Ingi schreef:Peter van Velzen schreef:
Het gaat er niet om wat jij opoffert het gaat om de keuze tussen je medemens en je mededier. Waar gaat je emphatie naar uit, en aan wie heb je een wederkerige verplichting? Een welk belang is groter Een klein ongenoegen tegenover een zware mishandeling (of erger) dan maakt het niet zoveel uit wie er een bewust denkend individu is en wie niet. Maar om een bewust denkend individu niet het leven te willen redden ten bate van dieren, is moreel niet zomaar te vverantwoorden. Onze huidige rechtspraak kiest dan concequent voor de mens.
Daarmee benader je het verstandelijk welk leven en lijden gerechtvaardigd wordt ten behoeve van de mens oftewel jezelf en bv. je kind. En daarmee ga je de de confrontatie uit de dus weer uit de weg. Mij gaat namelijk wel degelijk om die keuze of ik bereid ben eventueel mijn leven in geval van bv ziekte op te offeren als dat betekent dat dieren niet meer serieus pijn hoeven te lijden. En in hoever ik dat kan verdragen en nog wel verantwoord vind. En dan wordt je met diepe vraagstukken geconfronteerd. Geen rechtszaak ter wereld die deze diepe confrontatie met jezelf aan kan gaan.
Een schijnoplossing die niet de diepste kern van dit soort vragen raakt.
Het is een misvatting te denken dat jou (of mijn) persoonlijke standpunt de diepste kern van dit soort vragen raakt. Alle moraal is een kwestie van gezamelijkheid. Morele vragen zijn niet op de eerste plaats een kwestie van het individu, maar een kwestie van alle betrokken (bewust denkende) individuën. Het is alleen doordat we een samenleving vormen, dat wij dit soort regels hebben aangeleerd. De vraag, wat je een dier mag aandoen en wat je een mens mag aandoen, is geen individuele vraag maar een maatschappelijke vraag.
Tegelijkertijd, maken wij ons de moraal “eigen”. In eerste instantie is het het oordeel van onze ouders dat wij ons eigen maken, waardoor we niet zomaar een verlengstuk zijn van hun mening, maar wel degelijk een zelfstandig denkende morele acteur. Naar mate wij ouder worden, nemen we ook (onze visie op) de rest van de maatschappij op in ons geweren). In die zin beslissen we zelf over onze handelingen. Maar hoewel we dit – waar ons eigen belang betreft – prima kunnen doen, mogen wij dit niet onverkort doen waar het het belang van onze medemensen betreft, met wie wij die gezamelijke maatschappij vormen. Wij moeten dan op de eerste plaats ook met hun mening rekening houden.
Daar waar het mijn medemens niet raakt, zal ik soms ook met de “mening’” van een (ander) dier rekening houden. Met name die dieren welke ik enigzins meen te kunnen begrijpen. Dit zijn vooral onze eigen honden. Maar dit altijd in geringere mate dan met degenen die samen met ons de maatschappij vormen, zonder welke wij doorgaans niet zouden kunnen bestaan.
Ondertussen verandert onze maatschappij, en gaat als zodanig steeds meer rekening houden met het welzijn van dieren. Dit neemt echter niet weg dat de maatschappelijke discussie uitsluitend door mensen wordt gevoerd. En met die mensen moeten wij het dus doen. Wij kunnen ons niet altijd beroepen op onze persoonlijke overtuiging. Dat kunnen wij slechs binnen de regels die in onze maatschappij gelden. Dat geldt zowel voor hen die ritueel willen slachten als voor hen die het veganisme voorstaan.