Column van Marcel van Dam in
de Volkskrant van 16 aug 2007:
Sinds de jaren zestig zijn er miljoenen Nederlanders van hun geloof gevallen. Vaak ging het heel geleidelijk dat de betrokkene bijna ongemerkt en in zekere zin tot eigen verrassing tot de conclusie kwam: ik geloof niet meer. Anderen merkten dat er een spanning ontstond tussen hun eigen denken en hun geloof en ze gingen zoeken naar de oorzaak.
Niet zelden ontaardde die zoektocht in een geestelijke worsteling van de betrokkenen met zichzelf en met hun directe, gelovige omgeving. Als de betrokkene besloot het geloof vaarwel te zeggen, ontaardde dat nogal eens in ruzie met zijn omgeving en zelfs met verstoting uit de familie. In veel meer gevallen ebden de spanningen langzaam vanzelf weg en aanvaardde iedereen de geloofsafval als een feit.
Veel mensen hielde hun geloofsafval voor zichzelf. Om moeilijkheden te voorkomen of om hun ouders geen verdriet aan te doen.
Soms, als iemand als kind traumatische ervaringen had opgedaan vanwege het orthodoxe of fundamentalistische geloof van de ouders, ontwikkelde de afvallige een diepe haat tegen alles en iedereen die met het geloof te maken had. Die haat werd soms ook publiek gemaakt. Dit leidde dan tot een definitieve breuk met ouders en verdere familie.
Eenzelfde verhaal is er te houden over gemengde huwelijken, echtscheidingen, seks vóór het huwelijk, opvoedingsproblemen, etcetera. Honderdduizenden mensen hebben daar in verschillende mate problemen bij ondervonden en in een groot aantal gevallen heeft het ook daar geleid tot onherstelbare conflicten met familieleden en kennissen.
Alle bovengenoemde onderwerpen hebben één ding gemeen: ondanks het feit dat het miljoenen mensen is overkomen, is het in de moderne tijd altijd beschouwd als een privé-zaak. Buitenstaanders die er kennis van droegen, hadden er meestal wel een opvatting over, maar bemoeiden zich er doorgaans verder niet mee.
Dat de politiek of de overheid zich in dat soort conflicten ging mengen of zelfs er maar een oordeel over had, was ondenkbaar. De taak van de overheid was beperkt tot het maken van regels waarmee conflicten konden worden gereguleerd, zoals dat onder andere in het familierecht en het erfrecht is gebeurd. Als de conflicten uitmondden in strafbare feiten - ik neem aan dat er sinds de jaren zestig heel wat mishandelingen, moorden, diefstallen en beledigingen zijn te herleiden tot bovengenoemde relatieconflicten - werden die als gewone strafbare feiten behandeld, zij het dat de rechter - zoals in Nederland gebruikelijk is- rekening hield met de persoonlijke omstandigheden van de dader.
De moslimgemeenschap in Nederland bevindt zich op dit moment in veel opzichten in omstandigheden die vergelijkbaar zijn met de omstandigheden waarin de autochtone Nederlanders zich in de jaren zestig bevonden: een soort culturele revolutie, die in familieverband allerlei spanningen veroorzaakt. Gezien het afnemende moskeebezoek moeten er ook vele duizenden moslims zijn die van hun geloof zijn gevallen of daarmee bezig zijn. Of zij hebben problemen met gemengde huwelijken, echtscheidingen, seks vóór het huwelijk, opvoedingsproblemen etcetera. Naarmate moslims hier langer wonen en meer integreren zullen die problemen in aantal toenemen. Ook bij moslims spelen de meeste van die problemen zich af binnen de familiekring en blijven daar ook. De tijd zal ook bij hen de scherpe kanten eraf halen.
Wat is er nu de oorzaak van dat de geloofsafval van Ehsan Jami een nationaal komkommertijdonderwerp is geworden? Niet het feit van zijn geloofsafval op zich. Er zijn immers duizenden die hetzelfde meemaken. Mogelijk omdat hij ervoor heeft gekozen er een publiek onderwerp van te maken en een club van afvallige moslims op te richten? Dat zal bij een aantal moslims kwaad bloed hebben gezet, maar er is zoveel waar mensen zich druk om maken zonder dat het weken het nieuws haalt.
Wat Jami onderscheidt van vele of de meeste andere afvalligen is dat hij in elkaar is geslagen en bedreigd. Dat is ernstig en moet krachtig worden veroordeeld. Politie en justitie moeten er alles aan doen de daders te pakken en te vervolgen. Maar is Jami nu bedreigd en mishandeld vanwege zijn geloofsafval of vanwege zijn beledigingen van de islam? Ik denk toch vanwege het laatste. Immers: duizenden moslims vallen van hun geloof en een flink aantal heeft daarvan ook publiekelijk melding gemaakt zónder bedreiging of mishandeling.
Het steuncomité van ex-moslims wil, om zoveel mogelijk steun te verkrijgen, niet worden gezien als een steuncomité van de club van Jami en neemt ook afstand van zijn beledigingen van de islam. Het wordt dus een comité dat steun zoekt voor de opvatting dat iedereen vrij staat te geloven of niet te geloven. Voorwaar een gewaagde opvatting.
Groeten.
Fons.
Een theoloog die naar exactheid streeft, heeft de eerste stap gezet naar het atheïsme. Een atheïst is geen naïeveling, maar iemand die god nauwkeurig 'kent', voor wie dus veel zo niet alle godsvoorstellingen hun betekenis hebben verloren.