* De drie wijzen uit het Oosten zijn de drie godheden die heersen over de drie gebieden: hemel, aarde en onderwereld. Zij hebben een plaats gekregen in de gordel van het sterrenbeeld Orion, ook een symbool voor Horus.
* Sirius, de morgenster in Egypte, verkondigt in het Oosten de geboorte van Horus.
* Horus wordt gedoopt in de rivier Eridanus door een godheid 'Anup de doper', die later wordt onthoofd.
* Horus heeft geen 'geschiedenis' tussen zijn 12e en 30ste jaar.
* Horus wandelt over water, drijft duivels uit en geneest zieken.
* Horus heeft een gedaanteverandering op een hoge berg.
* Horus houdt een bergrede ('Uitspraken van Iusa' genoemd).
* Horus wordt genoemd 'de Goede Herder', 'het Lam Gods', 'het Brood ten leven', 'de Mensenzoon', 'de Mensenvisser', 'het Woord'.
* Horus is 'de Weg' waarover de doden de weg naar de hemel gaan. Hij is 'de Weg', 'de Waarheid' en 'het Leven'.
En… het is allemaal mythe.
En dan… het getal 12.
Het Lucas-evangelie vertelt dat Jezus op twaalfjarige leeftijd mee naar Jeruzalem gaat voor wat tegenwoordig de 'Bar Mitzvah' heet. Horus doet op dezelfde leeftijd 'toevallig' hetzelfde.
Zowel Horus als Jezus gaan vergezeld van twaalf discipelen. Net als Mithras en Dionysius trouwens. Voor de Egyptenaren waren de twaalf discipelen de 'zetbazen' over de twaalf stadia van groei, die iedere mens moet doormaken om tot volle wasdom te komen. De twaalf stadia waren terug te vinden in de twaalf tekens van de Dierenriem.
Men 'stelde zich voor' dat die discipelen samen met Horus naar de aarde kwamen om 'het zaad te zaaien' en later 'de oogst binnen te halen'. "Zegt gijlieden niet: Het zijn nog vier maanden, en dan komt de oogst? Ziet, Ik zeg u: Heft uw ogen op en aanschouwt de landen; want zij zijn alrede wit om te oogsten. En die maait, ontvangt loon, en vergadert vrucht ten eeuwigen leven; opdat zich tezamen verblijde, beide, die zaait en die maait. Want hierin is die spreuk waarachtig: Een ander is het, die zaait, en een ander, die maait. Ik heb u uitgezonden, om te maaien, hetgeen gij niet bearbeid hebt; anderen hebben het bearbeid, en gij zijt tot hun arbeid ingegaan. (Joh.4:35 ev)
In de tot ketterij verklaarde Gnosis gaat de ziel door twaalf stadia om in elk stadium een bepaalde ontwikkeling door te maken. Een voorbeeld van dat gebeuren was te zien in de sterrenhemel, waar de zon een reis maakt langs de twaalf sterrenbeelden om in elk sterrenbeeld wijsheden op te doen. Letterlijk is het verhaal natuurlijk niet waar. Het gaat dan ook om een mythe.
In de oude godsdiensten van Egypte, bij de nomaden (Chaldeeën genaamd), in Griekenland werd de lichtkrans met twaalf stralen, de menselijke geest voorstellend, gekoppeld aan de 'Twaalf Wachters bij de Schat van Licht', de 'Twaalf Oogsters van de Gouden Graankorrels', de Twaalf Maaiers in de Velden van Amenta', de 'Twaalf Bouwlieden', de 'Twaalf Wevers van het Patroon', de 'Twaalf Pottenbakkers', de 'Twaalf Timmerlieden', de 'Twaalf Vissers', de 'Twaalf Roeiers in de Boot van Horus', de 'Twaalf Scheepslieden op het Schip van Ra'.
En dan zijn er nog de 'Twaalf Werken van Hercules', de 'Twaalf Zonen van Jacob', de 'Twaalf Stammen van Israël', de 'Twaalf Apostelen', de 'Twaalf Ridders aan de Tafel van Koning Arthur' en de 'Twaalf Goden', die Odin vergezelden in de mythologie van het oude Noorwegen.
Vanwaar dat aantal twaalf? En wat te denken van honderdvierenveertig = twaalf maal twaalf?
Tot besluit van dit hoofdstuk:
* Als je niet gelooft dat ik Massey juist heb vertaald dan vind ik het best. Geloven staat vrij.
* En anders koop je Massey's boeken en leest ze zelf. Dan kun je het controleren.
* En als je Massey niet gelooft, dan leer je hiërogliefen lezen en je gaat net als hij naar de monumenten, de musea en bibliotheken, waar de Egyptische teksten zijn te vinden.
* En als je die teksten niet gelooft, dan moet je in ieder geval toegeven dat ze bestaan.
Dan hoef je in ieder geval niet aan te komen met wilde en loze kreten als:
1. de aangehaalde boeken zijn a) niet wetenschappelijk en b) marginaal-tendentieus;
2. het zijn géén baanbrekende inzichten;
3. het zijn geen serieuze geleerden en
4. wat zij beweren is niet actueel.
Aldus een verder niet bij name te noemen persoon, die zichzelf had overtuigd dat HIJ wél op de hoogte was.
En hierbij wil ik het – wat hoofdstuk IV betreft - liever laten.
Groeten.
Fons.