De vraag is dus of je het beschouwt vanuit de extreemheid in variabiliteit van het gemeten construct, of de extreemheid in variabiliteit van de meting.Peter van Velzen schreef: De systematische verschuiving van de tijd tussen twee zonsopgangen verdwijnt toevallig keurig als je ze over een geheel aantal jaren uitmiddeld.
De term meetfout is voornamelijk gebruikt in de klassieke testtheorie, en die stelt dat het gemeten construct constant is, waarna men de meting gaat toetsen op meetfouten (en daarna op validiteit).
We hebben het dus niet over meetfouten meer, maar over meetvariabiliteit. Als je uitgaan van de extreemheid van het gemeten construct, dan kun je inderdaad de systematische variabiliteit corrigeren, zodat een individuele meting, uitkomt op het gemiddelde van de meetvariabiliteit. Daarmee verdwijnt de term systematisch and random meetfout. Het punt is, dat om zo een meetinstrument te ontwikkelen inderdaad heel veel metingen al nodig moeten zijn. Maar met zo'n meetinstrument zijn metingen wel meer generaliseerbaar. Ook de bruikbaarheid neemt toe en interpreteerbaarheid neemt toe als je meeweegt dat er een gemiddelde variabiliteit in het gemeten construct meegenomen wordt.
Heel interessant dat je dit gelijk ziet. Want het is inderdaad best ingewikkeld, en ik merk dat veel mensen het hier moeilijk mee hebben. Excuses zijn niet nodig. Nu heb ik de afwijkingToegegeven het is eigenlijk niet correct dit een fout te noemen. Het is eerder een periodieke afwijking, De afwijking is echt en geen meetfout, maar om een betere aansluiting te krijgen met andere "tijden" is het hanteren van dat gemiddelde wel een oplossing. Het is dan ook best een ingewikkelde zaak. Excuses dat ik in de fout ging.
Groet,
Bob