Consequentionalisme en de Categorische imperatief.
Geplaatst: 28 apr 2013 10:56
Een tweede filmpje dat ik vandaag bekeek op Youtube kanaal Three Minute Philosophy ging over Immanuel Kant en zijn categorische imperatief , en het verschil tussen Kant's visie en het consquentionalismme.
Beiden blijken in de praktijk niet de moraal te zijn, die wij mensen gebruiken en ik heb me uiteraard afgevraagd waarom. Allereerst wil ik hier weer eens verwijzen naar het onderwerp absolutisme Er kan nooit sprake zijn van gedrag dat absoluut ethisch is of absoluut onethisch, maar alleen van relatief ethischer of relatief onethischer gedrag. De categorische imperatief pretendeert een absolute maatstaf te zijn, en moet dus welhaast falen.
In het beroemde voorbeeld van de moordenaar die naar de verblijfplaats van zijn slachtoffer informeert, is – voor iedereen behalve voor Kant - direct duidelijk dat men een vraag niet correct kan beantwoorden als men hem niet in de juiste context plaatst. In het algemeen is het beter de waarheid te zeggen dan te liegen, maar in het algemeen is het ook beter om een moordenaar niet te helpen dan wel. De context bepaalt in wezen welk van deze algemeenheden op een bepaald moment prevaleert. De consequenties maken ons direct duidelijk waarom de regel dat we de waarheid moeten vertellen in dit geval evident niet opgaat. Tegelijkertijd beseft iedereen dat men desalniettemin maar beter niet altijd kan liegen.
Het consequentionalisme faalt echter ook als morele regel, en wel voornamelijk omdat wij de consekwenties niet altijd kunnen overzien. Om die reden gebruiken we globale richtlijnen, die in de meeste gevallen de juiste richting wijzen, en gaan we niet proberen om eerst de waarschijnlijkheid van elk scenario uit te rekenen. Dat kunnen we in de praktijk immers zelden of nooit. Deze globale richtlijnen, komen dikwijls in de buurt van Kant’s categorische inperatief, maar we zullen ze onder omstandigheden vaak (maar niet altijd) willen verlaten als we denken de consequenties wel te kunnen overzien, Maar zelfs waar we dat niet kunnen, blijken die globale richtlijnen veel beter geschikt te zijn dan enige absolute regel. We kunnen ze aardig tegen elkaar afwegen, en beseffen heel goed dat je beter iemand voor kan liegen dan om zeep helpen. En we beseffen soms ook dat Kant’s uitgangspunt dat elk mens een doel op zichzelf is, inhoudt dat als die mens er bewust voor kiest om te sterven, dit wellicht belangrijker is dan onze morele neiging om hem in leven te houden. En als iemand er op aandringt de waarheid te horen, dan zullen we dit wellicht afwegen tegen het kwaad dat we daar anderen meer doen, maar veelal niet tegen het kwaad dat die waarheid de persoon zelf eventueel zal aandoen.
“De waarheid ligt in het midden” zegt men soms, maar ik zou dat willen bestrijden. Het is absoluut onzin om een alternatief te zoeken dat de consequenties zowel als algemene regel half in acht neemt. Soms (in het geval van de moordenaar op zoek naar zijn slachtoffer) prevaleert de consequentie. Soms echter prevaleert de algemene regel. De waarheid is soms te vinden op (een van) beide uiteinden.
Dit wordt nog duidelijker als we trachten om de consequenties – die het consequentialisme als uitgangspunt wil gebruiken, gaan waarderen als wenselijk als onwenselijk. Wat de een wenselijk cindtm vindt de ander wellicht onwenselijk, en dus hebben we toch iets nodig dat lijkt op de categorische imperatief en “de mens als doel op zich”, als wij tussen de verschillende condequenties moeten kiezen.
Beiden blijken in de praktijk niet de moraal te zijn, die wij mensen gebruiken en ik heb me uiteraard afgevraagd waarom. Allereerst wil ik hier weer eens verwijzen naar het onderwerp absolutisme Er kan nooit sprake zijn van gedrag dat absoluut ethisch is of absoluut onethisch, maar alleen van relatief ethischer of relatief onethischer gedrag. De categorische imperatief pretendeert een absolute maatstaf te zijn, en moet dus welhaast falen.
In het beroemde voorbeeld van de moordenaar die naar de verblijfplaats van zijn slachtoffer informeert, is – voor iedereen behalve voor Kant - direct duidelijk dat men een vraag niet correct kan beantwoorden als men hem niet in de juiste context plaatst. In het algemeen is het beter de waarheid te zeggen dan te liegen, maar in het algemeen is het ook beter om een moordenaar niet te helpen dan wel. De context bepaalt in wezen welk van deze algemeenheden op een bepaald moment prevaleert. De consequenties maken ons direct duidelijk waarom de regel dat we de waarheid moeten vertellen in dit geval evident niet opgaat. Tegelijkertijd beseft iedereen dat men desalniettemin maar beter niet altijd kan liegen.
Het consequentionalisme faalt echter ook als morele regel, en wel voornamelijk omdat wij de consekwenties niet altijd kunnen overzien. Om die reden gebruiken we globale richtlijnen, die in de meeste gevallen de juiste richting wijzen, en gaan we niet proberen om eerst de waarschijnlijkheid van elk scenario uit te rekenen. Dat kunnen we in de praktijk immers zelden of nooit. Deze globale richtlijnen, komen dikwijls in de buurt van Kant’s categorische inperatief, maar we zullen ze onder omstandigheden vaak (maar niet altijd) willen verlaten als we denken de consequenties wel te kunnen overzien, Maar zelfs waar we dat niet kunnen, blijken die globale richtlijnen veel beter geschikt te zijn dan enige absolute regel. We kunnen ze aardig tegen elkaar afwegen, en beseffen heel goed dat je beter iemand voor kan liegen dan om zeep helpen. En we beseffen soms ook dat Kant’s uitgangspunt dat elk mens een doel op zichzelf is, inhoudt dat als die mens er bewust voor kiest om te sterven, dit wellicht belangrijker is dan onze morele neiging om hem in leven te houden. En als iemand er op aandringt de waarheid te horen, dan zullen we dit wellicht afwegen tegen het kwaad dat we daar anderen meer doen, maar veelal niet tegen het kwaad dat die waarheid de persoon zelf eventueel zal aandoen.
“De waarheid ligt in het midden” zegt men soms, maar ik zou dat willen bestrijden. Het is absoluut onzin om een alternatief te zoeken dat de consequenties zowel als algemene regel half in acht neemt. Soms (in het geval van de moordenaar op zoek naar zijn slachtoffer) prevaleert de consequentie. Soms echter prevaleert de algemene regel. De waarheid is soms te vinden op (een van) beide uiteinden.
Dit wordt nog duidelijker als we trachten om de consequenties – die het consequentialisme als uitgangspunt wil gebruiken, gaan waarderen als wenselijk als onwenselijk. Wat de een wenselijk cindtm vindt de ander wellicht onwenselijk, en dus hebben we toch iets nodig dat lijkt op de categorische imperatief en “de mens als doel op zich”, als wij tussen de verschillende condequenties moeten kiezen.