mis!collegavanerik schreef:god = sprookje
de gelaarsde kat is een sprookje
en ook roodkapje en de boze wolf
die boze wolf heeft zich vermomd als wijze grootmoeder, als religie, en wat gebeurt er?
roodkapje wordt opgegeten
Moderator: Moderators
mis!collegavanerik schreef:god = sprookje
Nee dit is een metafoor in een wijs boek en roodkapje doet ook aan wederopstanding.mustafa schreef:mis!collegavanerik schreef:god = sprookje
de gelaarsde kat is een sprookje
en ook roodkapje en de boze wolf
die boze wolf heeft zich vermomd als wijze grootmoeder, als religie, en wat gebeurt er?
roodkapje wordt opgegeten
in het einde der tijden verschijnt de jager die roodkapje bevrijdt uit het monster van het materialismedoctorwho schreef:Nee dit is een metafoor in een wijs boek en roodkapje doet ook aan wederopstanding.mustafa schreef:mis!collegavanerik schreef:god = sprookje
de gelaarsde kat is een sprookje
en ook roodkapje en de boze wolf
die boze wolf heeft zich vermomd als wijze grootmoeder, als religie, en wat gebeurt er?
roodkapje wordt opgegeten
There is an universal tendency among mankind to conceive all beings like themselves, and to transfer to every object, those qualities, with which they are familiarly acquainted, and of which they are intimately conscious. We find human faces in the moon, armies in the clouds; and by a natural propensity, if not corrected by experience and reflection, ascribe malice or good- will to every thing, that hurts or pleases us. --David Hume*
Pareidolia is a type of illusion or misperception involving a vague or obscure stimulus being perceived as something clear and distinct. For example, in the discolorations of a burnt tortilla one sees the face of Jesus Christ. Or one sees the image of Mother Teresa or Ronald Reagan in a cinnamon bun or a man in the moon.
Most people recognize illusions for what they are, but some become fixated on the reality of their perception and turn an illusion into a delusion. A little bit of critical thinking, however, should convince most reasonable people that a potato that looks like the Hindu god Ganesh, a cinnamon bun that looks like mother Teresa, or a burnt area on a tortilla that looks like Jesus are accidents and without significance.
Hebr 6: cursief in origineel, Vette tekst door mij.Richard Dawkins schreef: Op één punt hadden alle theïstische critici van Einstein gelijk: hij was niet een van hen. Herhaaldelijk heeft Einstein zich verontwaardigd uitgelaten over de veronderstelling dat hij een theïst zou zijn. Moeten wij hem dan zien als een deïst zoals Voltaire en Diderot? Of als een pantheïst zoals Spinoza, wiens filosofie hij bewonderde? Einstein zei ooit: 'Ik geloof in Spinoza's God die zich openbaart in de ordelijke harmonie van alles wat bestaat, niet in een God die zich bemoeit met het lot en handelen van stervelingen.'
Laten we nog even terugkomen op de terminologie. Een theïst gelooft in een bovennatuurlijk wezen dat na zich te hebben gekweten van zijn voornaamste taak -de schepping van het universum -nog altijd present is om toe te zien op het lot van zijn schepping en er invloed op uit te oefenen. In veel theïstische geloofstelsels is de god nauw betrokken bij de wederwaardigheden van de mens. Hij verhoort gebeden, vergeeft of bestraft zonden, doet zich in de wereld gelden door wonderen te verrichten, zit te kniezen over goede en slechte daden, en weet wanneer wij die begaan ( of ook maar overwegen ze te begaan).
Ook een deïst gelooft in een bovennatuurlijk wezen, maar een waarvan de activiteiten zich beperkten tot het vastleggen van wet ten die het universum beheersen. De deïstische God heeft zich daarna niet meer vertoond en beslist geen blijk gegeven van belangstelling voor menselijke aangelegenheden. Pantheïsten geloven in het geheel niet in een bovennatuurlijke god, maar gebruiken het woord 'God' als een niet-bovennatuurlijk synoniem voor de natuur of voor het universum, of voor de wetmatigheden die de werking daarvan beheersen. Deïsten verschillen van theïsten voor zover de God van de eersten geen gebeden verhoort, geen belangstelling heeft voor zonden of de belijdenis daarvan, onze gedachten niet leest, en niet optreedt door middel van grillige wonderen. Deïstenverschillen van pantheïsten in die zin dat de deïstische God eerder een soort kosmisch wezen is, terwijl pantheïsten het begrip 'God' overdrachtelijk gebruiken als een dichterlijk synoniem voor de wet ten van het universum. Pantheïsme zou je een wat sexyer, 'gepimpt' atheïsme kunnen noemen. Deïsme is verwaterd theïsme.
We hebben alle reden om aan te nemen dat beroemde Einstein-uitspraken, zoals 'God is subtiel, maar;.hij is niet boosaardig' of 'God dobbelt niet' of 'Had God een keus toen hij het heelal schiep?' pantheïstisch zijn; niet deïstisch en zeker niet theïstisch. 'God dobbelt niet' moeten we vertalen als: 'Toeval is niet de kern van alle dingen.' En 'Had God een keus toen hij het heelal schiep?' betekent: 'Had het heelal ook anders kunnen beginnen?' Einstein gebruikt 'God' in een zuiver metaforische, figuurlijke betekenis. Dat geldt ook voor Stephen Hawking en voor de meeste fysici die zich af en toe bedienen van religieuze beeldspraak. The Mind of God van Paul Davies lijkt ergens te zweven tussen Einsteins pantheïsme en een obscuur soort deïsme -waarvoor hij werd onderscheiden met de Templeton Prize (een groot geldbedrag dat de Templeton Foundation jaarlijks toekent, meestal aan een wetenschapper die bereid is iets aardigs over religie te vertellen) .
Laat me de religie van Einstein samenvatten met nog een andere uitspraak van Einstein zelf: ' Aanvoelen dat achter al het ervaarbare iets schuilgaat dat ons verstand niet kan bevatten, iets waarvan de schoonheid en verhevenheid alleen indirect en als een flauwe weerschijn tot ons komen, is religiositeit. In dat opzicht ben ik gelovig.' Wel, in dat opzicht is ook deze schrijver gelovig, met het voorbehoud dat 'het niet kunnen bevatten' niet per se betekent dat het voor eeuwig onbevattelijk is. Maar ik noem mezelf liever niet godsdienstig, omdat dat misleidend is. Het is zelfs vernietigend misleidend omdat de term 'religie' voor de overgrote meerderheid van de mensen iets bovennatuurlijks impliceert. Carl Sagan formuleerde dat goed: 'Als men met de term "God" doelt op het pakket van natuurwetten die het universum beheersen, dan is het wel duidelijk dat er zo'n "God" is. Die godheid biedt gevoelsmatig echter geen voldoening [ ...] ; het heeft niet veel zin om te bidden tot de wet van de zwaartekracht.'
Eigenlijk wel grappig dat dat laatste punt van Sagan al wordt aangekondigd door dominee dr. Fulton J. Sheen, hoogleraar aan de Catholic University of America, als onderdeel van een felle aanval op Einsteins afwijzing van een persoonlijke god in 1940. Sheen stelde sarcastisch de vraag of iemand bereid zou zijn om zijn leven te geven voor de Melkweg. Hij leek te denken dat hij daarmee een argument tegen Einstein aanvoerde, in plaats van voor hem, omdat hij eraan toevoegde: 'Zijn kosmische religie bevat maar een fout: er staat een "s" te veel in.' Er is helemaal niets komisch aan Einsteins overtuigingen. Toch zou ik willen dat natuurwetenschappers zich inhielden bij het gebruiken van het woord 'God' in de speciale figuurlijke betekenis die ze eraan hechten. De metaforische of pantheïstische God van de fysici is lichtjaren verwijderd van de interveniërende, wonderen verrichtende, gedachten lezende, zonden bestraffende, gebeden verhorende God van de bijbel, van geestelijken, van mullahs en rabbijnen en van het gangbare taalgebruik. Beide betekenissen met opzet door elkaar halen is in mijn ogen intellectueel hoogverraad.
Hebr 6: Dawkins heeft ook mijn grote bewonderingGerard schreef:Meer video's over en met Richard Dawkins op YouTube
http://www.youtube.com/watch?v=gWL1ZMH3-54
cursief in origineel, Vette tekst door mij.Richard Dawkins schreef: Op één punt hadden alle theïstische critici van Einstein gelijk: hij was niet een van hen. Herhaaldelijk heeft Einstein zich verontwaardigd uitgelaten over de veronderstelling dat hij een theïst zou zijn. Moeten wij hem dan zien als een deïst zoals Voltaire en Diderot? Of als een pantheïst zoals Spinoza, wiens filosofie hij bewonderde? Einstein zei ooit: 'Ik geloof in Spinoza's God die zich openbaart in de ordelijke harmonie van alles wat bestaat, niet in een God die zich bemoeit met het lot en handelen van stervelingen.'
Laten we nog even terugkomen op de terminologie. Een theïst gelooft in een bovennatuurlijk wezen dat na zich te hebben gekweten van zijn voornaamste taak -de schepping van het universum -nog altijd present is om toe te zien op het lot van zijn schepping en er invloed op uit te oefenen. In veel theïstische geloofstelsels is de god nauw betrokken bij de wederwaardigheden van de mens. Hij verhoort gebeden, vergeeft of bestraft zonden, doet zich in de wereld gelden door wonderen te verrichten, zit te kniezen over goede en slechte daden, en weet wanneer wij die begaan ( of ook maar overwegen ze te begaan).
Ook een deïst gelooft in een bovennatuurlijk wezen, maar een waarvan de activiteiten zich beperkten tot het vastleggen van wet ten die het universum beheersen. De deïstische God heeft zich daarna niet meer vertoond en beslist geen blijk gegeven van belangstelling voor menselijke aangelegenheden. Pantheïsten geloven in het geheel niet in een bovennatuurlijke god, maar gebruiken het woord 'God' als een niet-bovennatuurlijk synoniem voor de natuur of voor het universum, of voor de wetmatigheden die de werking daarvan beheersen. Deïsten verschillen van theïsten voor zover de God van de eersten geen gebeden verhoort, geen belangstelling heeft voor zonden of de belijdenis daarvan, onze gedachten niet leest, en niet optreedt door middel van grillige wonderen. Deïstenverschillen van pantheïsten in die zin dat de deïstische God eerder een soort kosmisch wezen is, terwijl pantheïsten het begrip 'God' overdrachtelijk gebruiken als een dichterlijk synoniem voor de wet ten van het universum. Pantheïsme zou je een wat sexyer, 'gepimpt' atheïsme kunnen noemen. Deïsme is verwaterd theïsme.
We hebben alle reden om aan te nemen dat beroemde Einstein-uitspraken, zoals 'God is subtiel, maar;.hij is niet boosaardig' of 'God dobbelt niet' of 'Had God een keus toen hij het heelal schiep?' pantheïstisch zijn; niet deïstisch en zeker niet theïstisch. 'God dobbelt niet' moeten we vertalen als: 'Toeval is niet de kern van alle dingen.' En 'Had God een keus toen hij het heelal schiep?' betekent: 'Had het heelal ook anders kunnen beginnen?' Einstein gebruikt 'God' in een zuiver metaforische, figuurlijke betekenis. Dat geldt ook voor Stephen Hawking en voor de meeste fysici die zich af en toe bedienen van religieuze beeldspraak. The Mind of God van Paul Davies lijkt ergens te zweven tussen Einsteins pantheïsme en een obscuur soort deïsme -waarvoor hij werd onderscheiden met de Templeton Prize (een groot geldbedrag dat de Templeton Foundation jaarlijks toekent, meestal aan een wetenschapper die bereid is iets aardigs over religie te vertellen) .
Laat me de religie van Einstein samenvatten met nog een andere uitspraak van Einstein zelf: ' Aanvoelen dat achter al het ervaarbare iets schuilgaat dat ons verstand niet kan bevatten, iets waarvan de schoonheid en verhevenheid alleen indirect en als een flauwe weerschijn tot ons komen, is religiositeit. In dat opzicht ben ik gelovig.' Wel, in dat opzicht is ook deze schrijver gelovig, met het voorbehoud dat 'het niet kunnen bevatten' niet per se betekent dat het voor eeuwig onbevattelijk is. Maar ik noem mezelf liever niet godsdienstig, omdat dat misleidend is. Het is zelfs vernietigend misleidend omdat de term 'religie' voor de overgrote meerderheid van de mensen iets bovennatuurlijks impliceert. Carl Sagan formuleerde dat goed: 'Als men met de term "God" doelt op het pakket van natuurwetten die het universum beheersen, dan is het wel duidelijk dat er zo'n "God" is. Die godheid biedt gevoelsmatig echter geen voldoening [ ...] ; het heeft niet veel zin om te bidden tot de wet van de zwaartekracht.'
Eigenlijk wel grappig dat dat laatste punt van Sagan al wordt aangekondigd door dominee dr. Fulton J. Sheen, hoogleraar aan de Catholic University of America, als onderdeel van een felle aanval op Einsteins afwijzing van een persoonlijke god in 1940. Sheen stelde sarcastisch de vraag of iemand bereid zou zijn om zijn leven te geven voor de Melkweg. Hij leek te denken dat hij daarmee een argument tegen Einstein aanvoerde, in plaats van voor hem, omdat hij eraan toevoegde: 'Zijn kosmische religie bevat maar een fout: er staat een "s" te veel in.' Er is helemaal niets komisch aan Einsteins overtuigingen. Toch zou ik willen dat natuurwetenschappers zich inhielden bij het gebruiken van het woord 'God' in de speciale figuurlijke betekenis die ze eraan hechten. De metaforische of pantheïstische God van de fysici is lichtjaren verwijderd van de interveniërende, wonderen verrichtende, gedachten lezende, zonden bestraffende, gebeden verhorende God van de bijbel, van geestelijken, van mullahs en rabbijnen en van het gangbare taalgebruik. Beide betekenissen met opzet door elkaar halen is in mijn ogen intellectueel hoogverraad.
Hebr 6: Ik begrijp niet op welke manier je kansberekening op een god kunt loslaten eerlijk gezegt..Atheist_1984 schreef:Dawkins laat zien dat we God niet nodig hebben voor moraal en hoe ongeloofelijk klein de kans wel moet zijn dat er zo iets als God bestaat.
Heb je het boek gelezen?Socratoteles schreef:Ik begrijp niet op welke manier je kansberekening op een god kunt loslaten eerlijk gezegt..Atheist_1984 schreef:Dawkins laat zien dat we God niet nodig hebben voor moraal en hoe ongeloofelijk klein de kans wel moet zijn dat er zo iets als God bestaat.
Er is geen bewijs dat voor het bestaan van goden pleit, er is geen bewijs dat zij niet bestaan, weinig basis voor kansberekening lijkt me.
Gelukkig hebben we Ockhams scheermes
Hebr 6: Behalve dat occams razor geen uitspraken kan doen over verklaringen die uitsluitend onlogisch zijn.Socratoteles schreef:Ik begrijp niet op welke manier je kansberekening op een god kunt loslaten eerlijk gezegt..Atheist_1984 schreef:Dawkins laat zien dat we God niet nodig hebben voor moraal en hoe ongeloofelijk klein de kans wel moet zijn dat er zo iets als God bestaat.
Er is geen bewijs dat voor het bestaan van goden pleit, er is geen bewijs dat zij niet bestaan, weinig basis voor kansberekening lijkt me.
Gelukkig hebben we Ockhams scheermes
Ik heb die recensie eens bekeken en hoewel de meeste aanhangers van Dawkins in reactie op die recensie daar het stellig ontkennen, beweert Dawkins wel degelijk dat religie het voornaamste obstakel op weg naar wereldvrede is.Tsjok schreef:]Het is allemaal metaphysisch obscuritanisme en gekuip over het vermeende "dogmatisme"van Dawkins .
(noot : Ze hebben trouwens dit soort taktieken allemaal afgekeken van Alister McGrath --> zie bijvoorbeeld hier de bespreking van Mc Grath )
http://richarddawkins.net/article,296,T ... -E-McGrath