21 oktober is er een studiedag in Wittem over het thema soloreligieuzen. Dit zijn gelovigen die niet meer deel willen uitmaken van een kerkgenootschap.
Gert Peelen noemt ze liever transreligieuzen. Hij schreef vandaag een bijdrage in Trouw in het Katern letter en geest met de titel "Alleen in dit heilloos en onverschillig heelal".
zie ook het artikel van Oegema.Gert J Peelen schreef: (-knip-)
Hoewel ieder etiket nieuwe misverstanden meebrengt, is transreligieus. daarom wellicht een toepasselijker term dan soloreligieus. Zonder behoefte aan de verplichtende binding aan een gemeenschappelijk beleden overtuiging. hebben transreligieuzen de rivier doorwaad en staan zij voorbij de laatste stad, in het open veld. "tegelijk verwonderd en beangst door de onbemensde ruimte";zoals Oegema schreef. Hun uittocht was een bewuste keuze. En geheel op eigen kracht hebben zij, meestal na enige incubatietijd, de religiositeit in zichzelf herontdekt. In de rugzak koesteren zij nog de kostbaarheden van het christelijk cultuurgoed. Attributen waarvan zij evenmin afstand kunnen doen als van hun hang naar het mysterie en het sleuteltje dat past op 'het mechaniek van de ontroering'. (Kopland). Religieus zijn ze zeker. maar dan in de omschrijving van emeritus-hoogleraar klassieke en taalfilosofie L.M. de Rijk. Hij stelde in zijn eerder dit jaar verschenen 'Religie. normen en waarden' dat 'religie tout court'. geen geloof in wat dan ook is, maar een geesteshouding die stoelt op verwondering; een instelling die eeuwige vragen niet op voorhand het zwijgen oplegt met dogma's van godsdienstige dan wel godloochenende aard. Daarin schuilt ook het verschil met het ietsisme. het geloof dat er ergens toch wel Iets zal zijn. Want daarin wordt het Iets nog altijd met de eerbiedige hoofdletter van de transcendentie geschreven De transreligieus heeft de transcendente god als een illusie laten varen, omdat hij, met theoloog H.M. Kuitert, beseft dat die god een product van de menselijke geest is en dus 'van verbeelding'. Religie staat daarmee op een lijn met de kunst. Zomin als een gedicht, schilderij of muziekstuk op waar- of werkelijkheid berust, zomin doet religieuze beeldspraak dat. Desondanks doen zij hun werk en zetten zij, bij wie daarvoor gevoelig is, het mechaniek van de ontroering in beweging.Het verklaart de innige omgang van solo- en transreligieuzen met kunst. Het laat bovendien zien waarom het absurd is met twee maten te meten en religie te verwerpen op grond van een gebrek aan waarheidsgehalte.
Aan het slot van de herziene versie van' A Briefer History of Time' constateert kosmoloog Stephen Hawking dat we ons in een verbijsterende wereld bevinden. "We willen de zin begrijpen van wat we om ons heen zien en vragen stellen als: wat is de aard van het heelal? Wat is onze plaats in het heelal en waar komt het vandaan en waar komen wij vandaan? Waarom is het zoals het is?" Opnieuw die eeuwige vragen van Kopland. Maar de constatering die Hawking eraan vooraf laat gaan, berust op een hardnekkig misverstand. Niet de wereld is verbijsterend -beter geformuleerd: verbijsteringwekkend. Wat ons op een verontrustende wijze zou moeten verbijsteren, is dat wij de wereld als verbijsterend ervaren. Het mysterie zit niet in het heelal, de wereld of zelfs maar in onszelf. Het zit besloten in dat hoogst merkwaardige feit dat wij ons kunnen verbazen en overal mysteries zien die we maar niet kunnen vatten. Er valt niets te ontsluieren of te ontraadselen. Iedere sleutel blijkt een tautologie, een kopie van de sleutel die we al eerder vonden en weggooiden omdat die niet paste. Dat is de les van Kopland. 'Verbijsterend', .duizelingwekkend' tegenover 'nietig' en 'onbeduidend', zijn projecties waaraan de werkelijkheid zich niets gelegen laat liggen. Dat geldt ook voor de dichtregels van H.C. ten Berge, winnaar van de P.C. Hooftprijs 2006, hoe onherroepelijk waar ze ook lijken: 'Je zeilt op een geschonden planeet I door een heilloos en onverschillig heelal.' Ze verontrusten zoals kunst hoort te verontrusten. Soms helpen ze. zoals Koplands heidense fantasieen helpen. Al komen we er strikt genomen niet veel verder mee. Ontroering, fantasie, herkenning en -toegegeven - ook verbazing en verbijstering vormen drijfveer en troost voor wie het aandurven de quasi- en cryptozekerheden van de gedogmatiseerde godsdienst los te laten. Hoezo bang, meneer Van Harskamp? Transreligieuzen beseffen beterdan wie ook dat ze aIleen zijn in dit heilloos en onverschillig heelal. Moederziel alleen. Gelukkig hebben ze elkaar nog.
http://www.trouw.nl/deverdieping/religi ... klink=true
Hebr 6: