siger schreef:Maar de meest duidelijke aanwijzing vind ik op p. xiv van het voorwoord:
De gewijde aard van de macht betekende dat priesters een enorme invloed hadden. Ten eerste, hadden zij het monopolie van de geschreven cultuur....
Als beslagen wetenschapper werkte Duby met talrijke bronnen en studies, niet met één zomerraportje met een niewigheid in ("in tegenstelling tot wat algemeen wordt aangenomen....")
Duby heeft het hier over de tijdsspanne van wat hij de Franse middeleeuwen noemt: 987 - 1460 oj. Ik ben het Met MNb eens dat vanaf de dertiende eeuw in enkele steden een burgerij opkwam die boekhouding kon gebruiken, zodat er ook stilaan seculiere schrijvers bijkwamen. Maar ook dat was niet algemeen kenschetsend voor de "gewone" man (de overgrote meerderheid) in die tijd.
En dat de bijbel werd aangemoedigd in die tijd kan niet onderbouwd worden. De meeste boeken waren liturgie of legenden en, zoals Lucretius al zei, ze waren duurder dan schilderwerken.
Hét middeleeuwse massamedium bij uitstek was de kerkelijke schilderkunst, die heiligenlevens, legenden en wonderen voorstelde, en een enorme impact moet gehad hebben op de geest van de bevolking. Zien is geloven, zegt men nog steeds...
Die bronnen zijn voor een belangrijk deel nog steeds zichtbaar voor ons. Je ziet dat bijbelse thema's in de minderheid zijn; het grootste deel stellen miraculeuze heiligenlevens voor, hoe lokaler hoe liever. En de heiligen worden op een slimme manier dooreengehusseld met plaatselijke weldoeners en gezagsdragers. Bijvoorbeeld in deze niet geheel pretentieloze
Kanunnik van der Paele,in gezelschap van enkele heiligen en op bezoek bij de Madonna.
