar de staat van vereniging met God, of beter van deelname aan God, wanneer het niet langer nodig is een eigenmachtig Ik-bewustzijn te handhaven. Het is geweten participatie 'in dat donkere water dat zich rondom God bevindt', in het collectieve onbewuste.
Op de vraag of het onbewust-zijn zonder meer gelijkgesteld mag worden aan de ongescheidenheid moet ontkennend geantwoord worden. Het ongescheidenheidsbeleven is het ervaren van een ongedeelde eenheid tussen mens en wereld. Het onbewust-zijn bedoelt die verbondenheid weer te geven voor zover die een geschiedenis en een ontwikkeling heeft doorgemaakt van collectief onbewust via persoonlijk onbewust naar persoonlijk bewust in beelden. Deze beelden (of mogelijkheden tot beeldvorming) brengen de eenheid en later de relatie van mens en wereld onvolkomen, maar verhelderend tot uitdrukking. Als San Juan de la Cruz in zijn streven naar totale onthechting tenslotte ook van deze beelden en gestalten afstand doet, wordt het waarschijnlijk dat hij het bewust willen participeren in de ongescheidenheid bedoelt, als hij spreekt over de vereniging met God. De ervaring van het Omvattende, van het uiteindelijke, ongekende Zijn, waarvan hij deel uitmaakt, waaraan hij deelneemt. 'God deelt haar (de ziel) zijn bovennatuurlijk wezen zo mee, dat zij zelf God schijnt. ..en zij is ook God door deelneming'.
Afbeelding Hebr 6:
5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.

Gebruikersavatar
collegavanerik
Superposter
Berichten: 6345
Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
Locatie: Zuid Holland

Bericht door collegavanerik » 21 apr 2007 01:20

Wat Troelstra hierboven - door een naar mijn mening te religieuze bril - analyseert, is dat de joodse oproep om "Geen enkel beeld" van god te maken leidt tot een deprojectie en individuatie.
Die deprojectie en individuatie wordt door San Juan beschreven als een afkickverschijnsel (donkere nacht), hij was zelf namelijk eerst verslaafd aan de extatische omgang met god, maar zag zelf(!) in dat dit god niet was. Dit besef leiddde bij San Juan tot een zuiver transcendent godsbeeld en een status van verlichting vergelijkbaar met boedda.
Laatst gewijzigd door collegavanerik op 22 okt 2008 09:27, 1 keer totaal gewijzigd.
Afbeelding Hebr 6:
5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.

Antiscience
Banned
Berichten: 1145
Lid geworden op: 13 feb 2006 13:46

Bericht door Antiscience » 24 okt 2007 17:54

collegavanerik schreef:Wat Troelstra hierboven door een naar mijn mening te religieuze bril analyseert is dat de joodse oproep om "Geen enkel beeld" van god te maken leidt tot een deprojectie en individuatie.
Die deprojectie en individuatie wordt door San Juan beschreven als een afkickverschijnsel (donkere nacht), hij was zelf namelijk eerst verslaafd aan de extatische omgang met god, maar zag zelf(!) in dat dit god niet was. Dit besef leiddde bij San Juan tot een zuiver transcendent godsbeeld en een status van verlichting vergelijkbaar met boedda.
Hoe kun je nou als atheist iets ervaren hebben over ( extatische ) omgang met God. ?
Hoe kun je nou als atheist een individuatieproces beleven ?
Hoe kun je nou als atheist een immanent Godsbeeld ....
Hoe kun je nou als atheist een transcedent Godsbeeld .....

Ik vroeg naar jouw persoonlijke praktisch ervaringen, niet naar theorien over
wat San Juan, meester Eckhard of Boedha ervaren zouden hebben.
realatie schreef: De relatie van de mens tot God krijgt gestalte in de religie: volgens de ene auteur een innerlijke behoefte, volgens de andere een apart werkelijkheidsgebied, en volgens weer een andere een krampachtige poging de menselijke ontoereikendheid op te heffen. Het in relatie treden met de of het Andere wordt niet altijd genoemd. Juist dit relatiekarakter speelt in de joodse traditie, in christendom en islam zo'n belangrijke rol. Religie is een veel wijder begrip dan geloof. Het wordt zelfs wel daar gebruikt, waar slechts een vaag besef leeft 'dat er iets is'. Ook de mystiek, voor zover het de mystieke weg betreft, moet tot de religie gerekend worden.
Religie en geloof zijn voorbeelden van zwaartepuntsbegrippen, met een duidelijke betekeniskern, waaromheen een veel vagere sfeer van meer verwijderde betekenissen hangt. In deze studie is uitgegaan van het begrip religie met als betekeniskern de 'relatie met het of de Absolute'. Een van de expressies van religie is het geloof, waarin als kernen onderscheiden zijn de geloofsinhoud en de geloofshouding, die tezamen of ieder apart iemands geloof bepalen. De geloofshouding maakt een ontwikkeling door gedurende het leven. Deze groei in de geloofshouding wordt in de traktaten 'Bestijging van de berg Karmel' en 'Donkere Nacht' van San Juan de la Cruz beschreven.
Primair in iedere godsdienst is de religieuze ervaring, die via de religieuze overtuiging aanleiding geeft tot een zekere voorstellingsvorming. Omgekeerd zullen deze voorstellingen (en ook projecties) doorzien moeten worden als men tot de kern van de religieuze ervaring wil doordringen.
Als grondmotief in een religie vond Van Baal het streven naar gemeenschap met een andere werkelijkheid. Als object staat de mens in een onverbrekelijke relatie tot de wereld en tot de totaliteit van de menselijke samenleving, als subject wil hij vrij over deze kunnen beschikken. Dit laatste kan er toe leiden, dat de eenheid tussen mens en wereld doorbroken wordt, hetgeen op zijn beurt leidt tot vervreemding en een vragen naar de zin van het bestaan. De zin van het leven ligt in deze verbondenheid van mens en wereld, in de wijze waarop de mens als subject zijn object-zijn tracht te
Laatst gewijzigd door Antiscience op 24 okt 2007 18:27, 2 keer totaal gewijzigd.

Theoloog

Bericht door Theoloog » 24 okt 2007 18:10

Antiscience; aangezien ervaringen van het numineuze, gevoelens van verbondenheid met de kosmos, van het overstijgen van jezelf en de aanraking met 'iets groters', iets alomvattends, puur menselijke en algemeen voorkomende ervaringen zijn, kan ook een atheist ze ervaren.

- bij het beluisteren van grootse muziekstukken bijvoorbeeld
- of het bezoeken van een groots bouwwerk
- of het ondergaan van een natuurervaring (zonsondergang op de savanne, de niagara, het zien van de Hubble-foto's)

Of moeten we eerst een psychose ondergaan voordat we ingewijd kunnen worden in de mystiek?

Antiscience
Banned
Berichten: 1145
Lid geworden op: 13 feb 2006 13:46

Bericht door Antiscience » 24 okt 2007 18:24

Theoloog schreef:Antiscience; aangezien ervaringen van het numineuze, gevoelens van verbondenheid met de kosmos, van het overstijgen van jezelf en de aanraking met 'iets groters', iets alomvattends, puur menselijke en algemeen voorkomende ervaringen zijn, kan ook een atheist ze ervaren.

- bij het beluisteren van grootse muziekstukken bijvoorbeeld
- of het bezoeken van een groots bouwwerk
- of het ondergaan van een natuurervaring (zonsondergang op de savanne, de niagara, het zien van de Hubble-foto's)

Of moeten we eerst een psychose ondergaan voordat we ingewijd kunnen worden in de mystiek?
Bedankt Theoloog,

ja, ik begrijp je antwoord. Het is maar hoe je 'atheisme' definieerd.
Het is maar hoe je 'psychose' definieerd. Het is maar hoe je 'mystiek' definieerd.
Voor mij bestaat geen verschil tussen deze twee begrippen, omdat mijn
mystieke ervaringen hetzelfde zijn als mijn psychoses. :wink:

mvg, Jos

P.S. Schitterende Hubble fotos. I got the message.

Gebruikersavatar
robindr
Forum fan
Berichten: 280
Lid geworden op: 11 mar 2007 15:03

Bericht door robindr » 24 okt 2007 18:36

Antiscience schreef:Voor mij bestaat geen verschil tussen deze twee begrippen, omdat mijn
mystieke ervaringen hetzelfde zijn als mijn psychoses. :wink:
Dus je erkent dat jouw mystieke ervaringen eigenlijk wanen zijn?
Life is but a momentary glimpse of the wonder of the astonishing universe, and it is sad to see so many dreaming it away on spiritual fantasy.
- Carl Sagan -

Gebruikersavatar
Kitty
Ontoombaar
Berichten: 11282
Lid geworden op: 23 aug 2006 17:31

Bericht door Kitty » 24 okt 2007 18:38

robindr schreef:
Antiscience schreef:Voor mij bestaat geen verschil tussen deze twee begrippen, omdat mijn
mystieke ervaringen hetzelfde zijn als mijn psychoses. :wink:
Dus je erkent dat jouw mystieke ervaringen eigenlijk wanen zijn?
Nee, hij noemt zijn wanen mystieke ervaringen. Niet dat daar veel verschil in zit.
Alle gebondenheid kan vrijheid heten, zolang de mens de banden niet voelt knellen. (naar Erasmus)

Il n’y a que les imbéciles qui ne changent jamais d’avis ... (Jacques Brel)

En de mens schiep God en dacht dat dat goed was.

Atli
Banned
Berichten: 926
Lid geworden op: 12 feb 2007 15:10
Contacteer:

Bericht door Atli » 24 okt 2007 20:48

Dat is dan ook zijn waanidee, tja, waarom zou ik die pilletjes nog langer slikken?

Gebruikersavatar
collegavanerik
Superposter
Berichten: 6345
Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
Locatie: Zuid Holland

Bericht door collegavanerik » 24 okt 2007 21:34

Antiscience schreef:
collegavanerik schreef:Wat Troelstra hierboven door een naar mijn mening te religieuze bril analyseert is dat de joodse oproep om "Geen enkel beeld" van god te maken leidt tot een deprojectie en individuatie.
Die deprojectie en individuatie wordt door San Juan beschreven als een afkickverschijnsel (donkere nacht), hij was zelf namelijk eerst verslaafd aan de extatische omgang met god, maar zag zelf(!) in dat dit god niet was. Dit besef leiddde bij San Juan tot een zuiver transcendent godsbeeld en een status van verlichting vergelijkbaar met boedda.
Hoe kun je nou als atheist iets ervaren hebben over ( extatische ) omgang met God. ?
Hoe kun je nou als atheist een individuatieproces beleven ?
Hoe kun je nou als atheist een immanent Godsbeeld ....
Hoe kun je nou als atheist een transcedent Godsbeeld .....

Ik vroeg naar jouw persoonlijke praktisch ervaringen, niet naar theorien over
wat San Juan, meester Eckhard of Boedha ervaren zouden hebben.
:?: ik beschrijf hier toch echt de deprojectie van San Juan hoor. Dit topic is is namelijk een boekbespreking

Je hebt mijn persoonlijke wegnaar afvalligheid niet gelezen of begrepen.
Afbeelding Hebr 6:
5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.

Antiscience
Banned
Berichten: 1145
Lid geworden op: 13 feb 2006 13:46

Bericht door Antiscience » 24 okt 2007 21:49

collegavanerik schreef: Je hebt mijn persoonlijke wegnaar afvalligheid niet gelezen of begrepen.
Jawel hoor, ik reageer op een door jou geplaatste link in dat bericht.
' Hoe een Katholiek de kerk verliet '
Omdat ik geen zin heb in het offtopic-gezeik,
wanneer ik daar over het door jouw aangehaalde boek begin.
Verplaats ik deze discussie maar gelijk ontopic.
Of word ik nu te persoonlijk voor jou ?

Gebruikersavatar
collegavanerik
Superposter
Berichten: 6345
Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
Locatie: Zuid Holland

Bericht door collegavanerik » 24 okt 2007 21:59

Als je over mij wil kletsen kun je dat beter doen in mijn afvallig topic, in deze boekbespreking is het niet op zijn plek.

Ik zie parallellen tussen Johannes van het Kruis en Boeddha. Jij ook? :D
Afbeelding Hebr 6:
5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.

Antiscience
Banned
Berichten: 1145
Lid geworden op: 13 feb 2006 13:46

Bericht door Antiscience » 24 okt 2007 22:06

collegavanerik schreef:Als je over mij wil kletsen kun je dat beter doen in mijn afvallig topic, in deze boekbespreking is het niet op zijn plek.

Ik zie parallellen tussen Johannes van het Kruis en Boeddha. Jij ook? :D

Mystiek is per definitie iets persoonlijks. Wanneer je niet over mystiek wilt
praten, waarom begin je er dan over ?
Waarom ga je dan hier dat boek bespreken ?

Ja, net als met Meister Eckhard. " Alle Bilder leer. " :lol:

Gebruikersavatar
collegavanerik
Superposter
Berichten: 6345
Lid geworden op: 31 mar 2005 22:59
Locatie: Zuid Holland

Bericht door collegavanerik » 24 okt 2007 22:15

Antiscience schreef: Mystiek is per definitie iets persoonlijks. Wanneer je niet over mystiek wilt
praten, waarom begin je er dan over ?
Waarom ga je dan hier dat boek bespreken ?
Dan begin je toch een topic over mystiek?, O wacht dat heb je al.

Ik bespreek dit boek omdat het over deprojectie en individuatie gaat, de eerste stap naar atheisme.
Afbeelding Hebr 6:
5 wie het weldadig woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft 6 en vervolgens afvallig is geworden, kan onmogelijk een tweede maal worden bekeerd.
Als er een almachtige god bestaat, dan is hij een sadist.

Antiscience
Banned
Berichten: 1145
Lid geworden op: 13 feb 2006 13:46

Bericht door Antiscience » 24 okt 2007 22:33

collegavanerik schreef:
Antiscience schreef: Mystiek is per definitie iets persoonlijks. Wanneer je niet over mystiek wilt
praten, waarom begin je er dan over ?
Waarom ga je dan hier dat boek bespreken ?
Dan begin je toch een topic over mystiek?, O wacht dat heb je al.

Ik bespreek dit boek omdat het over deprojectie en individuatie gaat, de eerste stap naar atheisme.
De eerste stap naar atheisme volgens jou ! Ik waag dat te betwijfelen.

Een draad over mystiek had ik inderdaad al aangelegd. En jij reageerde toendertijd.
Zullen we daar dan discussie voortzetten ?
Moet je wel nog even de goede draad oppakken. :lol:

Plaats reactie