gerard_m schreef:Wanneer een behandeling de ziekte niet geneest maar wel bijdraagt aan de kwaliteit van leven, is daar niet zo veel mis mee. Ik weet niet of Bob dit ook probeert te zeggen.
Helaas voldoen niet alle alternatieve behandelaars aan deze voorwaarden:
(1) de alternatieve behandelaar kent zijn grenzen, dus weet wat hij niet kan
(2) de patiënt wordt altijd geadviseerd om naar de reguliere arts te gaan.
Neen dat is niet wat ik bedoel te zeggen.
Mijn take-home message is niet heel duidelijk (omdat het zo'n globaal onderwerp is), maar wel heel essentieel.
1. De reguliere zorg moet zich bezighouden met niet 1 effect variabele (en doet dit meestal ook niet), als de zorgbehoefte (op te delen in patient identified problems = PIPS en non-patient identified problems = NPIPS) groter en complexer is of er dysfunctionele ziekte opvattingen bestaan (= NPIPS). Het zorgproces moet, omwille van kosten, faciliteiten / beschikbaarheid (tijd, locatie, apparatuur, etc), (potentiele) gevolgen van de therapie, en (potentiele) gevolgen van niet interveniëren prioriteiten kennen en de patient dient betrokken te worden in deze "prioritering" (shared decision making).
2. Kwakzalverij grijpt in op een manier die dysfunctionele en onjuiste ziekte opvattingen (NPIPS) in stand houdt en zelfs geneigd is deze te bevestigen. 1 uitzondering wil ik genoemd hebben: validation methode bij dementie. Indien een soort validation methode bij niet-dementen als "placebo" wordt toegedient, dan is dat immoreel, en ongepast, maar zelfs dan dient de hulpverlener te benoemen dat er ingespeeld wordt op placebo / validation, zoals dat bij dementen gebeurt. Maar kwakzalverij is om bovengenoemde redenen dus onwenselijk en nooit de beste benadering van zorg, ongeacht hoeveel en of er placebo plaatsvindt.
Krautsjo schreef:Daar wou ik on topic nog aan toevoegen dat we in Nederland heel duidelijk bij de wet vastgestelde regels hebben waar iemand zich in de gezondheidszorg aan moet houden.
Dit maakt het onderscheid tusen kwak en niet-kwak ook gemakkelijker. ... <knip>
De Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) beschermt patiënten tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen door zorgverleners. En gelukkig maar,vandaar dat deze kwak aangepakt kan worden.
Onjuist. De wet BIG beschermt geregistreerde beroepen en patiënten van geregistreerde beroepen: TIJDENS HET UITVOEREN VAN DAT BEROEP.
De wet BIG bepaalt dat ik (veelal) terechte restricties heb tijdens het uitoefenen van mijn beroep, maar dat die restricties wegvallen zodra ik mijzelf kwakzalver ga noemen. Bij falen tijdens mijn beroep, kan klachten afhandeling en tucht geschieden via een gespecialiseerd instituut, welke relatief laag drempelig is, maar waar ook wel kritiek op is, omdat deze wellicht de complexiteit van een zorgproces te vaak laten doorwegen in lichtere straffen (het zou een old-boys-network zijn, is ookwel geschreven door sensatiejournalisten en er zouden maar weinig zaken in behandeling genomen worden, patient onvriendelijk dus). Als kwakzalver zou ik via civiele procedures de juridische klachtenafhandeling moeten doen, of indien aangesloten bij een vereniging voor kwakzalvers, via dat instituut informeel. Bij ernstige vormen van falen is de kwakzalver, in tegenstelling tot de beroepsbeoefenaar BIG niet verplicht het te melden bij de raad. Indien iemand bij de kwakzalver tegen de vlakte gaat en niet meer opstaat, is het aan de politie en het OM om te bepalen of er sprake is van dood door schuld / verwijtbaar handelen. Daarbij weegt mee dat de BIG beroepsbeoefenaar de adverse effects van zijn / haar interventie moet kennen en kunnen voorkomen. Het principe onbekend = onbekwaam = onbevoegd kent de kwak industrie in die zin niet, omdat het OM die feitelijk niet kent.
De vraag is dus, welke patiënt wordt beschermt door de BIG wet? Vooral de patiënt die bij een geregistreerd beroep onder behandeling is. De rest staat in de kou door de wet BIG.
Groet,
Bob