LordDragon schreef:Stijn
Wat ik nog steeds vreemd vind, is dat ik ook hier weer in een wip al 3 tegenargumenten kan geven...
zoals muisjes op de akker en wat ivm de muisjes in de stallen of de voedselopslagplaatsen?
ja, daar hadden we het al over gehad (doden mag uit zelfverdediging, als er echt geen andere optie is).
Maar voor 1 kg vlees heb je meer voedselopslagplaatsen nodig dan voor 1 kg plantaardige eiwitbron, en dus bij veganisme minder opslagplaatsen en bijgevolg minder muisjes.
graag wat links enzo wat wetenschappelijke bewijzen. Planten hebben zeker geen emoties maar niemand zal ontkennen dat zij enige voeling hebben met hun omgeving; ze zijn zich in een zeer beperkte mate tegenover een mens bewust van hun omgeving en kunnen daarop reageren, bvb bloemblaadjes sluiten.
dat lijken mij onbewuste reacties te zijn...
Hier de (objectieve) criteria om te bepalen of een wezen kan voelen...
1) De adaptieve rol van gevoelens. Pijn en andere gevoelens kunnen een levend wezen enkele adaptieve (evolutionaire) voordelen opleveren die een wezen beter aangepast maken aan zijn omgeving. Pijngevoel kan resulteren in vermijdingsgedrag (om schade en gevaar te ontlopen), het kan een beschermende functie hebben (bv. het verzorgen van pijnlijke wonden) of het kan een leerfunctie hebben (pijnlijke situaties worden onthouden om ze de volgende keer beter te kunnen vermijden). Een bewuste ervaring van pijn helpt het wezen ook om verdere schade van de kwetsuur te voorkomen (bv. het belasten van een gekwetst ledemaat). Indien er weinig aanwijzingen zijn dat een adaptieve rol aanwezig is, is de kans klein dat het wezen pijn kan voelen. We denken hierbij aan een plant die niet kan wegvluchten van gevaar, die geen vlucht-, vecht- of verstijfreactie heeft. Er is geen reden waarom een dergelijke plant zal investeren in organen die dienen om pijn of angst te kunnen voelen. Planten hebben daar geen evolutionair voordeel bij; integendeel zelfs, het onderhoud van dergelijke organen of cellen vormt een extra kost (want hersenen verbruiken heel veel energie).
2) De anatomische basis. Bij zoogdieren en mensen weten we dat pijn ontstaat door de prikkeling van speciale zenuwcellen, de pijnreceptoren, in combinatie met bepaalde processen in een centraal zenuwstelsel (de hersenen en het ruggenmerg). De aanwezigheid van dergelijke goed functionerende pijncentra in de hersenen of van pijngevoelige zenuwcellen kan als bewijs dienen dat een wezen effectief pijn kan voelen. Indien bv. de werking van pijnstillers (die op de zenuwen inwerken) kan worden vastgesteld, kunnen we aannemen dat het wezen lichamelijke pijn kan voelen. Hetzelfde verhaal voor gevoelens zoals angst, waarbij de amygdala (een bepaald deel van de hersenen) een belangrijke rol in speelt. Als dieren net als mensen dezelfde hersensystemen hebben, en als die hersensystemen bij mensen samenhangen met gevoelens (bv het limbisch systeem dat betrokken is emoties, motivaties, genot,…), dan kunnen we terecht veronderstellen dat dieren ook emoties hebben. Deze veronderstelling kunnen we nog versterken als we ons eraan herinneren dat mensen net als andere dieren dezelfde evolutionaire voorouders hebben. Er is dus een zekere continuïteit tussen mensen en andere dieren.
3) Het gedrag. Indien een wezen onaangename prikkels gaat vermijden, kan het zijn dat het pijn kan voelen (hoewel reflexmatig gedrag daarmee nog niet uit te sluiten is). Wonden verzorgen, spartelen, schreeuwen, krijsen, gelaatsspieren samentrekken,… zijn betrouwbare gedragsindicaties. Ook een bijzondere gedragsverandering zoals de verlamming door angst of het ophouden met eten indien men ernstig gewond is, zijn goede criteria die we associëren met pijn. Reflexmatig gedrag valt eventueel wel uit te sluiten als we nieuwe complexe reacties zien op prikkels, of als het gedrag lang aanhoudt (terwijl de prikkel al lang weg is).
4) De fysiologische (of psychologische) veranderingen. Een versnelde ademhaling en hartslag, een verhoogde bloeddruk of de productie van opiaten (endomorfines: natuurlijke pijnstillers die het lichaam zelf aanmaakt) zijn fysiologische veranderingen die optreden als we angst, stress of pijn voelen. Ook psychologische veranderingen kunnen optreden, want het gewaarworden van pijn veronderstelt een vorm van bewustzijn. Psychologische veranderingen en de aanwezigheid van een bewustzijn zijn echter moeilijk objectief vast te stellen.
Deze vier aanwijzingen (indicatoren) kunnen we toepassen op planten, dieren en mensen. Volgens Marc Bekoff, professor biologie en dierengedrag aan de universiteit van Colorado, is er ondertussen een wetenschappelijke consensus dat veruit de meeste gewervelde dieren (vissen, amfibieën, reptielen, vogels en voornamelijk zoogdieren) zeer waarschijnlijk pijn, angst of stress kunnen voelen. Gewervelden hebben een centraal zenuwstelsel met pijncentra en emotiesystemen die analoog zijn aan die van zoogdieren en de mens.
Per ongeluk doden mag maar wat eieren van de kip eten mag niet stijn?
inderdaad.
Hetzelfde met mensen: als jij per ongeluk iemand dood rijdt (jij was niet in fout), is dat minder strafbaar dan dat jij iemand doelbewust zou gebruiken als slaaf.