Toch zitter er een aantal merkwaardige tegenstrijdigheden in dit verhaal, die ik de lezer niet wil onthouden.
Zo meldt het artikel in de derde alinea na de inleiding het volgende:
"Zo beschreef een Italiaans-Nederlandse groep vorig jaar hoe vegetariërs en veganisten in de hersenscanner veel sterker reageren op plaatjes van dieren in nood dan vleeseters. Geen wonder, bij mensen die vlees weigeren, maar toch. 'Het suggereert dat empathie op verschillende manieren neuraal vastligt bij individuen met verschillende voedingsgewoonten', aldus de wetenschappers in het vakblad PLoS One."
Direct daarna vervolgt het artikel echter met:
Rare relatie
We hebben toch al een rare relatie met de hamlap op ons bord. Dat mensen alleseters zijn, staat buiten kijf - we lopen al 2 miljoen jaar lang rond met de verkorte darmen die kenmerkend zijn voor vleeseters. Maar echt vanzelf ging het vlees eten nooit. Zo hebben we de pech dat de evolutie ons hypersociaal heeft gemaakt: toon ons een beest in nood, en we gaan automatisch met hem meevoelen. Niet handig, als je hem nog moet opeten.
Dat loopt weleens spaak. Toen Joop van der Pligt en collega's van de Universiteit van Amsterdam proefpersonen een documentaire lieten zien over het leven van een kip in de bioindustrie, van geboorte tot supermarkt, waren de deelnemers daarna duidelijk afkeurender over vlees dan een controlegroep die een natuurfilm zag. 'En het effect duurde lang', zegt Van der Pligt. 'Na een jaar vonden we het nog steeds, en na twee jaar stond het ook nog enigszins overeind.'
Rituelen
Traditionele maatschappijen omzeilen die 'vleesparadox' door bijvoorbeeld het dier ritueel excuses aan te bieden; wij doen het door de slacht onzichtbaar te maken en lachende dieren op vleesverpakkingen te zetten. Maar recente studies wijzen uit dat de vleeseter daarnaast psychologische trucjes hanteert om met zijn spagaat om te gaan."
Onder de hersenscan reageren vegetariërs/veganisten veel sterker op dieren in nood dan vleeseters.
Maar als vegetariërs en veganisten veel meer empathie met dieren hebben, waarom hebben vleeseters dan kennelijk zo veel psychologische trucjes nodig om het zien van dierlijk lijden te ontlopen?
Maar het wordt nog leuker, want de volgende alinea luidt:
"Een team onder leiding van de Britse psycholoog Steve Loughnan liet 108 studenten cashewnoten of gedroogd rundvlees eten. De studenten die het vlees aten, bleken koeien daarna lager op hun morele ladder te plaatsen dan de noteneters. Blijkbaar hadden ze hun moraal door het vlees eten onbewust een beetje bijgesteld. Een Pools-Duits onderzoeksteam meldde afgelopen lente iets vergelijkbaars: omnivoren blijken veel minder 'hogere' menselijke eigenschappen als schuldgevoel, melancholie en geluk aan dieren toe te schrijven dan vegetariërs."
Oké, dus éérst hebben vleeseters psychologische trucjes nodig om vlees te kunnen eten, en nu verandert het vlees de psyche weer?
We vervolgen met:
"Culturele denkbeelden
Daarnaast lossen mensen de paradox op door het onderwerp te overgieten met een jus van culturele denkbeelden. Antropologen weten dat vlees in haast alle culturen is omgeven met een waas van symboliek en culturele betekenissen. En aangezien westerse mensen veel meer vlees eten dan ze nodig hebben, zou het bij ons weleens niet anders kunnen zijn, besefte socioloog Nick Feddes na bestudering van stapels historische en antropologische bronnen. Door vlees te eten bezegelen we symbolisch onze overwinning op de natuur, en bekrachtigen mannen hun mannelijkheid, aldus Feddes.
Dat klinkt nogal zweverig - maar er zijn serieuze aanwijzingen voor. Zo bestudeerde een team uit Sydney onder leiding van psycholoog Michael Allen hoe 324 omnivoren en 54 vegetariërs in het leven staan. Hij ontdekte dat fanatieke vleeseters gemiddeld meer waarde hechten aan machtshiërarchieën, logica, verantwoordelijkheid en zelfbeheersing. De vegetariërs scoren hoger op sociale gelijkheid, zelfexpressie, intellectualisme en rechtvaardigheid. 'Absolute verschillen vonden we niet', beklemtoont Allen in The Journal of Social Psychology. 'Maar het resultaat geeft aan dat individuen die vlees consumeren ook de symboliek van vlees omarmen.'"
Is dit geen ongelofelijke berg rommel?
Vleeseters hechten meer waarde aan logica, maar niet-vleeseters zijn betere intellectuelen?
Vleeseters zijn meer van de "machtshiërarchie", (Is er zoiets een hiërarchie zonder macht dan?) maar niet-vleeseters zijn beter in politieke zaken als sociale gelijk(waardig)heid en rechtvaardigheid?
Hoe bereik je dat zonder macht?
Er is niets mis met macht, zolang we begrijpen dat macht een instrument is, en geen doel an sich.
Maar kom me er niet om dat vegetariërs en aanverwanten vies zijn van macht, want waarom zit er anders een Partij voor de Dieren in de kamer?
Daarnaast kan je stellen dat zowel vleeseters als vegetariërs hun voedingspatroon aanpassen op wat zij als prettig ervaren, dus in die zin is elke keuze een egoïstische keuze.
Misschien is het anders bij vegetariërs en veganisten die hun levenswijze als een straf beschouwen, maar die ben ik nog niet tegengekomen.
.