Kitty schreef:Gezichtsuitdrukkingen zijn een wezenlijk onderdeel van sociaal contact tussen mensen, er mist iets wezenlijks in dat contact indien dat niet mogelijk is.
Werkelijk? Heb jij het gevoel dat je iets
wezenlijks mist als je een telefoongesprek met iemand voert, een brief leest, of een e-mail of een sms'je? Er zijn mensen die verliefd zijn geworden via een internetcontact, zonder dat ze de persoon in kwestie ooit hadden gezien.
Het bestellen van een hamburger en frites bij de drive-through van een fastfood-restaurant ervaar ik als onpersoonlijk; een telefoongesprek niet. Dat verschil in beleving zit 'm in de verwachting welke ik heb van een contact.
Kitty schreef:Dat is puur aangeleerd en overgeleverd onderdeel van sociale vaardigheid zoals wij dat hier in onze cultuur van oudsher gewend zijn.
De vraag is of kledingkeuze zoveel met vaardigheden te maken heeft. Een punker met een hanekam of een goth in zwarte kleding en zwarte make-up zal sommige mensen afschrikken, maar daar is zo'n individu zich best van bewust. Hij of zij kiest er gewoon voor van de meute af te wijken met een radicaal alternatief uiterlijk. Dat is wat anders dan een Down-patiënt die nooit geleerd heeft dat masturberen in het openbaar negatieve reacties oproept, of iemand die aan faalangst lijdt en daarom niet durft te solliciteren.
De vraag is natuurlijk in welke categorie je een vrouw die een niqaab draagt zou moeten scharen: iemand die elementaire sociale vaardigheden mist, of iemand die gewoon een radicaal afwijzende keuze maakt. En als het laatste het geval is, dan zul je in een democratische rechtsstaat met zeer zwaarwegende argumenten moeten komen om haar vanwege die keuze te beperken in haar individuele vrijheden.
Kitty schreef:Ik denk dat onderbuikgevoel te vaak wordt gebagataliseerd en afgedaan als onbelangrijk of onzinnig. Onderbuikgevoel is vaak een gevoel van afweer. Dit is iets waar wel degelijk rekening mee gehouden dient te worden. Onderbuikgevoelens zijn er niet zomaar, maar komen ergens vandaan.
Daar kan ik nog wel een stuk in mee gaan. Een onbehaaglijk gevoel bij verschijnselen die men waarneemt kan inderdaad een indicatie zijn dat er een waarde in het geding is. Probleem is alleen dat het niet automatisch betekent dat dit ook een rechtvaardige waarde hoeft te zijn.
In de jaren '50 en '60 bezorgden gemengde relaties heel veel blanke Amerikanen eveneens een naar gevoel in de onderbuik. Zozeer zelfs, dat men in tal van staten de wetgeving die interraciale relaties verbood, in stand hield, totdat het Hooggerechtshof deze in 1967 ongrondwettelijk verklaarde. De
rood gekleurde vakjes zijn staten waar de antirasvermeningswetten pas door die beslissing werden teruggedraaid.
Homoseks en homohuwelijken bezorgen tal van Amerikanen vandaag de dag een vervelend onderbuikgevoel. Geeft hen dat het recht die keuzes te verbieden?
Onderbuikgevoelens kunnen dus op zichzelf nimmer een doorslaggevend argument vormen waarom er een wet zou moeten komen die individuen in hun vrijheden beperkt. Je zult dan alleerst scherp en helder moeten formuleren welke waarden er nu precies in het geding zijn, en vandaar af inzichtelijk moeten maken waarom het rechtvaardig is om individuen op grond van een schending van deze waarden in hun vrijheid te beperken.
Kitty schreef:Het argument van aantal vind ik een slecht argument. (...) Het is óf gewenst óf ongewenst los van het aantal waar het om gaat.
Aldus sprak de
Prinzipienreiter. NIks pragmatisme dus, maar een principe-kwestie, gebaseerd op ideologische afkeer.
Maar er zijn natuurlijk tal van situaties denkbaar waarin aantal wel degelijk uitmaakt of iets acceptabel geacht moet worden of niet:
Stel dat een grasveld in het park een paar maal per maand gebruikt wordt door een paar mensen om te picknicken. Die doen niemand kwaad, en hebben daar plezier aan. Is een verbod dan noodzakelijk of gewenst? Uiteraard niet, dat brengt maar meer regelgeving met zich mee, en kosten aan ambtenaren om het verbod te controleren. Maar stel nu dat het niet een paar mensen zijn die af en toe picknicken op dat grasveld, maar honderden mensen, week in week uit, de hele zomer lang; en dat ze het grasveld kapotlopen en bezaaid laten met lege blikjes en plastic tassen; dan zou een verbod wel gerechtvaardigd kunnen zijn.
Enig idee waarom de parkeermeter en het parkeerverbod zijn uitgevonden? Dat is niet omdat een paar mensen hun auto hele dagen in een winkelgebied lieten staan, maar omdat massa's mensen dat deden. En dat leverde problemen op.
Zo zie je dat er tal van situaties zijn waarbij juist het aantal maakt of gedrag acceptabel is of zo problematisch, dat het verboden moet worden.
Kitty schreef:Indien er afweer is bij studenten indien er studenten zijn met een nikaab zou dat al een argument zijn, om te zien in hoeverre dit een negatieve invloed heeft op het sociale aspect.
Ik ken verschillende mensen die last hebben van een zweetaandoening, die maakt dat ze geweldig stinken. Dat zorgde ook voor enorme afweer bij klasgenoten en collega's. Het heeft aantoonbaar een negatieve invloed op het sociale aspect; veel meer nog, dan de niqaab heeft. Die vergeet je namelijk na een tijdje. Misschien moeten we die mensen ook maar verbieden om naar school te gaan, als dit voor jou een valide argument is om iemand het recht op school te verbieden.
In het Amerikaanse leger moeten homoseksuelen hun geaardheid verzwijgen, vanwege de afkeer van medesoldaten. Homo's die voor hun geaardheid uitkomen hebben een negatieve invloed op het sociale aspect, zo redeneert men daar. Maakt dat het 'Don't ask, don't tell'-beleid rechtvaardig?
Kitty schreef:En in de praktijk, hoe zit het met tentames? Hoe bepaal je met wie je te maken hebt? Hoe kun je fraude voorkomen indien iemand haar gezicht bedekt heeft? Dit is al een praktisch bezwaar.
Het maakt vooral duidelijk dat je geen flauw benul hebt van de praktijk van het hedendaags hoger onderwijs. Daar zit je namelijk al gauw met vijftig tot honderd studenten in een college. Dat kan zelfs wel oplopen tot zeshonderd studenten. Denk je werkelijk dat de docent alle namen en gezichten kent? Dat gegeven heeft Menthos zelfs verwerkt in
een grappige reclame: "Sorry, weet u wie ik ben?" "Ik heb geen flauw idee." [Student schuift snel zijn tentamen tussen de andere] "Dág!" Maar als docenten nu al niet precies weten of degene die het tentamen komt inleveren ook werkelijk is wie hij zegt, wat is dan het verschil met een student die examen doet in niqaab?
Kitty schreef:Waarom zou je als universiteit je druk moeten maken of vrouwen die een nikaab dragen wel of niet kunnen gaan studeren? Dat is aan de vrouwen zelf.
Waarom zou je je als universiteit überhaupt druk moeten maken over de kledingkeuze van je studenten? Is dat niet evenzogoed aan die vrouwen zelf? Bovendien verwees je naar Syrië en Frankrijk als lichtende voorbeelden, en daar zijn het niet de universiteiten, maar is het de overheid die dergelijke verboden stelt en aan die universiteiten oplegt. En het lijkt mij dat de overheid zich wel druk moet maken over het vergroten van de ontplooiingskansen van haar burgers.