Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Geef hier je mening over boeken die je hebt gelezen.

Moderator: Moderators

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 01 aug 2013 12:27

Christenen proberen het evolutionisme wetenschappelijk te weerleggen maar kunnen zelf op geen enkele manier hun creationisme bewijzen. Meten ze dus niet met twee maten?

Het is buitengewoon vreemd dat Strengholt het antwoord van de vraag niet op zichzelf betrekt, alsof slechts enkele christenen creationisten zijn. Hij doet alsof 'creationisten' die paar halve garen zijn die alles willen tegenspreken wat de wetenschap naar voren heeft gehaald, om hun bijbel maar zo letterlijk mogelijk te kunnen blijven lezen.

Hij blijft hoog en droog erboven staan en zegt nu:

"Christenen geloven wel dat God de wereld schiep, maar hoeven niet wetenschappelijk te bewijzen hoe Hij dat deed. Dat laatste laten ze aan de wetenschappers over."

Maar indien hij eerlijk deze mening is toegedaan zou hij eerder in zijn boekje nooit met stelligheid geopperd hebben dat een evolutieproces onmogelijk kan resulteren in een oog of hart of darmen zonder de sturende hand van God. Hij laat het dus duidelijk niet over aan de wetenschappers, want die zijn nu juist tot de unanieme conclusie gekomen dat in het evolutionaire proces geen sturende hand van een God op te merken is, noch verondersteld hoeft te worden.

"Het is te simpel om te zeggen dat creationisten met twee maten meten. Ik hoef het niet met iemand eens te zijn om toch geen twijfel te hebben over iemands integriteit".

Maar wat kan Strengholt dan voor wetenschappelijke integriteit aan de dag leggen dat hij evolutiewetenschappers kan tegenspreken om in deze zaak als een spreekbuis voor het christelijk geloof op te kunnen treden? Waar zijn zijn bewijzen voor het bestaan en voor het optreden van zo'n God? Wat is grotere versimpeling dan te beweren dat er een sturende hand van God in het spel is omreden dat het voor de persoon die het uitspreekt te moeilijk is om te begrijpen dat het ook zonder kan, en hij bovendien nu eenmaal in het bestaan van God gelooft?
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 02 aug 2013 08:07

Vraag 41 Christelijk onderwijs aan kinderen

Zet tientallen kinderen uit alle windstreken naast elkaar. Vraag of ze hun religieuze overtuigingen willen bekend maken. Wat blijkt? Ze geloven allemaal wat hun ouders geloven.


Strengholt antwoordt dat de wereld inderdaad zo in elkaar zit, en voegt er aan toe dat kinderen van atheïstische ouders ook hun ouders napraten. Hij blijkt vervolgens niet in te kunnen zien wat er mis is met iets geloven omdat een betrouwbaar iemand het vertelt.

Blijkbaar is het voor hem bijzonder moeilijk in te zien dat als betrouwbaar te boek staan een ongeldige reden is om een geloof aan te nemen. Blijkbaar is het voor hem ook een nieuwtje dat atheïsme afwezigheid is van religieus geloof. Indien atheïstische ouders al iets leren aan hun kinderen is het wel dat ieder geloof gebaseerd moet zijn op argumenten en dat een kritische houding aanleren het gezondst is in een wereld waar duizend-en-één geloven bestaan. Geloven zou je pas moeten doen wanneer je door de feiten gedwongen wordt om je ongeloof gedag te zeggen, want ongeloof is de 'default position', die hoeft niemand je aan te leren.

Laten we eens een schoolklas bezoeken waar bovenstaande ontkend wordt omdat men met Strengholt van mening is: "Wat is er mis met geloven omdat een betrouwbaar iemand het je vertelt?"

-(Filosofieles) Beste kinderen, hebben jullie een reden om een religieus geloof aan te nemen wanneer iemand de bewering maakt: 'In het begin schiep God de hemel en de aarde'?
-Nou, juf, als een heel betrouwbaar persoon het zegt, dan wel.
-O, jammergenoeg weten we niet wie de persoon was die dit zei, maar het staat wel echt opgeschreven, en ik geloof het en ben bovendien betrouwbaar.
-OK, in dat geval geloven we het.

-(Logica-les) Is het een bewijs van het bestaan van Goden wanneer je vertelt dat je weet dat ze tegen elkaar zeiden 'Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken'?
-Gelooft u het, juf?
-Ja
-OK, dan zal het wel waar zijn.

-Is het een bewijs van het bestaan van een God die Jahweh heet, omdat er een verhaal bestaat waarin hij wandelt in een tuin en een praatje maakt met de eerste mens?
-Indien het vorige zijn betrouwbaarheid heeft bewezen, waarom zouden we dit ontkennen?

-Er wordt van hem beweerd dat hij gezegd zou hebben 'stof ben je, tot stof keer je terug'. Aangezien dit inderdaad het lot is van alle mensen, is dat een bewijs voor het bestaan van God?
-Het kan geen toeval zijn dat er helemaal geen uitzonderingen op deze regel bestaan. Het antwoord is dus duidelijk ja.
-Geen tien ditmaal, Hanneke, je bent de uitzonderingen vergeten die ons geloof gelooft. Maar voor de rest heb je gelijk.
-Oeps... :oops:

-Iemand beweert zelfs te weten wat God bij zichzelf dacht: "Hij kreeg er spijt van dat hij mensen had gemaakt en voelde zich diep gekwetst. Ik zal de mensen die ik geschapen heb van de aarde wegvagen, dacht hij, en met de mensen ook het vee, de kruipende dieren en de vogels, want ik heb er spijt van dat ik ze heb gemaakt."
Stel dat de onderzoeksresultaten van de biologie, de geologie, de paleontologie eensluidend van mening is dat er inderdaad zo'n 5000-10000 jaar geleden een zondvloed heeft plaatsgevonden en de archeologie vindt morgen nog brokstukken van een ark op de Ararat, is dat bewijs voor het bestaan van die God en de betrouwbaarheid van de woorden die hij zou hebben uitgesproken?
-Indien er op de brokstukken van de ark ook nog duidelijk staat: "Noah's Ark", dan geven we ons gewonnen.


Afbeelding


-Is het feit dat er een tijd is om te zaaien en een tijd om te oogsten, er altijd koude heerst en hitte, zomer en winter, dag en nacht – er komt daar geen einde aan -, een bewijs dat God ooit gezegd heeft dat hij nooit weer alles wat leeft zal doden?
-Inderdaad komt er na elke winter een zomer en na elke nacht een volgende dag. Waarom zouden we er aan twijfelen?

-Is de regenboog duidelijk een bewijs dat er een God bestaat die een verbond heeft gesloten met de mens dat hij nooit weer alles wat leeft zal uitroeien?
-Waarom anders zou er een regenboog zijn! Waarom stelt u zulke valstrikvragen, juf?
-Uiteraard om jullie kritisch te leren denken. Dat staat in het schoolreglement.

-Is het feit dat er vreselijk veel verschillende mensentalen zijn bewijs van het feit dat de God genaamd Jahweh ooit eens afdaalde om te bezien wat de mensheid uitspookte, en het door hem werd bedacht als middel om te voorkomen dat de mens alles zou kunnen bereiken wat hij maar van plan was?
-O, wacht even...dus, juf, is God er eigenlijk op tegen dat wij Engels en Frans en Duits moeten leren op school, juf? In dat geval is het inderdaad een goed bewijs, laten we er meteen mee stoppen.

-Is het feit dat iemand uit een woestijnland op weg ging naar een ander woestijnland omdat een God genaamd Jahweh dit aan hem had opgedragen een duidelijk stukje bewijsmateriaal dat die God bestaat?
-Wel, waarom zou hij anders naar een stukje woestijn op reis gaan? Er zijn tenslotte wel betere plaatsen om naar toe te gaan. Het antwoord is dus ja.

-Is het detail van het verhaal dat men zelfs exact kan aangeven tot waar deze man zijn reis voortzette, namelijk tot aan de eik van More, bij Sichem, een aanwijzing voor de betrouwbaarheid van vorig bewijsmateriaal?
-Wel, niemand zou zo'n eigenaardig detail uit zijn duim zuigen. Het is dus inderdaad betrouwbare overlevering. En iemand die aan de dag legt in zulke kleine details betrouwbaar te zijn zal het dan uiteraard ook zijn in zaken van grotere betekenis.

-(Wiskundeles) Bereken in welke mate het feit dat het tegenwoordige joodse volk in het beloofde land woont de betrouwbaarheid van het woord van God versterkt.
-Hmmm, de belofte werd gedaan aan Abraham...dat is ca. 4000 jaar geleden...gemiddelde lengte generatie ca. 25 jaar...dat is dus 4000 gedeeld door 25...160 generaties! De vader en moeder van al die generaties waren betrouwbaar, dus de betrouwbaarheid is hiermee 160 maal versterkt. Bijgevolg is het bewijsmateriaal voor Gods bestaan ook al weer 160 maal sterker!
(Leerling die een tien krijgt:) Opgelet!... Het getal 160 is een schatting. In werkelijkheid kan de versterking van de betrouwbaarheid er plus of minus 3 van afwijken.

-(Geschiedenisproefwerk) Hoe kun je bewijzen dat God bestaat uit het verhaal van de farao ten tijde van Abraham?
-(ondeugende aankomende tiener van streng reformatorische huize die 's avonds stiekem op het forum freethinker.nl rondneust:) Abraham ging een keer naar Egypte. Hij leed honger in dat woestijnland, maar in Egypte was er altijd genoeg te eten, omdat dat land niet van een godsbelofte afhankelijk was maar eenvoudig door een betrouwbare rivier vruchtbaar gemaakt werd. Abraham wist dat nog van vroeger toen hij nog bij de grote rivieren woonde en nog niet werd lastig gevallen door God. De farao was er onder de indruk van hoe sexy Abrahams vrouw was, en voegde zijn vrouw daarom toe aan zijn verzameling mooie vrouwen. Maar meteen hierop had die farao te kampen met zware plagen. Het is volgens de regels van de statistiek onwaarschijnlijk dat toeval hiervoor verantwoordelijk was. Ook al omdat de zware plagen zich bovendien nog uitstrekten tot zijn gehele hof. Geheel volgens de regel dat ongelovigen het ongelooflijkste geloven (Miskotte) begreep de farao bovendien meteen dat de vork zo in de steel zat, want hij ontbood onmiddellijk Abraham en begreep dat Abraham tegen hem gelogen had. Hieruit volgt dat het een straf van Jahweh geweest moet zijn.
Uit al deze zaken volgt duidelijk dat Hij bestaat.
NB. Maar men kan toch maar beter in het Egypte van de oude farao wonen (niet te verwarren met het latere Egypte dat slachtoffer werd van een valse boekgodsdienst).

Tot zover een inkijkje in religieus onderwijs. Het is verder geen discussie waard.
Iedere gelovige met nog een beetje overgebleven gezond verstand zal de atheïstische overtuiging aangaande het belang van het aanleren van de kritische houding beamen en bovenstaande methode van religieus onderwijs verwerpen, reden waarom de meeste gelovigen ook zeer seculier zijn geworden en het christelijk geloof van generatie op generatie afneemt in een maatschappij die de verlichting is doorgegaan. Leven in een globale wereld opent zelfs de meest geïndoktrineerde mensen wel enigszins voor de wankele basis van iedere religieuze overtuiging.

Ook Strengholt geeft toe dat het christelijk onderwijs sowieso al zo afgekalfd is vanwege de opdringende secularisatie, dat men weinig reden heeft om bang te zijn voor 'indoktrinatie'. Met hem bekijk ik de zaken graag ook altijd zo positief mogelijk. Gelovigen zijn als seksverslaafden. Indien de prostitutie verboden wordt gaat het onder de grond of naar de kerkzaal na school. Religie die op die manier is wakker geschud is veel extremer dan religie die denkt via een school de religie in stand te kunnen houden.
Bovendien, zelfs indien nergens een religieus geloof onderwezen zou worden, zouden we het nog overal aantreffen. Denk maar eens aan astrologie, dat op geen school onderwezen wordt, maar al duizenden jaren, ook in onze tijd, door veel mensen wordt bestudeerd en aangehangen.
Toch lijkt het me niet verstandig via een zuilenstelsel extremiteiten en randverschijnselen te voeden, in stand te houden of kans te geven.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 03 aug 2013 06:57

Vraag 42 Christenen zijn sektarisch

Moeten christenen zich niet afkeren van hun familie? (Lc. 14:26)

Het is nodig bij deze vraag eerst wat contekst te lezen. Laat ik het hele hoofdstuk eens doorlopen, om gelijk eens een keer wat commentaar te geven op deze Jezus die zoals Strengholt meerdere malen heeft opgemerkt de persoon is waar alles om draait in het christelijke geloof, en waar christenen in 2000 jaar honderd miljoen preken over hebben gehouden, zonder dat ze hem ooit ook maar één klein steekje hebben zien laten vallen.

Het hoofdstuk begint met één van de vele malen dat we in de evangeliën lezen dat Jezus met de farizeeën kibbelt over of het geoorloofd is te genezen op de sabbat. Er was daar iemand met waterzucht. Jezus vroeg aan de wetgeleerden en de farizeeën: ‘Is het toegestaan hem op sabbat te genezen of niet?’ Maar ze zwegen". Studie van het jodendom heeft uitgewezen dat de evangeliën hier een karikatuur maken van het judaïsme. Joodse wetgeleerden die geen antwoord hebben? De wetgeleerden verboden enkel dat dokters hun routinewerk, waarvoor ze geld kregen, uitvoerden op de sabbat. Hulp in noodgevallen was toegestaan. En bij genezen via het uitspreken van woorden, zoals Jezus deed, zou er al helemaal niemand iets op tegen hebben. Dat de zaken er zo voorstaan wordt nota bene expliciet in de volgende verzen uitgesproken door Jezus zelf, wanneer hij nadat hij de man geneest de vrome farizeeërs die er zogenaamd wat op tegen zouden hebben met argumentering probeert te overreden: "Hij pakte de man bij de hand, genas hem en stuurde hem weg. En tegen de farizeeën en wetgeleerden zei hij: ‘Als uw zoon of uw os in een put valt, dan haalt u hem er toch meteen uit, ook al is het sabbat?’ En daarop hadden ze geen antwoord.

We zien hier dus hoe verraderlijk een evangelist te werk kan gaan. Alsof Jezus hier wat betreft scherpte en intelligentie mijlenhoog boven zogenaamde ’tegenstanders’ staat. En let op, hoe hier dus zogenaamde tegenstanders van Jezus worden gecreëerd (wetgeleerden en farizeeërs), terwijl het verhaal juist vertelt dat een vrome farizeeër hem had uitgenodigd voor een maaltijd.

Maar bekijk het nog eens vanuit een wijder perspectief. Er is dus een God die het onmetelijke universum gemaakt heeft. Hij openbaart zich op aarde aan de mens! Wat een overweldigende gedachte! ... en gaat voortdurend kibbelen met theologen over wat wel of niet geoorloofd is volgens religieuze voorschriften die niet irrelevanter hadden kunnen zijn voor het mensenbestaan... mag je wel of niet iemand genezen op het verkeerde tijdstip... mag je wel of niet wat korenaren plukken op het verkeerde tijdstip,... moet je wel of niet je handen wassen, ...mag je wel of niet uit eigen wijsheid iets uitspreken...

Lucas’ verhaal gaat verder. Jezus ziet dat de gasten dicht bij de gastheer gaan zitten, en leest ze dan de les:

Als u wordt uitgenodigd, kies dan de minste plaats, zodat uw gastheer tegen u zal zeggen: “Kom toch dichterbij!” Dan wordt u eer betoond ten overstaan van iedereen die samen met u aan tafel aanligt.
Maar wanneer u uitgenodigd bent, ga er heen en ga op de laatste plaats aanliggen, opdat, als hij komt die u uitgenodigd heeft, hij tegen u zal zeggen: Vriend, kom hoger op. Dan zal dat u tot eer zijn in de ogen van allen die met u aanliggen.
Want wie zichzelf verhoogt zal vernederd worden, en wie zichzelf vernedert zal verhoogd worden.


Alsof het de mensen die elkaar kenden en een goed gesprek met elkaar wilden hebben te doen was om te zitten op een 'ereplaats'. En alsof ooit een gastheer het in zijn hoofd zal halen om een vriend of bekende met wie hij eet zo te vernederen dat hij hem vraagt een beetje verderop te gaan zitten zodat hij er niet meer mee kan praten.

Alsof hij zich nog niet onuitstaanbaar genoeg heeft gemaakt leest Jezus de farizeeër die hem uitgenodigd had weer een volgende les:

Wanneer u een maaltijd aanbiedt of een feestmaal geeft, vraag dan niet uw vrienden, uw broers, uw verwanten of uw rijke buren, in de verwachting dat zij u op hun beurt zullen uitnodigen om iets terug te doen. Wanneer u mensen ontvangt, nodig dan armen, kreupelen, verlamden en blinden uit. Dan zult u gelukkig zijn, zij kunnen voor u dan wel niets terugdoen, maar u zult ervoor beloond worden bij de opstanding van de rechtvaardigen.’ Toen een van de anderen die aan tafel aanlagen dit hoorde, zei hij tegen hem: ‘Gelukkig al wie zal deelnemen aan de maaltijd in het koninkrijk van God’

Een aaneenrijging van de meest bizarre redeneringen. Volgens Jezus heeft een feest vieren met verwanten of vrienden of rijke buren geen nut. Men zou op zijn hoogst kunnen denken dat zij jou op hun beurt ook zullen uitnodigen, zodat je er geen verlies bij lijdt. Alsof iemand die uitnodigt voor een maaltijd of een feest zulke gedachten erop nahoudt!

Terwijl de farizeeër de voor hem niet zo bekende en straatarme Jezus ook uitgenodigd heeft, vervolgt Jezus met dat je beter armen, kreupelen, verlamden en blinden kunt uitnodigen. Let op: niet om mensen die het het hardste nodig hebben een plezier te doen; die gedachte komt zelfs helemaal niet bij Jezus op! Maar omdat je er in het hiernamaals beloond voor zal worden! In de hemel komen als een soort uitbetaling! Met de lering dat de beste politiek is veel geld erin te investeren, terwijl je er tezelfdertijd voor zorgt dat je er op aarde niets voor terugkrijgt. Dan is de boekhouding namelijk heel duidelijk en de uitkering die je krijgt het hoogst.

Terwijl alle toehoorders nu hun wenkbrouwen optrekken gaat het verhaal op deze manier verder:

Jezus vervolgde: ‘Iemand wilde een groot feestmaal geven en nodigde tal van gasten uit. Toen het tijd was voor het feestmaal, stuurde hij zijn dienaar naar de genodigden om tegen hen te zeggen: “Kom, want alles is klaar.” Maar een voor een begonnen ze zich te verontschuldigen. De eerste zei: “Ik heb net een akker gekocht, die ik beslist moet gaan bekijken. Tot mijn spijt kan ik de uitnodiging niet aannemen.” En een ander zei: “Ik heb vijf span ossen gekocht en ik ga ze keuren; tot mijn spijt kan ik de uitnodiging niet aannemen.” Weer een ander zei: “Ik ben pas getrouwd en daarom kan ik niet komen.” Toen de dienaar teruggekomen was, bracht hij zijn heer verslag uit. De heer des huizes ontstak in woede en zei tegen zijn dienaar: “Ga vlug de stad in en breng uit de straten en stegen de armen en kreupelen en blinden en verlamden hierheen.” Toen de dienaar hem kwam melden: “Heer, wat u hebt opgedragen is gebeurd, en nog is er plaats,” zei de heer tegen hem: “Ga naar de wegen en de akkers buiten de stad en nodig iedereen met klem uit, want mijn huis moet vol zijn. Ik zeg jullie: niemand van degenen die eerst uitgenodigd waren, zal van mijn feestmaal proeven.”

Het grote feestmaal komt uit Jesaja 25:6-10.

Op deze berg richt de HEER van de hemelse machten voor alle volken een feestmaal aan:
uitgelezen gerechten en belegen wijnen,
een feestmaal rijk aan merg en vet,
met pure, rijpe wijnen.
Op deze berg vernietigt hij het waas dat alle volken het zicht beneemt,
de sluier waarmee alle volken omhuld zijn.
Voor altijd doet hij de dood teniet.
God, de HEER, wist de tranen van elk gezicht,
de smaad van zijn volk neemt hij van de aarde weg
– de HEER heeft gesproken.
Op die dag zal men zeggen: ‘Hij is onze God!
Hij was onze hoop: hij zou ons redden.
Hij is de HEER, hij was onze hoop.
Juich en wees blij: hij heeft ons gered!’
De hand van de HEER rust op deze berg,
maar onder zijn voeten wordt Moab vertrapt,
zoals stro in mest wordt getreden;


Terwijl het in het Oude Testament nog een visioen en belofte van een aards gebeuren is, dat eenvoudig komt wanneer het komt, is dit in het Nieuwe Testament een hemels hiernamaals geworden, waar alle gelovigen naar moeten uitzien, want dit is het belangrijkste in het leven, en waar je vooral je best voor moet doen om het te verdienen. Want iedereen is zogenaamd uitgenodigd, maar er zijn een hoop mensen die zeggen dat het aardse leven er nou eenmaal is om geleefd te worden en het hiernamaals wel komt wanneer het zover is. Dus: ik ben nu net getrouwd, ik heb nou wel andere gedachten aan mijn hoofd, mag het? Ik heb net een stuk land gekocht, eindelijk kon ik het me veroorloven, laat me nu daarop concentreren zodat ik wat kan achterlaten voor mijn kinderen. Ik heb net een auto uit het buitenland gekocht, en moet de belasting nu binnen een week afhandelen, en daarna wil ik er in rijden, mag het?
Het evangelie is voor religieuze fanatiekelingen. Niets van al die wereldse beslommeringen mag je in beslag nemen. Degene die het feestmaal klaar had staan voor allen wordt woedend wanneer hij opmerkt dat er zoveel zijn die denken iets belangrijkers aan het hoofd te hebben. Stel je voor, die nepgelovigen van tegenwoordig spelen zelfs computerspelletjes en kunnen de hele tijd zelfs bezig zijn met het aanleggen en opbouwen van een spoortreintjeswereld op de zolder! Volgens Jezus moet men constant en enkel en alleen met de vraag bezig zijn hoe men in dat hiernamaals aan dat feestmaal kan deelnemen.
Overigens wie wordt er zo woedend? Dat zal God moeten zijn. Probleem is dat je uit de woorden van Jesaja helemaal niet kan opmaken dat het van ons af zou hangen of er een feestmaal komt of niet.
Pas in latere tijd dan die van Jesaja is in het jodendom het geloof in een hiernamaals met hemel binnengeslopen. In de tijd van Jezus geloofde men daarin, en hij blijkbaar ook.
Maar waarom was het dan voor hem zo belangrijk dat mensen zich daarop zo zouden concentreren? Zo fanatiek dat ze al het aardse voor nutteloos en letterlijk waardeloos beschouwen? Zozeer zelfs dat het woordje 'zalig' ('Dan zult u zalig (=gelukkig) zijn') een synoniem werd voor in de hemel komen. Omdat Jezus en de meeste joden ook met het denkbeeld leefden, - ook al uit heidense godsdiensten overgewaaid -, dat er een gehenna-afdeling van het hiernamaals bestond, waarin je ook terecht kon komen als je je prijskaartje tot de hemel niet had verdiend. Vanwege die vreselijke dreiging is het uiteraard niet meer dan logisch dat je letterlijk alles eraan doet om maar bij de juiste afdeling terecht te komen. Let op hoe groot die dreiging is: Ik zeg jullie: niemand van degenen die eerst uitgenodigd waren, zal van mijn feestmaal proeven. Niemand van degenen die het aardse leven de moeite waard vinden en ervan genieten. Dus onder andere die farizeeër die hem uitnodigde om eens te genieten van een overvloedige maaltijd, en die hij nu de les leest. Enkel de mensen voor wie het aardse leven vuilnis is komen erin.

Aangezien Lucas schrijft om mensen christen te maken, laat hij er de volgende tekst op volgen, om duidelijk te maken dat de ultieme voorwaarde voor het entreekaartje voor de hemel afhankelijk is van het volgen van Jezus:

Grote mensenmenigten trokken met Jezus mee. Hij wendde zich tot hen en zei: ‘Wie mij volgt, maar niet breekt met zijn vader en moeder en vrouw en kinderen en broers en zusters, ja zelfs met zijn eigen leven, kan niet mijn leerling zijn. Wie niet zijn kruis draagt en mij op mijn weg volgt, kan niet mijn leerling zijn.

Dus God wil het grote feestmaal geven en stuurde Jezus erop uit om de uitnodiging aan iedereen te geven. Wie net zo leeft als hij krijgt het entreekaartje voor de hemel, maar wie denkt dat hij er op andere – gemakkelijker - manier wel komt zal bedrogen uitkomen. Jezus onderstreept wat hij zei over afstand doen van iedereen die men lief heeft in het leven en bereid zijn zelfs zijn eigen leven op te geven door ook nog een opmerking over aards bezit erachteraan te geven:

Zo geldt ook voor jullie: wie geen afstand doet van al zijn bezittingen, kan mijn leerling niet zijn.

Zijn lering is kristalhelder. Kijk naar hoe Jezus leefde en doe evenzo, zo zul je de hemel verdienen. Jezus gaf niet om zijn familie, hij bezat niets en gaf uiteindelijk zijn leven. Zo moet jij het ook doen.

Wel, wat doen christenen nu met deze uitspraken die als ’hard teachings’ te boek staan? Het hele hoofdstuk 14 van Lucas is een aaneenrijging van extremisme en geloofsfanatisme, waar ieder mens met een beetje gezond verstand zich van distancieert. Uiteraard moet iedere christen die deze leringen niet opgevolgd heeft zijn best doen om ze zoveel mogelijk af te zwakken, zodat de consequenties ervan miniem of geen enkele zijn. Toen ik de uitspraak van het weggeven van bezit eens een evangeliserende christen voorzette en vroeg of hij deze leer van Jezus in de praktijk gebracht had, werd hij boos en beschuldigde hij me van een tekst uit zijn verband halen. Alsof het verband de tekst er gemakkelijker op zou kunnen maken! De contekst maakt het juist nog zwaarder, want het voegt naast bezit ook nog de dierbaarste mensen ertoe die je maar kan hebben in je leven, je naaste familie. Plus nog je eigen leven. De bijbelvertalers doen er ook alles aan om de harde lering wat te verzachten. De nieuwste bijbelvertaling verwacht enkel dat je met je familie breekt. In de grondtekst staat echter het woordje 'haat'. In een eerlijker tijd kon men het nog wel zo vertalen:

Als iemand tot Mij komt en niet haat zijn eigen vader en moeder en vrouw en kinderen en broers en zusters, ja, ook zelfs zijn eigen leven, die kan Mijn discipel niet zijn. (NBG-1951 en Statenvertaling)

Strengholts uitleg is typerend voor alle halfbakken christenantwoorden: ”Christenen mogen zich niet afkeren van hun familie.” Joden mochten dat inderdaad niet, want het is één van de tien geboden dat je in ieder geval je vader en moeder moet eren. Maar de woorden van Jezus laten niets aan onduidelijkheid over. Hij gebruikt de woordjes 'wie niet haat', dat is niet mis. Strengholt stelt dat Jezus aan het kruis nog zorgt voor zijn moeder door Johannes op te dragen voor haar te zorgen. Alsof Jezus in de tijd dat hij predikte voor zijn moeder zorgde! De evangeliën laten op vele plaatsen een heel ander geluid horen (die Strengholt uiteraard weglaat). Wanneer zijn moeder een keer een probleem bij hem voorlegt antwoordt Jezus Vrouw, wat heb ik met u te doen? In Marcus wordt verteld dat zijn familie van mening was dat hij zijn verstand had verloren. Even later: Er zat een groot aantal mensen om hem heen, en die zeiden tegen hem: ‘Uw moeder en uw broers staan buiten en zoeken u.’ Hij antwoordde: ‘Wie zijn mijn moeder en mijn broers?’ Hij keek de mensen aan die in een kring om hem heen zaten en zei: ‘Jullie zijn mijn moeder en mijn broers. Want iedereen die de wil van God doet, die is mijn broer en zuster en moeder.’

Strengholt vervolgt met de ludieke opmerking die je altijd kan gebruiken wanneer een bijbelwoord je niet zo aanstaat: ”Jezus spreekt in de typisch Midden-Oosterse taalvorm van overdrijving om zijn punt goed duidelijk te maken.” Wat is die ’typisch Midden-Oosterse taalvorm van overdrijving’ anders dan alles wat de bijbel ons vertelt? En waar is die opinie anders op gebaseerd dan door op te merken dat het Oude Testament allerlei toorn en gramschap van God over volkeren en de aarde laat komen dat die je niet al te serieus kan nemen omdat het eenvoudig nooit uitkwam? Of beloftes doet zoals bovenstaande tekst van Jesaja over het feestmaal en het wegnemen van de smaad van zijn volk, die je met een korreltje zout moet nemen omdat het enkel een dichterlijk ideaal is en nooit echt zal gebeuren? Je zou als Strengholt gelijk heeft net zo goed kunnen zeggen dat de bijbel het de hele tijd over God heeft, omdat het een typisch Midden-Oosterse manier van overdrijven is zaken die het belangrijk vindt op te blazen tot gigantische proporties. Je moet niet letterlijk geloven dat er zo'n God is.
Maar ook dit argument haalt de gelovige niet uit de problemen. Je mag het woordje 'haat' interpreteren als een hyperbool, maar zelfs dan blijft het toch altijd een betekenis bevatten die op z'n minst uitspreekt dat je ze links moet laten liggen, dat ze van weinig of geen belang zijn.

Het grappige is dat het punt dat Jezus wil maken juist exact het tegenovergestelde is van wat Strengholt ons vertelt. Jezus beklemtoont juist op allerlei manieren de zaak zo serieus op te nemen als maar mogelijk is. In het Matteüsevangelie laat hij bijvoorbeeld weten dat je beter je oog kunt uitrukken wanneer het je verleidt tot seksuele zonde dan met twee ogen in het Gehenna komen. Zijn punt is dus dat je het niet serieus genoeg kan nemen. Het punt dat Strengholt maakt is precies het omgekeerde, dat je al deze dingen als stijlvorm van overdrijving moet lezen, en het juist niet zó serieus behoeft te nemen.

Het is vreemd dat Strengholt de vraag over het weggeven van bezit behandelt op een heel andere plek, in het volgende hoofdstuk.

Vraag 43 Waarom geven christenen niet alles weg, zoals Jezus van ze vraagt?

Strengholt:
”Jezus zegt niet dat gelovigen alles moeten weggeven. Hij zegt het tegen degenen die hem als leerling door Israel gaan volgen en die later zijn verkondigers gaan worden – de Apostelen.”

Strengholt doelt hier op de passage in Matteüs 19, waar Jezus dezelfde lering onderwijst aan zijn leerlingen. Blijkbaar kon Strengholt deze grove fout maken omdat hij de passage in Lucas die ik nu voorbij heb laten gaan niet eens in zijn geheel gelezen heeft. Lucas laat weten dat de lering (14:33) nota bene aan ’grote mensenmenigten’ onderwezen werd (14:25).

Ik denk dat ik de rest van vraag 43 maar oversla. Er staat niets in wat interessant zou zijn.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 04 aug 2013 14:28

Vraag 44 De kerk heeft veel slechts gedaan

Wat is dat voor religie van vrede, die door de eeuwen voor tientallen miljoenen doden zorgde?


”Inderdaad. Er zijn veel te veel doden gevallen door mensen die meenden daarmee God en Jezus een dienst te bewijzen.” Strengholts eerste zin wordt van alle kracht beroofd aangezien hij er direct Hitler, Stalin, Mao en Pol Pot op laat volgen, die het ’net zo goed’ gedaan hebben.
Voor hem is het duidelijk weer een apologetisch spelletje. Hij voegt er als argument nog aan toe dat de christenen er tenslotte wel 1500 jaar over deden om zoveel slachtoffers te maken die bovengenoemde atheïstische heren in een halve eeuw konden maken. Alsof in de lijst meest catastrofale ideologieën van de geschiedenis eindigen op de tweede, derde of vierde of vijfde plaats een ideologie redt.
Overigens had de historicus Strengholt toch wel moeten weten dat Hitler bij de Katholieke kerk stond ingeschreven en zich nooit als atheïst heeft uitgesproken, maar integendeel, zich als door de Voorzienigheid uitverkoren en geleid zag.

Strengholt laat weten dat we als christenheid bereid zouden moeten zijn om de andere wang toe te keren als ons onrecht wordt aangedaan en om het belang van andere mensen hoger te achten dan ons eigenbelang. Geweldig, dát is nou eens hout hakken op z’n Fins!
... Maar vervolgt meteen met ”Nee, het christendom is geen pacifistische beweging”, ”Gij zult niet doodslaan is een wet die betekent ’Neem niet persoonlijk wraak, maar laat dat over aan de overheid die geweldsmiddelen mag gebruiken om de orde te handhaven” . Wat anders is deze praat dan opnieuw de leer van Jezus ontkennen, en precies het omgekeerde prediken van wat hij predikte. :(
Jezus was wel degelijk een pacifist.

-Ik zeg jullie je niet te verzetten tegen wie kwaad doet, maar wanneer je op de rechterwang geslagen wordt, keer ook de linkerwang toe.

Veel radikaler nog. Hij leerde zelfs:

-Hebt uw vijanden lief, zegent wie u vervloeken, en doe goed aan degene die u haten.

Het is uiteraard geen wonder dat deze leer van Jezus nooit opgevolgd is, aangezien de enige reden waarom deze moraal niet absurd zou zijn de gedachte is dat je er de hemel mee verdient in een hiernamaals (Zalig zijn jullie wanneer ze je omwille van mij uitschelden, vervolgen en van allerlei kwaad betichten.) Als gedrag om aan dít leven enige redelijkheid te schenken is deze leer de meest absurde die maar zou kunnen worden geadviseerd. Ieder verdrukker, uitbuiter, geweldspleger en ziekelijke machtswellustenaar zou zich wensen dat mensen deze ethiek van Jezus aanhangen. Jezus' ethiek is de ethiek die door een misdadiger voorgeschreven zou kunnen zijn.

Om de vervelende lering van Jezus maar zoveel mogelijk af te zwakken en in harmonie laten zijn met de rest van de bijbel (de wetten van Mozes en de leringen van Paulus) doet Strengholt zijn toevlucht via een soort scholastische redenering. Pacifisme zou zogenaamd een moderne filosofie over omgang met wapens zijn. Jezus is dus geen pacifist. Wel, wat dan? Een naieve dromer? Een hiernamaals-enthousiast?

Zoals ik aan het begin van dit commentaar al opmerkte moet je dan ook nooit geloven waar een christen beweert in te geloven. De praktijk is altijd dat hij het omgekeerde op z’n minst ook gelooft.

Tenslotte weet Strengholt nog te vermelden dat de moderne geschiedenis laat zien dat het beter is te vertoeven in een christelijk land dan in landen die het christendom afzweren en het atheïsme de politiek beheerst. Met dat laatste bedoelt hij landen zoals de Sowjet-Unie en het Derde Rijk. Maar het argument slaat uiteraard weer nergens op, aangezien alle moderne westerse landen waar het zo goed toeven is vroeger ooit christelijk waren en het daar juist zo goed toeven is omdat die maatschappijen nu gebaseerd zijn op de seculariteit en niet meer op het christelijk geloof. Deze landen zijn al meer dan honderd jaar bezig het christelijk geloof af te zweren. Alle moderne waarden zijn het product van het verlichtingsdenken.

Strengholts moraal van dit hoofdstuk voor de christen:
-Tip 1: een verontschuldiging is nooit een verontschuldiging, maar kan dienen als argument waar een christen toch zijn gelijk mee kan behalen.
-Tip 2: Jezus moet je nu ook weer niet al te serieus nemen. Er zijn altijd wel bijbelverzen waarmee je het één en ander kan nuanceren en in het beste geval geheel onschadelijk maken.
-Probeer als christen zoveel mogelijk je ogen dicht te houden voor de feiten, en blijf zolang mogelijk denken dat het westerse land waar jij woont een christelijk land is en alles wat er goed is te danken is aan het christendom.

Ach ja, misschien kan ik er nog een tip 4 aan toevoegen: al ben je dan ook als christen gescheiden, verslaafd aan het kijken van porno op internet en al leef je ook in rijkdom en weelde, en al ga je op zondag liever naar het voetballen dan naar de kerk, je kan altijd nog je christen-zijn belijden door een standpunt in te nemen tegen abortus, euthanasie en homohuwelijken!
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 05 aug 2013 05:23

Religie heeft mensen tegengewerkt. Is het niet de antireligieuze verlichting die de positie van mensen aanzienlijk heeft verbeterd?

Strengholt heeft uit tactische overwegingen eerst de vrijdenkervraag op een andere manier geformuleerd dan de oorspronkelijke. De oorspronkelijke vraag luidde:

77. Waarom neemt religie het initiatief voor een moraal pleidooi? Terwijl godsdienst mensen eeuwenlang heeft tegengewerkt en belemmerd in hun vrijheden. Sinds de verlichting is de positie van veel groepen structureel verbeterd.

Strengholt begint met dat de verlichters helemaal niet ‘antireligieus’ waren. Wel, dat stelde de vrijdenker in zijn vraag dan ook helemaal niet!

“De verlichters van het eerste uur geloofden in God.”

Ja en? Weet de historicus Strengholt niet dat de verlichters vrijwel allemaal op Deïsme uitkwamen? Weet hij wellicht niet wat het Deïsme betekent? De stellige ontkenning van de speciale openbaring en dus het verwerpen van de christelijke godsdienst, en het baseren van alle moraal en kennis op de rede? En weet hij ook niet dat Deïsme niets anders inhield dan de benaming om aan te geven dat men nog een god in het denken overhield, omdat men zich op rationele gronden wel gedwongen zag om een een schepper te veronderstellen? Het proces van de evolutie en talloze zaken aangaande ons universum was hun nog niet bekend. (Zie: http://en.wikipedia.org/wiki/Deism_in_E ... th_century" onclick="window.open(this.href);return false; ). Weet Strengholt niet dat christenen in de 17e eeuw, voordat de term in zwang kwam, zulke mensen de benaming ‘ongelovige’ of ‘atheïst’ gaf? Weet Strengholt niet dat bijna alle grote verlichters, zoals Voltaire of Thomas Paine, zelfs buitengewoon anti-christelijk waren? En dat dit vooral gebaseerd was op een woede vanwege de immoraliteit en het bijgeloof van de christelijke leringen en praktijken?
En nu wil hij ze aan zijn eigen kant zetten?

En weer komt hij aan met dat het gevolg van de verlichting ook de bloedige Franse revolutie was. Zelfs de moderne oorlogen en Hitler, Stalin, Lenin en Mao komen weer voorbij om de verlichting mee om de oren te slaan. Alsof de verlichters hiervan beschuldigd kunnen worden! Alsof Thomas Paine voor de bloedbaden van de Franse Revolutie verantwoordelijk was in plaats van in de Franse kerker terechtkwam omdat hij tegen de onthoofding van de Franse koning had gestemd. Alsof zijn Tijdperk van de Rede tot geweld en anarchie en immoraliteit opstookte en niet vanwege exact de omgekeerde redenen geschreven werd.

“De gruwelijkste bloedbaden vonden plaats onder Lenin, Hitler, Stalin en Mao. Allemaal verlichte denkers als ik me niet vergis.”

Kan een historicus zijn doctorstitel nog ernstiger voor schut zetten?

Ja, dat kan hij! Hij besluit zijn apologie met:

“Het vooruitgangsgeloof van de verlichting heeft in de vorige eeuw een dodelijke knauw gekregen. Wie daar nu nog mee aankomt loopt ernstig achter.”

Weet hij dan niet dat de Verlichting een denken is dat bij de 18e eeuw hoort, waar je hoogstens personen als Spinoza, Locke en Bayle nog bij kan halen als voorlopers? En dat hierin centraal staat de bevordering van het gebruik van de rede, die alleen af gaat op feiten, oftewel het bevorderen van de wetenschappelijke methode, skepticisme aangaande speculaties en geloof, en het bestrijden van bijgeloof en religieuze intolerantie? De grote mannen van de verlichting zagen hun tijd nooit als bijzonder verlicht. Ze streden voor redelijkheid. De verlichting is meer iets van een houding, een doel of een streven dan een filosofisch stelsel of een duidelijk afgerond antwoord op de religie. Als kostelijke illustratie: het blad De Hollandsche Spectator (1731-1735) dat aan de verheffing van het volk deed publiceerde ook ingezonden brieven, die meestal door de redactie zelf werden geschreven!
De Verlichting is de pijler van onze moderne beschaving, wordt op de nederlandse Wikipedia gezegd, en beter kan men het eenvoudig niet zeggen.

Het zogenaamde ‘vooruitgangsgeloof’ was iets van de 19e eeuw. Voor zover men de vooruitgang ook zag in het ‘beschaafder worden van de mens’ kreeg dit inderdaad een behoorlijke knauw in de 20ste eeuw. Maar, ten eerste, waarom doet Strengholt alsof de vrijdenker in alle naïviteit dit 19e eeuwse denken aanhangt? En ten tweede hoe heeft dit de genoemde Verlichtingsidealen omver gekegeld? Net zo min als het de wetenschap en de techniek niet heeft geblokkeerd, hebben de morele verlichtingsidealen niets hoeven in te binden, maar hebben ze zich enkel maar wijder uitgestrekt, naar zwarten, vrouwen, kinderen, seksuele minderheden en dieren. Genoemde verlichtingsidealen zijn na de 20ste eeuw nog steeds de pijlers zijn waarop onze moderne beschaving berust. Ze zijn zelfs globaal geworden.

Strengholts behandeling van deze stof is bedroevend en beschamend.

PS. "Mijn spelen is leren, mijn leren is spelen, waarom zou mij dan het leren vervelen?" was de verlichte opinie van Hieronymus van Alphen in 1778. En laat anno 2013 in het onderwijs nou net het woordje 'edutainment' (education through entertainment) de kreet van de dag zijn!
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 05 aug 2013 12:11

Waarom toch zoveel adoratie voor een antisemiet als Luther of voor een moordenaar als Calvijn?

Strengholt laat weten dat er geen sprake van adoratie is. Die is enkel weggelegd voor God.
Het is tenenkrommend om hem de strekking van de vraag weer zien te negeren via zo'n scholastisch spelletje spelen aangaande de fijnere theologische betekenis van het woordje ‘adoratie’. Begrijpt hij dan niet dat een vrijdenker daar geen boodschap aan heeft, maar het woord adoratie eenvoudig gebruikt in de wijdere woordenboekbetekenis van verering, bewondering? Indien er 75 miljoen mensen bij een kerk zijn aangesloten die de naam Lutherse Kerk heeft en zijn leringen bij hen al 500 jaar centraal staan, kan men het heel goed over adoratie hebben hier, hoewel ik zal toegeven dat het tegenwoordig voor vele lutheranen meer hersenloze voortzetting is van een traditie waarin ze nu eenmaal geboren zijn. Wat Calvijn betreft, wanneer Strengholt in een antiquariaat ooit eens nederlands boekje van pakwek 100 jaar geleden vindt over Calvijn zal hij opmerken dat de adoratie er rijkelijk vanaf druipt.

“In hun eigen tijd werden Luther en Calvijn niet als bijzonder slechte mensen gezien omdat ze antisemiet waren, of omdat ze een religieuze tegenstander ter dood lieten brengen door de staat. Dat was toen blijkbaar geen probleem.”

Begrijpt hij dan niet dat de vrijdenker met Luther en Calvijn niet meer problemen heeft als met Atilla de Hun of Dzjengis Khan, representanten van hun primitieve tijd als ze allemaal waren, maar dat het hem te doen is om het feit dat beide heren de geschiedenis zijn ingegaan als behorend tot de grootste en begaafdste bijbeluitleggers aller tijden, en hun opinies, die we nu dus algemeen afkeuren, baseerden op de bijbel? Strengholt heeft net nog zelf opgemerkt dat christenen van mening zijn dat de overheid het zwaard niet tevergeefs draagt en Jezus geen pacifist is. Op welke manier kán hij dan afstand nemen van deze Calvijn?

De implicatie is uiteraard dat de geschiedenis bewijst dat je met de bijbel dus blijkbaar alle kanten op kan, zelfs in verschillende hoofdstukken van een boekje dat door dezelfde persoon geschreven is. Er valt dus bijgevolg geen redelijk touw aan vast te knopen wat nu de werkelijke goddelijke boodschap is.

“Dat Luther onfrisse dingen zei over Joden is sterk te betreuren en verdient afkeuring. Maar in zijn tijd waren alle christenen het van harte eens met zijn standpunt. Dat is tragisch, maar het is anachronistisch om speciaal Luther aan te klagen als zondebok op dit gebied”.

Strengholt laat hier weer eens opnieuw zien dat hij als historicus niet erg serieus te nemen is. Ook in zijn eigen tijd vonden veel mensen de tirades van Luther weerzinwekkend, zie bijv. http://www.positief-atheisme.nl/atheist ... _maar.html" onclick="window.open(this.href);return false; ).
Christenen mochten er dan met elkaar over eens zijn dat joden een valse religie aanhingen, maar dat hield helemaal niet automatisch antisemitisme in. Luthers eigen leven is er een goede illustratie van. Hij was het grootste deel van zijn leven helemaal geen antisemiet. Hij was ervan overtuigd dat de joden vals waren voorgelicht en een fout idee hadden van het christelijk geloof. Hij wilde de dialoog ermee aan, erop vertrouwend dat hij ze wel kon overreden. Pas toen hij opmerkte dat ze altijd een weerwoord hadden en niet te overtuigen waren werd hij verbitterd en uiteindelijk zo woest dat hij op het eind van zijn leven (1542) dat infame geschrift Von den Juden und ihren Lügen schreef, waarin we oa dit lezen:

‘Wat moeten wij doen met dit verworpen, verdoemde volk der joden?...'
1.’Ten eerste moet men hun synagogen of scholen in brand steken en wat niet wil branden moet men met aarde overdekken, zodat geen mens er een steen of sintel meer van ziet, voor eeuwig niet. Dit moet men doen ter ere van onze Heer en de christenheid, opdat God ziet dat wij christenen zijn en zulke publiekelijk gelieg, gevloek en gelaster over zijn zoon en zijn christenen niet hebben geduld en hebben ingewilligd.....'
2.‘Ten tweede ook hun huizen afbreken en verwoesten. Want daar binnen doen ze hetzelfde als in hun scholen. In plaats daarvan brenge men hen onder een (simpel) dak of wijze hun een stal toe, zoals in het geval van de zigeuners....’
3.‘Ten derde moet men hun al hun gebedenboeken en Talmoedleerboeken afnemen, waarin de genoemde afgoderij, leugens, vervloekingen en laster geleerd worden….’
4.‘Ten vierde moet men hun rabbijnen op straffe van de dood verbieden voortaan nog te onderwijzen.....'
5.‘Ten vijfde moet men de joden het vrijgeleide geheel ontzeggen en hun een straatverbod geven....'
6.‘Ten zesde moet men hun het woekeren verbieden, dat hun ook door Mozes verboden is, aangezien ze niet in hun land zijn en geen heersers zijn over vreemde landen. Men moet hun alle contanten afnemen. Sieraden van zilver en goud neme men in bewaring.....’
7.‘Ten zevende moet men de jonge, sterke Joden en Jodinnen dorsvlegels, bijlen, houwelen, schoppen, spinrokkens en spinnewielen ter hand stellen en hen hun brood laten verdienen in het zweet huns aanschijns, zoals het de kinderen van Adam opgelegd is (Gen. 3:19).Want het gaat niet aan dat ze ons, die vervloekte gojim, in het zweet ons aanschijns laten werken en dat zij, die heilige lieden, achter de kachel liggen te luilakken en hun dagen genieten in vetzucht en pracht, er lasterlijk op pochen dat zij de heren zouden zijn ten koste van ons zwoegen. Men moet hun het luie zweet uit hun lichaam drijven.’
‘We moeten er echter op bedacht zijn dat zij ons mogelijk schade berokkenen, met betrekking tot onze lichamen, vrouwen, kinderen bedienden etc, als zij ons dienstbaar zijn en voor ons zouden werken.......’
‘Daarom nu en voor altijd: Weg met hen!’
(Zie http://www.freethinker.nl/index.php?opt ... &Itemid=38" onclick="window.open(this.href);return false; )

„Wo du einen Juden siehst ..., da geht ein leibhaftiger Teufel.“… ”
„Juden sind giftige, bittere, rachgierige, hämische Schlangen, Meuchelmörder und Teufelskinder.”

Enzovoort enzovoort. Kan een zichzelf serieus nemend historicus deze uitspraken nonchalant omschrijven als 'onfrisse dingen' zonder dan sterk de indruk te wekken dat hij het geschrift blijkbaar nooit gelezen heeft? Het is, beste apologeet, jodenhaat die geen nazi ooit overtroffen heeft. Geen wonder dat Adolf Hitler dan ook dit zei over Luther: „Luther war ein großer Mann, ein Riese. Mit einem Ruck durchbrach er die Dämmerung, sah den Juden, wie wir ihn erst heute zu sehen beginnen.“ ( "Luther was een groot man, een reus. Met een ruk doorbrak hij de schemering; hij zag de joden, zoals wij het vandaag de dag pas zien.")(Zie: http://www.neo-lutheraner.de/juden.html" onclick="window.open(this.href);return false; )
In Hitlers tijd werd het boekje dat allang in de vergetelheid was geraakt dan ook weer overal herdrukt in de Lutherse landen (zelfs in Finland dat minder dan 1500 joden in het land telde!)

Strengholt besluit met

“Hadden die kerkleiders maar meer oog gehad voor de rechten van alle mensen op vrijheid en vrije meningsuiting.”

Indien de lezer nu met grote ogen opkijkt en denkt dat Strengholt de Verlichting, Thomas Paine en zijn Rechten van Mens, of Voltaire, de grote voorvechter voor de vrije meningsuiting, eindelijk in het vizier heeft, komt hij heel bedrogen uit. Strengholt schrijft er als een cabaretier die zijn zaal doet schaterlachen in de volgende zin achteraan: “Gelukkig duurde het niet lang voordat christenen verstandiger werden in dit opzicht.” Blijkbaar is Strengholt ook nog niet goed op de hoogte van zelfs nog de tweede helft van de 18e eeuw en de wereld van zijn eigen kerk: http://www.exclassics.com/newgate/ng294.htm" onclick="window.open(this.href);return false;
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 05 aug 2013 16:42

Is het fanatisme van sommige christelijke groeperingen niet vaak de voorbode van religieuze conflicten?

Strengholt antwoordt: "Dat zou inderdaad kunnen. Hebben jullie niet opgemerkt hoe fanatiek atheïsten zijn? Is jullie ontgaan wat Stalin en Pol Pot hebben uitgehaald in hun strijd tegen religie?

En is het Strengholt ontgaan wat bepaalde mensen die net als hij geen postzegels sparen en bovendien ook niet aan curling doen wel niet uitgevreten hebben? Zet hem dat niet aan het denken?

Tot vervelens toe worden Stalin en Pol Pot weer tevoorschijn gehaald. Strengholt zegt dat het de overtuiging is waar het kwaad in schuilt. I agree! Dat beide heren deden wat ze deden vanuit het fanatisme van de communistische ideologie schijnt nog niet tot hem doorgedrongen te zijn. Het schijnt voor Strengholt ook niet mogelijk te zijn om in te zien dat overgave aan de communistische ideologie heel weinig verschilt van overgave aan een boekgodsdienst, oftewel dat we het hier eenvoudig over hetzelfde verschijnsel hebben dat door verlichters en freethinkers zo wordt aangeklaagd.

Ik reik altijd de prijs van het jaar uit aan de gelovige die de ludiekste opmerking maakt. Een christelijk-apologetisch boekje aan vrijdenkers adresseren en dan als argument Stalin en Pol Pot op te laten trommelen als hun geestverwanten zal dit jaar niet overtroffen worden.

Misschien is hier het punt waar ik maar eens het grootste kenmerk van atheïsten verklap. Ze zijn het op één punt met elkaar eens, maar op alle anderen punten is hun liefste hobby het altijd met elkaar oneens te zijn. Vrijdenkers zijn nóg lastiger, ze zijn het zelfs op dat ene punt nog niet helemaal met elkaar eens. Verlichting is individualiteit, en individualiteit produceert geen massaideologie die altijd voor rampen zorgt. Alleen maar beterweters die af en toe de oren van een enkeling bereiken.

Overigens is Christopher Hitchens, de gesjeesde trotskist, uiteraard de beste stem indien men het argument van de vrijdenker wat meer gewicht wil geven. Op google volstaat zijn naam en 'letter B' ( http://www.youtube.com/watch?v=h-bWZwxAb6A" onclick="window.open(this.href);return false; )
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 05 aug 2013 18:21

Vraag 45 Het christelijk geloof als rollator

Is het christelijk geloof gegrond op angst?

Strengholt geeft toe dat vrees voor de dood en het hiernamaals voor sommigen een rol kan spelen. Hij voegt eraan toe dat het geen ongezonde bezorgdheid is. Strengholt vermijdt door het neutrale woord 'hiernamaals' te gebruiken opzichtig het woordje 'hel', of 'verloren gaan', hetgeen hij uiteraard bedoelt. Waarom hij de uitvinding van de hel als een gezonde gedachte kan beschouwen legt hij niet uit, of men zou het moeten lezen aan zijn opmerking erachteraan dat mensen via die bezorgdheid soms christen worden. Vanouds heeft het christelijk geloof de hel op deze manier goedgepraat: een uitstekend middel om mensen tot geloof te laten komen. Dat zo'n houding weerzinwekkend is behoeft imho geen uitleg, en is de reden dat Strengholt het zo omzichtig, gesluierd en halfslachtig naar voren laat komen.

Hij stelt echter ferm dat de grond voor de christelijke moraal "de liefde voor God boven alles en allemaal" is. Een onzinargument uiteraard, want waar men in een God moet geloven die van helstraffen gebruikt maakt kan geen sprake zijn van het begrip liefde. Iemand die een helstraf verzint heeft van de eerste beginselen van liefde nog geen kaas gegeten. Maar aan de andere kant is het inderdaad waar dat een mens in staat is tot grote liefde voor een weerzinwekkende ideologie of onmens. Er zijn in het Rusland van vandaag nog oude mensen die nog steeds grote liefde hebben voor Stalin, dus waarom niet voor een primitieve bijbelgod.

Strengholt probeert zijn argument van de liefde te versterken door erop te wijzen dat die liefde zo groot is dat men bereid is de allergrootste offers ervoor te brengen, alsof dat iets om het lijf zou hebben. Iemand die in de 21ste eeuw moet leven zal meteen denken aan moslimterroristen die over zo'n grote zelfopoffering beschikken uit liefde voor hun God. Grenzeloze liefde is eerder eng dan iets waar men trots op kan zijn. Iemand die bij zelfopoffering geen grenzen kent is altijd dichter bij fanatisme en redeloosheid dan bij liefde voor de medemens. Liefde voor de medemens heeft altijd redelijkheid het hoogste in het vaandel staan.

Wat betreft de grond van het christelijk geloof denk ik zelf dat het niet enkel de angst is. Afkeer van het leven is een vereiste om christen te worden. Men moet in grote mate troosteloosheid, zondigheid, krachteloosheid, somberheid en zinloosheid ervaren. De allerzieksten genieten er bovendien nog van dat ze ooit nog van het feestmaal zullen genieten voor de ogen van hun vijand (zoals de beroemde psalm 23 het zo goed uitdrukt), en dat je vijanden naar die hel zullen gaan.

Daarom noem ik als grond van het geloof 'existentiële benauwdheid', een breder begrip dat vanalles ongezonds onder de paraplu kan laten meelopen. Religieus geloof is een aanlegsteiger voor allerlei soorten stoornissen van de geest, variërend van angst tot machtswellust, van krachteloosheid tot lijden aan het leven, van geestelijke onvolgroeidheid tot wensdromen en hallucinaties. Voor een gelovige geldt dat hoe minder het geloof centraal staat in het leven, dus hoe minder men zich eraan heeft overgegeven, des te gezonder men in het leven staat. De gelovige die nog niet over de gezondheid beschikt het geloof op een zo laag mogelijk pitje te zetten, zal bij de constatering dat hij flink aan het backsliden is echter weer in existentiële benauwdheid geraken en weer wanhopig naar een levendiger geloof zoeken. Welzalig de mens voor wie dit allemaal abracadabra is.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 06 aug 2013 09:21

Bertrand Russell schreef: 'Er is iets zwaks en verachtelijks aan een mens die niet opgewassen is tegen de gevaren van het leven zonder de hulp van troostrijke mythen.' Zijn christenen zwakke, bange mensen?

Deze vraag is een variant van de vorige, waarin eigenlijk alles al gezegd is, maar het is interessant om Strengholt er nog wat anders op te zien antwoorden:

"Ik neem aan dat hiermee wordt bedoeld dat christenen in hun God geloven omdat ze troost nodig hebben en omdat ze zonder dit geloof niet tegen de gevaren van het leven zijn opgewassen. Laat me dan even voor alle helderheid melden dat ik blij ben met de troost van het evangelie, maar dat dit niet de reden is voor mijn geloof.
Het christendom ontstond als geloof van mensen die bereid waren ernstig te lijden omwille van hun overtuiging. Waren ze dus 'zwak en niet opgewassen tegen de gevaren van het leven' en werden ze daarom christen?"

Het is duidelijk dat Russell het over de tegenwoordige christenen heeft en een verwijzing naar mensen van 2000 jaar geleden niet erg to the point is. Pas de moderne tijd heeft mensen laten zien dat de bijbel een aaneenrijging is van mythen. Het verachtelijke vangt pas aan wanneer we op de modernde tijd aankomen en mensen nog steeds hun troost halen uit wat iedereen, ook zijzelf, ontmaskerd heeft als mythen. Aangezien Russell het woordje 'verachtelijk' gebruikt, mogen we wellicht de woorden van Nietzsche hier voorbij laten gaan, al keek Russell nogal neer op hem. Nietzsche kan het echter meestal beter zeggen dan iemand anders:

"De gelovige mens van vandaag - ik stik van zijn adem... Tegenover het verleden beschik ik, net als iedereen die er weet van heeft, over een grote tolerantie, dat wil zeggen over een grootmoedige zelfbeheersing: ik doorloop hele millennia van waanzin, of die nu 'christendom', 'christelijk geloof' of 'christelijke Kerk' heet, met sombere behoedzaamheid, - ik pas wel op om de mensheid voor haar geestesziekten verantwoordelijk te maken. Maar mijn gevoel slaat om, slaat op hol zodra ik in de nieuwere tijd, in onze tijd beland. Onze tijd weet wél beter. Wat vroeger alleen nog maar ziek was, is tegenwoordig onfatsoenlijk geworden, het is onfatsoenlijk om tegenwoordig nog christen te zijn. Ik kijk om me heen: er is geen woord meer over van wat vroeger 'de waarheid' heette. Iedereen, ook de priester, weet dat er geen 'God' meer bestaat, geen 'zondaar', geen 'Verlosser', dat 'vrije wil', 'een wereld bestuurd door God' leugens zijn. Alle begrippen van het christelijk geloof zijn ontmaskerd voor wat ze zijn, valsemunterij. We weten tegenwoordig zelfs wat die uitvindingen werkelijk waard zijn, waartoe ze dienden. Ons gedrag van elk ogenblik, ieder instinct, ieder waardeoordeel dat in daden wordt omgezet is vandaag de dag in strijd met het christelijk geloof. Wat voor misgeboorte van valsheid moet de moderne mens dan niet zijn, dat hij desondanks zich niet schaamt nog christen te worden genoemd." (De Antichrist, uit §38)

Strengholt stelt dus eerst dat christenen het tegendeel van zwak zijn, aangezien vroegere christenen bereid waren hun leven voor hun geloof te geven. Dat dit argument van geen enkele relevantie is geeft lost Strengholt op door er achteraan te zeggen dat troost sowieso niet de reden is voor zijn geloof. Strengholt laat de lezer vervolgens niet weten wat dan wel zijn reden is, maar uit eerdere opmerkingen die hij meerdere malen gemaakt heeft kan men opmaken dat hij zichzelf wijs maakt dat hij gelooft omdat de historische feiten het christelijk geloof zo sterk ondersteunen dat hij wel voor de waarheid ervan moet zwichten! Inderdaad, een krachtige reden indien hij eerlijk die feiten ook maar ooit onder ogen zou zien, maar wat hij in zijn boekje consequent gedaan heeft is eenvoudig alles wat de moderne bijbelwetenschap heeft aangereikt als onderzoeksresultaten negeren, om nog maar te zwijgen over hoe hij geen enkele conclusie heeft hoeven trekken uit de onderzoeksresultaten van alle andere takken van wetenschap. Meerdere malen heeft hij wetenschap eenvoudig nonchalant van tafel geveegd en afgedaan als op gelijke voet staande als een bijbelverhaal waarin een in het water gevallen bijl weer naar boven komt drijven. In wetenschap kan volgens hem zomaar weer alles op zijn kop gezet worden.

Alsof het onwaarachtige van zijn geloof nog niet genoeg uit de doeken is gedaan vervolgt Strengholt weer met het omgekeerde argument. Dus christenen zijn niet zwak en het is hun niet om troost te doen. Maar ook als dit niet waar is, en christenen dus bij uitstek zwak zijn en het hun vooral om troost te doen is, heeft de kritiekgever nog steeds ongelijk:

"Wat een asociale uitspraak van Russell trouwens. Wat is er zwak aan de behoefte van troost? Wat is er mis met zwak zijn? Wat een verachtelijke visie op mensen met problemen die troost zoeken. Of is het troost zoeken soms alleen verachtelijk als dat in het christelijk geloof gebeurt, maar niet als troost wordt gevonden bij de psychiater en met pilletjes?"

Wat er aan zwakheid en behoefte aan troost mis kán zijn kan men wel degelijk in de wetenschap van de psychologie beantwoord zien. Net voordat hij overleed gaf Albert Ellis mij toestemming om zijn essay The Case Against Religion in het Nederlands te vertalen en op het internet te zetten: http://www.kolumbus.fi/volwassengeloof/albertellis.htm" onclick="window.open(this.href);return false;
Uitgangspunt van een psychotherapeut is om mensen te helpen zo weinig mogelijk te lijden aan existentiële benauwdheid en vijandigheid, precies datgene dat ik in mijn leven heb opgemerkt als typerend voor christenen, en ook uit mijn eigen gelovige leven ken.
Ellis geeft vervolgens negen kenmerken van geestelijke gezondheid. En al die negen worden door de christelijke godsdienst in meer of mindere mate aangerand.
In plaats van een pijnlijke opmerking als asociaal te beschouwen zou Strengholt de uitspraak kunnen zien zoals de latere Sartre het overdacht: dat de moderne christelijke overgave niet authentiek is, maar een daad van jezelf ontrouw worden, een vorm van zelfdeceptie, 'valsemunterij' of 'jezelf voorliegen' zoals Nietzsche gewoon was het te betitelen. Op dezelfde manier als dat alcohol of drugs geen antwoord zijn op de existentiële benauwdheid, maar troost zoeken op die manier iets verachtelijks heeft.

"Een miljoen Nederlanders zitten op de één of andere manier aan troostende pillen. Zelfs al zouden 'de mythen' die mensen geloven volstrekt onwaar zijn, dan nog is de vraag of dat niet te verkiezen is boven de pillen die de dokters voorschrijven."

Dat is inderdaad de vraag. Mijn eigen antwoord voor zowel vrome christenen als de pillenslikkers, alcoholisten, drugsverslaafden en zelfmoordkandidaten is dan ook om geestelijk op te groeien, geestelijk volwassen te worden. De sleutel is het leven lief te leren hebben, in voorspoed en in tegenspoed. Dit is nogal gemakkelijk om te zeggen, en de innerlijke groei van een mens schijnt een proces te zijn dat maar bar langzaam gebeurt. Maar ik ben een optimist, niet iedereen is zo onbegaafd als ikzelf op dit punt. Het is duidelijk dat een prille jeugd die hiertoe de mogelijkheden geeft en een opvoeding die hiertoe aktief opvoedt de beste resultaten oplevert; en ook dat sommige mensen die vanwege die jeugd het omgekeerde hebben meegemaakt een lange tocht hebben om geestelijke gezondheid te bereiken.

Ziekte moet men echter nooit gladstrijken door begrip ervoor of respect ervoor op te eisen. Doet men dat dan verliest men het zicht erop dat het om ongezondheid gaat die overwonnen dient te worden.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 06 aug 2013 13:19

Vraag 46 Christenen niet moreel superieur

Boekgodsdiensten zijn een bron van discriminatie. Staan gelijkheidsbeginselen niet onder druk bij die religies?


Strengholt begint met: "Hoezo speciaal naar boekgodsdiensten wijzen?" Een overbodige vraag. Iemand hoeft niet veel van bijvoorbeeld het hindoeïsme te bestuderen om op te merken dat discriminatie daar ook voorkomt. Het kastenstelsel is bepaald niet iets wat bij deze tijd hoort. En men kan er daarom zeker van zijn dat een vrijdenker daar natuurlijk ook dezelfde kritiek op zou leveren. Blijkbaar is die vraag echter verder van het bed van de vragensteller verwijderd. Mogen we het nu weer over de bijbel hebben?

Gelukkig mag het. Strengholt vervolgt:

"Dat christenen soms hun bijbel misbruikten om vrouwen aangelijnd te houden maakt nog niet dat de bijbel daar de oorzaak van is."

O nee? Ook niet indien het al op bladzijde 3 begint, wanneer God al tegen de vrouw zegt "Je zult je man begeren, en hij zal over je heersen"? Ook niet wanneer we opmerken dat zelfs in de tien geboden de vrouw nog als een object behandeld wordt en tussen de dieren en slaven staat ("Zet uw zinnen niet op het huis van een ander, en evenmin op zijn vrouw, op zijn slaaf, zijn slavin, zijn rund of zijn ezel, of wat hem ook maar toebehoort.")? Ook niet wanneer er het hele Oude Testament door geen haan kraait naar een opvatting als "Rechabeam had namelijk achttien vrouwen en zestig bijvrouwen genomen en verwekte achtentwintig zonen en zestig dochters. Hij handelde verstandig en verdeelde een aantal van zijn zonen over al de streken van Juda en Benjamin, over al de vestingsteden; hij gaf hun spijze in overvloed en zocht voor hen een menigte vrouwen" (2 Kron. 11)? Ook niet wanneer we opmerken dat enkel van de man wordt verwacht dat hij af en toe in de tempel verschijnt voor God? En enkel de man offert, enkel de man een teken van het verbond draagt? Een vrouw niets kan erven? Een vrouw enkel tot aan de voorhof van de tempel meekan? Een vrouw niet kan scheiden, maar een man wel? een vrouw wel een belofte kan doen, maar die dan gecontroleerd moet worden door de man om te zien of het niet onbezonnen is?

En ga zo maar door ook in het Nieuwe Testament: enkel de mannen worden aangesproken in redevoeringen in Handelingen, enkel het aantal mannen wordt geteld dat tot geloof komt, enkel mannen kunnen behoren tot 'de twaalf' rondom Jezus, en Paulus adresseert zijn brieven enkel aan 'broeders'. Hoezeer de nieuwste bijbelvertaling ook zijn best doet om het met valse vertalingen te vertalen, zoals dat Paulus tegenwoordig aan 'broeders en zusters' schrijft, het 'mannen van Israel' mooi met 'volksgenoten' vertaald kan worden, en het 'hij nam haar' met 'hij trouwde haar', staat tenslotte op het eind van de christelijke bijbel nog steeds 1 Tim. 2 waar een pseudopaulus het nog presteert om deze idiotieën wat betreft de vrouw voor te schrijven:

"Een vrouw moet zich rustig, in alle onderdanigheid, laten onderrichten, maar ik sta niet toe, dat een vrouw onderricht geeft of gezag over de man heeft; zij moet zich rustig houden. Want eerst is Adam geformeerd, en daarna Eva. En Adam heeft zich niet laten verleiden, maar de vrouw is door de verleiding in overtreding gevallen; doch zij zal behouden worden, kinderen ter wereld brengende, indien zij blijft in geloof, liefde en heiliging, met ingetogenheid."

En met zo'n stortvloed aan patriarchale leringen komt Strengholt nu aan met dat christenen soms hun bijbel misbruikten, let op, hij schrijft inderdaad misbruikten!, om de vrouw onderdanig te houden. Men vraagt zich af of Strengholt, die in Egypte woont, de bijbel enkel in het Koptisch leest, en hij van het Koptisch nog enkel de cursus voor beginners heeft gevolgd.

Maar waarom begint hij überhaupt met vrouwen? Vangt de allergrootste discriminatie van het bijbelgeloof al niet aan wanneer God vriendje wordt met enkel Abraham? En met enkel één volk een verbond sluit? Een geloof dat zo begint heeft sowieso nooit en tenimmer meer recht om te beweren dat God iedereen ter wereld lief heeft of gelijkheid van alle mensen leert.

Strengholt besluit zijn betoog van welgeteld 6 zinnen zo: "De bijbel is evengoed de bron van emancipatie voor veel mensen geweest. Juist omdat de bijbel het heeft over de gelijkheid van alle mensen, hebben christenen vaak vooraan gestaan bij processen van emancipatie."

Het is moeilijk om op dit punt niet heel boos te worden. Hoe in vredesnaam kan iemand die zich historicus en theoloog noemt, en dus weet heeft van zowel wat er in de bijbel staat, en hoe buitengewoon moeizaam het was in de maatschappijen die door het christelijk geloof beheersd werden de slavernij af te schaffen, het zwarte ras op gelijke voet te behandelen, de vrouw gelijke rechten te schenken, afwijkende sexuele geaardheid door christenen te laten accepteren, zo ongelooflijk nonchalant kan heenstappen over duizend en één feiten die hem tegenspreken?
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 07 aug 2013 07:20

Bij de dieren komen we een bepaalde mate van opoffering en rechtvaardigheid tegen. Ligt hier niet de basis van de menselijke moraal?

Om deze vraag te verduidelijken: Michael Shermer in zijn boek The Science of Good and Evil, laat weten "The following characteristics are shared by humans and other social animals, particularly the great apes:
attachment and bonding, cooperation and mutual aid, sympathy and empathy, direct and indirect reciprocity, altruism and reciprocal altruism, conflict resolution and peacemaking, deception and deception detection, community concern and caring about what others think about you, and awareness of and response to the social rules of the group."

In het antwoord dat Strengholt geeft wordt niet duidelijk of hij bovenstaande (voor een leek nogal vanzelfsprekendheid) ontkent en denkt dat er een andere basis is voor moraal dan een geheel natuurlijke.

Strengholt begint zijn reactie met:

"Grappig. In een eerdere vraag werd de natuur tegen het christelijk geloof gebruikt met de vraag 'Waarom is jouw God meedogenloos onverschillig als je naar de natuur kijkt? Het is eten of gegeten worden.' Nu wordt dezelfde natuur aangehaald tegen het christelijk geloof, juist vanwege haar basale moraal. Vrienden atheïsten, kies wat je een goed argument vindt, maar allebei, dat is vreemd."

Het ontgaat mij wat er grappig is, of het moet zijn dat een christenapologeet en retoricus niet erg uitblinkt in logica, terwijl dat juist één van zijn hoofdvakken zou moeten zijn. In een zo veelomvattend concept als 'natuur' kan zeer wel zowel het één als het ander voorkomen. Moraal is iets wat sociale dieren hebben ontwikkeld, en sociaal is een dier geworden om beter te kunnen eten en minder gegeten te worden. Oftewel een sociaal dier kan meedogenloos onverschillig zijn ten aanzien van andere diersoorten, terwijl het moreel gedrag toont ten opzichte van zijn eigen soort, of enkel eigen groep, een houding die we typisch ook bij de mens aantreffen.

Juist hoe hoger de mens zich moreel ontwikkelt, des te groter hij de spanning ervaart tussen het basisgegeven waarop de natuur gegrondvest is, de natuurlijke selectie, - waarin sprake is van meedogenloze onverschilligheid ten aanzien van het lot van welk leven dan ook -, en ontwikkelde gevoelens van esthetiek, altruïsme, begrip en bewondering voor de verscheidenheid.

Al deze zaken zijn logisch goed aan elkaar te rijmen voor eenieder die het ontstaan en de werking van de natuur als iets onpersoonlijks ziet; waarin intelligent leven sporadisch voorkomt en waarvan de moderne mensensoort de pech heeft over zoveel intelligentie en opgebouwde cultuur te beschikken dat hij er existentiële benauwdheid van krijgt.

Het is de taak van een christenapologeet om de feiten van de natuur te verbinden aan een scheppergod die hij tevens wil zien als moreel perfect, de hoogste invulling van liefde. Me dunkt dat hier een gigantische taak ligt die je niet even in tien zinnen (Strengholts bijdrage) kunt oplossen. Nog minder is er reden om deze problematiek te beginnen met 'Grappig' als eerste zin.

Strengholt verstaat de kunst om de farce tot het einde met gladgestreken gezicht voort te zetten:

"Waarom zou onze moraal zijn wortels in die natuur hebben? Dan kan je met hetzelfde gemak argumenteren dat olifanten hun moraal aan vissen of planten te danken hebben."

Terwijl er blijkbaar alweer iets grappigs door het hoofd van Strengholt fladdert, staat hij er niet bij stil dat sociaal gedrag al bij sommige vissen aangetroffen wordt (zie bijv. http://www1.umn.edu/ships/evolutionofmo ... es/24a.htm" onclick="window.open(this.href);return false; ), en zelfs ontdekkingen gedaan worden over sociaal gedrag van planten. Professor Hans de Kroon staat op het internet vermeld met de uitspraak: "We know that in the animal world, kin recognition and selection plays a very important role for family structure, altruistic behavior and those kinds of things. It’s so prominent in the animal literature. Once we start to discover that plants can recognize their kin, there’s a whole set of hypotheses we can apply to studying plants that nobody ever thought to.”

Waarom zou moraal zijn wortels in de natuur hebben? Hoe in vredesnaam zou het dat niet kunnen hebben? Waar zou het anders zijn wortels in moeten hebben?
Ik kan me nog voorstellen dat iemand moraal definieert als iets wat alleen bij mensen voorkomt. Zoals Strengholt in de volgende zin uitspreekt:

"Dat er parallellie is wil nog niet zeggen dat de moraal van honden en de moraal van mensen met elkaar te maken hebben."

Fair enough, in dat geval is moraal gedrag iets specifiek menselijks, namelijk wanneer de mens via de rede uit diverse opties die voor hem mogelijk zijn een bepaalde keus maakt. Maar zo'n keus zal hij dan toch uit zijn eigen lijf moeten halen om het tot een morele keus te kunnen bestempelen. Een mens die zich zus of zo gedraagt omdat een autoriteit dit van hem vereist is dan nog steeds op het niveau van automatisme, het niveau van het dier dat zich nog niet ontwikkeld heeft tot een moreel, dwz denkend wezen. Toen de Duitsers na de oorlog hun gedrag keer op keer verontschuldigden via het argument dat ze enkel deden wat hun was opgedragen, werd zoiets juist als immoreel beschouwd. Anders gezegd, wanneer iemands gedrag wordt bepaald door iets dat van bovenaf opgelegd of voorgeschreven wordt, is van ethiek geen sprake meer. Ethiek is de bezinning op wat goed en slecht is en een persoonlijke keus maken voor wat men ziet als het goede.

Hoe men het ook wendt of keert, moraal is iets wat volkomen groeit uit de menselijke natuur, uit het feit dat mensen wezens met denkvermogen zijn. Moraal is voor mensen net zo natuurlijk als werktuigen gebruiken als verlengstuk van de handen.
Ik zie niet in hoe Strengholt bovenstaande zou kunnen ontkennen, noch zie ik hem uitleggen wat de basis voor de moraal volgens hem dan wél is. Al met al is zijn reaktie op de vrijdenkervraag buitengewoon teleurstellend.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 08 aug 2013 13:08

God is het product van iemand inlevingsvermogen en vaak projecteren mensen hun eigen moraal op die van God. Waait God dus met alle winden mee?


Om deze vraag wat achtergrond te geven zou men dit artikel van Etienne Vermeersch kunnen lezen: http://etiennevermeersch.be/artikels/go ... ke-waarden" onclick="window.open(this.href);return false;

"Als God het product van ons inlevingsvermogen zou zijn, zou hij op Sinterklaas lijken, die precies past bij wat ik wens. Het eigenaardige is nou net, dat het tussen God en mij vaak wringt. Hij wil dat ik me anders gedraag dan ik van nature zou wensen. Zoiets verzin je niet!"

Strengholts argumentatie rammelt weer aan alle kanten. Ten eerste haalt hij Sinterklaas erbij alsof Sinterklaas ook niet een andere kant heeft! Wie denkt aan Sinterklaas zonder de roede, het dikke boek waarin gekeken wordt of het kind zich wel goed gedragen heeft, en de dreiging van de zak van zwarte Piet waar je in gestopt kan worden om naar Spanje vervoerd te worden?
Dat Sinterklaas exact het wensproduct van de volwassen is om de kinderen mee te bespelen staat buiten kijf.
Iedereen die een klein beetje over God heeft nagedacht weet dat God niet alleen het object van wensvervulling is, maar ook voortgekomen is uit de angsten van de mens. Hoe angstiger het leven was, des te verschrikkelijker de mens zich zijn God verbeeldde.
Iedereen met een beetje ontwikkeling weet ook dat een mens die boordevol idealen zit, zich vaak klem weet gezet tussen twee alternatieven die allebei aanvoelen als slechte keuzes, of voelt dat hij niet aan zijn eigen idealen kan beantwoorden. Dat heeft absoluut niets met een god te maken, maar is eenvoudig een natuurproduct, de uitkomst van de verbinding tussen ons hersenvermogen en het ingewikkelde leven.

Dat God exact wordt geboetseerd zoals de moraal van de mens zelf is, kan men bijzonder gemakkelijk opmerken door enkel de geschiedenis door te gaan en dan te zien dat de God van iedere tijd exact is als de opvattingen van desbetreffende tijd.

Om het nog duidelijker aan te tonen kunnen we naar de bijbel zelf gaan. Die laat in Genesis 4:15 God al dit uitspreken: "Jahweh beloofde Kaïn: ‘Als iemand jou doodt, zal dat zevenmaal aan hem worden gewroken.’
Is dat de moraal van God of typisch de moraal van iemand uit de bronstijd?
In Leviticus 26:18 horen we alweer: "Als jullie mij dan nog niet willen gehoorzamen, zal ik de straf voor jullie zonden zevenmaal zo zwaar maken." Is dat de opvoedmethode van de tegenwoordige schoolmeester of één die in de mode was in diezelfde primitieve tijd? Dat de bijbelschrijver er duidelijk van geniet blijkt hieruit dat hij het drie verzen verder nog eens herhaalt, en nóg een keer, weer drie verzen verder: "...zal ik op mijn beurt ook tegen jullie in gaan. Zevenmaal zo streng zal ik jullie voor je zonden straffen".

In Deuteronomium 29:19 lezen we: "Jahweh zal zijn gekrenkte liefde wreken en al zijn woede tegen hem laten losbarsten". Dat is exact het omgekeerde van wat men in alle wijsheidsboekjes van tegenwoordig kan lezen over hoe je met gekrenkte liefde moet omgaan!

"Ik zal mij wreken op mijn vijanden, ik reken af met wie mij haatten", zegt Deuteronomium 32:14. Geheel hiermee in overeenkomst zegt David dan ook in een Psalm: Zou ik niet haten wie u haten, HEER, niet verachten wie tegen u opstaan?
Dat is exact het tegendeel van wat Jezus in Mt. 5 leert: Ik zeg jullie je niet te verzetten tegen wie kwaad doet. Hebt uw vijanden lief, zegent wie u vervloeken, en doe goed aan degene die u haten.

"We laten als christenen onze moraal vaststellen door Jezus en diens eerste volgelingen", laat Strengholt vervolgens horen.
Maar in het voorgaande is er al op gewezen dat christenen dat helemaal niet doen. Afgezien van de christenen van de allereerste eeuwen en later enkel nog gelovigen van een zeer zeldzame soort, zijn christenen de hele geschiedenis door de oorlog in gegaan, hebben ze niet bekend gestaan om het aanbieden van de andere wang om op te slaan, geven ze - met uitzondering van de monniken - niet hun bezit weg, maar doen ze er juist alles aan om dit te vermeerderen. Het kapitalisme is nota bene ontstaan in het streng gelovige calvinistische Nederland. Christenen hebben niet bekend gestaan om een houding van 'genade'. Het waren altijd christenen die de apartheid tot het eind verdedigden, de slavernij tot het eind verdedigden, lijfstraffen in de opvoeding verdedigden en de afschaffing van de doodstraf afkeurden. Overal, wereldwijd, hebben de moderne protestantse christenen het mogelijk gemaakt voor vrouwen om ook voorgangers te worden, en dus in te gaan tegen de leer van 'de eerste volgelingen van Jezus'.
Bovenstaande opmerking van Strengholt is dus absoluut niet serieus te nemen.
Dat hij er zelf ook mee zit kan men opmaken uit zijn volgende woorden:

"Dat we wegens opportunisme soms wat veranderen in onze morele visie is duidelijk, maar het ijkpunt is God en die geopenbaard in Jezus. Hoewel dat soms pijnlijk voor me is, keer ik daar steeds weer naar terug. Ik pas me bij God aan. Hij past zich niet aan mij aan."

Het is een droeve zaak dat christenen zich genoodzaakt zien de feiten maar zoveel mogelijk te negeren en te bagatelliseren ("soms wat veranderen", alsof we niet in alles behalve de meest basale morele principes zoals die al 2000 jaar voor Christus in de Egyptische godsdienst al gepredikt werden, anders denken dan de mens van vroeger!). Let op hoe Strengholt hier bij de de veranderingen in onze morele visie blijkbaar denkt aan zaken waarin christenen bepaalde leringen van Jezus niet opvolgen. Maar wat betreft de zaken die ik hierboven opnoemde zal hij weer de eerste zijn die zegt dat het aan het christendom te danken is dat die veranderingen er kwamen. Hoe doorzichtig. God waait altijd met de wind mee als we de verandering in moraal beschouwen als een vooruitgang. :wink:

Ziet Strengholt niet in dat zelfs zijn "het ijkpunt is God en die geopenbaard in Jezus" al een zwevend ijkpunt is waar je geen touw aan vast kan knopen? God heeft zich zoveel aangepast aan Jezus dat hij zo ongeveer het omgekeerde werd van wat hij was. En indien Jezus het ijkpunt God een hele andere inhoud kan geven, waarom kunnen wij moderne mensen dat ook niet? Wat is dat voor een ontstellend bijgeloof om van Jezus een God te maken die nooit overtroffen kan worden en in alle toekomstige tijden nooit iets kan bijleren? Dát is voor mij nou een pijnlijke zaak geweest om te moeten accepteren zolang ik christen was en geen wet voor mezelf.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 08 aug 2013 18:01

Vraag 47 Christenen zijn bevooroordeeld

Ralph Bodelier studeerde theologie en is atheïst. Hij beweert: 'Zoals een oncoloog niet meer in staat is om nuchtere diagnoses te stellen als hij wordt getergd door helse pijnen, kun je van een theoloog geen afgewogen oordeel kan vellen als hij zijn denken laat vertroebelen door religieuze mist'.
Zijn theologen dus slechte informanten over het christendom?


De gehele geschiedenis door zijn theologen aanhangers geweest van de godsdienst die ze 'betheologiseren'. Het is vanzelfsprekend dat zoiets van invloed is op de onderzoeksresultaten. Pas in zeer recente tijden wordt dit regelmatig doorbroken, met als gevolg dat opvattingen van eenlingen zoals Ferdinand Baur en de Radikale Nederlandse school tegenwoordig door steeds meer bijbelgeleerden serieus worden genomen.
Aan de andere kant moet met de gekleurdheid van theologen niet overdrijven, aangezien alle bijbelkritiek van theologen afkomstig is, en zelfs de kleinste kritiek in tijden als de 17e, 18e en 19e eeuw een moed vereiste waar men de pet voor kan afnemen. De conclusie waarmee Strengholt zijn antwoord begint, "Oftewel de enige goed theoloog is een ongelovige theoloog", is een op de spits gedreven argumentatie. Blijkbaar voelt Strengholt steeds dat de vragen gesteld worden door een atheïst. Hij laat zich erdoor opjagen, hetgeen resulteert in een polemische stijl die de zaken voortdurend in zwart-witte kleuren neerzet, hetgeen voor niemand interessant is.

"Een christen kan niets zinvols over geloven zeggen, om de eenvoudige reden dat hij vooringenomen is".

'Niets' is overdreven, en 'de eenvoudige reden' is juist eenvoudig omdat het nu eenmaal een feit is dat aanhangers van een ideologie nu eenmaal niet bepaald zo objectief mogelijk naar de ideologie kunnen kijken en iedereen dat weet. Waarom dus zoiets niet toegeven?

"Antropologie, psychologie, sociologie, en soortgelijke wetenschappen zouden op basis van dit soort argumenten niet kunnen bestaan."

Weer die zwart-wit opstelling. Weet Strengholt dan niet dat de wetenschap zich zeer wel bewust is van de moeilijkheden in die takken van wetenschap en in de regel dan ook onderscheid maakt tussen de exacte vakken en de humanistische? En dat men vele zogenaamde resultaten van de humanistische wetenschappen niet die status geeft die men geeft aan de onderzoeksresultaten van de natuurwetenschappen? En ziet Strengholt ook geen nuanceverschil tussen theologie, dat invloed kan hebben op persoonlijk religieus geloof, en die andere humanistische vakken? Van religieuze overtuigingen is bekend dat ze zo diep kunnen gaan dat een mens bereid is voor ze te sterven. Dat zal nauwelijks het geval zijn met psychologische, sociologische of antropologische opvattingen.

Overigens, indien we toch zaken voorbij laten gaan in zwart-wit tegenstellingen, mag hier meteen achteraan wel opgemerkt worden dat de fanatieke overgave aan religieus geloof de waarheid danig in de weg kan staan. Verre van dat zo'n overtuiging een argument voor de waarheid van een geloof zou zijn (en de christenapologeet het dan ook altijd met trots naar voren schuift als argument), bewerkstelligt het gemakkelijk het omgekeerde. 'Het geloof maakt zalig. Dus liegt het', was Nietzsches commentaar. Hij wees erop dat het geloof werkt als veto tegen de wetenschap, dus de leugen tot elke prijs. Hij wees erop dat men voor elk stukje waarheid dat ontdekt werd heeft moeten vechten. En hij wees er tenslotte op dat

"nooit een martelaar met de waarheid ook maar iets uitstaande heeft gehad. In de toon waarop een martelaar zijn voor-waar-houden de wereld naar het hoofd slingert komt al zo'n geringe graad van intellectuele eerlijkheid tot uiting, een dusdanige afgestomptheid voor de vraag naar de waarheid, dat een martelaar nooit of te nimmer weerlegt behoeft te worden. De waarheid is niet wat de een wel en de ander niet zou hebben; hoogstens boeren of boerenapostelen in de trant van Luther kunnen zo over de waarheid denken. Men mag ervan verzekerd zijn dat terughoudendheid en bescheidenheid groeit naarmate men zich echt om de waarheid bekommert. De conclusie van alle idioten, dat een zaak waarvoor iemand de dood in gaat, iets heeft te betekenen, deze conclusie is in onzegbare mate een rem geworden voor onderzoek, voor de geest van onderzoek en voorzichtigheid. Martelaars hebben de waarheid enkel geschaad." (De Antichrist §53)

Nietzsche doet dan ook in de volgende paragraaf de uitspraak:

"Mensen met overtuigingen komen bij fundamentele kwesties van waarde en onwaarde niet in aanmerking".

Enkel het feit dat het zo ongeveer iedereen uitsluit om zich over deze kwesties uit te spreken maakt het niet helemaal een absurde uitspraak. Want juist omdat iedereen weet dat overtuiging inderdaad een obstakel is om iets zo objektief mogelijk te bekijken, is het interessant om de zaak eens zo te overdenken.

Terug naar Strengholt:

"En een atheïst kan dan het atheïsme niet objektief uitleggen omdat hij atheïst is."

Alweer zo'n rare gedachtenkronkel, want atheïsme is - voor de zoveelste maal! - de afwezigheid van het geloof in een God of goden, en heeft dus geen enkele inhoud om uit te leggen. Het is het standpunt waar ieder mens mee geboren wordt. Strengholt beschouwt atheïsme als een ideologie, maar dat is het absoluut niet. Aktief atheïsme bevorderen kan wel een onderdeel zijn van een ideologie, waar het communisme uit de vorige eeuw een voorbeeld van is, maar dan spreken we van de ideologie communisme. Atheïsme is geen ideologie.

Ik voor mij ben tegen wil en dank atheïst geworden. Tot mijn vijftigste was het een onmogelijke gedachte voor mij. Ik probeerde mijn geloof in God zelfs nog een jaar of vier te behouden toen ik het christelijk geloof al opgegeven had.
Ik ga ermee accoord dat niemand geheel zonder subjectiviteit naar de werkelijkheid kijkt, maar het lijkt mij volstrekt duidelijk dat religieuze overtuiging de meest subjectieve benadering van de werkelijkheid is.
Mijn eigen levensweg maakt mij niet tot persoon die er op uit is om atheïsme koste wat kost te verdedigen. Een atheïst spreekt zich enkel uit omdat wat de gelovigen zeggen vaak zo tegen alle redelijkheid in gaat dat het tegen de borst stuit.

Strengholt werpt zich vervolgens op Bodelier:
"Wat een vreemde uitspraak om a priori te spreken over 'denken laten vertroebelen door religieuze mist.' Dat is in ieder geval geen wetenschappelijk standpunt."

Waarschijnlijk bedoelt Strengholt met dat laatste dat het nogal subjektief gekleurd is. Maar waarom zegt Strengholt dat Bodelier 'a priori' dit stelt? Bodelier schrijft nota bene nadat hij theologie gestudeerd heeft, oftewel nadat hij de ins en outs van deze materie uitgebreid onder ogen heeft gehad.
Het is weer typerend voor Strengholts oppervlakkigheid dat hij zich helemaal niet verdiept in het artikel waar Bodeliers woorden uit komen. Strengholt geeft zelfs geen verwijzing ernaar: http://www.liberales.be/essays/bodelier" onclick="window.open(this.href);return false;

Bodelier begint met op te merken hoe vermoeiend het is om atheïst te zijn. In plaats van dat mensen inzien dat het de gewoonste zaak van de wereld is op bewijzen te wachten voordat men ergens geloof aan schenkt, moet hij zich constant ervoor verantwoorden, en blijken horden mensen zeker te weten dat er wel 'iets' moet zijn.

Ten tweede legt hij ook nog eens uit dat er niets is wat af te wijzen zou zijn. En zodra hij ook maar even z'n mond opendoet om dat wel te doen staat het gelovige koor op om te zeggen dat je zoiets nooit kan bewijzen, en het dus nutteloos is. Erger nog, dat het proberen te bewijzen dat God niet bestaat een teken is dat Hij bestaat. Het is dus zo vermoeiend atheïst te zijn dat hij overdenkt of het toch niet verstandiger is om je maar gewoon agnostisch te noemen.

Klinkt dat als iemand die vreemde uitspraken doet? Het is exact het tegendeel van Strengholt, de man die bij alles polemiseert en gelijk wil hebben. Dit is een atheïst die gewoon met rust gelaten wil worden en die weet heeft van Nietzsches opmerkingen over terughoudendheid en bescheidenheid.

Maar Bodelier vervolgt door op te merken dat de atheïst altijd in hem naar boven komt zodra de christelijke God voorbij komt, de God waarop de gelovigen alle punten van de i kunnen zetten. Wanneer je hiermee geconfronteerd wordt móet een eerlijk denker zich wel ertegen uitspreken. Neem bijvoorbeeld de christelijke claim dat God zowel goed is, als almachtig en alomtegenwoordig. Dit is eenvoudig een logische onmogelijkheid wanneer we de wereld als het bewijsmateriaal voor ons hebben liggen. De atheïst heeft in elke discussie met de christen de rede aan zijn kant. In zijn vertwijfeling probeert de gelovige zich vaak op de rede te beroepen (Strengholt is er zelf een goed voorbeeld van), maar dat is enkel een kreet, meer nep en namaak dan echt; het leven van de gelovige wordt echt niet door de rede bestuurd.

Bodelier vertelt vervolgens dat hij niet alleen atheïst is, maar ook nog theoloog. En wel een theoloog die zelfs jarenlang theologie doceerde aan een hogeschool. Dat laatste deed hij overigens als atheïst. Op de vraag die geheid gesteld werd door de studenten "hoe een theoloog in godsnaam atheïst kan zijn", was zijn antwoord

"onbeschoft en van retorische aard, hoewel ik nog steeds denk de spijker op zijn kop te treffen. Het luidde ongeveer als volgt.
‘Dat je dat verbaast! Je hoeft toch ook niet aan kanker te lijden om oncoloog te worden? Er valt zelfs veel voor te zeggen om bijzonder sceptisch te staan tegenover theologen die in God geloven."

Klinkt dat als een vreemde uitspraak? Is dit niet juist het allerredelijkste wat iemand maar kan zeggen in het geval dat de ander zich ten zeerste verbaast?

En hierop volgen dan die woorden die Strengholt onder ogen krijgt:
"Zoals een oncoloog niet meer in staat is om nuchtere diagnoses te stellen als hij wordt getergd door helse pijnen, kun je van een theoloog geen afgewogen oordeel verwachten als hij zijn denken laat vertroebelen door religieuze mist."

En nu wordt het pas interessant, want Bodelier komt uiteraard met een onderbouwing. Eerst doet hij er nog een schepje bovenop, om het de lezer goed duidelijk te maken wat hij op zijn hart heeft. Het gaat Bodelier er zelfs niet in de eerste plaats om dat theologen het christelijk geloof welke gewenste kleur dan ook die men op het oog heeft kunnen geven, en het dus geen wetenschap is, maar dat het uitgangspunt voor vele theologen het dienen van de christelijke religie is. Hij geeft een pleidooi voor wetenschapsbeoefening, dwz een aanpak die zich absoluut verre houdt van de taak zoveel mogelijk de ideologie van de religie te dienen:

"Van de theoloog Edward Schillebeeckx is de uitspraak dat de theologie tot taak heeft bij te dragen aan Gods werk van bevrijding. Ik vind Schillebeeckx’ taakbeschrijving stuitend. Net zo min een oncoloog de opdracht heeft om bij te dragen aan het verspreiden van tumoren, dient een theoloog zijn handen vuil te maken aan godsdienst. Maar ik vrees dat Schillebeeckx wel applaus krijgt van zijn vakbroeders. Die zien zich -in tegenstelling tot godsdienstwetenschappers- veelal niet als denkers of onderzoekers, maar als hulpverleners, pastores en catecheten. Er valt dan ook veel te zeggen voor de stelling van de filosoof Herman Philipse om theologie als wetenschappelijke discipline van de universiteit te verwijderen. Zoals we dat immers ook zouden doen met de criminologie wanneer die zich tot taak zou stellen mee te werken aan de verspreiding van criminaliteit. Ik meen me te herinneren dat Philipse vervolgens voorstelt om theologie dan maar onder te brengen bij de culturele instituties. Theologen zouden in het vervolg gefinancierd moeten worden op grond van de cultuurnota. Zelfs dat gaat me te ver. Theologen mogen best bijdragen aan Gods bevrijding, maar niet op kosten van de belastingbetaler."

En daarna komt hij met de onderbouwing, een die zo kostelijk is dat ik hem in het geheel voorbij laat gaan:

"Het was mijn opleiding tot godsdienstleraar en het daaropvolgende doctoraalprogramma theologie dat me tot atheïsme bracht. Niet dat ik me uit die tien studiejaren ook maar één gelegenheid weet te herinneren waarin het atheïstisch programma aan de orde werd gesteld. Atheïsme, dat was een liefhebberij van balsturige dilettanten als Karel van het Reve of Bertrand Russell. Prima auteurs, scherpe geesten, maar geen theologen. Dus van hun standpunten hoefde de dogmatisch theoloog, kerkhistoricus, ethicus en liturgist geen kennis te nemen. Maatschappijkritisch was de studie overigens wél. Tegen het christelijke establishment werd de bevrijdingstheologie ingezet. Tegen het vrouwonvriendelijke karakter van de kerk, de feministische theologie. Tegen de a-historische en a-contextuele lezing van de bijbel, de historisch-kritische methode, de psychoanalyse of het structuralisme. En terwijl God niet meer Heer of Vader mocht heten en koos voor de slachtoffers van Somoza of Pik Botha; terwijl Jezus opeens in poncho rondwandelde en zijn ‘opstanding uit de dood’ als ‘opstand tégen de doodstraf’ mocht worden gelezen; werden de fundamentele vragen, in mijn herinnering althans, nooit gesteld.
Toch betekende theologie voor mij één lange en diepgaande ontmythologisering van kerk, christendom, Jezus en God. Het college Kerkgeschiedenis bood een fascinerend kijkje in de keuken waar met veel politiek gesteggel en machtsvertoon dogma’s en geloofsbelijdenissen werden gebakken. Bijbel-exgese ontrafelde de bronnen waaruit de schrijvers van Genesis, Exodus, Psalmen en de Evangeliën geput zouden hebben. Dogmatische Theologie presenteerde een indrukwekkend scala aan godsbeelden. Van de meest zouteloze kerkelijke modellen, tot de prikkelende God-is-dood theologie. Een variant overigens, waarin God allerminst dood bleek te zijn, maar tijdelijk met vakantie.
Zo leerde ik dat de theologie steeds nieuwe interpretaties van God op kon nemen, zonder de oude definitief naar de prullenmand te verwijzen. God was bevrijding én troost én vader én verlossing én afwezigheid én medelijden én wind én wezen én verzet én overgave. Deze schier oneindige variëteit wekte gaandeweg het vermoeden dat waarschijnlijk geen enkele interpretatie veel om het lijf had. Mits het bestaan van God niet ter discussie wordt gesteld - en dat gebeurt op theologische faculteiten per definitie niet - lijkt de theologische wetenschap geen enkele opvatting te verbieden. Net als met God, kan de theoloog overigens ook met Jezus alle kanten op. Jezus kan een spiritueel orakel zijn én een provocerende hippie én een joodse wetgeleerde én een Griekse wijsgeer. Ofwel: de theologie, om met Karl Popper te spreken, kent niet de mogelijkheid om uitspraken te falsifiëren en onwaarheden op het spoor te komen. Kort en goed, ergens moet het idee zijn gegroeid dat theologie een hobby is van vrijgestelde religieuzen en haar onderwerp niet meer dan een gedachteconstructie zonder empirische basis."

Als Strengholt Bodelier gelezen had had hij wel opgepast om zijn eigen betoog te vervolgen door de apologeet Willem Ouweneel na te praten die in zo ongeveer ieder betoog stelt dat

"elke wetenschap met vooringenomen standpunten werkt, al is het alleen al het standpunt dat de wereld rationeel te begrijpen is. Dat de wereld 'redelijk' in elkaar zit is geen objectief standpunt, maar een geloofsuitspraak".

Wie zó slecht op de hoogte is van het verschil tussen een geloof 'dat je van de toren naar beneden valt' en een geloof 'dat Jezus uit de dood is opgestaan', heeft zichzelf volkomen buiten spel gezet.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 09 aug 2013 13:34

Vraag 48 Christenen denken niet volwassen

Dat christenen niet volwassen denken is iets waar ik uitgebreid over heb geschreven in mijn boek Volwassen Geloof en mijn Commentaar op Nietzsches Zarathoestra.

Ik beperk me in dit hoofdstuk daarom tot één vraag, en enkel omdat Strengholt er nogal op vreemde wijze op antwoordt.

Cognitieve dissonantie is in de psychologie een term voor de onaangename spanning die ontstaat tussen onze overtuigingen en de werkelijkheid. Waarom veranderen christenen hun geloof niet, terwijl er zoveel is wat niet lijkt te kloppen?

"Ik erken de cognitieve dissonanties rond mijn christelijk geloof...Maar als zodanig schrik er daar niet van. Ik heb me als jonge christen ooit voorgenomen mijn intellectuele integriteit nooit te onderdrukken, en heb dat ruim dertig jaar niet gedaan, denk ik.
Erkent een atheïst ook dat het atheïsme zulke dissonanties heeft? Dat eeuwige probleem van het begin van alle dingen, daar hebben ze nooit een echt antwoord op. En die kwestie van echte warme liefde voor je minnaar, dat wil je toch niet reduceren tot een scheikundeles?"

Ik voor mij vind het vreemd dat Strengholt cognitieve dissonantie kan erkennen, maar tezelfdertijd zeggen dat het zijn intellectuele integriteit niet aantast. Hij noemt het probleem van het kwaad en het lijden dat niet gerijmd kan worden met een goede God.
Uit Strengholts antwoord maak ik op dat hij niet begrijpt dat cognitieve dissonantie en intellectuele integriteit onmogelijk kunnen samangaan. De definitie van cognitieve dissonantie is namelijk dat men een overtuiging heeft die het intellect niet goed kan keuren. Vandaar de spanning. Intellectuele integriteit behoudt men (of herwint men) enkel wanneer men zich van de cognitieve dissonantie bevrijdt. Een gelovige christen die zich erop wil beroepen intellectueel integer te zijn moet bijvoorbeeld bovenstaand probleem oplossen door óf het slechte van het kwaad en het lijden te ontkennen óf het idee van een goede en volmaakte God op te geven. Christenen doen geen van beiden en blijven beweren dat hun God geen enkele gebreken heeft, terwijl ze tezelfdertijd beweren dat er veel kwaad en lijden bestaat in de wereld, en kunnen dus op geen enkele wijze intellectueel integer genoemd worden.

Dat Strengholt het probleem niet begrijpt maak ik ook op uit het feit dat hij denkt dat iedereen met cognitieve dissonantie leeft. Hij zegt dat de atheïst geen antwoord heeft op de vraag van alle begin, en denkt dus dat cognitieve dissonantie gelijk staat aan met een vraagteken in het leven te staan. Hij begrijpt niet dat van cognitieve dissonantie pas sprake is wanneer iemand positief een bepaald geloof aanhangt, waarvan ons intellect dan op een gegeven moment zegt dat het niet klopt.
Zolang de atheïst eenvoudig zegt dat hij geen idee heeft van dat begin, of wanneer hij antwoordt 'misschien zus, misschien zo, misschien weer anders', is er geen enkele sprake van cognitieve dissonantie.
Het voorbeeld van de liefde voor de minnaar dat Strengholt geeft is al even vreemd. Dat men menselijke gevoelens tot scheikunde kan reduceren is al evenzeer een feit als dat we muziek tot geluidsgolven kunnen reduceren en het menselijk lichaam voor 99% is opgebouwd uit maar zes elementen, en de Griekse tekst van het Nieuwe Testament 138.020 woorden bevat. Maar zoiets betekent geenszins dat we niet over 'de mens', 'muziek' en 'liefde', of 'het christelijk geloof' kunnen praten als ervaringen. So what's the problem? Overigens kan het zeer goed zijn dat iemand zich niet bewust is van problemen die er in werkelijkheid wel degelijk zijn. Iemand die bijvoorbeeld nooit kritiek op zijn geloof bestudeert en overdenkt kan dan in principe een gelovige christen zijn zonder cognitieve dissonantie. De cognitieve dissonantie ontstaat pas wanneer men bewust wordt van de spanning tussen het intellect en de overtuiging die men aanhangt.
Born OK the first time

Gebruikersavatar
Rereformed
Moderator
Berichten: 14157
Lid geworden op: 15 okt 2004 12:33
Locatie: Finland
Contacteer:

Re: Jos Strengholt brengt woestijngeloof tot leven

Bericht door Rereformed » 09 aug 2013 17:40

Vraag 49 Bewijzen voor en tegen God

Je zou denken dat ieder apologetisch boekje met deze vraag begint. Iemand die een geloof aan de man wil brengen moet aankomen met goede redenen. Het antwoord van Strengholt is verbazingwekkend. Hij draait het om! Volgens hem gelooft 95% van de wereld in God of goden en gelooft slechts 5% dat niet. De burden of proof ligt volgens hem bij de atheïst! Een ludieker antwoord ben ik in het boekje nog niet tegengekomen.

Wel, lachen volstaat als reactie op grappen en grollen, tenzij men inmiddels om de voorbijgekomen argumenten gaapt van verveling.
Gelukkig is Strengholt ook van mening dat de weddenschap van Pascal en de ontologische bewijsvoering van Anselmus niet erg deugdelijke argumenten zijn. Hij kan er alleen nog niet om lachen zoals iedere gezonde denker dat doet.

Dit hoofdstuk kunnen we dus overslaan. Maar goed, laat ik Strengholts uitdaging eens aannemen:

Zelfs Strengholt geeft toe dat God altijd wat anders is dan God:

"Wil je God kennen dan moet je naar het leven en de dood en opstanding van Jezus kijken".

Mijn motto: wie Jezus neerzet als substituut voor God is per definitie al humanistisch atheïst geworden.

Overigens zien we dat alle mensen die op het internet denken te kunnen adviseren over "wie God wil kennen" een substituut verzinnen. En zo ongeveer elk substituut dat je wel aanstaat kun je er voor gebruiken! Sla de woorden in op google en je krijgt:

" wie God wil kennen, moet niet bezig zijn met macht en positie!"
" Wie God wil kennen, durft het aan om te leven met een open hand"
" Wie God wil kennen en iets van zijn liefde wil merken, moet zelf iets doen"
" Wie God wil kennen moet zich volgens Spinoza niet verdiepen in de bijbel maar in de wetmatigheid van de natuur"
" wie God wil kennen, richt zich op zijn wet"
" Wie God wil kennen, zal z'n Bijbel moeten lezen"
" wie God wil kennen komt in de moeite"
" Wie God wil kennen, moet de mensen kennen"
" Wie God wil kennen moet die twee lessen leren"
"Wie God wil kennen werkt per definitie boven zijn macht"
" Wie God wil kennen, moet zich volstrekt leeg maken van zichzelf"
"Wie God wil kennen moet zijn eigen goddelijkheid herkennen"

Wie God dus wil kennen moet per definitie iets anders verzinnen.

Ergo, gelovigen die wat over het kennen van God te zeggen hebben zijn per definitie ten diepste atheïst.
Born OK the first time

Gesloten