Wie kent niet het verhaal (de parabel of gelijkenis) van de (goede) herder:
'Een mens, hebbende honderd schapen; en een van die verliezende, verlaat niet de negen en negentig in de woestijn, en gaat naar het verlorene, totdat hij hetzelve vinde?
En als hij het gevonden heeft, legt hij het op zijn schouders, verblijd zijnde.
En te huis komende, roept hij de vrienden en de geburen samen, zeggende tot hen: Weest blijde met mij; want ik heb mijn schaap gevonden, dat verloren was.
Ik zeg ulieden, dat er alzo blijdschap zal zijn in den hemel over een zondaar, die zich bekeert, meer dan over negen en negentig rechtvaardigen, die de bekering niet van node hebben. (Lc.15:4-7)
En doorgaans 'weten' we ook – of we het ermee eens zijn of niet - wie wat voorstelt:
* De herder is Jezus (Goede Herder dus),
* het ene schaap is een zondaar en
* de 99 anderen hebben geen zonden gedaan. Dat waren de 'rechtvaardigen'.
* De blijdschap is bij God en de engelen. Denk ik, want die bevolken de hemel.
Zou écht iedereen voor één schaap 99 schapen in de steek laten (wolven, rovers etc.)? Ik vind zo iemand anders behoorlijk stom in de weer. Ik nam zo'n herder in ieder geval nooit van mijn leven in dienst!
Zo dacht ik er zelfs als lagere schoolkind al over. Maar… dat mócht toen niet! 'Gelovige school', begrijp je?
In het Thomas Evangelie (gnostisch, DUS géén plaats in de canon WANT: 'ketters'!) staat de volgende uitspraak van Jezus:
"Het Koninkrijk is als een herder die honderd schapen heeft. Eén daarvan, het grootste, was zoek". En de herder gaat zoeken tot hij het heeft gevonden.
Het verhaal besluit zonder verdere uitleg met: 'Na de moeite die hij zich getroost had, zei hij tot het schaap: "Ik bemin jou meer dan de negen-en-negentig".
Wie stelt nú wat voor?
* De herder is niet Jezus maar 'de' of 'n mens. In dit verhaal een man anders had er 'herderin' gestaan.
* De kudde stelt zijn 'bezit', zijn 'rijkdom' voor: vrouw, kinderen, huis, land en wat hij nog meer heeft en waarvan en waarvoor hij leeft.
* En onder dat 'meer' hoort dan: het 'grootste schaap', wat wel eens geleerd het 'unum necessarium' wordt genoemd = het 'enig noodzakelijke'.
En daarmee wordt door de verteller bedoeld: zijn 'geestelijk welzijn', zijn 'eeuwigheid', 'staat van genade' noemen de roomsen dat, zijn 'kind van God' zijn, de 'goddelijke vonk' diep in zijn ziel verborgen of wat voor allegorische aanduiding je het ook wilt geven.
De verteller is er dus niet van overtuigd dat de mens alleen maar een verzameling chemische reacties is. Hij is ook nog eens overtuigd van een voortbestaan na de dood.
Als de herder tot het besef komt dat dat grootste schaap 'zoek' is omdat hij het heeft verwaarloosd en uit het zicht heeft verloren, laat hij heel de 'tijdelijke' rest in de steek en gaat zoeken tot hij het 'eeuwige' heeft teruggevonden. Al het 'tijdelijke' moet hij bij zijn dood toch achterlaten en alleen het 'eeuwige' gaat met hem mee. Zo is zijn overtuiging.
* De herder zelf is dus de 'zondaar' die zich bekeert of anders gezegd: de mens die tot bezinning, tot 'kennis', tot 'gnosis' is gekomen. Zo heette dat toen!
Dat is nou een voorbeeld van een kleine en onschuldige mythe. Er wordt er verhaaltje verteld met een 'dubbele' bodem. De uitleg van die dubbele bodem wordt niet gegeven. Er wordt dus een 'geheime waarheid' verteld, bedoeld voor de 'goede verstaander'.
Hoe iedere luisteraar het uitlegt wordt aan die luisteraar overgelaten.
Op een ander forum kwam o.a. als reactie:
"Hier wordt het evangelie verdraaid... Onze Heiland (de herder) wordt tekortgedaan. Lees maar eens Lucas 15" (alarm! En iets als verbijstering)…
Duidelijk geen 'vrijdenkersforum'.
Maar ik vraag ik me dan tóch weer af….. waarom is dat verhaal in het oudere Gnosisboek anders dan in het jongere evangelie? Waarom is het 'verbeterd' en van een 'uitleg' voorzien? Een vrij mens denkt wat af!
Groeten.
Fons.