Robbert,
Nee, niet omdat "we" geen gelijk krijgen, maar omdat er eigenlijk alleen maar een herhaling van argumenten wordt gegeven zonder begrip voor wat door "ons" wordt ingebracht. Terwijl er wel stekelig wordt gereageerd als de vrijdenkers-argumenten worden genegeerd. De aanwezigheid van gelovigen op dit forum lijkt meer de functie te hebben dat er nog eens een salvo met dezelfde munitie kan worden afgevuurd om te kijken hoe déze gelovige daar nou weer op reageert. En als we dat niet doen met de vereiste eerbied voor het hier verzamelde intellect, worden we daarop afgerekend met de vaststelling dat we aan het preken zijn, cognitieve dissonantie vertonen of alleen retoriek bedrijven - uitvluchten om niet op de argumenten of de uitleg te hoeven ingaan.
Je voelt je aangesproken terwijl ik duidelijk stelde dat ik niet over jou sprak. Eigenaardig. Ok als je wil.
Er bestaan geen rationele argumenten voor geloof, anders was het geen geloof maar wetenschap. Ook lijk je te denken dat atheïsten een apart ras zijn. Ik ben nog gelovig geweest Robbert, net zoals de meeste hier. Wij kennen geloof Robbert, dat lijk je te vergeten. Als je argumenten wil aanbrengen dien je ze te zoeken in het emotionele spectrum van ons zijn, niet in het rationele en dat weet je zelf ook. Blijven volhouden dat het waar is omdat de bijbel het zegt is inderdaad een belediging naar mijn intellect.
Hieronder vind je het verschil tussen geloof als vertrouwen, blind geloof en het probleem om geloof en wetenschap te combineren. Je mag zelf eens goed nadenken waar jij je bevindt.
Geloof is een centraal begrip in het christendom en heeft er diverse betekenissen. De een legt de nadruk op het aspect 'vertrouwen' (zoals in een menselijke relatie) en stelt vertrouwen in Gods goedheid centraal, voor de ander is geloven in God een vorm van zekerheid of kennis. Deze kennis kan al dan niet met wetenschappelijk bewijs gestaafd worden. Over de vraag of dergelijk bewijs mogelijk respectievelijk nodig is, is binnen het christendom veel debat. Door het overgrote deel van de christenen wordt niet aan het bestaan van God getwijfeld, of aan Christus als de zoon van God.
Overtuigde gelovigen zijn soms niet in staat hun sterke geloof als geloven, als onzekerheid te erkennen, en kunnen het feit dat ze iets (intens) geloven als bewijs zien van het waar en correct zijn van hun geloof of overtuiging ("ik geloof het, dus het is waar"). Zij hebben geen twijfel over hun geloof, en zijn vaak niet vatbaar voor alternatieve rationele of logische verklaringen en benaderingen, noch het beschikbaar komen van nieuwe feiten die hun geloof schijnen te ondermijnen. Wanneer het geloven sterk is ziet men gebeurtenissen en feiten vaak in termen van het geloven, wat de objectieve waarde van deze feiten en gebeurtenissen vermindert. Soms wordt ook de term 'blind geloof' in dit verband gebruikt.
In de wetenschap probeert men kennis te verwerven door theorieën met experimenten of logische analyse te testen. Bij geconstateerde afwijkingen of zwakke plekken kan de theorie dan aangepast worden of zelfs in de prullenbak verdwijnen. Zie ook Wetenschappelijke methode. Zolang een theorie niet is bewezen of verworpen kan men spreken van geloven in de juistheid of onjuistheid van de theorie, gebaseerd op de aannemelijkheid ervan. Echter: een theorie is pas werkelijk bruikbaar als onomstotelijk, empirisch bewijs is geleverd. Het is niet mogelijk om op wetenschappelijk niveau voort te bouwen op een onbewezen theorie.
Geloof in een theorie staat dus niet garant voor de bruikbaarheid ervan. Jacques Benveniste was er bijvoorbeeld tot aan zijn dood van overtuigd de werkzaamheid van homeopathie te hebben bewezen, maar sindsdien heeft niemand deze resultaten kunnen herhalen.
Ook vinden soms onechte onderzoeken plaats met het doel om een van tevoren vastgestelde conclusie gemeengoed te laten worden, en daardoor een fundering te leveren voor het houden van een bepaald geloof. Dit wordt pseudowetenschap genoemd, en wordt door "reguliere" wetenschappers niet serieus genomen.
Soms wordt een hypothese schijnbaar wetenschappelijk bewezen, waarna later na nieuwe inzichten blijkt dat de deze toch ongeldig of maar gedeeltelijk geldig was. In dat geval was het (wetenschappelijk) geloof in de waarheid van de betreffende hypothese al die tijd niet op de werkelijkheid gebaseerd. Een voorbeeld hiervan is de gravitatietheorie die na de ontdekking van atomaire en subatomaire structuren niet algemeen geldig bleek te zijn.
Ik wil wél dat je mijn geloof serieus neemt, anders heb je geen recht om er met mij althans over te discussiëren. Ik doe mijn best jullie ongeloof en atheïsme ook niet af te doen als dwaze aanstellerij of jullie argumenten af te schilderen als intellectuele borrelpraat of weg te verklaren met pseudo-psychologie. Zelfs als die argumenten bij mij als defect zouden overkomen, doe ik mijn best om degene die ze poneert te respecteren en het argument als zo sterk mogelijk op te vatten. En ik vraag niet aan de vrijdenkers hier, om zich te verantwoorden voor wat "andere vrijdenkers" allemaal beweerd hebben, terwijl gelovigen altijd moeten verantwoorden wat iemand op internet weer voor katholieke of esoterische of fundamentalistische onzin heeft gepropageerd.
Jij kan veel willen. Jij komt hier op een vrijdenkersforum en ik moet een discussie met jou verdienen? Als jij gelooft, net als Henry, dat de bijbel letterlijk waar is (incluis alles smeerlapperij) wil ik geen discussie met je. Heeft toch geen nut. Wat ik serieus neem is je recht op je overtuiging en je recht om ze uit te dragen.
Zoals Voltaire het reeds zei: het is niet omdat ik walg van uw mening dat ik niet zal sterven voor uw recht ze uiten. Maar vergeet verdorie niet dat ik ook recht heb op mijn mening en het recht om ze te uiten.
En nee, in mijn gemeente zit niemand die andersdenkenden wegpest, in tegendeel, er is een sterk oecumenische geest in mijn gemeente, die sowieso heel divers is: van vrijzinnig tot gereformeerde bond. En "nederig" hoeven gelovigen wat mij betreft in het geheel niet te zijn. En als wij het moeten zijn, dan is dat omdat het mensen past in een gesprek met andersdenkenden, om niet al te hoog van hun eigen toren te blazen. En die schoen mag JIJ aantrekken.
Verdorie, daar wil ik komen wonen. En wees gerust, dat schoentje trek ik heel graag aan. Nu ga ik wel niet nederig zijn om beter over te komen in een gesprek met andersdenkende, ik vind dat nl. hypocriet.
Om te eindigen toch wel even stellen dat een oecumenische geest niets maar dan ook niets met tolerantie naar vrijzinnigen te maken heeft. Wat je wel hebt is dat de katholieke invloed, vooral in Nederland, voor een meer liberale interpretatie van geloof heeft gezorgd. En dit vooral naar andere christelijke stromingen toe. Niet naar vrijzinnigen.
Irenisme (van het Griekse: εἰρήνη, eirene - vrede) is de naam van een aantal stromingen in de Christelijke theologie, die de overeenkomsten, vergelijkbare leerstellingen en riten, van verschillende religies benadrukt. Het bijvoeglijk naamwoord irenisch betekent zodoende 'vredelievend', 'vredestichtend', 'bemiddelend'. Tegenwoordig wordt het woord niet vaak meer gebruikt; het begrip is nu vervangen door oecumene en door 'dialoog tussen de kerken'.
Volgens sommigen was Erasmus de eerste die het irenisme formuleerde. Hij stelde voor om de theologische verschillen die in de Reformatie tot uitdrukking waren gekomen tussen katholieken en protestanten, door overleg en vermenging te voorkomen.
In de daaropvolgende eeuwen zijn verschillende theologen en filosofen als irenisch te beschouwen, onder wie de lutherse theoloog Georg Calixt en ook de denker Gottfried Wilhelm Leibniz.
Door de katholieke Kerk wordt het begrip irenisme gebruikt voor een stroming die (de formulering van) de waarheden van het katholiek geloof relativeert in een streven naar verstandhouding met andersdenkenden. Zowel paus Pius XII met zijn encycliek Humani Generis (1950) als het Tweede Vaticaans Concilie met het decreet Unitatis redintegratio (1964)[1] waarschuwden hiertegen.
Een modernere vorm van irenisme, die men kan vinden in de meer extreme vleugels van de oecumenische beweging, beschouwt de verschillen tussen de christelijke kerken als door tradities beschermde toevallige ontwikkelingen, die voor de Waarheid onbelangrijk zijn.