Moderator: Moderators
In grief 4 richt Sickesz zich tegen de overweging van de rechtbank dat vaststaat dat er onderzoeksmethoden bestaan die een therapie als OMG (= orthomoleculaire geneeskunde) kunnen toetsen aan de norm van Evidence Based onderzoek (EBM) doch dat er geen wetenschappelijk onderzoek naar OMG is gedaan dat in één van de EBM categorieën valt.
Sickesz stelt terecht dat de rechtbank er kennelijk---en ten onrechte---van uitgaat dat de EBM dé (enige) norm is voor de toetsing aan de kwakzalvercriteria van Renckens. Niet valt in te zien dat voldoen aan de EBM-norm de enige manier is om aan de kwalificatie 'kwakzalverij' te ontkomen. De kwakzalvercriteria van de Vereniging en Renckens zijn immers niet maatgevens nu de uitleg van het begrip kwakzalver van Van Dale als uitgangspunt wordt gehanteerd. Bezien dient te worden of de behandelmethoden van Sickesz en derhalve van OMG vallen onder de kwalificatie kwakzalverij in de betekenis van Van Dale.
Hiertoe is onder meer van belang het proefschrift van Albers en Keizer, waaruit in elk geval blijkt dat twee op de drie van de met OMG behandelde patiënten er in hun algemene toestand op vooruit zeggen te gaan en een gunstig effect op hun klachten ervaren. Reeds op grond hiervan stelt het hog vast dat OMG niet 'nutteloos' is als bedoeld in de definitie van Van Dale, laat staan dat Sickesz als beoefenaar van OMG bestempeld zou mogen worden als boerenbedrieger, oplichter of knoeier. Daarnaast is voor de kwalificatie van de beoefenaren van OMG van belang dat de meeste zorgverzekeraars OMG vergoeden, zoals niet, althans onvoldoende, betwist door Sickesz is gesteld. Vaststaat tevens dat Sickesz een zeer groot aantal mensen heeft behandeld met OMG en dat slechts één maal een klacht tegen haar is ingediend, die ongegrond geoordeeld is. Ook grief 4 is derhalve gegrond.
http://nl.wikipedia.org/wiki/Cassatie schreef:. .De Hoge Raad kijkt slechts of door de betreffende rechter de wet en de overige rechtsregels goed zijn toegepast en voorts of de uitspraak voldoende is gemotiveerd (wat wil zeggen: dat voldoende tot uitdrukking is gebracht hoe de rechter tot zijn oordeel is gekomen). De Hoge Raad kijkt dus in beginsel niet meer inhoudelijk naar de zaak in die zin dat hij de feiten vaststelt.
en
Een cassatierechter treedt dus (ook) niet in beoordeling van de feiten zelf.
heeck schreef:@Kitty,
Dit advies van je: Misschien moet de Vereniging ook wat zorgvuldiger te werk gaan, en niet op zomaar alles wat buiten de reguliere geneeskunst ligt het etiket kwakzalverij plakken.
snap ik niet.
Zodra van een handelen is aangetoond dat het medisch zin heeft, dan is het regulier. De vraag is hoe anders een onderscheid te maken tussen medisch handelen en patiënt-vertier ?
Zure tijden,
Roeland
Kitty schreef:. . .Tenzij men keer op keer tegen dit soort verloren rechtspraken aan wil lopen. Kan men zich dan niet beter richten tot de aantoonbare en bewijsbare charlatans?
Gebruikers op dit forum: Google [Bot] en 0 gasten