dikkemick schreef: ↑10 aug 2021 07:40
axxyanus schreef: ↑09 aug 2021 22:54
Dat is niet nuchter gezien, dat is simplistisch gezien. Op die manier is een hakenkruis ook maar wat strepen in één kleur op een achtergrond in een andere kleur. Voor heel wat zaken gaat het niet om de materiële uitvoering maar om de ideeën die daar achter zitten. Het gaat niet om het doek katoen, het gaat om de ideeën die dat doek katoen vertegenwoordigen.
Als heel wat mensen de moeite gedaan hebben om iets een bepaalde symbool waarde te geven, is het gewoon onnozel om net die symboolwaarde te negeren.
Sorry hoor, maar NUCHTER bezien is en blijft het een stukje katoen. De interpretatie van dit stukje stof is dan weer menselijk. Dat is wat is hier bedoelde. Ik was eerder van plan het hakenkruis eveneens als voorbeeld te noemen. Het is en blijft een samenspel van lijnen, die eerder de 4 windstreken symboliseerden, maar later een gehaal andere connotatie kregen. Maar nuchter bezien zijn het wat lijnen/vormen.
Alleen de mens kan hier weer zo mallotig mee omgaan.
Toch is deze basis van wat jij vindt wat de hoofddoek inhoud te simpel voor het bespreken van dit onderwerp.
Een hoofddoek is een stuk katoen wat gedragen wordt met een bepaald doel.
Ik kende dat doel in vroeger tijden als puur functioneel om de gekamde haren en in een bepaald model gebrachte coupe te behouden buiten in wind en regen en op de fiets. En later nog om een hoofd vol krulspelden te maskeren.
Ik zelf heb het nog zo gedragen in een open cabriolet.
Later leerde ik dat de hoofddoek ook een vervanging kan zijn van een ander hoofddeksel wat vereist was binnen bepaalde christelijke gemeenschappen als je een kerk betrad.
Ik kende het bedekken van het hoofdhaar dmv. een hoed.
Toen in de San Marco in Venetië wilde bezichtigen als toerist, werd ik geweigerd toen ik na het voorportaal de kerk zelf wilde betreden.
Blootshoofds kwam ik er niet in.
Een alternatief was één van de hoofddoeken te kopen in het voorportaal van de kerk waar een hele winkelgalerij was gevestigd.
Ik kreeg associaties met het Bijbelverhaal, waarin Jezus het voorportaal van de tempel schoonveegde van de handelaren in offerdieren ea. produkten.
Ik heb dat toen principieel geweigerd.
De eerste islamitische dames die ik zag waren vrouwen met hoofddoeken, zoals in het dorp waar ik vandaan kwam nog veel oudere vrouwen altijd droegen vanuit een oude gewoonte. Maar ook het geheel van kleding zag ik als de dracht die ik nog kende vanuit mijn jeugd.
Dat mensen hun leven lang een dracht hadden van lange rokken en bedekte (boven)armen en zomer en winter (buiten de eigen woning) kousen aan. Een uiteindelijk met de ouderen uitstervende gewoonte vanuit een veranderde cultuur en alleen nog persisterend in zwaar orthodox gelovige families.
Pas later leerde ik dat deze moslima's hun hoofdoek altijd ophadden, als ze de kans liepen andere mannen dan hun broers of echtgenoten tegen te komen, dus in de praktijk van alledag gewoon altijd, ook thuis.
Voor mij was dat net zo'n gewoonte als dat ik kende vanuit mijn kerkgemeenschap.
Dat vrouwen een hoed droegen in een kerk, maar wat steeds verder achterwege ging blijven.
Tot slechts nog een gewoonte bij Prinsjesdag of de Ascott paardenraces.
Dit laatste heeft allemaal niets te naken met de functionaliteit van de lap katoen, maar alles met de eigen identiteit, uitgedrukt in de manier van uiterlijke presentatie.
Van mij mag je dan de hoofddoek bij moslima's een symbool noemen van hetgeen waar het voor staat.
Als ik deze moslima's daarom niet zou respecteren en hun identiteit daardoor zou willen loochenen, dan zou ik hetzelfde doen met mijn eigen oma en moeder.
Nu, jaren later, kan ik niet anders dan daar hetzelfde over denken.