Ik weet nagenoeg 100% zeker dat de auteur van het boek Jacob Slavenburg heette. Van de titel van het boek weet ik nog dat ik die ‘speels’ vond, maar dat is dan ook alles.
‘Dan kijk je toch even’ zul je zeggen. Ja, maar… sinds de laatste verhuizing (elf jaar geleden en naar een kleiner huis) staan er vele dozen vol boeken achter een van de vier ‘luiken’ op de bovenverdieping. Een luik is de toegang tot een ruimte onder het schuine dak.
Er zijn vier van die luiken. Drie ervan zijn geblokkeerd door een goed gevulde kast of een tweepersoons bed. Achter het ene luik waar dat niet het geval is staan geen dozen met boeken. Derhalve…
Ik heb bij bol.com gekeken, maar daar hebben ze het boek niet in de aanbieding. Bij een paar andere boekhandelaren ook al niet. Dus: geen titel of ISBN nummer te vinden. En nu geef ik het maar op.
‘Slordig ‘wetenschappelijke’ manier van doen natuurlijk. Oké, dat is dan maar zo.
De bijdragen confronteren de lezer met een niet zo glorievol aspect van het christendom, maar het kan nooit kwaad als je van de geschiedenis kennis neemt. Vind ik zelf. Van de geschiedenis kun je namelijk leren. Wordt vaak niet gedaan, maar dat is iets anders.
1. Inleiding.
Om ‘ab ovo’ te beginnen: God schiep de mens Adam. Hem wordt een ‘hulpe hem gelijk’ gegeven. Haar naam is Eva. Aangenaam kennismaken.
Was Adam nu óók: ‘een hulp háár gelijk’? Mijn spontane want logisch lijkende antwoord is: “Ja”. Als de één gelijk is aan de ander is de ander gelijk aan de één. Tóch? Er waren wel wat ‘ludieke’ verschilletjes tussen beiden, maar 'als hulpe’ waren ze blijkbaar aan elkaar gelijk.
Alleen… als ze uit het paradijs worden verdreven zegt God tot Eva: “Naar je man zal je begeerte uitgaan, hoewel hij over je heerst”! En dat klinkt toch weer even anders dan dat ze elkaars gelijken zijn. Dus… wat stáát er déze keer nu weer geschreven?
(En dan is het in de praktijk vaak ook nog eens zo dat de begeerte uitgaat van de man en dat de vrouw 'de broek aanheeft'. God krijgt blijkbaar niet altijd Zijn zin.)
Voor velen was (en is) het nu echter wél ‘duidelijk’: de vrouw is ondergeschikt aan de man dus niks te: ‘aan hem gelijk’!!!
Meer spirituele Joden echter en ook bepaalde groepen gnostische christenen dachten daar toendertijd al anders over. Maar zij waren in de minderheid en DUS had hun mening onvoldoende invloed! Officieel = ‘volgens de meerderheid’ mocht de man over de vrouw ’beschikken’.
Het huwelijk is er voor de voortplanting. (Alléén daarvoor?) Het seksuele genoegen, beleefd aan deze activiteit, wordt overigens niet uitdrukkelijk ontkend.
Een jongehuwde man hoefde het eerste jaar niet in dienst om ’vreugde te brengen aan de vrouw die hij had getrouwd’. En dat ging volgens mij niet (alleen) over de aardappels schillen en de vuilnisemmer aan de straat zetten.)
Waren er na tien jaar nog geen kinderen, dan moest de man hertrouwen of een tweede vrouw nemen. Polygamie mócht dus. Polyandrie niet.
En een man kon scheiden door zijn vrouw weg te sturen. (Andersom ging niet.) Redenen? Deze:
* Als hij haar gedrag onbetamelijk vond (b.v. ze droeg geen sluier).
* Als zij in het openbaar met een andere man sprak.
* Als ze (volgens rabbi Hillel) de soep liet aanbranden.
* Als zij (!) (of hij, maar wie hield dat toen voor mogelijk?) onvruchtbaar was. Als er geen kinderen kwamen dus!
Een man mocht geen overspel bedrijven WANT (dat was de opgegeven reden!) daarmee ’verminderde hij de waarde van het bezit van haar echtgenoot’! Mooi motief! Over ‘gelijkheid’ gesproken!
De Joodse cultuur vormde overigens destijds geen uitzondering. Ere wie ere toekomt! Bij veruit de meeste volkeren uit die tijd en in dat gedeelte van de wereld waren de vrouwen – in ieder geval in het openbare leven – van minder betekenis dan de mannen.
Daar was de maatschappij een ‘mannenmaatschappij’ waarin de vrouwen, kinderen, vee, huis en haard ‘het bezit’ waren van de man.
Buitenshuis voerde de man het woord en had de vrouw te zwijgen en te luisteren.
En op een aantal plaatsten is daarin weinig tot niets veranderd. Soms zelfs erger of geniepiger geworden. Denk ik wel eens. En… vreemd of niet vreemd, ik heb dan gemakkelijk medestanders, die dat ook denken.
Groeten.
Fons.
PS en vooral NOTA BENE: Het is uitdrukkelijk niet mijn bedoeling om een of andere persoonlijke mening op te dringen. Ik geef alleen maar naar beste weten feiten uit het verleden. Dat de slag bij Nieuwpoort in 1600 plaats had kan ik ook niet helpen.