Brief aan mijn ouders
Geplaatst: 31 aug 2015 05:00
Hoi iedereen,
Hieronder een (lange) brief aan mijn christelijke ouders die ik gisteren heb geschreven. Klein beetje aangepast om de al te persoonlijke referenties eruit te halen, maar het leek me wel aardig om mijn verhaal van afvalligheid vanuit dit perspectief te delen. Even achtergrond: ik ben een NL-er, halverwege de 30, en woon nu in Azie als 'zendeling' en ICT-er... tot ik 3 maanden geleden mijn geloof verloor. Of de waarheid vond. Net hoe je het ziet...
Komtie:
Hallo pa en ma,
Dit wordt een beetje een lange en serieuze mail, ga er maar eens rustig samen voor zitten.
Ik heb een heftige tijd achter de rug, vooral de afgelopen maanden, en daar wil ik jullie wat over vertellen in deze mail.
Het gaat over mijn geloof. Zoals jullie weten en zelf al de jaren in meegelopen hebben ben ik vanaf kinds af aan een overtuigd Christen geweest. Kerk, kinderclub, discussies op school met de meester over New Age, WWJD bandjes, EO weekenden, bijbellezen aan tafel & in bed, bidden, etcetera, etcetera. De wereld was ook heel duidelijk voor mij: we geloven in de Bijbel, in alles wat erin staat, inclusief de Heilige Geest en we proberen daarin andere mensen te stimuleren om ook zo die relatie met de Heer te hebben.
Ik heb zo jarenlang met veel plezier in de hervormde kerk en later in de vrijgemaakte kerk gezeten met het idee dat ik andere mensen in de kerk iets kon leren van het rijke leven dat je met God mag hebben (gemeentegroeigroepen, later bijbelkringen in de vrijgemaakte kerk). Geloven was voor mij heel helder, ik zei ook soms tegen anderen dat ik de gave van geloof had. Ik dacht superveel over dingen na natuurlijk, maar kwam nooit tot conclusies die de Bijbel tegenspraken of iets dergelijks.
Zoals jullie weten heb ik ook al sinds jong (13 jaar) het verlangen gehad om ooit naar het buitenland te gaan (dat is in elk geval gelukt!). Zo vertrokken mijn vrouw en ik naar Engeland, waar we een goede tijd hebben gehad en superveel hebben geleerd.
Het was op college in Engeland wel dat er het een en ander begon te veranderen. We veranderen als mensen natuurlijk continu, maar het is een hele ervaring om ineens van full-time werkende naar full-time studerende over te gaan, en zeker ook om ineens niet meer iets naar anderen over te hoeven brengen in je geloof, maar om slechts te ontvangen en daar dan hard over na te denken en ook kritisch over na te denken. College was zeker een plek waar ze er veel aan deden om je relatie met God te versterken, tegelijk was het ook een academische plaats (ze zijn verbonden aan de open universiteit in Engeland) dus je werd ook aangemoedigd om veel auteurs te lezen en je eigen mening te vormen.
Het duurde eigenlijk niet lang (binnen een jaar in Engeland) dat ik me bewust werd van wat ongemakkelijke gedachten in mezelf. En dat kwam juist niet door het lezen van allerlei vrijzinnige lectuur, maar meer eigenlijk vanuit de studie van zending en hoe dat in de Bijbel beschreven staat en wat we er van kunnen leren. We leerden namelijk in de college hoe we allemaal ons eigen wereldbeeld hebben; een manier van aankijken tegen het hele leven, je diepste overtuigingen. Voor de één is dat een christelijk wereldbeeld, voor de ander moslim, voor een ander atheistisch, etc.
Het was juist de passie van God voor het verlorene die twijfels bij mij naar boven brachten in het christelijke wereldbeeld. Even heel kort door de bocht: als God echt wil dat alle mensen gered worden, als Hij echt van de wereld houdt, waarom is Hij dan zo enorm verborgen? Ik twijfelde geen seconde aan het bestaan van God, maar er begon zich een alternatief wereldbeeld in mijn hoofd te vormen: misschien heeft God dan wel dit hele heelal gemaakt, maar bemoeit Hij zich er gewoon niet mee, voor wat voor reden dan ook?
Ik liet deze twijfels niet de overhand laten nemen, en heb er onderzoek naar gedaan, voor gebeden, bijbel gelezen, weggeduwd, etc. Toch bleef het maar een ongemakkelijke situatie. Bij elk ding waarvan ik dacht: “daar kun je God duidelijk in zien”, bleek bij nader onderzoek dat er net zo goed andere verklaringen zijn. Of nog sterker, dat ik aanwijzingen vond dat de wereld zoals hij is, in tegenspraak is met wat de Bijbel erover zegt. En dan komen we bijvoorbeeld bij vragen waarom God zich niet toont aan mensen waarvan Hij zegt dat Hij ze wil redden (1 tim 2:4, 2 Petrus 3:9) – en dat dan gewoon niet doet, terwijl Hij alle macht heeft om dat te doen. Stel het leven maar eens voor van iemand die 80 jaar op deze aarde leeft, in een niet-christelijk gezin is opgegroeid, en af en toe eens een christen tegenkomt die iets verteld over God. Dat gaat wellicht volledig langs hem/haar heen. Kun je dat zo iemand kwalijk nemen? Waarom stuurt God geen engel die het gewoon even duidelijk uitlegt? Waarom geen visioen? Waarom beantwoord de Bijbel dit soort vragen niet gewoon helder zonder allerlei omwegen? Afijn, dat soort dingen kwamen dan naar boven.
Dit weerhield me er niet van om toch met zendingsorganisatie XXX in zee te gaan, en naar land YYYY te gaan. Ik was in het volle vertrouwen dat ik niet uit de hand van Jezus geroofd zou kunnen worden, en dat Hij mijn paden recht zou maken. Twijfel is namelijk heel normaal als je theologie studeert, zo werd mij verzekerd.
Hier in land YYY was het al vrij snel lastig voor ons in de relatieve eenzaamheid na zoveel gezelligheid op de college, ik voelde me ongemakkelijk en klem zitten hier. Ik vond het werk erg leuk maar voelde me niet zo op mijn plek. Niet lekker in mijn vel. Veel gesprekken gehad met de pastor hier, en het ook over mijn geloofstwijfels gehad. Dat wisten we toen wel te stabiliseren.
Afgelopen mei kwam het echter in alle hevigheid terug. Ik voelde me weer helemaal klem zitten.. Ik was al blij dat we hadden besloten na een jaar terug te gaan, en in elk geval weer in Nederland te zijn, maar dat was nog niet genoeg. Ik merkte dat ik een soort van depressief aan het worden was, verdrietig, en boos tegelijk, en had echt continu het gevoel dat ik helemaal niet op mijn plek zat, maar ik kon het toch niet helemaal plaatsen. Op een avond begin juni (dit jaar) was ik alleen en zat ik te Googlen op de bank. Ik dacht eerst aan een midlife crisis – maar daarvoor ben ik nog een beetje jong en daar leek het ook helemaal niet op.
Tot ik op een blog kwam die ging over hoe mensen zich voelen als ze hun geloof verliezen. Het is net als een rouwproces – alsof je een kind of je ouders verliest of iets dergelijk. De emoties die daarbij beschreven werden, en het hele proces – het sloeg in als een bom bij mij. Ik heb de afgelopen vijf jaren God ontzettend vaak gevraagd mij weer geloof te geven, maar dat was altijd een verzoek, ik zat nog nooit op de ‘bodem’. Die avond zat ik wel op de bodem. Ik kon niet meer. Ik kon niet meer volhouden de zendeling te zijn en van binnen met 100 vragen te zitten waar ik geen antwoord op kon vinden. Het christelijke wereldbeeld leek gewoon zo onlogisch geworden, en een meer ‘agnostisch’ wereldbeeld (“we weten het niet”) leek zo veel logischer. Maar ik wilde Jezus niet kwijt!
Ik heb het uitgeschreeuwd naar God: “Here ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp! U zei toch: een vader geeft zijn zoon toch zeker geen slang als hij hem om een vis vraagt, hoeveel te meer zal de hemelse Vader de Heilige Geest geven aan hen die Hem erom vragen! Zoekt en gij zult vinden! Here, ik heb u nu nodig of ik kan dit niet meer! Ik heb een teken nodig, iets!”
Tot mijn grote schrik gebeurde er toen...
helemaal niets.
Dat was het moment waarop ik – noodgedwongen – mijn geloof los heb moeten laten. God – of hoe je het noemt wat dit heelal heeft bedacht - bemoeit zich kennelijk niet met ons. De grond zakte onder mijn voeten weg. Tijdens het avondeten was ik nog een christen. Nu kon ik dat ineens niet meer zeggen. De hemel? Is er misschien wel helemaal niet. Een groter doel in mijn leven? Foetsie. Werk? Moeilijk. Vrienden? Bijna allemaal christenen. Familie? Ook. HELP!
Dat is nu bijna drie maanden geleden. Het zou fantastisch zijn om te schrijven dat dit een ‘donkere nacht van de ziel’ was en dat ik er nu helemaal uit ben. Nee. Het voelt meer aan alsof ik al vijf jaar lang aan het strijden ben om een bittere pil van de waarheid te slikken, en ik dat nu eindelijk heb gedaan. Die avond dat ik mijn geloof los moest laten vind ik eigenlijk de meest oprechte ‘religieuze’ ervaring die ik ooit heb gehad. Niks geen demonische bezetenheid of een beslissing uit egoistische motieven. Meer een schreeuw uit het diepst van mijn hart en het onderste van mijn tenen, harder dan ooit daarvoor. Er is geen God. Of in elk geval geen God die zich met mij of wie dan ook bemoeit, zo ervaar ik dat.
In het begin was dat verschrikkelijk eng en heb ik ook veel gebeden (ironisch genoeg). Totale radiostilte van de andere kant. Ik heb ontzettend veel gelezen (en nog) van andere mensen met vergelijkbare ervaringen op internet; er zijn echt duizenden verhalen van. Er is zelfs een hele gemeenschap van voorgangers en zendelingen die niet langer geloven, en daar in vertrouwen met elkaar over kunnen spreken. Daar heb ik wel veel herkenning van gekregen, en ook veel hulp in wat je kan helpen in zo’n tijd.
Nu gaat het eigenlijk een stuk beter met me, beter dan in tijden. Ik heb het eeuwigheids-denken over mijn leven los moeten laten, en zie daarin juist de waarde van de dingen van dit leven. Omdat ik geen eeuwigheid meer heb, is elke dag op aarde meer waard geworden. Ineens zijn kinderen en mijn vrouw in zekere zin belangrijker geworden. Ik voel me meer ‘één’, geen interne strijd meer tussen wat ik zeg te zijn en waar ik van binnen van overtuigd ben. Ik doe of laat dingen niet meer omdat God dat zo vind, maar omdat ik daar zelf helemaal van overtuigd ben (overigens is daar heel weinig aan veranderd!). Dat is eigenlijk makkelijker. Ik vind zin in mijn leven in de dingen die je doet, die je bent, in je relatie tot de wereld, vrienden, familie, gezin en de bijdrage je die mag leveren.
Uiteraard zijn er wel heel erg veel gevolgen. Ten eerste mijn werk [knip – een persoonlijk stukje wat verder weinig toevoegt].
Nog belangrijker is natuurlijk mijn vrouw. [knip – persoonlijk relaas eruit gehaald] In zeker zin is het goed nu alles eens goed door te nemen en niet aan te nemen dat God bepaalde dingen wel zal repareren.
De kinderen weten nog van niks. Dat komt later wel. De kerk weet het wel (hier in PPPP), althans de mensen waar ik direct mee werkte. Zendingsorganisatie XXX weet het ook, sinds een maand of twee. De sectorleider hier veel met me gepraat over mijn ‘geloofstwijfels’, maar dat heeft niet het effect gehad dat hij graag zag.
Goed, er valt nog veel meer te zeggen. Ik wil deze mail niet helemaal dichttimmeren. Uiteraard vind ik het super moeilijk om dit te vertellen, ik weet maar al te goed hoezeer dit jullie aan het hart gaat, ik was zelf net zo. Ik kan die bril als het ware zo weer opzetten en het verdriet voelen.
Wel vind ik het fijn als jullie in elk geval weten (wellicht niet begrijpen) dat ik niet ervoor heb ‘gekozen’ om niet langer in God te geloven, dat ik boos op God was en lekker mijn eigen zin wilde doen o.i.d. Dat is vaak het stereotiepe beeld en ik merk dat ik het erg vervelend vind als mensen dat over mij zeggen, juist omdat ik zoveel moeite heb gedaan om Jezus vast te houden.
Weet ook dat ik helemaal niet boos op jullie ben dat jullie mij christelijk hebben opgevoed of iets dergelijks; er zijn honderden miljoenen mensen die zo geloven dus dat is helemaal niet vreemd. Jullie deden daarin wat jullie goed achten. Ik heb zelf hetzelfde gedacht, alleen ben er nu uitgegroeid.
Wat het onder andere wel lastig maakt om het jullie te vertellen is de stellige overtuiging waarmee dingen werden en worden geloofd, en de rechtstreekse aanval op alles wat met twijfelen te maken had. Ik kan me heel veel neerbuigende opmerkingen over twijfel tijdens mijn opvoeding herinneren, en ik kan me niet één positieve opmerking erover bedenken. Ik vond het daarmee ook heel lastig om te merken dat ik in Engeland oprecht ging twijfelen, en had dus moeite om dat naar mezelf te erkennen, later naar mijn vrouw, en had zoveel ‘schroom’ daarbij dat ik het nooit met jullie heb gedeeld.
Natuurlijk zal dit onderwerp wat onwennig of lastig zijn, maar ik probeer er zo ontspannen mogelijk mee om te gaan. Ik heb helemaal geen behoefte om mijn naasten van mijn “gelijk” te gaan overtuigen. Er is geen atheistische versie van de hel waar ik christenen van moet redden of iets dergelijks. Of een hemel waar je terecht komt. Niemand heeft de waarheid in pacht. Wel zijn sommige uitspraken en gedachten meer waar dan de anderen, en ik ben dus vooral op zoek naar de waarheid. Dat is uiteindelijk de passie waar het bij mij om draait: is het waar, of niet? De Bijbel is echt fantastisch om te geloven (dat meen ik) maar het blijkt volgens mij gewoon niet waar te zijn. En dat is toch waar het uiteindelijk voor mij om draait.
En ik snap prima hoe fijn het is om te geloven en vind het ook niet erg daar iets over te horen. Ik blijf dat interessant vinden. Alleen zal ik nu niet meegaan in geloofsuitspraken, maar dat betekent niet dat ik dat allemaal belachelijk vind. Het is gewoon alleen niet meer voor mij.
Ik hoop dat jullie nog adem halen na het lezen van dit nieuws. Het is behoorlijk heftig kan ik me zo voorstellen.
[knip – persoonlijke uitnodig voor verder gesprek]
Liefs,
EJ
Hieronder een (lange) brief aan mijn christelijke ouders die ik gisteren heb geschreven. Klein beetje aangepast om de al te persoonlijke referenties eruit te halen, maar het leek me wel aardig om mijn verhaal van afvalligheid vanuit dit perspectief te delen. Even achtergrond: ik ben een NL-er, halverwege de 30, en woon nu in Azie als 'zendeling' en ICT-er... tot ik 3 maanden geleden mijn geloof verloor. Of de waarheid vond. Net hoe je het ziet...
Komtie:
Hallo pa en ma,
Dit wordt een beetje een lange en serieuze mail, ga er maar eens rustig samen voor zitten.
Ik heb een heftige tijd achter de rug, vooral de afgelopen maanden, en daar wil ik jullie wat over vertellen in deze mail.
Het gaat over mijn geloof. Zoals jullie weten en zelf al de jaren in meegelopen hebben ben ik vanaf kinds af aan een overtuigd Christen geweest. Kerk, kinderclub, discussies op school met de meester over New Age, WWJD bandjes, EO weekenden, bijbellezen aan tafel & in bed, bidden, etcetera, etcetera. De wereld was ook heel duidelijk voor mij: we geloven in de Bijbel, in alles wat erin staat, inclusief de Heilige Geest en we proberen daarin andere mensen te stimuleren om ook zo die relatie met de Heer te hebben.
Ik heb zo jarenlang met veel plezier in de hervormde kerk en later in de vrijgemaakte kerk gezeten met het idee dat ik andere mensen in de kerk iets kon leren van het rijke leven dat je met God mag hebben (gemeentegroeigroepen, later bijbelkringen in de vrijgemaakte kerk). Geloven was voor mij heel helder, ik zei ook soms tegen anderen dat ik de gave van geloof had. Ik dacht superveel over dingen na natuurlijk, maar kwam nooit tot conclusies die de Bijbel tegenspraken of iets dergelijks.
Zoals jullie weten heb ik ook al sinds jong (13 jaar) het verlangen gehad om ooit naar het buitenland te gaan (dat is in elk geval gelukt!). Zo vertrokken mijn vrouw en ik naar Engeland, waar we een goede tijd hebben gehad en superveel hebben geleerd.
Het was op college in Engeland wel dat er het een en ander begon te veranderen. We veranderen als mensen natuurlijk continu, maar het is een hele ervaring om ineens van full-time werkende naar full-time studerende over te gaan, en zeker ook om ineens niet meer iets naar anderen over te hoeven brengen in je geloof, maar om slechts te ontvangen en daar dan hard over na te denken en ook kritisch over na te denken. College was zeker een plek waar ze er veel aan deden om je relatie met God te versterken, tegelijk was het ook een academische plaats (ze zijn verbonden aan de open universiteit in Engeland) dus je werd ook aangemoedigd om veel auteurs te lezen en je eigen mening te vormen.
Het duurde eigenlijk niet lang (binnen een jaar in Engeland) dat ik me bewust werd van wat ongemakkelijke gedachten in mezelf. En dat kwam juist niet door het lezen van allerlei vrijzinnige lectuur, maar meer eigenlijk vanuit de studie van zending en hoe dat in de Bijbel beschreven staat en wat we er van kunnen leren. We leerden namelijk in de college hoe we allemaal ons eigen wereldbeeld hebben; een manier van aankijken tegen het hele leven, je diepste overtuigingen. Voor de één is dat een christelijk wereldbeeld, voor de ander moslim, voor een ander atheistisch, etc.
Het was juist de passie van God voor het verlorene die twijfels bij mij naar boven brachten in het christelijke wereldbeeld. Even heel kort door de bocht: als God echt wil dat alle mensen gered worden, als Hij echt van de wereld houdt, waarom is Hij dan zo enorm verborgen? Ik twijfelde geen seconde aan het bestaan van God, maar er begon zich een alternatief wereldbeeld in mijn hoofd te vormen: misschien heeft God dan wel dit hele heelal gemaakt, maar bemoeit Hij zich er gewoon niet mee, voor wat voor reden dan ook?
Ik liet deze twijfels niet de overhand laten nemen, en heb er onderzoek naar gedaan, voor gebeden, bijbel gelezen, weggeduwd, etc. Toch bleef het maar een ongemakkelijke situatie. Bij elk ding waarvan ik dacht: “daar kun je God duidelijk in zien”, bleek bij nader onderzoek dat er net zo goed andere verklaringen zijn. Of nog sterker, dat ik aanwijzingen vond dat de wereld zoals hij is, in tegenspraak is met wat de Bijbel erover zegt. En dan komen we bijvoorbeeld bij vragen waarom God zich niet toont aan mensen waarvan Hij zegt dat Hij ze wil redden (1 tim 2:4, 2 Petrus 3:9) – en dat dan gewoon niet doet, terwijl Hij alle macht heeft om dat te doen. Stel het leven maar eens voor van iemand die 80 jaar op deze aarde leeft, in een niet-christelijk gezin is opgegroeid, en af en toe eens een christen tegenkomt die iets verteld over God. Dat gaat wellicht volledig langs hem/haar heen. Kun je dat zo iemand kwalijk nemen? Waarom stuurt God geen engel die het gewoon even duidelijk uitlegt? Waarom geen visioen? Waarom beantwoord de Bijbel dit soort vragen niet gewoon helder zonder allerlei omwegen? Afijn, dat soort dingen kwamen dan naar boven.
Dit weerhield me er niet van om toch met zendingsorganisatie XXX in zee te gaan, en naar land YYYY te gaan. Ik was in het volle vertrouwen dat ik niet uit de hand van Jezus geroofd zou kunnen worden, en dat Hij mijn paden recht zou maken. Twijfel is namelijk heel normaal als je theologie studeert, zo werd mij verzekerd.
Hier in land YYY was het al vrij snel lastig voor ons in de relatieve eenzaamheid na zoveel gezelligheid op de college, ik voelde me ongemakkelijk en klem zitten hier. Ik vond het werk erg leuk maar voelde me niet zo op mijn plek. Niet lekker in mijn vel. Veel gesprekken gehad met de pastor hier, en het ook over mijn geloofstwijfels gehad. Dat wisten we toen wel te stabiliseren.
Afgelopen mei kwam het echter in alle hevigheid terug. Ik voelde me weer helemaal klem zitten.. Ik was al blij dat we hadden besloten na een jaar terug te gaan, en in elk geval weer in Nederland te zijn, maar dat was nog niet genoeg. Ik merkte dat ik een soort van depressief aan het worden was, verdrietig, en boos tegelijk, en had echt continu het gevoel dat ik helemaal niet op mijn plek zat, maar ik kon het toch niet helemaal plaatsen. Op een avond begin juni (dit jaar) was ik alleen en zat ik te Googlen op de bank. Ik dacht eerst aan een midlife crisis – maar daarvoor ben ik nog een beetje jong en daar leek het ook helemaal niet op.
Tot ik op een blog kwam die ging over hoe mensen zich voelen als ze hun geloof verliezen. Het is net als een rouwproces – alsof je een kind of je ouders verliest of iets dergelijk. De emoties die daarbij beschreven werden, en het hele proces – het sloeg in als een bom bij mij. Ik heb de afgelopen vijf jaren God ontzettend vaak gevraagd mij weer geloof te geven, maar dat was altijd een verzoek, ik zat nog nooit op de ‘bodem’. Die avond zat ik wel op de bodem. Ik kon niet meer. Ik kon niet meer volhouden de zendeling te zijn en van binnen met 100 vragen te zitten waar ik geen antwoord op kon vinden. Het christelijke wereldbeeld leek gewoon zo onlogisch geworden, en een meer ‘agnostisch’ wereldbeeld (“we weten het niet”) leek zo veel logischer. Maar ik wilde Jezus niet kwijt!
Ik heb het uitgeschreeuwd naar God: “Here ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp! U zei toch: een vader geeft zijn zoon toch zeker geen slang als hij hem om een vis vraagt, hoeveel te meer zal de hemelse Vader de Heilige Geest geven aan hen die Hem erom vragen! Zoekt en gij zult vinden! Here, ik heb u nu nodig of ik kan dit niet meer! Ik heb een teken nodig, iets!”
Tot mijn grote schrik gebeurde er toen...
helemaal niets.
Dat was het moment waarop ik – noodgedwongen – mijn geloof los heb moeten laten. God – of hoe je het noemt wat dit heelal heeft bedacht - bemoeit zich kennelijk niet met ons. De grond zakte onder mijn voeten weg. Tijdens het avondeten was ik nog een christen. Nu kon ik dat ineens niet meer zeggen. De hemel? Is er misschien wel helemaal niet. Een groter doel in mijn leven? Foetsie. Werk? Moeilijk. Vrienden? Bijna allemaal christenen. Familie? Ook. HELP!
Dat is nu bijna drie maanden geleden. Het zou fantastisch zijn om te schrijven dat dit een ‘donkere nacht van de ziel’ was en dat ik er nu helemaal uit ben. Nee. Het voelt meer aan alsof ik al vijf jaar lang aan het strijden ben om een bittere pil van de waarheid te slikken, en ik dat nu eindelijk heb gedaan. Die avond dat ik mijn geloof los moest laten vind ik eigenlijk de meest oprechte ‘religieuze’ ervaring die ik ooit heb gehad. Niks geen demonische bezetenheid of een beslissing uit egoistische motieven. Meer een schreeuw uit het diepst van mijn hart en het onderste van mijn tenen, harder dan ooit daarvoor. Er is geen God. Of in elk geval geen God die zich met mij of wie dan ook bemoeit, zo ervaar ik dat.
In het begin was dat verschrikkelijk eng en heb ik ook veel gebeden (ironisch genoeg). Totale radiostilte van de andere kant. Ik heb ontzettend veel gelezen (en nog) van andere mensen met vergelijkbare ervaringen op internet; er zijn echt duizenden verhalen van. Er is zelfs een hele gemeenschap van voorgangers en zendelingen die niet langer geloven, en daar in vertrouwen met elkaar over kunnen spreken. Daar heb ik wel veel herkenning van gekregen, en ook veel hulp in wat je kan helpen in zo’n tijd.
Nu gaat het eigenlijk een stuk beter met me, beter dan in tijden. Ik heb het eeuwigheids-denken over mijn leven los moeten laten, en zie daarin juist de waarde van de dingen van dit leven. Omdat ik geen eeuwigheid meer heb, is elke dag op aarde meer waard geworden. Ineens zijn kinderen en mijn vrouw in zekere zin belangrijker geworden. Ik voel me meer ‘één’, geen interne strijd meer tussen wat ik zeg te zijn en waar ik van binnen van overtuigd ben. Ik doe of laat dingen niet meer omdat God dat zo vind, maar omdat ik daar zelf helemaal van overtuigd ben (overigens is daar heel weinig aan veranderd!). Dat is eigenlijk makkelijker. Ik vind zin in mijn leven in de dingen die je doet, die je bent, in je relatie tot de wereld, vrienden, familie, gezin en de bijdrage je die mag leveren.
Uiteraard zijn er wel heel erg veel gevolgen. Ten eerste mijn werk [knip – een persoonlijk stukje wat verder weinig toevoegt].
Nog belangrijker is natuurlijk mijn vrouw. [knip – persoonlijk relaas eruit gehaald] In zeker zin is het goed nu alles eens goed door te nemen en niet aan te nemen dat God bepaalde dingen wel zal repareren.
De kinderen weten nog van niks. Dat komt later wel. De kerk weet het wel (hier in PPPP), althans de mensen waar ik direct mee werkte. Zendingsorganisatie XXX weet het ook, sinds een maand of twee. De sectorleider hier veel met me gepraat over mijn ‘geloofstwijfels’, maar dat heeft niet het effect gehad dat hij graag zag.
Goed, er valt nog veel meer te zeggen. Ik wil deze mail niet helemaal dichttimmeren. Uiteraard vind ik het super moeilijk om dit te vertellen, ik weet maar al te goed hoezeer dit jullie aan het hart gaat, ik was zelf net zo. Ik kan die bril als het ware zo weer opzetten en het verdriet voelen.
Wel vind ik het fijn als jullie in elk geval weten (wellicht niet begrijpen) dat ik niet ervoor heb ‘gekozen’ om niet langer in God te geloven, dat ik boos op God was en lekker mijn eigen zin wilde doen o.i.d. Dat is vaak het stereotiepe beeld en ik merk dat ik het erg vervelend vind als mensen dat over mij zeggen, juist omdat ik zoveel moeite heb gedaan om Jezus vast te houden.
Weet ook dat ik helemaal niet boos op jullie ben dat jullie mij christelijk hebben opgevoed of iets dergelijks; er zijn honderden miljoenen mensen die zo geloven dus dat is helemaal niet vreemd. Jullie deden daarin wat jullie goed achten. Ik heb zelf hetzelfde gedacht, alleen ben er nu uitgegroeid.
Wat het onder andere wel lastig maakt om het jullie te vertellen is de stellige overtuiging waarmee dingen werden en worden geloofd, en de rechtstreekse aanval op alles wat met twijfelen te maken had. Ik kan me heel veel neerbuigende opmerkingen over twijfel tijdens mijn opvoeding herinneren, en ik kan me niet één positieve opmerking erover bedenken. Ik vond het daarmee ook heel lastig om te merken dat ik in Engeland oprecht ging twijfelen, en had dus moeite om dat naar mezelf te erkennen, later naar mijn vrouw, en had zoveel ‘schroom’ daarbij dat ik het nooit met jullie heb gedeeld.
Natuurlijk zal dit onderwerp wat onwennig of lastig zijn, maar ik probeer er zo ontspannen mogelijk mee om te gaan. Ik heb helemaal geen behoefte om mijn naasten van mijn “gelijk” te gaan overtuigen. Er is geen atheistische versie van de hel waar ik christenen van moet redden of iets dergelijks. Of een hemel waar je terecht komt. Niemand heeft de waarheid in pacht. Wel zijn sommige uitspraken en gedachten meer waar dan de anderen, en ik ben dus vooral op zoek naar de waarheid. Dat is uiteindelijk de passie waar het bij mij om draait: is het waar, of niet? De Bijbel is echt fantastisch om te geloven (dat meen ik) maar het blijkt volgens mij gewoon niet waar te zijn. En dat is toch waar het uiteindelijk voor mij om draait.
En ik snap prima hoe fijn het is om te geloven en vind het ook niet erg daar iets over te horen. Ik blijf dat interessant vinden. Alleen zal ik nu niet meegaan in geloofsuitspraken, maar dat betekent niet dat ik dat allemaal belachelijk vind. Het is gewoon alleen niet meer voor mij.
Ik hoop dat jullie nog adem halen na het lezen van dit nieuws. Het is behoorlijk heftig kan ik me zo voorstellen.
[knip – persoonlijke uitnodig voor verder gesprek]
Liefs,
EJ