Moeder was Hervormd en behoorlijk actief, vader deed nergens aan. Vond het allemaal flauwe kul. Er was daardoor regelmatig een tweestrijd in ons gezin twee dochters volgden hun vader en de andere vier kinderen volgden hun moeder.
Toen ik een jaar of 13 was, besloot mijn moeder dat de preken in de Hervormde kerk in ons dorp te flauwtjes werden. Ze was met een huisgemeente in contact gekomen waar allerlei ontevreden christenen samen kwamen. Onvrede met wat in andere kerken achteruit ging, de secularisatie. Het had iets persoonlijke die huiskringen, maar kwam ook heel dichtbij je privé leven. Ma had al vaak geprobeerd om pa van gedachten te veranderen. Hij was zelfs zo ver meegegaan dat hij bij haar afwezigheid aan tafel, het 'Onze Vader' ging bidden. Bijbel lezen werd dan gelukkig overgeslagen, de scheurkalender zorgde voor de stichtelijke tekst. Ze organiseerde ook bij ons thuis bidstonden, maar mijn vader ging dan gewoon wat anders doen buitenshuis. Er werden eens twee hele vrome mannen op mijn vader losgelaten, maar de nuchterheid waarmee hij hun vrome praatjes pareerde drong toen nog niet echt tot me door. Pas later heb ik het van mijn oudere zussen begrepen dat hij eigenlijk veel te veel toeliet, maar dat hijzelf de christelijke opdringerigheid langs zich heen liet gaan. Vrij kort nadat de heren de koffie ophadden, keerden ze weer onverrichter zaken door de voordeur naar buiten.
Door een sterke kinder- en jeugdafdeling (grote gezinnen) werd ik op jonge leeftijd al helemaal meegevoerd naar activiteiten die toen mijn kleine leefwereld ruimer maakte. Er werden kinderkampen georganiseerd, als tiener mocht je al snel meehelpen. Ook de kinderevangelisatie in een bepaalde wijk van de stad mocht ik aan meewerken. We gingen als jeugdgroep getuigen op straat. De ultieme plaats waar de zondaar verkeerde was op de 'wallen' in Amsterdam. Dat hield in dat we zongen met gitaren en één voor één moesten we een stap naar voren doen en iets vertellen over ons 'slechte' leven, maarrrr Jezus trok ons uit de goot en waren we gered voor de 'eeuwigheid'. We deden aan strandevangelisatie, bootevangelisatie. We evangeliseerden in Duitsland, België en Zwitserland. Heel veel vrije tijd werd er door in beslag genomen, naast de wekelijkse reguliere activiteiten van de plaatselijke kerk: Zondagdienst, bidstond, bijbelstudie, jeugdbijeenkomst. Het werd helemaal druk als je ook 'uitverkoren' was om mee te doen aan de evangelie/genezingscampagnes van een aantal bekende evangelisten in de jaren zestig van de vorige eeuw. Ja ik ging ook gewoon iedere dag naar school, maar het werk van de 'Heer' was eigenlijk prioriteit. In die beweging leerde ik ook mijn eerste vrouw kennen. Je kon moeilijk iemand van school mee naar huis nemen