Ten eerste, wat heeft een of andere Roethof te maken met mijn bijdrage? Is het je na bijna 8 jaar nog niet duidelijk dat je met een Fin in gesprek bent die het vaderland gedag zei toen er straaljagers over een door Molukkers gekaapte trein vlogen? Heeft een speciaal geval erbij te slepen ook maar iets te maken met de principes waarop onze rechtspraak te maken heeft? Bovendien stel je een vraag waarop je drommels goed het antwoord weet. Je laat namelijk in je antwoord zelf zien dat je begrepen hebt dat het de rechters zijn die iemand wel of niet veroordelen. En dat ze doorgaans excuses van werkelijkheid weten te onderscheiden, oftewel dat "trucjes" van een advokaat doorgaans in zijn/haar eigen nadeel werken. Het antwoord op je vraag is dus dat de rechters soms niet vakkundig genoeg zijn.dikkemick schreef: ↑31 okt 2020 17:00Gelukkig (want daar ben ik wel blij om) hebben we doorgaans competente rechters die hopelijk doortrapte excuses van werkelijkheid weten te scheiden. En dan kun je dus vragen: "Waar maak je je druk om?"
Om het feit dus dat de goedbetaalde advocaten zoveel trucjes kennen dat ze in een behoorlijk aantal gevallen nog succes boeken ook.
Rereformed had het over geloofwaardigheid van de advocaat. Waarom wordt Roethof dan niet uit zijn ambt gezet?
Ja en? Loopt men daar in ieder beroep niet tegenaan? Nog erger, half Amerika stemt op een doortrapte bedrieger en leugenaar en ontkent die adjektieven. Dat is dus ons menszijn, oftewel c'est la vie. En met de kennis dat er veel aan de mens kleeft om van te walgen kun je misantroop worden of proberen het beste er maar van te maken. Voor misantroop worden zijn zeer redelijke argumenten te vinden, maar dat moet je dan wel helemaal op jezelf doen, tenzij je het in galgenhumor kan verpakken. Anders staat er niemand te wachten om zo iemand pagina's lang te blijven aanhoren. Zowel op mijn eerste bijdrage als op mijn tweede bijdrage kom je niet aan met een overdachte reaktie. Reden waarom ik pas over een pagina of twintig weer eens kom kijken of je leert met iemand in gesprek te zijn, oftewel leert te luisteren naar wat eenander opmerkt.