Achterin onze tuin staat een nogal hitserige magnoliaboom. Hij heeft vier kronkelige stammen en omdat hij de pan uitrees heb ik hem een paar jaar geleden tot ongeveer 1 meter boven de grond gekapt. Daar stonden ze dan, 4 houten poten, ik hoopte dat ik haar een beetje om zeep had geholpen want hij stond me danig in de weg. Maar nee hoor, ze besloot terug te slaan en binnen korte tijd was ze nog veel hoger en lastiger dan daarvoor, probeerde het tuinhuisje al omver te duwen. Ik gaf mij gewonnen en besloot haar met rust te laten.
Twee jaar geleden staat er een man voor de deur, een leukerd. Hij legt uit dat hij wel wat ziet in mijn magnolia. Hij wil hem voor mij snoeien en neemt de takken mee in zijn bus. Ik begrijp niet wat er voor hèm inzit maar dan vertelt hij dat hij een schuur huurt in Heino en samen met een vriend stoken ze daar de beknopte takken klaar voor de betere bloemenzaak. Hij had een goede opleiding tot bezitter van een van de betere kantoorbanen maar het beklemde hem en zo zette hij met zijn vriend de magnoliatakken-biznis op, ik vond het een vondst. Op deze manier heeft hij dan een paar maanden in het jaar vrij om te lezen en te schrijven want zijn passie ligt daar waar zijn grootste beklemming ligt, religieuze filosofie. Zo streng gereformeerd opgevoed dat er allerlei psychiatrische toestanden aan te pas moesten komen om ze er vanaf te helpen. Nu waren hij en zijn magnoliatakken-maat niet meer in de Heer van hun jeugd maar vriend was in Doooyeweerd en hij in Spinoza. Met de passie van een dominee wilde hij via zijn nog te schrijven werken de wereld zijn enthousiasme over Spinoza’s werk overbrengen. Dan raken wij daar onder de kreunende takken van de magnolia in gesprek over god of liever gezegd over dat wat hij het onnoembare noemde. De liefde voor het onnoembare spat er van alle kanten vanaf, iets wat ik bij Spinoza en zijn adder onder het gras nooit zo ervaren heb.
In het vuur van zijn betoog vraagt hij mij wat ik eigenlijk geleerd heb van Spinoza. Ik zeg dat ik bij Spinoza pas goed besefte dat alles uit dat ene kwam, ook het meer, meer, meer. Hij kijkt mij bedroefd aan alsof je daar Spinoza voor nodig hebt. Er is nog een hoop werk aan de winkel.
Vorige week stond hij weer voor de deur. Ook nu bleef het goede gesprek onder de magnolia niet uit. Het gesprek verliep exact hetzelfde, we hadden beide twee jaar stilgestaan. Geen drukte meer, geen gehol, gewoon een herhaling van zetten. Hij nog even gepassioneerd en ik nog evenzeer genietend van die bijzondere gesprekken die je soms met mensen kunt hebben die je niet of nauwelijks kent.
Onder de magnolia.
Moderator: Moderators
- Rereformed
- Moderator
- Berichten: 15611
- Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
- Locatie: Finland
- Contacteer:
Re: Onder de magnolia.
Prachtige tekst die een glimlach op het gezicht achterlaat. 
Born OK the first time
Re: Onder de magnolia.
Wij wonen in een voormalige herberg aan de rand van Zwolle. Herberg ‘de Wipstrik’, waarschijnlijk heeft op de plek van de wellustige magnolia eens een galg gestaan. Onze woonkamer was vroeger deels café, deels feestzaal en in die feestzaal staat een haard met een loei van schouw waar een gerookte everzwijn zich prima in zou thuisvoelen. Brand de haard dan merken wij er niet veel van maar de vogels boven ons huis barsten spontaan uit in een fluitconcert en trekken hun jassen uit.
En zo kreeg ik dan een tijd geleden sites te zien van een soort miniatuurbunkers die ik zo goed kende uit de duinen van mijn jeugd. Mij werd uitgelegd dat het spekstenen kachels waren voor een ultieme warmtebeleving en of ik het misschien leuk zo vinden zo’n bunker in de kamer te krijgen.
We togen naar het Stokertje en lieten ons voorlichten. Er stond een gezellig gietijzeren kacheltje waar een pan op stond met zacht pruttelende knakworstjes, ik was op slag verliefd. Met zachte hand werd ik echter naar de bunkerafdeling geduwd. En wat is de bedoeling, vroeg de verkoper, moet de kachel vóor de haard komen of in plaats van. In dat stadium hadden mijn hersens zich nog niet bevonden, ik moest me er nu toch echt wel mee bemoeien, een bunker voor die waanzinnig grote schouw dat zou echt wanstaltig zijn. Een bunker, daar kon ik nog wel overheen komen maar dan moest wel die schouw weg.
Door buren werd ons een erkende klusser aanbevolen. Een man zo groot dat hij amper door de deur kon, hij heeft het zaakje opgemeten en we dronken nog langdurig koffie met sappige verhalen over oud Zwollenaren. Al wat er later kwam, geen offerte, ook niet na nog wat met hem gebeld te hebben. Ik zal het kort houden maar er kwamen nog verschillende mannen over de vloer die vervolgens niets meer van zich lieten horen. Slechts eentje belde om te zeggen dat hij het van zijn baas niet doen mocht. Er was iets met die haard, maar wat? Hingen de geesten van de galg nog in ons huis en hadden zij zich verschalkt in de haard, witte wieven? Ik raakte al weer helemaal verrukt van het grote gevaarte, ik ben dol op mysterie. De laatste poging slaagde… althans, na veel bellen kregen we een offerte en 1 december komen ze haar slopen.
De aannemer wist een goed adres voor ons nieuwe bunkertje. Ergens in het buitengebied van Hoonhorst staat een schuur vol kachels met een hele vrolijke jongen, de beheerder. Ik schat in dat het zijn boerderij is maar dat hij liever kachels houdt dan de meer bewerkelijke varkens van zijn vader. De volgende stap was een vloer, de grond onder de schouw en twee reuze geraniumbakken (?) aan haar zijde moet worden opgevuld. Provincies werden afgereden voor materiaal. Het werden cobblestones. Cobblestones ?, zult u denken, zijn dat geen buitenstenen, kan zijn maar bij ons komen ze binnen. Gratis afgehaald bij een zeer vriendelijke man in de diepe duisternis van Friesland.
Er werden twee houtopslagplaatsen getimmerd, de eerste met een gratis leistenen dak uit Kampen met grote stenen erop om daklawines tegen te gaan, mocht het klimaat het op zijn heupen krijgen. De tweede is nog in aanbouw, gister hebben we materiaal gehaald in Hengelo.
In Hengelo bevindt zich het paradijs, ik weet nu precies hoe dat eruit ziet. Het moet iets geweest zijn als Erve Woldhuis. Er bevinden zich prachtige historische bouwmaterialen, alleen maar steen en hout. Ik kon er maar moeilijk afblijven. Tussen het steen en hout liepen vriendelijke jongens die zich niet met ons bemoeiden zolang we ze niet nodig hadden.
We klauterden over steenmassa’s tot we ze vonden…de nonnen en de paters. Het is je reinste seksisme, de paters zijn rank met een parmantig piemeltje, de nonnen zijn log, veel breder en vormlozer, veel volkser ook, echte boerentrienen. Ze liggen nu op ons plaatsje, gescheiden van elkaar. Vanmorgen heeft deze dame geschilderd om ze zo snel als mogelijk weer tegen elkaar aan te kunnen leggen. En nu maar hopen dat de geesten uit mijn haard maandag de slopers zullen toelaten.
En zo kreeg ik dan een tijd geleden sites te zien van een soort miniatuurbunkers die ik zo goed kende uit de duinen van mijn jeugd. Mij werd uitgelegd dat het spekstenen kachels waren voor een ultieme warmtebeleving en of ik het misschien leuk zo vinden zo’n bunker in de kamer te krijgen.
We togen naar het Stokertje en lieten ons voorlichten. Er stond een gezellig gietijzeren kacheltje waar een pan op stond met zacht pruttelende knakworstjes, ik was op slag verliefd. Met zachte hand werd ik echter naar de bunkerafdeling geduwd. En wat is de bedoeling, vroeg de verkoper, moet de kachel vóor de haard komen of in plaats van. In dat stadium hadden mijn hersens zich nog niet bevonden, ik moest me er nu toch echt wel mee bemoeien, een bunker voor die waanzinnig grote schouw dat zou echt wanstaltig zijn. Een bunker, daar kon ik nog wel overheen komen maar dan moest wel die schouw weg.
Door buren werd ons een erkende klusser aanbevolen. Een man zo groot dat hij amper door de deur kon, hij heeft het zaakje opgemeten en we dronken nog langdurig koffie met sappige verhalen over oud Zwollenaren. Al wat er later kwam, geen offerte, ook niet na nog wat met hem gebeld te hebben. Ik zal het kort houden maar er kwamen nog verschillende mannen over de vloer die vervolgens niets meer van zich lieten horen. Slechts eentje belde om te zeggen dat hij het van zijn baas niet doen mocht. Er was iets met die haard, maar wat? Hingen de geesten van de galg nog in ons huis en hadden zij zich verschalkt in de haard, witte wieven? Ik raakte al weer helemaal verrukt van het grote gevaarte, ik ben dol op mysterie. De laatste poging slaagde… althans, na veel bellen kregen we een offerte en 1 december komen ze haar slopen.
De aannemer wist een goed adres voor ons nieuwe bunkertje. Ergens in het buitengebied van Hoonhorst staat een schuur vol kachels met een hele vrolijke jongen, de beheerder. Ik schat in dat het zijn boerderij is maar dat hij liever kachels houdt dan de meer bewerkelijke varkens van zijn vader. De volgende stap was een vloer, de grond onder de schouw en twee reuze geraniumbakken (?) aan haar zijde moet worden opgevuld. Provincies werden afgereden voor materiaal. Het werden cobblestones. Cobblestones ?, zult u denken, zijn dat geen buitenstenen, kan zijn maar bij ons komen ze binnen. Gratis afgehaald bij een zeer vriendelijke man in de diepe duisternis van Friesland.
Er werden twee houtopslagplaatsen getimmerd, de eerste met een gratis leistenen dak uit Kampen met grote stenen erop om daklawines tegen te gaan, mocht het klimaat het op zijn heupen krijgen. De tweede is nog in aanbouw, gister hebben we materiaal gehaald in Hengelo.
In Hengelo bevindt zich het paradijs, ik weet nu precies hoe dat eruit ziet. Het moet iets geweest zijn als Erve Woldhuis. Er bevinden zich prachtige historische bouwmaterialen, alleen maar steen en hout. Ik kon er maar moeilijk afblijven. Tussen het steen en hout liepen vriendelijke jongens die zich niet met ons bemoeiden zolang we ze niet nodig hadden.
We klauterden over steenmassa’s tot we ze vonden…de nonnen en de paters. Het is je reinste seksisme, de paters zijn rank met een parmantig piemeltje, de nonnen zijn log, veel breder en vormlozer, veel volkser ook, echte boerentrienen. Ze liggen nu op ons plaatsje, gescheiden van elkaar. Vanmorgen heeft deze dame geschilderd om ze zo snel als mogelijk weer tegen elkaar aan te kunnen leggen. En nu maar hopen dat de geesten uit mijn haard maandag de slopers zullen toelaten.
Re: Onder de magnolia.
Wegens prangend gemis van acht paters en acht nonnen kachelde ik vanmiddag terug naar het paradijs. Heino, Raalte, Haarle, ketelhuis, koninklijke stoomweverij, Wierde, Azelo, Buren.
Ik werd vriendelijk begroet maar het paradijs was het paradijs niet meer, de glans was verdwenen.
Adam was buiten de poort, jagen op fazanten en patrijzen. De vallen en klemmen moesten ook hoog nodig weer geleegd. Eva was ontstemt, ze had haar periode. Nukkig zocht ze de aandacht van de slang maar die was veranderd in drie luierende kemphanen. De bomen waren geveld, verzaagd stonden ze doelloos tussen het dakhout.
Het was de tweede dag.

Ik werd vriendelijk begroet maar het paradijs was het paradijs niet meer, de glans was verdwenen.
Adam was buiten de poort, jagen op fazanten en patrijzen. De vallen en klemmen moesten ook hoog nodig weer geleegd. Eva was ontstemt, ze had haar periode. Nukkig zocht ze de aandacht van de slang maar die was veranderd in drie luierende kemphanen. De bomen waren geveld, verzaagd stonden ze doelloos tussen het dakhout.
Het was de tweede dag.

Re: Onder de magnolia.
Poor is the man whose pleasures depend on the permission of another - Madonna