Klopt. Je kan geluk c.q. ongeluk voorstellen als een meter. Het éne uiterste (geluk) is 0 cm, het andere uiterste (ongeluk) is 100 cm. Met alle gradaties er tussen in.
Als je niets verwacht, dan kies je helemaal niks. Ik verkies dus geluk noch ongeluk. In dat niet-kiezen doet er zich iets merkwaardigs voor. Bij ongeluk volstaat het om het ongeluk waar te nemen. Bij geluk ontstaat er een gelukstoestand waarin je op gaat in dat geluk. Vandaar dat een gezellige avond ook voorbij vliegt. Of je slaagt er in om tientallen jaren lang verliefd te blijven.Aangezien geluk en ongeluk een symmetrische rol spelen in je eerste zin, hoef je ook niet zo veel te doen om ongeluk te bereiken. Aangezien mensen over het algemeen geluk verkiezen boven ongeluk, zie ik niet zo goed in wat er praktisch is aan een optie die evenveel kans heeft om het tegengestelde op te leveren van wat je verkiest.
Dat veel mensen geluk verkiezen is dus de reden waarom (sommige) mensen zo ongelukkig zijn. En dan vóelt men zich ook ongelukkig.