Dit Duitse artikel van Hermann Detering vertelt dat Bart Ehrman op pag. 2 van zijn boek laat horen dat hoewel hij als nieuwtestamenticus duizenden boeken had gelezen hij tot voor kort volkomen onwetend was aangaande de omvang van sceptische literatuur die het bestaan van Jezus ontkent. De schrijver verbaast zich hogelijk hierover, te meer daar deze vraagstelling in het boek van Albert Schweitzer waar Ehrman vlijtig uit citeert uitgebreid behandeld wordt. Op z'n minst had dit hem moeten laten zien dat deze vraagstelling niet maar een buitenissige en uit de lucht gegrepen zienswijze is die bijvoorbeeld verklaard kan worden met zucht naar sensatie.
Op Ehrmans aantijging dat Freke & Gandy uit zijn op geldelijke winst antwoordt Detering dat Ehrman - Man van Eer - zijn eigen schrijven als pdf gratis op het internet had moeten zetten indien hij enkel de verbreiding van wetenschappelijke inzichten op het oog had.
De kritiek van Ehrman dat de mythicisten geen doktortitels hebben wordt niet alleen tegengesproken door mythicisten als Carrier, Price en Harpur, maar ook door namen die hij niet voorbij laat gaan, zoals Darrell Doughty en de vertegenwoordigers van de zogenaamde Hollandse Radikale School ("Radikale kritiek", http://en.wikipedia.org/wiki/Radical_criticism" onclick="window.open(this.href);return false; ), waar hij alweer via Albert Schweitzers boek mee bekend had moeten zijn. Albert Schweizer neemt deze school zeer serieus en complimenteert deze theologen voor de durf vragen te stellen in een denkklimaat waar niemand die vraagt. De laatste van deze school, G.A. van den Bergh van Eysinga, "Großmeister der radikalen Kritik", stierf in 1957. Dat Ehrman die hele school niet kent pleit niet bepaald voor zijn mate van onderzoek.
Detering zelf is gespecialiseerd in de Hollandse radikale school: http://depts.drew.edu/jhc/detering.html" onclick="window.open(this.href);return false; , hetgeen voor mij wat nieuwe interessante informatie oplevert. Wat betreft deze illustere maar vergeten theologen ben ik ook volledig onwetend:
Hermann Detering schreef:The Dutch scholars were of the opinion that a really scholarly investigation could certainly not go "far enough," or as Van Manen said, "There is nothing a priori 'too far' in this field"....Those who in spite of such prejudices occupy themselves with the scholarly work and the results of the Dutch Radical Critics have as a rule not regretted it. Whoever takes the trouble to study the work of the Dutch Radicals more closely will be liberally rewarded. Such a one will learn to look at the world of primitive Christianity from a new and totally uncommon perspective. One must recognize that the Dutch researchers had a sovereign command of the scholarly craft of the historical-critical method. Even those who finally do not agree with their results will retain the impression of a unique conception that even today seems capable of enriching and fructifying the scholarly discussion.